<Resultaat 1682 van 2679

>

p1
+
Monsieur le Chevalier et cher Confrère[1]

Vous m'obligeriez infiniment de completer les renseignements etymologiques etc donnés par vous a Mr le chanoine Rembry sur les mots suivants et autres

1° zweerddansers,[2] 2° vestelkens[3]

I on lit dans un compte de 1661 de la Chapelle de la Vierge de Bollezeele.

Noch betaelt aen Jan Dehorter en Antoone Desaere[4] trommelslager en fiferare mitschs[5]p2zwerddansers wesende Ste Janshooft[6] in den omegancq van O L V.[7]

Que signifient ces derniers mots et ne trouve-t-on pas en Belgique dans des cérémonies semblables ces zwerddansers?? En tous cas à quel souvenir se rapporte leur presence dans les processions religieuses?

II

A propos de vestelkens on lit dans les mêmes comptes de Bollezeele 1644 Betaelt aen We Ducrop[8] tot Berghen ome[9] de leveryn van een deust[10] tinnen vestelkens[11]

Quelle pouvait etre la forme de ces vestelkens?[12] Etait-ce une effigie, une espèce de talisman.p3Avaient-ils un caractère differentiel de la medaille?

Les portait-on sur soi ou bien les offrait-on en exvoto

III

Quelle difference y a t-il entre Neghen Daeghen[13] et omegancq?[14]

IV

Item betaelt aen etc eenighe ander iseren roeden om te hanghen het schepken in de vanfe[15] kerke[16]

Que signifie ce mot Vanfe? aurait-il été mal copié.

Voilà bien des questions cherp4et vénérable confrère.

En répondant avec votre bienveillance habituelle croyez bien que vous rendrez le plus grand service à

votre infiniment dévoué et reconnaissant
R. Flahault

PS J'effeuillerai avec un nouveau plaisir votre almanach reçu hier

Noten

[1] Brief geschreven op papier met reliëfstempel: afbeelding van Maria binnen een cirkel met bijhorende tekst: Notre Dame des Dunes Dunkerque.
[2] Onderstreping van Guido Gezelle in blauw potlood.
[3] Onderstreping van Guido Gezelle in blauw potlood.

Zie brief van E. Rembry aan G. Gezelle van 28/11/1889. R. Flahault vroeg deze inlichtingen ter voorbereiding van zijn publicatie: Notre-Dame de la Visitation à Bollezeele, Dunkerque, Michel, 1891.

[4] ’Deseure’, in het artikel van R. Flahault, Notre-Dame de la Visitation à Bollezeele. In: Annales du Comité Flamand de France: 25 (1900), p.144.
[5] Op het woord in de brieftekst staat een horizontale streep boven ’schs’. In het artikel van R. Flahault staat: ’mitsegrs’: Notre-Dame de la Visitation à Bollezeele. In: Annales du Comité Flamand de France: 25 (1900), p.144.
[6] Onderstreept door R. Flahault en onderstreping van Guido Gezelle in blauw potlood.
[7] Opgenomen als voetnoot 2 in: R. Flahault, Notre-Dame de la Visitation à Bollezeele. In: Annales du Comité Flamand de France: 25 (1900), p.144.

Guido Gezelle stelde ook een vraag over zweerddansers in: Wetensweerdigheden. Bijblad op Loquela: 8 (Bamesse 1889): ”Wat verstaat gij door zweerddansers, die in de ommegangen dansten; die ”het hoofd van Sint Jan dansten?“ 1660.”

