<Resultaat 1598 van 2679

>

p1
Doktor Gezelle
Kortryk
 
p2
ADMINISTRATION DES POSTES ET TELEGRAPHES.

TELEGRAMME.

Déposé à Aangeboden te Louvain poste Le den 9/3 à ten 1.10s No 117

De Westvlaamsche gilde verheugd door uwe benoeming wenscht U Edele hertelyk geluk

Reynaert
Voorzitter

Reçu à Ontvangen ten: 1 h 24 s

Le Télégraphiste,
H

Register

Correspondenten - personen

NaamGezelle, Guido; Loquela; Spoker; Gonsalvo Megliori
Datums° Brugge, 01/05/1830 - ✝ Brugge, 27/11/1899
GeslachtMannelijk
Beroeppriester; leraar; onderpastoor; dichter; taalgeleerde; vertaler; publicist
BioGuido Gezelle werd geboren in Brugge. Na zijn collegejaren en priesterstudies (priesterwijding te Brugge op 10/06/1854), werd hij in 1854 leraar aan het kleinseminarie te Roeselare. Gezelle gaf er onder meer talen, begeleidde de vrij uitgebreide kolonie buitenlandse leerlingen, vooral Engelsen, en kreeg tijdens twee schooljaren (1857-1859) een opdracht als leraar in de poësis. In 1865 werd Gezelle onderpastoor van de St.-Walburgaparochie te Brugge. Naast zijn druk pastoraal werk was hij bijzonder actief in het katholieke ultramontaanse persoffensief tegen de secularisering van het openbare leven in België en als vulgarisator in het culturele weekblad Rond den Heerd. In 1872 werd Gezelle overgeplaatst naar de O.-L.-Vrouwparochie te Kortrijk. Gedragen door een sympathiserende vriendenkring werd hij er de gelegenheidsdichter bij uitstek. Gaandeweg keerde hij er ook terug naar zijn oorspronkelijke postromantische en religieus geïnspireerde interesse voor de volkstaal en de poëzie. De taalkundige studie resulteerde vooral in een lexicografische verzameling van niet opgetekende woorden uit de volkstaal (Gezelles ‘Woordentas’ en het tijdschrift Loquela, vanaf 1881), waarmee ook hij het Zuid-Nederlands verdedigde binnen de ontwikkeling van de gestandaardiseerde Nederlandse cultuurtaal. Die filologische bedrijvigheid leidde bij Gezelle uiteindelijk ook tot een vernieuwde aandacht voor zijn eigen creatief werk, zowel vertaling (Longfellows Hiawatha) als oorspronkelijke poëzie. In 1889 werd hij directeur van een kleine Franse zustergemeenschap die zich in Kortrijk vestigde. Hij was een tijdje ambteloos. Dit liet hem toe zich op zijn schrijf- en studiewerk te concentreren. Het resultaat was o. m. de publicatie van twee poëziebundels, Tijdkrans (1893) en Rijmsnoer (1897), die, vooral in het laatste geval, qua vormgeving en originaliteit superieur van gehalte zijn. Om die authentieke en originele lyriek werd hij door H. Verriest, P. de Mont en vooral door Van Nu en Straks als een voorloper van de moderne Nederlandse poëzie beschouwd. Ook later eerden Nederlandse dichters, zoals Paul van Ostaijen en recenter, Christine D’haen, Gezelle als de meest creatieve en vernieuwende Nederlandse dichter in Vlaanderen. In 1899 werd Gezelle naar Brugge teruggeroepen om zich te wijden aan de vertaling van een theologisch werk van zijn bisschop (Waffelaerts Meditationes Theologicae). Hij verbleef nu in het Engels Klooster van Kanonikessen, waar hij echter vrij vlug en onverwachts stierf op 27 november 1899. Hij liet nog een verzameling uitzonderlijke gedichten na die in 1901 postuum als zijn Laatste Verzen werden gepubliceerd.
Links[odis], [wikipedia], [dbnl]
NaamReynaert, Ernest Auguste Henri
Datums° Kortrijk, 09/08/1867 - ✝ Kortrijk, 31/12/1937
GeslachtMannelijk
Beroepadvocaat; politicus
BioErnest Auguste Henri Reynaert werd geboren in Kortrijk op 9 augustus 1867. Hij was de zoon van August Reynaert, volksvertegenwoordiger en burgemeester van Kortrijk. Tijdens zijn rechtenstudies in Leuven stichtte hij in 1884 de studentenvereniging Kortrijkse Groeninghergilde, die tegenwoordig Moeder Kortrijkse heet. Van 1887 tot 1890 vulde hij de functie van praeses in voor de West-Vlaamse Gilde Leuven. In deze periode zocht Reynaert contact met Gezelle in verband met een lezing. Na zijn studententijd was hij kortstondig advocaat, waarna hij de functie van arrondissementscommissaris van Kortrijk op zich nam. Later trad hij in de sporen van zijn vader als volksvertegenwoordiger van arrondissement Kortrijk en schepen van zijn gemeente. Reynaert stierf er op 31 december 1937.
Links[odis], [wikipedia]
Relatie tot Gezellecorrespondent
Bronnen https://www.academia-studentica.eu/wiki/nl/index.php/West-Vlaamse_Gilde_(Leuven)

