25 Augustus 1944.
Geachte Heer Lateur,
Hierbij een verzameling foto's door
d[e ]h[ee]r [P.] Vandaele tijdens uw laatste bezoek bij ons gemaakt. Indien U er meer verlangt, zullen wij er gaarne voor zorgen.
[1]
Almanakken mogen
nu niet gemaakt worden, maar ik zou willen dezen duikalmanak einde dit jaar, indien er verandering in den toestand komt of zeker volgende jaren uitgeven zoolang er stof is.
[2] Mag ik tijdelijk het model bewaren
[?] Kan U de laatste bladen uit de spreuken van
G[uido] Gezelle (door
d[e ]h[ee]r Lams uit Wingene aan U gestuurd) ontvangen? Ik ben zinnens er een of anderen dag aan te laten zetten; de rest van het boekje is in ons bezit. Welke titel zullen we daaraan geven?
[3] Prof[essor] Viaene heeft me ook nooit geantwoord, toen ik hem schreef over het
Idioticon; ook aan
Boschvogel antwoordde hij niet zelfs niet na herhaald schrijven. Laat ons daaraan doorwerken en ik draag de gevolgen.
[4]
We zijn volop aan het verzamelen der
dertig vellen van
De Vlaschaard; ze worden in den loop der aanstaande week naar Antwerpen gebracht voor het binden en ten laatste begin der volgende week dragen de studenten de twaalf vel naar
Saverys of liever de vier maal 12 vel naar Deinze.
[5] Het kolophon
[6] staat op het eerste vel, waarop
Saverys schilderen moet. Voor onze twee
ex[emplaren] mag U eens schrijven voor mij en mijn Vrouw wat U goedvindt. Ik vraag aan
d[e ]h[ee]r De M[eyer] welke tekst hij verlangt.
Met de kleurfoto schijnt hij zich niet te willen verzoenen om die te laten bij de uitgave voegen. Letterlijk schrijft hij, nadat ook
d[e ]h[ee]r Léonard er zich mede akkoord verklaard heeft: "Indien gij U verbonden hebt tegenover den schrijver om deze foto te laten clicheeren, wil ik gaarne mijn aandeel in de onkosten betalen, maar ik wensch in geen geval de
weelde-uitgave van de Vlaschaard te ontsieren met een kleurenreproductie
[ ]van deze foto, ook al zou deze reproductie er los ingelegd worden. Tegen eventueele opname van een kleurreprodcuctie van dit portret in een deel van de
Lijsternestreeks of in een andere uitgave op goed papier heb ik geen bezwaar."
[7]
Ik heb geen lust om mijn wil door te drijven, maar meen ook dat nadat d[e ]h[ee]r Demeyer het advies van den technischen adviseur dat gunstig is, vernam, nadat hij weet, dat ik er voor ben en U geen bezwaren hebt, dat hij zou moeten kunnen eveneens instemmen, zooals ik herhaaldelijk tegenover hem gehandeld heb. Ieder kan de losse foto er uit nemen en misschien inlijsten; in elk geval wordt deze foto een document van over den schrijver bij het verschijnen van het 200.000ste ex[emplaar]
Ik schrijf ook aan d[e ]h[ee]r De Meyer over de eerste twaalf n[umme]rs op wien ze moeten geschreven worden.
Wat een ramp voor
d[e ]h[ee]r Spemann! Ik ken hem niet, maar zijn beide werken over uitgeven
[8] en over zijn vader
[9] hebben mij hem een bizondere sympathie doen toedragen.
[10] Ik hoop hem in mijn leven wel eens te ontmoeten en met hem over uit
[2]geven te kunnen spreken. We hopen nu meer dan ooit dat de storm hier zal voorbijgaan zonder groote rampen, maar moest het ergste gebeuren, dan is het uitgeven zoo'n deel van mijn leven geworden, dat ik zeker 's anderendaags
moet opnieuw aan het werk gaan, al was het om op te ruimen en voor nieuwe grondstoffen en machienes te zorgen. Zoo lang of we leven...
Met vriendelijken wedergroet,
(handtekening Joris Lannoo)
Annotations
[1]
Bij de gewone exemplaren en bij de luxe-exemplaren is een paginagroot blad met een portret (20 x 15 cm) van Stijn Streuvels in kleurendruk, los toegevoegd (bij de nummers 200.001 - 200.012 ontbreekt dit portret).
P. Thiers, Oog in oog met Streuvels, p. 76
De foto's zijn niet bij de brief bewaard gebleven.
[2]
Deze uitgave resulteerde in:
Dit is de duik- oft plukalmanak van zaliger eerw. heer ende meester Guido Gezelle, deze namelijk van het jaar onzes heeren 1891, gangbaar en dienstig gemaakt voor het jaar onzes heeren 1946.
