In de zomer van 1941 had Streuvels een contract afgesloten met het Berlijnse filmhuis Terra-Filme voor de Duitse verfilming van
De vlaschaard. De regisseur Boleslaw Barlog had op dat moment al enkele films gedraaid voor deze Duitse filmmaatschappij. Terra was een van de belangrijkste en meest correcte Duitse filmhuizen. In 1942 werd Terra door UFA (Universum Film Aktiengesellschaft) opgeslorpt en was bij het draaien van
Wenn die Sonne wieder scheint (de Duitse verfilmde versie van
De vlaschaard) duidelijk afhankelijk van het naziconcern UFA. Van juli tot september 1942 was de regisseur Boleslaw Barlog met zijn hele ploeg in West-Vlaanderen neergestreken om er te komen filmen. Hij hield zich vrij nauwkeurig aan Streuvels' verhaal, maar hij zorgde voor een optimistisch slot. Hij koos zijn auteurs onder de beste Duitse artiesten. Konrad Beste, de auteur van boerenromans, stelde het draaiboek op en er werd ook een beroep gedaan op Carl Dietrich Carl, een gevestigd dramaturg.
H. Speliers, Als een oude Germaanse eik, p. 451-455
Cf. vraag van Joris Lannoo in zijn brief aan Stijn Streuvels van
11 augustus 1943.