[8] ’Ducroip’, in het artikel van R. Flahault, Notre-Dame de la Visitation à Bollezeele. In: Annales du Comité Flamand de France: 25 (1900), p.150 (voetnoot 1).
[9] ’omme’, in het artikel van R. Flahault, Notre-Dame de la Visitation à Bollezeele. In: Annales du Comité Flamand de France: 25 (1900), p.150 (voetnoot 1).
[10] ’duust’, in het artikel van R. Flahault, Notre-Dame de la Visitation à Bollezeele. In: Annales du Comité Flamand de France: 25 (1900), p.150 (voetnoot 1).
[11] Onderstreping van R. Flahault en onderstreping van Guido Gezelle in blauw potlood.
Tekst opgenomen als voetnoot 1 in artikel van R. Flahault, Notre-Dame de la Visitation à Bollezeele. In: Annales du Comité Flamand de France: 25 (1900), p.150.
[12] ”Een voorwerp waarmee men een kledingstuk vastspeldt en dat als sieraad gedragen wordt.” (WNT).
[13] Onderstreping van Guido Gezelle in blauw potlood.
[14] Onderstreping van Guido Gezelle in blauw potlood.
[15] Onderstreping van Guido Gezelle in blauw potlood.

In de brief is dit een foute lezing door R. Flahault. Wel correct ‘vaute’, in artikel van R. Flahault, Notre-Dame de la Visitation à Bollezeele. In: Annales du Comité Flamand de France: 25 (1900), p.129 voetnoot 1.

[16] Tekst opgenomen als voetnoot 1 in artikel van R. Flahault, Notre-Dame de la Visitation à Bollezeele. In: Annales du Comité Flamand de France: 25 (1900), p.129.
vestel/zweerddanser

Register

Correspondenten - personen

NaamFlahault, René-François
Datums° Bailleul, 12/08/1838 - ✝ Duinkerke, 03/03/1905
GeslachtMannelijk
Beroeppriester; leraar; directeur; auteur
VerblijfplaatsFrankrijk (Frans-Vlaanderen)
BioRené Flahault werd op 12 augustus 1838 geboren te Bailleul in een familie van handelaars. In 1864 werd hij tot priester gewijd. Hij werd leraar en later directeur van het Collège Notre Dames des Dunes te Dunkerque. Als vicepresident van het 'Comité Flamand de France' had hij rond 1845 een verzameling van 400 tekeningen van verdwenen Vlaamse kerken. In de annalen van dit genootschap publiceerde hij regelmatig over volksdevotie. Verder was hij lid van de 'Commission Historique du Nord' alsook vicepresident van de 'Société d’études de la province de Cambrai'. Hij stierf te Duinkerke op 3 maart 1905.
Relatie tot Gezellecorrespondent; Comité Flamand de France
BronnenChristine Decoo, De brieven van elf vooraanstaande Frans-Vlamingen aan Guido Gezelle (1884-1899). Gent: RUG. Faculteit Letteren en Wijsbegeerte. Vakgroep Germaanse filologie, 1981
NaamGezelle, Guido; Loquela; Spoker; Gonsalvo Megliori
Datums° Brugge, 01/05/1830 - ✝ Brugge, 27/11/1899
GeslachtMannelijk
Beroeppriester; leraar; onderpastoor; dichter; taalgeleerde; vertaler; publicist