Briefschrijver

NaamReynaert, Ernest Auguste Henri
Datums° Kortrijk, 09/08/1867 - ✝ Kortrijk, 31/12/1937
GeslachtMannelijk
Beroepadvocaat; politicus
BioErnest Auguste Henri Reynaert werd geboren in Kortrijk op 9 augustus 1867. Hij was de zoon van August Reynaert, volksvertegenwoordiger en burgemeester van Kortrijk. Tijdens zijn rechtenstudies in Leuven stichtte hij in 1884 de studentenvereniging Kortrijkse Groeninghergilde, die tegenwoordig Moeder Kortrijkse heet. Van 1887 tot 1890 vulde hij de functie van praeses in voor de West-Vlaamse Gilde Leuven. In deze periode zocht Reynaert contact met Gezelle in verband met een lezing. Na zijn studententijd was hij kortstondig advocaat, waarna hij de functie van arrondissementscommissaris van Kortrijk op zich nam. Later trad hij in de sporen van zijn vader als volksvertegenwoordiger van arrondissement Kortrijk en schepen van zijn gemeente. Reynaert stierf er op 31 december 1937.
Links[odis], [wikipedia]
Relatie tot Gezellecorrespondent
Bronnen https://www.academia-studentica.eu/wiki/nl/index.php/West-Vlaamse_Gilde_(Leuven)

