<Resultaat 1011 van 2159

>

p1

Geloofd zij Jezus Christus

+
Mijn Heer de Geheimschrijver[1]

't Gene ik gistren nog nog zoo stellig toezei aan M. Gezelle, moet ik vandage, ondanks mijn goede wil afschrijven: één mijner collegas moet heden om de ziekte zijner Moeder huiswaarts keeren, zoo dat ik grootendeels zijne plaats zal moeten vervangen en in de Vergadering der Biehalle niet en zal kunnen aanwezig zijn.p2Hope, Mijnheer, dat Gij bijtijds mij zult berichten nopens den dag en de vergaderingplaatse van de verlofbijeenkomste.

Hand en groet!
PieterDe Smedt.
Hoogstraten, Klein Seminarie, 15 juni ’87.

Noten

[1] secretaris

Register

Correspondenten

NaamBaes, Pieter Petrus
Datums° Elverdinge, 29/04/1848 - ✝ Izegem, 21/07/1907
GeslachtMannelijk
Beroeppriester; leraar, schooldirecteur; schoolopziener; auteur
BioPieter Baes was de zoon van Boudewijn Baes, herbergier, en Joanna Ligneel. Hij studeerde aan het Sint-Vincentiuscollege te Ieper en kreeg zijn priesterwijding op 21 december 1872, maar hij was al leraar vanaf september 1872 aan het Sint-Lodewijkscollege te Brugge, voor de lessen in koophandel en wiskunde. In november 1873 riep Adolf Duclos Pieter Baes en andere bekenden bijeen om een ‘opstelraad’ voor Rond den Heerd samen te stellen. Baes maakte de stichting mee van de Gilde van Sint-Luitgaarde op 13 februari 1874 en hij bleef tot 1883 secretaris. Op 23 april 1879 kreeg hij een opdracht als docent aan de Staatsnormaalschool voor jongens in Brugge, maar hij werd hetzelfde jaar nog geschorst ingevolge de wet Van Humbeek. Vanaf 17 september 1879 werd hij principaal van het Izegemse Sint-Jozefsgesticht alsook van de vrije lagere school. In 1895 werd hij diocesaan inspecteur. Baes zette zich in voor goede schoolboeken en publicaties voor het onderwijs waaronder "De Taalsleutel of Vlaamsche Spraakregels, Tafelwijze geschikt" en het onderwijskundige tijdschrift "Sint-Canisiusblad".
Links[odis], [dbnl]
Relatie tot Gezellecorrespondent; zanter (WDT); lid van de Gilde van Sinte-Luitgaarde
NaamDe Smedt, Pieter Jan
Datums° Mazenzele, 23/09/1859 - ✝ Sint-Joost-ten-Node, 08/10/1940
GeslachtMannelijk
Beroeppriester; coadjutor; leraar; onderpastoor; pastoor
BioPieter Jan De Smedt werd op 7 juni 1884 te Mechelen tot priester gewijd. Hij was leraar aan het kleinseminarie van Hoogstraten (29/09/1884 - 21/12/1896), coadjutor van de parochie Sint-Catharina te Brussel (22/12/1896 - 13/12/1897), onderpastoor (14/12/1897 - 02/03/1909) en pastoor van de parochie Sint-Joost (03/03/1909 - 11/11/1929). Hij was lid van de Biehalle, correspondeerde met Gezelle als zanter.
Links[odis]
Relatie tot Gezellecorrespondent; zanter; Biehalle

Briefschrijver

NaamDe Smedt, Pieter Jan
Datums° Mazenzele, 23/09/1859 - ✝ Sint-Joost-ten-Node, 08/10/1940
GeslachtMannelijk
Beroeppriester; coadjutor; leraar; onderpastoor; pastoor
BioPieter Jan De Smedt werd op 7 juni 1884 te Mechelen tot priester gewijd. Hij was leraar aan het kleinseminarie van Hoogstraten (29/09/1884 - 21/12/1896), coadjutor van de parochie Sint-Catharina te Brussel (22/12/1896 - 13/12/1897), onderpastoor (14/12/1897 - 02/03/1909) en pastoor van de parochie Sint-Joost (03/03/1909 - 11/11/1929). Hij was lid van de Biehalle, correspondeerde met Gezelle als zanter.
Links[odis]
Relatie tot Gezellecorrespondent; zanter; Biehalle