BioGuido Gezelle werd geboren in Brugge. Na zijn collegejaren en priesterstudies (priesterwijding te Brugge op 10/06/1854), werd hij in 1854 leraar aan het kleinseminarie te Roeselare. Gezelle gaf er onder meer talen, begeleidde de vrij uitgebreide kolonie buitenlandse leerlingen, vooral Engelsen, en kreeg tijdens twee schooljaren (1857-1859) een opdracht als leraar in de poësis. In 1865 werd Gezelle onderpastoor van de St.-Walburgaparochie te Brugge. Naast zijn druk pastoraal werk was hij bijzonder actief in het katholieke ultramontaanse persoffensief tegen de secularisering van het openbare leven in België en als vulgarisator in het culturele weekblad Rond den Heerd. In 1872 werd Gezelle overgeplaatst naar de O.-L.-Vrouwparochie te Kortrijk. Gedragen door een sympathiserende vriendenkring werd hij er de gelegenheidsdichter bij uitstek. Gaandeweg keerde hij er ook terug naar zijn oorspronkelijke postromantische en religieus geïnspireerde interesse voor de volkstaal en de poëzie. De taalkundige studie resulteerde vooral in een lexicografische verzameling van niet opgetekende woorden uit de volkstaal (Gezelles ‘Woordentas’ en het tijdschrift Loquela, vanaf 1881), waarmee ook hij het Zuid-Nederlands verdedigde binnen de ontwikkeling van de gestandaardiseerde Nederlandse cultuurtaal. Die filologische bedrijvigheid leidde bij Gezelle uiteindelijk ook tot een vernieuwde aandacht voor zijn eigen creatief werk, zowel vertaling (Longfellows Hiawatha) als oorspronkelijke poëzie. In 1889 werd hij directeur van een kleine Franse zustergemeenschap die zich in Kortrijk vestigde. Hij was een tijdje ambteloos. Dit liet hem toe zich op zijn schrijf- en studiewerk te concentreren. Het resultaat was o. m. de publicatie van twee poëziebundels, Tijdkrans (1893) en Rijmsnoer (1897), die, vooral in het laatste geval, qua vormgeving en originaliteit superieur van gehalte zijn. Om die authentieke en originele lyriek werd hij door H. Verriest, P. de Mont en vooral door Van Nu en Straks als een voorloper van de moderne Nederlandse poëzie beschouwd. Ook later eerden Nederlandse dichters, zoals Paul van Ostaijen en recenter, Christine D’haen, Gezelle als de meest creatieve en vernieuwende Nederlandse dichter in Vlaanderen. In 1899 werd Gezelle naar Brugge teruggeroepen om zich te wijden aan de vertaling van een theologisch werk van zijn bisschop (Waffelaerts Meditationes Theologicae). Hij verbleef nu in het Engels Klooster van Kanonikessen, waar hij echter vrij vlug en onverwachts stierf op 27 november 1899. Hij liet nog een verzameling uitzonderlijke gedichten na die in 1901 postuum als zijn Laatste Verzen werden gepubliceerd.
Links[odis], [wikipedia], [dbnl]

