8 april 1957
Weled[ele] Heer Frank LATEUR,Lijsternest
INGOOIGEM
Zeergeachte Heer,
Mogen wij U vragen of U ons, naast de foto's die wij al hebben van het Lijsternest zelf, een foto zoudt kunnen zenden genomen van uit uw werkkamer, met een uitzicht dus op het landschap, ofwel een foto van een binnenzicht van Uw werkkamer. Uit deze verschillende foto's zouden wij dan een keuze willen doen voor het omslag van INGOYGHEM deel II.[1]
Mogen wij U ook vragen of er nog enige verandering is gekomen in de kwestie van DE OOGST, na het gesprek dat U vorige week hebt gehad met de h[eer] Veen?[2]
U bij voorbaat dankend verblijven wij met de meeste hoogachting,
DESCLEE DE BROUWER & C[ompagnie],
afd[eling] Nederlandse Uitgaven
(handtekening Jan François)
Jan François
afd[eling] Nederlandse Uitgaven
(handtekening Jan François)
Jan François
Annotations
[1]
Cf. verder de brief van Jan François aan Stijn Streuvels van 11 april 1957.
[2]
Op 12 maart 1957 schreef de Amsterdamse uitgeverij aan Streuvels: De kwestie waarover ik gaarne met U van gedachten gewisseld had, was de herdruk van "Oogst". In Nederland en in Nederlands sprekende landen buiten Europa wordt "Oogst" op de scholen gebruikt bij het onderwijs in de Nederlandse taal, maar ook wordt het boekje als geschenk gegeven bij het verlaten der school. De verkoopprijs van het boekje moest daarom laag worden gehouden, [...] De heer Baart [schoonzoon van Stijn Streuvels, echtgenoot van Isa Lateur, JD] nu deelde mij mede, dat U voor een herdruk van onze editie geen toestemming wilde geven, daar U bezwaar had tegen een uitgave naast die van de firma Desclée de Brouwer [d.i. de veertiende druk van De oogst, JD]. Deze uitgave echter, voor het onderwijs in België bedoeld, van voetnoten voorzien en ingenaaid in de handel, is, [...] geheel iets anders dan ons kleine, in linnen gebonden, van stempelband-omslag voorzien boekje. Ik heb deze kwestie met de heer François besproken: [...] Nu zend ik de heer François een afschrift van deze brief. Postscriptum op de ommezijde: Ik vergat nog te vermelden, dat met de heer François overeengekomen werd, dat L.J. Veen ook zal proberen, de geannoteerde uitgave van Desclée de Brouwer in Nederland ingang te doen vinden. Brief in Letterenhuis, S 935/B2/Veen
Streuvels weigerde en op 20 maart 1957 bracht Jan François met een schrijven de firma Veen op de hoogte: Na correspondentie met Stijn Streuvels betreffende de zaak van de schooluitgave van de OOGST, moeten wij U tot onze spijt mededelen dat wij, om te grote versnippering van het oeuvre van Streuvels te voorkomen, ook dit werk voortaan in Nederland zullen exploiteren. Brief in Rijksarchief te Beveren, Orbis en Orion/Dossiers Auteurs/118/De oogst