Briefontvanger

NaamBaes, Pieter Petrus
Datums° Elverdinge, 29/04/1848 - ✝ Izegem, 21/07/1907
GeslachtMannelijk
Beroeppriester; leraar, schooldirecteur; schoolopziener; auteur
BioPieter Baes was de zoon van Boudewijn Baes, herbergier, en Joanna Ligneel. Hij studeerde aan het Sint-Vincentiuscollege te Ieper en kreeg zijn priesterwijding op 21 december 1872, maar hij was al leraar vanaf september 1872 aan het Sint-Lodewijkscollege te Brugge, voor de lessen in koophandel en wiskunde. In november 1873 riep Adolf Duclos Pieter Baes en andere bekenden bijeen om een ‘opstelraad’ voor Rond den Heerd samen te stellen. Baes maakte de stichting mee van de Gilde van Sint-Luitgaarde op 13 februari 1874 en hij bleef tot 1883 secretaris. Op 23 april 1879 kreeg hij een opdracht als docent aan de Staatsnormaalschool voor jongens in Brugge, maar hij werd hetzelfde jaar nog geschorst ingevolge de wet Van Humbeek. Vanaf 17 september 1879 werd hij principaal van het Izegemse Sint-Jozefsgesticht alsook van de vrije lagere school. In 1895 werd hij diocesaan inspecteur. Baes zette zich in voor goede schoolboeken en publicaties voor het onderwijs waaronder "De Taalsleutel of Vlaamsche Spraakregels, Tafelwijze geschikt" en het onderwijskundige tijdschrift "Sint-Canisiusblad".
Links[odis], [dbnl]
Relatie tot Gezellecorrespondent; zanter (WDT); lid van de Gilde van Sinte-Luitgaarde