Briefschrijver

NaamFlahault, René-François
Datums° Bailleul, 12/08/1838 - ✝ Duinkerke, 03/03/1905
GeslachtMannelijk
Beroeppriester; leraar; directeur; auteur
VerblijfplaatsFrankrijk (Frans-Vlaanderen)
BioRené Flahault werd op 12 augustus 1838 geboren te Bailleul in een familie van handelaars. In 1864 werd hij tot priester gewijd. Hij werd leraar en later directeur van het Collège Notre Dames des Dunes te Dunkerque. Als vicepresident van het 'Comité Flamand de France' had hij rond 1845 een verzameling van 400 tekeningen van verdwenen Vlaamse kerken. In de annalen van dit genootschap publiceerde hij regelmatig over volksdevotie. Verder was hij lid van de 'Commission Historique du Nord' alsook vicepresident van de 'Société d’études de la province de Cambrai'. Hij stierf te Duinkerke op 3 maart 1905.
Relatie tot Gezellecorrespondent; Comité Flamand de France
BronnenChristine Decoo, De brieven van elf vooraanstaande Frans-Vlamingen aan Guido Gezelle (1884-1899). Gent: RUG. Faculteit Letteren en Wijsbegeerte. Vakgroep Germaanse filologie, 1981

Briefontvanger

NaamGezelle, Guido; Loquela; Spoker; Gonsalvo Megliori
Datums° Brugge, 01/05/1830 - ✝ Brugge, 27/11/1899
GeslachtMannelijk
Beroeppriester; leraar; onderpastoor; dichter; taalgeleerde; vertaler; publicist
BioGuido Gezelle werd geboren in Brugge. Na zijn collegejaren en priesterstudies (priesterwijding te Brugge op 10/06/1854), werd hij in 1854 leraar aan het kleinseminarie te Roeselare. Gezelle gaf er onder meer talen, begeleidde de vrij uitgebreide kolonie buitenlandse leerlingen, vooral Engelsen, en kreeg tijdens twee schooljaren (1857-1859) een opdracht als leraar in de poësis. In 1865 werd Gezelle onderpastoor van de St.-Walburgaparochie te Brugge. Naast zijn druk pastoraal werk was hij bijzonder actief in het katholieke ultramontaanse persoffensief tegen de secularisering van het openbare leven in België en als vulgarisator in het culturele weekblad Rond den Heerd. In 1872 werd Gezelle overgeplaatst naar de O.-L.-Vrouwparochie te Kortrijk. Gedragen door een sympathiserende vriendenkring werd hij er de gelegenheidsdichter bij uitstek. Gaandeweg keerde hij er ook terug naar zijn oorspronkelijke postromantische en religieus geïnspireerde interesse voor de volkstaal en de poëzie. De taalkundige studie resulteerde vooral in een lexicografische verzameling van niet opgetekende woorden uit de volkstaal (Gezelles ‘Woordentas’ en het tijdschrift Loquela, vanaf 1881), waarmee ook hij het Zuid-Nederlands verdedigde binnen de ontwikkeling van de gestandaardiseerde Nederlandse cultuurtaal. Die filologische bedrijvigheid leidde bij Gezelle uiteindelijk ook tot een vernieuwde aandacht voor zijn eigen creatief werk, zowel vertaling (Longfellows Hiawatha) als oorspronkelijke poëzie. In 1889 werd hij directeur van een kleine Franse zustergemeenschap die zich in Kortrijk vestigde. Hij was een tijdje ambteloos. Dit liet hem toe zich op zijn schrijf- en studiewerk te concentreren. Het resultaat was o. m. de publicatie van twee poëziebundels, Tijdkrans (1893) en Rijmsnoer (1897), die, vooral in het laatste geval, qua vormgeving en originaliteit superieur van gehalte zijn. Om die authentieke en originele lyriek werd hij door H. Verriest, P. de Mont en vooral door Van Nu en Straks als een voorloper van de moderne Nederlandse poëzie beschouwd. Ook later eerden Nederlandse dichters, zoals Paul van Ostaijen en recenter, Christine D’haen, Gezelle als de meest creatieve en vernieuwende Nederlandse dichter in Vlaanderen. In 1899 werd Gezelle naar Brugge teruggeroepen om zich te wijden aan de vertaling van een theologisch werk van zijn bisschop (Waffelaerts Meditationes Theologicae). Hij verbleef nu in het Engels Klooster van Kanonikessen, waar hij echter vrij vlug en onverwachts stierf op 27 november 1899. Hij liet nog een verzameling uitzonderlijke gedichten na die in 1901 postuum als zijn Laatste Verzen werden gepubliceerd.
Links[odis], [wikipedia], [dbnl]

