Over die brieven van de firma Veen heb ik niets te antwoorden: er wordt rond de zaak gepraat. Het gaat niet over uitbetaald honorar[ium] Verschillende keeren heb ik bedragen uitbetaald gekregen over de clearing zonder er met een woord vermeld werd waarover die betalingen liepen. De doorslag van dien brief van 10 Aug[ustus] 1944 is mij reeds op 2 Juli 1946 medegedeeld geworden en daarop heb ik 7 Juli van '46 ook geantwoord. Uit die vermelding wat er bedoeld wordt met "alinea 5" uit dien brief kan ik maar niet wijs worden. En nog minder uit hetgeen er op volgt, n[ame]l[ijk]: dat ik daaruit had moeten kunnen opmaken dat mijn toestemming tot deze druk had kunnen v e r o n d e r s t e l d worden?! En dat ik die toestemming uitdrukkelijk had moeten weigeren? Het hoort dus volgens hen tot de goede zeden eener uitgevers-firma maar te laten drukken en uit te geven zonder schriftelijke toestemming, zonder vernieuwing van contract of verdere afspraak met de tweede partij?
Toon volledige brief