Plaats van verzending

NaamHoogstraten
GemeenteHoogstraten

Naam - persoon

NaamGezelle, Guido; Loquela; Spoker
Datums° Brugge, 01/05/1830 - ✝ Brugge, 27/11/1899
GeslachtMannelijk
Beroeppriester; leraar; onderpastoor; dichter; taalgeleerde; vertaler; publicist
BioGuido Gezelle werd geboren in Brugge. Na zijn collegejaren en priesterstudies (priesterwijding te Brugge op 10/06/1854), werd hij in 1854 leraar aan het kleinseminarie te Roeselare. Gezelle gaf er onder meer talen, begeleidde de vrij uitgebreide kolonie buitenlandse leerlingen, vooral Engelsen, en kreeg tijdens twee schooljaren (1857-1859) een opdracht als leraar in de poësis. In 1865 werd Gezelle onderpastoor van de St.-Walburgaparochie te Brugge. Naast zijn druk pastoraal werk was hij bijzonder actief in het katholieke ultramontaanse persoffensief tegen de secularisering van het openbare leven in België en als vulgarisator in het culturele weekblad Rond den Heerd. In 1872 werd Gezelle overgeplaatst naar de O.-L.-Vrouwparochie te Kortrijk. Gedragen door een sympathiserende vriendenkring werd hij er de gelegenheidsdichter bij uitstek. Gaandeweg keerde hij er ook terug naar zijn oorspronkelijke postromantische en religieus geïnspireerde interesse voor de volkstaal en de poëzie. De taalkundige studie resulteerde vooral in een lexicografische verzameling van niet opgetekende woorden uit de volkstaal (Gezelles ‘Woordentas’ en het tijdschrift Loquela, vanaf 1881), waarmee ook hij het Zuid-Nederlands verdedigde binnen de ontwikkeling van de gestandaardiseerde Nederlandse cultuurtaal. Die filologische bedrijvigheid leidde bij Gezelle uiteindelijk ook tot een vernieuwde aandacht voor zijn eigen creatief werk, zowel vertaling (Longfellows Hiawatha) als oorspronkelijke poëzie. In 1889 werd hij directeur van een kleine Franse zustergemeenschap die zich in Kortrijk vestigde. Hij was een tijdje ambteloos. Dit liet hem toe zich op zijn schrijf- en studiewerk te concentreren. Het resultaat was o. m. de publicatie van twee poëziebundels, Tijdkrans (1893) en Rijmsnoer (1897), die, vooral in het laatste geval, qua vormgeving en originaliteit superieur van gehalte zijn. Om die authentieke en originele lyriek werd hij door H. Verriest, P. de Mont en vooral door Van Nu en Straks als een voorloper van de moderne Nederlandse poëzie beschouwd. Ook later eerden Nederlandse dichters, zoals Paul van Ostaijen en recenter, Christine D’haen, Gezelle als de meest creatieve en vernieuwende Nederlandse dichter in Vlaanderen. In 1899 werd Gezelle naar Brugge teruggeroepen om zich te wijden aan de vertaling van een theologisch werk van zijn bisschop (Waffelaerts Meditationes Theologicae). Hij verbleef nu in het Engels Klooster van Kanonikessen, waar hij echter vrij vlug en onverwachts stierf op 27 november 1899. Hij liet nog een verzameling uitzonderlijke gedichten na die in 1901 postuum als zijn Laatste Verzen werden gepubliceerd.
Links[odis], [wikipedia], [dbnl]
NaamDe Smedt, Pieter Jan
Datums° Mazenzele, 23/09/1859 - ✝ Sint-Joost-ten-Node, 08/10/1940
GeslachtMannelijk
Beroeppriester; coadjutor; leraar; onderpastoor; pastoor
BioPieter Jan De Smedt werd op 7 juni 1884 te Mechelen tot priester gewijd. Hij was leraar aan het kleinseminarie van Hoogstraten (29/09/1884 - 21/12/1896), coadjutor van de parochie Sint-Catharina te Brussel (22/12/1896 - 13/12/1897), onderpastoor (14/12/1897 - 02/03/1909) en pastoor van de parochie Sint-Joost (03/03/1909 - 11/11/1929). Hij was lid van de Biehalle, correspondeerde met Gezelle als zanter.
Links[odis]
Relatie tot Gezellecorrespondent; zanter; Biehalle

Naam - plaats

NaamHoogstraten
GemeenteHoogstraten

Naam - instituut/vereniging

NaamDietsche Biehalle
BeschrijvingIn 1887 door Gezelle gestichte vereniging voor "het navorschen, het handhaven en het gebruiken onzer Dietsche volkstale". De groep ging breder dan West-Vlaanderen en moest een alternatief bieden voor andere meer taalpolitieke georiënteerde verenigingen. Het initiatief raakte niet echt van de grond. Het vooropgestelde tijdschrift zou uiteindelijk tot Biekorf (1890) leiden.
Datering1887-1900
Links[wikipedia]
Naamkleinseminarie Hoogstraten
BeschrijvingDe school werd opgericht in 1834 als internaat voor jongens. In 1837 werd het college omgevormd tot Klein Seminarie van Hoogstraten. Gezelles correspondent Pieter De Smedt was er leraar.
Datering1834
Links[odis], [wikipedia]

