<Resultaat 107 van 2040

>

p1
My dear Sir,

Will you kindly read this letter from Mr Colegrave[1] and let me know whether you can help him in the matter referred to.

I am, my dear Sir,
Yours very truly
J.H. Woodward.
Rue Ste Catherine 16.

May 14.1861

Noten

[1] De brief van Colegrave is niet bewaard gebleven. Vermoedelijk gaat het over William Colegrave.

Register

Correspondenten

NaamGezelle, Guido; Loquela; Spoker
Datums° Brugge, 01/05/1830 - ✝ Brugge, 27/11/1899
GeslachtMannelijk
Beroeppriester; leraar; onderpastoor; dichter; taalgeleerde; vertaler; publicist
BioGuido Gezelle werd geboren in Brugge. Na zijn collegejaren en priesterstudies (priesterwijding te Brugge op 10/06/1854), werd hij in 1854 leraar aan het kleinseminarie te Roeselare. Gezelle gaf er onder meer talen, begeleidde de vrij uitgebreide kolonie buitenlandse leerlingen, vooral Engelsen, en kreeg tijdens twee schooljaren (1857-1859) een opdracht als leraar in de poësis. In 1865 werd Gezelle onderpastoor van de St.-Walburgaparochie te Brugge. Naast zijn druk pastoraal werk was hij bijzonder actief in het katholieke ultramontaanse persoffensief tegen de secularisering van het openbare leven in België en als vulgarisator in het culturele weekblad Rond den Heerd. In 1872 werd Gezelle overgeplaatst naar de O.-L.-Vrouwparochie te Kortrijk. Gedragen door een sympathiserende vriendenkring werd hij er de gelegenheidsdichter bij uitstek. Gaandeweg keerde hij er ook terug naar zijn oorspronkelijke postromantische en religieus geïnspireerde interesse voor de volkstaal en de poëzie. De taalkundige studie resulteerde vooral in een lexicografische verzameling van niet opgetekende woorden uit de volkstaal (Gezelles ‘Woordentas’ en het tijdschrift Loquela, vanaf 1881), waarmee ook hij het Zuid-Nederlands verdedigde binnen de ontwikkeling van de gestandaardiseerde Nederlandse cultuurtaal. Die filologische bedrijvigheid leidde bij Gezelle uiteindelijk ook tot een vernieuwde aandacht voor zijn eigen creatief werk, zowel vertaling (Longfellows Hiawatha) als oorspronkelijke poëzie. In 1889 werd hij directeur van een kleine Franse zustergemeenschap die zich in Kortrijk vestigde. Hij was een tijdje ambteloos. Dit liet hem toe zich op zijn schrijf- en studiewerk te concentreren. Het resultaat was o. m. de publicatie van twee poëziebundels, Tijdkrans (1893) en Rijmsnoer (1897), die, vooral in het laatste geval, qua vormgeving en originaliteit superieur van gehalte zijn. Om die authentieke en originele lyriek werd hij door H. Verriest, P. de Mont en vooral door Van Nu en Straks als een voorloper van de moderne Nederlandse poëzie beschouwd. Ook later eerden Nederlandse dichters, zoals Paul van Ostaijen en recenter, Christine D’haen, Gezelle als de meest creatieve en vernieuwende Nederlandse dichter in Vlaanderen. In 1899 werd Gezelle naar Brugge teruggeroepen om zich te wijden aan de vertaling van een theologisch werk van zijn bisschop (Waffelaerts Meditationes Theologicae). Hij verbleef nu in het Engels Klooster van Kanonikessen, waar hij echter vrij vlug en onverwachts stierf op 27 november 1899. Hij liet nog een verzameling uitzonderlijke gedichten na die in 1901 postuum als zijn Laatste Verzen werden gepubliceerd.
Links[odis], [wikipedia], [dbnl]
NaamWoodward, Jonathan Henry
Datums° County Cavan, 21/01/1805 - ✝ Elham, Kent, 28/03/1879
GeslachtMannelijk
Beroeppriester; rentenier
VerblijfplaatsEngeland; Ierland
BioJonathan Henry Woodward werd op 21 januari 1805 geboren in County Cavan (Ierland) als de tweede zoon van Rev. Henry Woodward (Clogher, 1775 - Fethard,1863), de protestantse rector van Fethard, county Tipperary, die in 1797 getrouwd was met Melesina Verney Lovett. Verder was Jonathan de kleinzoon van Richard Woodward (1726-1794), de Anglicaanse bisschop van Cloyne. Jonathan Woodward behaalde het diploma van Master of Arts aan de universiteit van Dublin. Hij werd tot Anglikaans priester gewijd op 15 maart 1829 en werd pastoor van St. James in Bristol. Van Rev. Jonathan Woodward zijn redevoeringen en preken uitgegeven die dateren van 1839, 1843 en 1845. Hij huwde op 6 juni 1839 in Littlebredy, Dorset met Olivia Fanny Cunningham (1813-1901). Zij was de tweede dochter van Rev. John William Cunningham (1780-1861), vanaf 1811 Anglikaans pastoor in Harrow, London die in 1805 getrouwd was met Sophia Williams. Jonathan Woodward en Olivia Cunningham kregen 12 kinderen: Harriet (1840-1869), Melesina (1841-1920), Olivia (ca. 1843-1899), Henry Jonathan (1844-1906). Suzanne (°1846), Alice (1847-1930), Richard (1848-1893), Charles (°1850), George (°1851), Mary (1853-1861), Frances (°1854) en Edmond (1858-1859). Vanaf 1 juli 1851 stond het gezin samen met twee dienstbodes ingeschreven in de Beenhouwersstraat 32 te Brugge. Er stonden acht kinderen vermeld, zonder Suzanne, terwijl de jongste drie pas later, in Brugge werden geboren. Zowel bij Mary als bij Frances was Jean Steinmetz een van de getuigen bij de geboorteakte. Vanaf 29 december 1852 woonde het gezin in de Katelijnestraat C11/16. De dochters Harriet, Melesina en Olivia liepen school in het Engels Klooster in de Carmersstraat. Het gezin verbleef in Brugge tot 31 december 1866. In 1870 woonden ze in Kensington, Londen, waar ze ook in de census van 1871 te vinden zijn. Jonathan staat er ingeschreven als voormalig pastoor van St. James in Bristol, maar zonder beroep. Ze leefden van eigen middelen. Op 28 maart 1879 overleed Jonathan in Elham, Kent.
Relatie tot GezelleEngelse kolonie Brugge; correspondent
Bronnen https://www.archiefbankbrugge.be/ ; https://en.wikipedia.org/wiki/Richard_Woodward_(bishop); https://www.easyliveauction.com/catalogue/lot/6c0bc2359738d9eb56d57f0a9f9d5f52/0af8d24542e81eb9357e7ef448a6646f/c680-lots-to-include-a-collection-of-signed-first-r-lot-205/; https://www.ancestry.co.uk/; William Maziere Brady, Clerical and parochial records of Cork, Cloyne and Ross, III, Londen, 1864, p.125-126.