Briefontvanger

NaamGezelle, Guido; Loquela; Spoker; Gonsalvo Megliori
Datums° Brugge, 01/05/1830 - ✝ Brugge, 27/11/1899
GeslachtMannelijk
Beroeppriester; leraar; onderpastoor; dichter; taalgeleerde; vertaler; publicist
BioGuido Gezelle werd geboren in Brugge. Na zijn collegejaren en priesterstudies (priesterwijding te Brugge op 10/06/1854), werd hij in 1854 leraar aan het kleinseminarie te Roeselare. Gezelle gaf er onder meer talen, begeleidde de vrij uitgebreide kolonie buitenlandse leerlingen, vooral Engelsen, en kreeg tijdens twee schooljaren (1857-1859) een opdracht als leraar in de poësis. In 1865 werd Gezelle onderpastoor van de St.-Walburgaparochie te Brugge. Naast zijn druk pastoraal werk was hij bijzonder actief in het katholieke ultramontaanse persoffensief tegen de secularisering van het openbare leven in België en als vulgarisator in het culturele weekblad Rond den Heerd. In 1872 werd Gezelle overgeplaatst naar de O.-L.-Vrouwparochie te Kortrijk. Gedragen door een sympathiserende vriendenkring werd hij er de gelegenheidsdichter bij uitstek. Gaandeweg keerde hij er ook terug naar zijn oorspronkelijke postromantische en religieus geïnspireerde interesse voor de volkstaal en de poëzie. De taalkundige studie resulteerde vooral in een lexicografische verzameling van niet opgetekende woorden uit de volkstaal (Gezelles ‘Woordentas’ en het tijdschrift Loquela, vanaf 1881), waarmee ook hij het Zuid-Nederlands verdedigde binnen de ontwikkeling van de gestandaardiseerde Nederlandse cultuurtaal. Die filologische bedrijvigheid leidde bij Gezelle uiteindelijk ook tot een vernieuwde aandacht voor zijn eigen creatief werk, zowel vertaling (Longfellows Hiawatha) als oorspronkelijke poëzie. In 1889 werd hij directeur van een kleine Franse zustergemeenschap die zich in Kortrijk vestigde. Hij was een tijdje ambteloos. Dit liet hem toe zich op zijn schrijf- en studiewerk te concentreren. Het resultaat was o. m. de publicatie van twee poëziebundels, Tijdkrans (1893) en Rijmsnoer (1897), die, vooral in het laatste geval, qua vormgeving en originaliteit superieur van gehalte zijn. Om die authentieke en originele lyriek werd hij door H. Verriest, P. de Mont en vooral door Van Nu en Straks als een voorloper van de moderne Nederlandse poëzie beschouwd. Ook later eerden Nederlandse dichters, zoals Paul van Ostaijen en recenter, Christine D’haen, Gezelle als de meest creatieve en vernieuwende Nederlandse dichter in Vlaanderen. In 1899 werd Gezelle naar Brugge teruggeroepen om zich te wijden aan de vertaling van een theologisch werk van zijn bisschop (Waffelaerts Meditationes Theologicae). Hij verbleef nu in het Engels Klooster van Kanonikessen, waar hij echter vrij vlug en onverwachts stierf op 27 november 1899. Hij liet nog een verzameling uitzonderlijke gedichten na die in 1901 postuum als zijn Laatste Verzen werden gepubliceerd.
Links[odis], [wikipedia], [dbnl]