Indextermen

Briefontvanger

Baes, Pieter Petrus

Briefschrijver

De Smedt, Pieter Jan

Correspondenten

Baes, Pieter Petrus
De Smedt, Pieter Jan

Naam - instituut/vereniging

Dietsche Biehalle
kleinseminarie Hoogstraten

Naam - persoon

Gezelle, Guido
De Smedt, Pieter Jan

Naam - plaats

Hoogstraten

Plaats van verzending

Hoogstraten

Titel15/06/1887, Hoogstraten, Pieter Jan De Smedt aan [Pieter Baes]
EditeurKarel Platteau; Universiteit Antwerpen
Wetenschappelijke leidingEls Depuydt
Partners Openbare Bibliotheek Brugge (Guido Gezellearchief); Centrum voor Teksteditie en Bronnenstudie (Koninklijke Academie voor Nederlandse Taal en Letteren); Instituut voor de Studie van de Letterkunde in de Lage Landen (ISLN) (Piet Couttenier, Universiteit Antwerpen); Guido Gezellegenootschap
UitgeverGuido Gezellearchief, KANTL/CTB
Plaats van uitgaveBrugge, Gent
Publicatiedatum2023
Beschikbaarheid Teksten en afbeeldingen beschikbaar onder een Creative Commons Naamsvermelding - Niet Commercieel licentie.
DisclaimerDe editie van de Guido Gezellecorrespondentie is het resultaat van een samenwerkingsproject met vrijwilligers. De databank is in opbouw, aanvullingen en opmerkingen kunnen gemeld worden aan els.depuydt@brugge.be.
Meer informatie over het vrijwilligersproject is te vinden op gezelle.be.
CiterenEen brief kan worden geciteerd als:
[Naam van editeur(s)], [briefschrijver aan briefontvanger, plaats, datum]. In: GezelleBrOn, Wetenschappelijke editie van de correspondentie van Guido Gezelle. [publicatiedatum] Available from World Wide Web: [link].
VerzenderDe Smedt, Pieter Jan
Ontvanger[Baes, Pieter Petrus]
Verzendingsdatum15/06/1887
VerzendingsplaatsHoogstraten (Hoogstraten)
AnnotatieAdressaat gereconstrueerd op basis van de aanhef: "Mijn Heer de Geheimschrijver" (de griffier van de Dietsche Biehalle was Pieter Baes); in publicatie foutievelijk aan G. Gezelle toegeschreven.
Gepubliceerd inDe briefwisseling tussen Guido Gezelle en enkele leden van de Dietsche Biehalle en Biekorf. Deel 2: Brieven / door P. Deboever. - Gent : onuitgegeven licentieverhandeling, (academiejaar 1984-1985), p.285
Fysieke bijzonderheden
Drager dubbel vel, 211x135
wit, vierkant geruit
papiersoort: 2 zijden beschreven, purperen inkt
Staat volledig
Vormelijke bijzonderheden briefpapier: kruisteken, met kroon en leeuw op schild, en met bijhorende spreuk, alles blauw gedrukt: Geloofd zij Jezus Christus //
briefpapier: Steend K. Vande-Vyvere-Petyt, Brugge
Toevoegingen op zijde 1 rechts in de bovenrand: 15/6 1887 (inkt, hand P.A.)
Bewaargegevens
LandBelgië
PlaatsBrugge
BewaarplaatsGuido Gezellearchief
ID Gezellearchief5832
Bibliotheekrecordhttps://brugge.bibliotheek.be/detail/?itemid=|library/v/obbrugge/gezelle|12140
Inhoud
Incipit't Gene ik gistren nog
Tekstsoortbrief
TalenNederlands
De tekst werd diplomatisch getranscribeerd, en aangevuld met een editoriale laag.
De oorspronkelijke tekst werd ongewijzigd getranscribeerd; alleen typografische regeleindes en afbrekingstekens, en niet-betekenisvolle witruimte werden genormaliseerd.
Auteursingrepen in de tekst (toevoegingen, schrappingen), en latere redactie-ingrepen (schrappingen, toevoegingen, taalkundige notities) door de lezer werden overgenomen en expliciet gemarkeerd.
Voor een aantal tekstfenomenen werden naast de oorspronkelijke vorm ook editeursingrepen opgenomen in de transcriptie: oplossingen voor niet-gangbare afkortingen en correcties voor manifeste fouten. Daarnaast bevat de transcriptie editeursingrepen ter verbetering van de leesbaarheid (toevoegingen, reconstructies) of ter motivering van transcriptie-beslissingen (aanduiding van onzekere lezingen, weglating van onleesbare tekst). Alle editeursingrepen worden expliciet gemarkeerd.