Plaats van verzending

NaamDuinkerke

Naam - persoon

NaamFlahault, René-François
Datums° Bailleul, 12/08/1838 - ✝ Duinkerke, 03/03/1905
GeslachtMannelijk
Beroeppriester; leraar; directeur; auteur
VerblijfplaatsFrankrijk (Frans-Vlaanderen)
BioRené Flahault werd op 12 augustus 1838 geboren te Bailleul in een familie van handelaars. In 1864 werd hij tot priester gewijd. Hij werd leraar en later directeur van het Collège Notre Dames des Dunes te Dunkerque. Als vicepresident van het 'Comité Flamand de France' had hij rond 1845 een verzameling van 400 tekeningen van verdwenen Vlaamse kerken. In de annalen van dit genootschap publiceerde hij regelmatig over volksdevotie. Verder was hij lid van de 'Commission Historique du Nord' alsook vicepresident van de 'Société d’études de la province de Cambrai'. Hij stierf te Duinkerke op 3 maart 1905.
Relatie tot Gezellecorrespondent; Comité Flamand de France
BronnenChristine Decoo, De brieven van elf vooraanstaande Frans-Vlamingen aan Guido Gezelle (1884-1899). Gent: RUG. Faculteit Letteren en Wijsbegeerte. Vakgroep Germaanse filologie, 1981
NaamRembry, Ernest
Datums° Moorsele, 22/01/1835 - ✝ Brugge, 14/05/1907
GeslachtMannelijk
Beroeppriester; onderpastoor; ondersecretaris; secretaris; vicaris-generaal; historicus
BioErnest Rembry, zoon van Jean-Aimé Rembry, geneesheer, en Clementine-Amande Delva, studeerde aan het college te Menen en kerkelijk recht te Leuven waar hij op 11/07/1859 zijn baccalaureaat behaalde. Hij werd op 29/05/1858 tot priester gewijd. Op 09/07/1859 werd hij onderpastoor van Sint-Gillis te Brugge. Hij schreef een geschiedenis van de Sint-Gilliskerk, van haar pastoors en van alle gebeurtenissen en belangrijke personen op deze parochie, door de eeuwen heen. Hij werd op 02/01/1862 ondersecretaris van het bisdom Brugge, op 24/11/1873 erekanunnik en op 29/08/1884 secretaris en officiaal. Op 20/04/1885 werd hij titulair kanunnik en op 31/05/1894 vicaris-generaal. Hoe hoger hij steeg in aanzien en vertrouwen bij de kerkelijke overheid, hoe meer hij ook Gezelle kon helpen. Hij was betrokken bij de stichting van het tijdschrift 'Rond den Heerd' en hij publiceerde ook in het tijdschrift 'Biekorf'. Hij las zijn laatste mis in de Sint-Jacobskerk op 9 mei 1904 om enkele dagen later te sterven.
Links[odis], [wikipedia]
Relatie tot Gezellecorrespondent; lid van de Gilde van Sinte-Luitgaarde
BronnenB. De Leeuw, P. De Wilde, K. Verbeke, e.a., De briefwisseling van Guido Gezelle met de Engelsen. 1854-1899. Gent: Koninklijke Academie voor Nederlandse Taal- en Letterkunde, 1991, dl.III; Caroline Verstraeten, De briefwisseling tussen Guido Gezelle en Ernest Rembry 1872-1899, Gent, 1987 (Gentse bijdragen tot de literatuurstudie, nr. 10).

Naam - plaats

NaamBollezele (Bollezeele)
NaamDuinkerke

Naam - instituut/vereniging

NaamCollège Notre Dame des Dunes, Duinkerke
BeschrijvingDe Collège Notre Dame des Dunes werd in 1850 opgericht door l'abbé Dehaene aan de place du Marché au blé (die vanaf 1894 ‘Place Jeanne d'Arc’ heet) in Duinkerke. In 1869 werd een lagere school toegevoegd. Tijdens WOII werd de school grotendeels vernield en verhuisde ze naar een gebouw van de Petites Soeurs des Pauvres te Rosendaël. Op 16 juni 1952 zegende kanunnik Lestienne het terrein waar de nieuwe gebouwen werden opgetrokken. Kort daarna en in de 21e eeuw kwam de school tot grote bloei en kende ze verdere uitbreidingen.
Datering1850-heden

Naam - gebeurtenis Guido Gezelle

GebeurtenisRidder Leopoldsorde
Periode06/03/1889
BeschrijvingRidder in de Leopoldsorde.

