Brugge, 28 februari 1964.
De Weled[ele] Heer Frank Lateur,Het Lijsternest
INGOOIGEM
Zeergeachte Heer,
Binnenkort zal U het contract voor de uitgave "Leven en dood in den Ast" in onze nieuwe reeks cursorische lektuur toegestuurd worden.[1]
De Heer Gerard Verbeeck uit Hasselt liet mij weten dat hij bijna klaar is met de inleiding en de verklaringen. Hij deelde mij mede dat U zeer tevreden waart over zijn werk.[2]
Nu zou ik graag van U vernemen of U kunt instemmen met het honorarium: 7%?[3] Voor deze reeks varieert het honorarium tussen 5% en 7%.
De uitgave van het werk is voor het najaar voorzien.
"De teleurgang van de Waterhoek" en "De Oogst" worden ook beide herdrukt. Overal werd de buigings-n behouden in de veronderstelling dat U er steeds prijs op stelt dat Uw werken in die zin verschijnen.[4]
Met onze oprechte hoogachting en vriendelijke groet.
DESCLEE DE BROUWER
Afd[eling Nederlandse Uitgaven]
Redactiesecret[ariaat]
(handtekening Fernand Etienne)
F[ernand] Etienne
Afd[eling Nederlandse Uitgaven]
Redactiesecret[ariaat]
(handtekening Fernand Etienne)
F[ernand] Etienne
Annotations
[1]
Het contract voor deze uitgave van Het leven en de dood in den ast (d.d. 12 juni 1964) wordt bewaard in het Letterenhuis (S 935/C).
[2]
De briefwisseling tussen Gerard Verbeeck en Desclée De Brouwer wordt bewaard in het Rijksarchief te Beveren (Orbis en Orion/Dossiers auteurs/117/Het leven en de dood in den ast). De hier bedoelde brief van Gerard Verbeeck dateert van 28 februari 1964. Hij schreef: Voor enkele weken had ik U beloofd in verband met de uitgave van Streuvels' "Leven en dood in den ast" even mijn collega's te raadplegen over de opvattingen die we toen besproken hadden. Al zijn er nadelen aan een afzonderlijk "werkboekje" bij de tekst, toch meenden ook zij dat een apart boekje de voorkeur verdiende: het boek houdt zijn "bibliotheekwaarde" en is vlotter voor het gebruik in de klas. [...] Ik zal dan [op een geplande bijeenkomst op 21 maart, JD] de woordverklaring, de inleiding over Streuvels en vragen en werkopgaven klaar hebben, zodat we meteen de definitieve uitgave kunnen bespreken.
[3]
Artikel 3 van het contract vermeldt: De schrijversrechten zijn bepaald op 7%.
[4]
Door minister Marchant werd in 1934 een nieuwe spelling, de z.g. examenspelling, in het Nederlandse onderwijs ingevoerd. In 1946 werd ze in België officieel, in 1947 in Nederland. Het bijbehorende 'Groene Boekje' dateert van 1954. De Leidraad en Woordenlijst zijn een uitvoering van het Belgisch Spellingsbesluit van 9 maart 1946 en de Nederlandse Spellingswet van 14 februari 1947, waarbij een regeling werd voorgeschreven met betrekking tot de schrijfwijze van het voornaamwoordelijk gebruik, het gebruik van tweede-naamvalsvormen als der, dezer en zijner, de schrijfwijze van bastaardwoorden en de tussenklanken in samenstellingen. Tevens werden er voorschriften en aanwijzingen gegeven voor de spelling van de spraakklanken, de verdeling van de woorden in lettergrepen, het gebruik van het koppelteken, het deelteken en het weglatingsteken en het gebruik van de hoofdletters. http://www.cultuurbibliotheek.be/publicaties/vijf_eeuwen/brochure/5e_tekst.php









