k Leze geern van de groote uitvindingen, om reden dat zij mij de goedheid Gods doen gedenken en dat zij mij een gedacht kunnen geven der almachtigheid van Hem die den mensch zijn schepsel zoo machtig laat zijn ende gemaakt heeft.
Ter dier gelegentheid zou ik uwe geerde lezers iets willen mededeelen, hetwelke misschien wel het meeste deel onder hun niet en weten, dat is aangaande de eerste proeven van Dampstoven.
Van Grieken en Romeinen en zal ik al niet vele zeggen, immers men vindt dat in alle boeken.
Heron van Alexandrien, alzoo 120 jaar voor Ons Heeren Incarnatie, wierd uitvinder van eenen dampketel, die al boven, uit eenen mond, bij kracht van den damp, eenen bal spoog; hadde hij voortgezocht hij zou 't gevonden hebben om zijn getuig plat te leggen en een soort van canon ervan te maken, dat ballen zou geworpen hebben.
't Is 't gene een italiaansche schilder, van 't uiterste endeken der vijftienste eeuwe, Leonardo da Vinci, naging, in wiens schrijf- en teekenboeken wij een soort van dampcanon geteekend vinden, met opschrift in het italiaansch: Come si porta in campo l'architonitro, dat is: hoe men den aartsdonder op het slagveld brengt.
Maar dit is menigeen bekend. Vele min is het geweten wat Wilhem Sommerset, gezeid Wilhem van Malmesbury, een engelsch benedictiner Meunik, omtrent de jaren 1140 schreef van Gerbert, die het uitvond om eenen orgel in beweging te brengen en er den wind in te jagen, bij middel van kokende water.
Deze Gerbert was ook een Meunik, en, wat meer is, hij wierd Paus, in 999, onder den name van Silvester II, nadat hij Aartsbisschop geweest was te Rhiemen, sedert 992, en Aartsbisschop te Ravenna in Italien, sedert 995. Hij hadde in Spanjen de natuursporende wetenschappen aangeleerd, hij was er zoo ervaren in geworden, en bleef er zoo bekend om, dat, eene eeuwe na zijne dood, een schismatike schrijver hem uitgaf voor eenen tooveraar, hetgene eenige eenvoudige menschen eindigden met te gelooven, klaar om de wonderen die hij deed. Ook, vooral eer hij nog Bisschop wierd, was hij te Rhiemen Professor, en hij mocht Koning Robrecht van Vrankrijk en keizer Ortho III onder zijne leerlingen tellen.
Zoo waren de Pausen al van over duist jaar!
Hadde Gerbert maar 400 jaar later geleefd, of had hij een ongeloovend mensch geweest, zijn naam zou in al de boeken staan, die over dampwagens, dampstoven en dampkracht handelen; de groote mannen zouden hem doen klinken en zijne uitvindinge schatten naar weerde; maar Gerbert was Meunik, Paus, gevolgentlijk en had hij geen recht om wijs en ervaren te zijn. Zoo leeren nu wijze mannen, maar zij dolen.
Hoe Gerbert dit aan boord lei om zijn damptuig te maken, om den damp te vangen en hem te doen beweginge geven aan den blaasbalg van zijn orgel, dit en zijn wij tot nu toe nog niet wijs geworden, en, waarschijnelijk en zullen wij nooit tot die kennis geraken; dit niettegenstaande en is er geen middel om te loochenen dat Gerbert de kennis bezeten hebbe, van het te nutte brengen van de dampkracht en dat Salomon de Caus, Papin, Newcomen en Watt, niet anders gedaan en hebben of 't en zij wedervinden en langzaam verbeteren 't gene een Paus, in de jaren 900 na Christo, reeds wist en uitgevoerd had.
Als wij alles nauwkeurig nazien, zoo komen wij altijd daarop uit, dat bijkans al de grootste uitvindingen van geestelijke mannen voortkomen, of aen geestelijke orders toe te schrijven zijn, en dat onze hedendaagsche wijzen, die de heilige Kerke altijd voor eene vriendinne vande onwetendheid uitgeven, zelve de onwetendste van al zijn.
Doet moedig voort, heer uitgever: Rond den Heerd komt wel te passe om al zulke vrijwillig vergetene zaken eens weêr voor den dag te brengen, en de eere te geven aen wien zij toekomt.