Tielt, Lannoo, s.d. [1945].
[3]
Deze verzameling spreuken leidde tot de volgende uitgave: Guido Gezelle,
Vlaamsche spreuken verzameld uit Guido Gezelle's Duikalmanak. Tielt, J. Lannoo, 1945.
[4]
De Bo,
Westvlaamsch Idioticon. 1870-1873. Brugge, Gailliard. Heruitgave J. Samyn 1890-1892 bij uitgeverij Siffer te Gent.
Deze uitgave is nooit bij Lannoo verschenen. Nochtans had de zus van pastoor Samijn aan Lannoo de toestemming tot een herdruk gegeven. Waarschijnlijk is het project niet doorgegaan omdat Lannoo toen al Loquela drukte, dat een soortgelijk opzet had. (Met dank aan dhr. G. Lannoo)
[5]
Er bestaan van de
vijftiende druk van De vlaschaard naast de ecru heellinnen (gewone uitgave op Munster-Velum) en de bruine halflederen uitgeversbanden (luxe-exemplaren op geschept Hollandsch papier Van Gelder & Zonen) beide met het Lijsternest-logo (10,7 x 10 cm) op het voorplat en het portret van Stijn Streuvels los toegevoegd, vermoedelijk ook gebrocheerde exemplaren onder gele omslag. Verder werden de nummers van 200.001 tot 200.012 gebonden in (blauwe) halflederen banden met telkens 4 originele aquarellen van Albert Saverys.
P. Thiers, Oog in oog met Streuvels, p. 76
[6]
Colofon:
In den herfst van het jaar negentien honderd drie en veertig verscheen het twee honderdduizendste exemplaar van Stijn Streuvels' Vlaschaard. Om deze heugelijke gebeurtenis te herdenken, werd deze door den schrijver gehandteekende weeldeuitgave geïllustreerd met vier aquarellen van Albert Saverys, in den zomer van het volgend jaar gedrukt op de persen van Joris Lannoo te Tielt, die ze samen met de N.V. Standaard boekhandel te Antwerpen uitgeeft. Voor honderd Exx., genummerd van 200.001 tot 200.100 werd geschept Hollandsch papier Van Gelder en Zonen gebruikt. Daarvan werden de eerste twaalf nummers verlucht met originele aquarellen. 900 Exx., genummerd van 200.101 tot 201.000 werden gedrukt op Munster-Velumpapier. De typografische schikking werd bezorgd door Jos. Leonard. De tekst werd met de hand gezet uit de Grotius letter 16 punt van H.S. de Roos. Dit is nr. ... voorin, blz. [VII]
[7]
Bij de gewone exemplaren en bij de luxe-exemplaren is toch een paginagroot blad met een portret (20 x 15 cm) van Stijn Streuvels in kleurendruk, los toegevoegd (bij de nummers 200.001 - 200.012 ontbreekt dit portret).
P. Thiers, Oog in oog met Streuvels, p. 76
[8]
- Adolf Spemann, Berufsgeheimnisse und Binsenwahrheiten aus den Erfahrungen eines Verlegers. Stuttgart, J. Engelhorns nachf. A. Spemann, 1938. 1. Auflage: Februar 1938; 3. Auflage: Juni 1943. Inhoud: Vom Buch und seinem Verfasser; Lustiges Zwischenspiel; Vom buch und seinem Mittlern; Vom Buch und seinem Leser; Vom Buch in der heutigen Zeit.
- Adolf Spemann, Soll ich Verleger werden? Stuttgart, J. Engelhorns Nachf. A. Spemann, s.d. [1941].
[9]
Adolf Spemann,
Wilhelm Spemann. Ein Baumeister unter den Verlegern.
Stuttgart, J. Engelhorns Nachf., s.d. [1943]. Mit 18 Bildern und einer Handschriftprobe.
[10]
Op 3 augustus 1944 schreef Adolf Spemann (Engelhorn Verlag, Stuttgart) in een omzendbrief aan zijn auteurs het volgende tragische nieuws:
Leider muss ich Ihnen die traurige Mitteilung machen, dass meine lieben beiden ältesten Töchter
- Rotraut Spemann, Verlagsprokuristin
- Gerda Spemann, Verlagssekretärin
bei dem Terrorangriff am 25. Juli 1944 getötet worden sind, während meine Frau und ich uns im Urlaub befanden. Eine der ersten Bomben traf mein Privathaus und zerstörste es vollkommen; es gelang meinen Töchtern nicht mehr, den völlig bombensicheren Stollen, an dem sie mitgearbeitet und den wir sonst immer aufgesucht hatten, zu erreichen. [...]. Brief in Letterenhuis, S 7875/B