Plaats van verzending

NaamLeuven
GemeenteLeuven

Naam - persoon

NaamGezelle, Guido; Loquela; Spoker; Gonsalvo Megliori
Datums° Brugge, 01/05/1830 - ✝ Brugge, 27/11/1899
GeslachtMannelijk
Beroeppriester; leraar; onderpastoor; dichter; taalgeleerde; vertaler; publicist
BioGuido Gezelle werd geboren in Brugge. Na zijn collegejaren en priesterstudies (priesterwijding te Brugge op 10/06/1854), werd hij in 1854 leraar aan het kleinseminarie te Roeselare. Gezelle gaf er onder meer talen, begeleidde de vrij uitgebreide kolonie buitenlandse leerlingen, vooral Engelsen, en kreeg tijdens twee schooljaren (1857-1859) een opdracht als leraar in de poësis. In 1865 werd Gezelle onderpastoor van de St.-Walburgaparochie te Brugge. Naast zijn druk pastoraal werk was hij bijzonder actief in het katholieke ultramontaanse persoffensief tegen de secularisering van het openbare leven in België en als vulgarisator in het culturele weekblad Rond den Heerd. In 1872 werd Gezelle overgeplaatst naar de O.-L.-Vrouwparochie te Kortrijk. Gedragen door een sympathiserende vriendenkring werd hij er de gelegenheidsdichter bij uitstek. Gaandeweg keerde hij er ook terug naar zijn oorspronkelijke postromantische en religieus geïnspireerde interesse voor de volkstaal en de poëzie. De taalkundige studie resulteerde vooral in een lexicografische verzameling van niet opgetekende woorden uit de volkstaal (Gezelles ‘Woordentas’ en het tijdschrift Loquela, vanaf 1881), waarmee ook hij het Zuid-Nederlands verdedigde binnen de ontwikkeling van de gestandaardiseerde Nederlandse cultuurtaal. Die filologische bedrijvigheid leidde bij Gezelle uiteindelijk ook tot een vernieuwde aandacht voor zijn eigen creatief werk, zowel vertaling (Longfellows Hiawatha) als oorspronkelijke poëzie. In 1889 werd hij directeur van een kleine Franse zustergemeenschap die zich in Kortrijk vestigde. Hij was een tijdje ambteloos. Dit liet hem toe zich op zijn schrijf- en studiewerk te concentreren. Het resultaat was o. m. de publicatie van twee poëziebundels, Tijdkrans (1893) en Rijmsnoer (1897), die, vooral in het laatste geval, qua vormgeving en originaliteit superieur van gehalte zijn. Om die authentieke en originele lyriek werd hij door H. Verriest, P. de Mont en vooral door Van Nu en Straks als een voorloper van de moderne Nederlandse poëzie beschouwd. Ook later eerden Nederlandse dichters, zoals Paul van Ostaijen en recenter, Christine D’haen, Gezelle als de meest creatieve en vernieuwende Nederlandse dichter in Vlaanderen. In 1899 werd Gezelle naar Brugge teruggeroepen om zich te wijden aan de vertaling van een theologisch werk van zijn bisschop (Waffelaerts Meditationes Theologicae). Hij verbleef nu in het Engels Klooster van Kanonikessen, waar hij echter vrij vlug en onverwachts stierf op 27 november 1899. Hij liet nog een verzameling uitzonderlijke gedichten na die in 1901 postuum als zijn Laatste Verzen werden gepubliceerd.
Links[odis], [wikipedia], [dbnl]
NaamReynaert, Ernest Auguste Henri
Datums° Kortrijk, 09/08/1867 - ✝ Kortrijk, 31/12/1937
GeslachtMannelijk
Beroepadvocaat; politicus
BioErnest Auguste Henri Reynaert werd geboren in Kortrijk op 9 augustus 1867. Hij was de zoon van August Reynaert, volksvertegenwoordiger en burgemeester van Kortrijk. Tijdens zijn rechtenstudies in Leuven stichtte hij in 1884 de studentenvereniging Kortrijkse Groeninghergilde, die tegenwoordig Moeder Kortrijkse heet. Van 1887 tot 1890 vulde hij de functie van praeses in voor de West-Vlaamse Gilde Leuven. In deze periode zocht Reynaert contact met Gezelle in verband met een lezing. Na zijn studententijd was hij kortstondig advocaat, waarna hij de functie van arrondissementscommissaris van Kortrijk op zich nam. Later trad hij in de sporen van zijn vader als volksvertegenwoordiger van arrondissement Kortrijk en schepen van zijn gemeente. Reynaert stierf er op 31 december 1937.
Links[odis], [wikipedia]
Relatie tot Gezellecorrespondent
Bronnen https://www.academia-studentica.eu/wiki/nl/index.php/West-Vlaamse_Gilde_(Leuven)

Naam - plaats

NaamKortrijk
GemeenteKortrijk
NaamLeuven
GemeenteLeuven

Naam - instituut/vereniging

NaamWest-Vlaamse Gilde, Leuven
BeschrijvingDe West-Vlaamse Gilde is de oudste provinciale studentengilde van Leuven. Het werd gesticht in 1882 door Juliaan Delbeke, Aloïs Bruwier, Alfons Depla en Emiel Lauwers. Allen waren ze aanhangers van de Blauwvoeterij die uit Roeselare kwam overgewaaid met de komst van Rodenbach en zijn medestudenten uit het kleinseminarie. Onder invloed van deze beweging bloeide de West-Vlaamse studentenbeweging en de Katholieke Vlaamse studentenbeweging van Leuven. Zo publiceerden de stichters ook enkele Vlaamsgezinde bladen genaamd: "Kwaepenninck", "De Tassche" en "Onze Vlaamsche Wekker". De gilde vormt een overkoepelende vereniging van alle West-Vlaamse regionale studentenclubs van Leuven, waaronder: de Roeselaarse Club, die in 1927 ontbonden werd, Moeder Kortrijkse en Moeder Brugse. Kort na de oprichting gaf het de toon aan aan de andere provincies om een soortgelijke Gilde te creëren. Toen Ernest Reynaert praeses was ontstond er correspondentie met Guido Gezelle omtrent het verzoek voor een lezing. De gilde werd tweemaal kortstondig ontbonden in de jaren 1914 en 1948. Sinds 1929 maakt de gilde, samen met de andere vier Vlaamse provinciale Gildes, deel uit van het Seniorenkonvent Leuven.
Datering1882-heden
Links[wikipedia]

Naam - gebeurtenis Guido Gezelle

GebeurtenisRidder Leopoldsorde
Periode06/03/1889
BeschrijvingRidder in de Leopoldsorde.