Indextermen

Briefontvanger

Gezelle, Guido

Briefschrijver

Flahault, René-François

Correspondenten - personen

Flahault, René-François
Gezelle, Guido

Naam - gebeurtenis Guido Gezelle

Ridder Leopoldsorde

Naam - instituut/vereniging

Collège Notre Dame des Dunes, Duinkerke

Naam - persoon

Flahault, René-François
Rembry, Ernest

Naam - plaats

Bollezele (Bollezeele)
Duinkerke

Plaats van verzending

Duinkerke

Titel02/12/1889, Duinkerke, René-François Flahault aan [Guido Gezelle]
EditeurGuido Spyns
Wetenschappelijke leidingEls Depuydt
Partners Openbare Bibliotheek Brugge (Guido Gezellearchief); Centrum voor Teksteditie en Bronnenstudie (Koninklijke Academie voor Nederlandse Taal en Letteren); Instituut voor de Studie van de Letterkunde in de Lage Landen (ISLN) (Piet Couttenier, Universiteit Antwerpen); Guido Gezellegenootschap
UitgeverGuido Gezellearchief, KANTL/CTB
Plaats van uitgaveBrugge, Gent
Publicatiedatum2025
Beschikbaarheid Teksten en afbeeldingen beschikbaar onder een Creative Commons Naamsvermelding - Niet Commercieel licentie.
DisclaimerDe editie van de Guido Gezellecorrespondentie is het resultaat van een samenwerkingsproject met vrijwilligers. De databank is in opbouw, aanvullingen en opmerkingen kunnen gemeld worden aan els.depuydt@brugge.be.
Meer informatie over het vrijwilligersproject is te vinden op gezelle.be.
CiterenGuido Spyns, Flahault René-François aan Gezelle Guido, Duinkerke , 02/12/1889. In: GezelleBrOn, Wetenschappelijke editie van de correspondentie van Guido Gezelle. 2025 Available from World Wide Web: link .
VerzenderFlahault, René-François
Ontvanger[Gezelle, Guido]
Verzendingsdatum02/12/1889
VerzendingsplaatsDuinkerke
AnnotatieAdressaat gereconstrueerd op basis van contextuele gegevens.
Fysieke bijzonderheden
Drager 1 dubbel vel, 203 mm x 134 mm
papier, wit, vierkant geruit
papiersoort: 4 zijden beschreven, inkt, purper
Staat volledig
Vormelijke bijzonderheden papier met reliëfstempel: afbeelding van Maria binnen een cirkel met bijhorende tekst: Notre Dame des Dunes Dunkerques
Toevoegingen op zijde 4 links in de zijrand: taalkundige notities: vestel/zweerddanser (inkt, verticaal, hand G.G.); op zijden 1, 2 en 3 woorden met blauw potlood onderstreept
Bewaargegevens
LandBelgië
PlaatsBrugge
BewaarplaatsGuido Gezellearchief
ID Gezellearchief3586, vestel
Bibliotheekrecordhttps://anet.be/desktop/gga/nl/opacgga/nr=tg:gga_6.16625
Inhoud
IncipitVous m'obligeriez infiniment de
Tekstsoortbrief
TalenFrans; Nederlands
De tekst werd diplomatisch getranscribeerd, en aangevuld met een editoriale laag.
De oorspronkelijke tekst werd ongewijzigd getranscribeerd; alleen typografische regeleindes en afbrekingstekens, en niet-betekenisvolle witruimte werden genormaliseerd.
Auteursingrepen in de tekst (toevoegingen, schrappingen), en latere redactie-ingrepen (schrappingen, toevoegingen, taalkundige notities) door de lezer werden overgenomen en expliciet gemarkeerd.
Voor een aantal tekstfenomenen werden naast de oorspronkelijke vorm ook editeursingrepen opgenomen in de transcriptie: oplossingen voor niet-gangbare afkortingen en correcties voor manifeste fouten. Daarnaast bevat de transcriptie editeursingrepen ter verbetering van de leesbaarheid (toevoegingen, reconstructies) of ter motivering van transcriptie-beslissingen (aanduiding van onzekere lezingen, weglating van onleesbare tekst). Alle editeursingrepen worden expliciet gemarkeerd.