16.3.62
Zeergeachte Heer Lateur,
Ik stond juist op het punt U te schrijven om te vragen of U mij woensdag a[anstaande] in de namiddag eens kunt ontvangen, toen ik uw brief[1] kreeg. — Indien het dus past voor U, moet U mij niets meer laten weten; dan kom ik. — of ten minste: waarschijnlijk, want ik ben aangewezen als gezworene in de Jury van het Brugse Assisenhof. Dat begint maandag; en U weet: men aanvaardt daar geen excuus! Maar ik geloof toch wel dat het tegen woensdag zal afgelopen zijn. Tot binnen kort dus. —
Met mijn oprechte hoogachting,
(handtekening Jan François)
Annotations
[1]
De bedoelde brief van Streuvels vonden we niet terug in de geraadpleegde archieven.