Indextermen

Briefontvanger

Gezelle, Guido

Briefschrijver

Reynaert, Ernest Auguste Henri

Correspondenten - personen

Gezelle, Guido
Reynaert, Ernest Auguste Henri

Naam - gebeurtenis Guido Gezelle

Ridder Leopoldsorde

Naam - instituut/vereniging

West-Vlaamse Gilde, Leuven

Naam - persoon

Gezelle, Guido
Reynaert, Ernest Auguste Henri

Naam - plaats

Kortrijk
Leuven

Plaats van verzending

Leuven

Titel09/03/1889, Leuven, Ernest Auguste Henri Reynaert aan Guido Gezelle
EditeurJoppe Werbrouck
Wetenschappelijke leidingEls Depuydt
Partners Openbare Bibliotheek Brugge (Guido Gezellearchief); Centrum voor Teksteditie en Bronnenstudie (Koninklijke Academie voor Nederlandse Taal en Letteren); Instituut voor de Studie van de Letterkunde in de Lage Landen (ISLN) (Piet Couttenier, Universiteit Antwerpen); Guido Gezellegenootschap
UitgeverGuido Gezellearchief, KANTL/CTB
Plaats van uitgaveBrugge, Gent
Publicatiedatum2025
Beschikbaarheid Teksten en afbeeldingen beschikbaar onder een Creative Commons Naamsvermelding - Niet Commercieel licentie.
DisclaimerDe editie van de Guido Gezellecorrespondentie is het resultaat van een samenwerkingsproject met vrijwilligers. De databank is in opbouw, aanvullingen en opmerkingen kunnen gemeld worden aan els.depuydt@brugge.be.
Meer informatie over het vrijwilligersproject is te vinden op gezelle.be.
CiterenJoppe Werbrouck, Reynaert Ernest Auguste Henri aan Gezelle Guido, Leuven (Leuven), 09/03/1889. In: GezelleBrOn, Wetenschappelijke editie van de correspondentie van Guido Gezelle. 2025 Available from World Wide Web: link .
VerzenderReynaert, Ernest Auguste Henri
OntvangerGezelle, Guido
Verzendingsdatum09/03/1889
VerzendingsplaatsLeuven (Leuven)
Fysieke bijzonderheden
Bewaargegevens
LandBelgië
PlaatsBrugge
BewaarplaatsGuido Gezellearchief
ID Gezellearchief10268
Bibliotheekrecordhttps://anet.be/desktop/gga/nl/opacgga/nr=tg:gga_6.19370
Inhoud
Samenvatting gelukwensen met Gezelles benoeming tot ridder in de Leopoldsorde
Tekstsoorttelegram
TalenNederlands
De tekst werd diplomatisch getranscribeerd, en aangevuld met een editoriale laag.
De oorspronkelijke tekst werd ongewijzigd getranscribeerd; alleen typografische regeleindes en afbrekingstekens, en niet-betekenisvolle witruimte werden genormaliseerd.
Auteursingrepen in de tekst (toevoegingen, schrappingen), en latere redactie-ingrepen (schrappingen, toevoegingen, taalkundige notities) door de lezer werden overgenomen en expliciet gemarkeerd.
Voor een aantal tekstfenomenen werden naast de oorspronkelijke vorm ook editeursingrepen opgenomen in de transcriptie: oplossingen voor niet-gangbare afkortingen en correcties voor manifeste fouten. Daarnaast bevat de transcriptie editeursingrepen ter verbetering van de leesbaarheid (toevoegingen, reconstructies) of ter motivering van transcriptie-beslissingen (aanduiding van onzekere lezingen, weglating van onleesbare tekst). Alle editeursingrepen worden expliciet gemarkeerd.