Briefschrijver

NaamWoodward, Jonathan Henry
Datums° County Cavan, 21/01/1805 - ✝ Elham, Kent, 28/03/1879
GeslachtMannelijk
Beroeppriester; rentenier
VerblijfplaatsEngeland; Ierland
BioJonathan Henry Woodward werd op 21 januari 1805 geboren in County Cavan (Ierland) als de tweede zoon van Rev. Henry Woodward (Clogher, 1775 - Fethard,1863), de protestantse rector van Fethard, county Tipperary, die in 1797 getrouwd was met Melesina Verney Lovett. Verder was Jonathan de kleinzoon van Richard Woodward (1726-1794), de Anglicaanse bisschop van Cloyne. Jonathan Woodward behaalde het diploma van Master of Arts aan de universiteit van Dublin. Hij werd tot Anglikaans priester gewijd op 15 maart 1829 en werd pastoor van St. James in Bristol. Van Rev. Jonathan Woodward zijn redevoeringen en preken uitgegeven die dateren van 1839, 1843 en 1845. Hij huwde op 6 juni 1839 in Littlebredy, Dorset met Olivia Fanny Cunningham (1813-1901). Zij was de tweede dochter van Rev. John William Cunningham (1780-1861), vanaf 1811 Anglikaans pastoor in Harrow, London die in 1805 getrouwd was met Sophia Williams. Jonathan Woodward en Olivia Cunningham kregen 12 kinderen: Harriet (1840-1869), Melesina (1841-1920), Olivia (ca. 1843-1899), Henry Jonathan (1844-1906). Suzanne (°1846), Alice (1847-1930), Richard (1848-1893), Charles (°1850), George (°1851), Mary (1853-1861), Frances (°1854) en Edmond (1858-1859). Vanaf 1 juli 1851 stond het gezin samen met twee dienstbodes ingeschreven in de Beenhouwersstraat 32 te Brugge. Er stonden acht kinderen vermeld, zonder Suzanne, terwijl de jongste drie pas later, in Brugge werden geboren. Zowel bij Mary als bij Frances was Jean Steinmetz een van de getuigen bij de geboorteakte. Vanaf 29 december 1852 woonde het gezin in de Katelijnestraat C11/16. De dochters Harriet, Melesina en Olivia liepen school in het Engels Klooster in de Carmersstraat. Het gezin verbleef in Brugge tot 31 december 1866. In 1870 woonden ze in Kensington, Londen, waar ze ook in de census van 1871 te vinden zijn. Jonathan staat er ingeschreven als voormalig pastoor van St. James in Bristol, maar zonder beroep. Ze leefden van eigen middelen. Op 28 maart 1879 overleed Jonathan in Elham, Kent.
Relatie tot GezelleEngelse kolonie Brugge; correspondent
Bronnen https://www.archiefbankbrugge.be/ ; https://en.wikipedia.org/wiki/Richard_Woodward_(bishop); https://www.easyliveauction.com/catalogue/lot/6c0bc2359738d9eb56d57f0a9f9d5f52/0af8d24542e81eb9357e7ef448a6646f/c680-lots-to-include-a-collection-of-signed-first-r-lot-205/; https://www.ancestry.co.uk/; William Maziere Brady, Clerical and parochial records of Cork, Cloyne and Ross, III, Londen, 1864, p.125-126.

Briefontvanger

NaamGezelle, Guido; Loquela; Spoker
Datums° Brugge, 01/05/1830 - ✝ Brugge, 27/11/1899
GeslachtMannelijk
Beroeppriester; leraar; onderpastoor; dichter; taalgeleerde; vertaler; publicist
BioGuido Gezelle werd geboren in Brugge. Na zijn collegejaren en priesterstudies (priesterwijding te Brugge op 10/06/1854), werd hij in 1854 leraar aan het kleinseminarie te Roeselare. Gezelle gaf er onder meer talen, begeleidde de vrij uitgebreide kolonie buitenlandse leerlingen, vooral Engelsen, en kreeg tijdens twee schooljaren (1857-1859) een opdracht als leraar in de poësis. In 1865 werd Gezelle onderpastoor van de St.-Walburgaparochie te Brugge. Naast zijn druk pastoraal werk was hij bijzonder actief in het katholieke ultramontaanse persoffensief tegen de secularisering van het openbare leven in België en als vulgarisator in het culturele weekblad Rond den Heerd. In 1872 werd Gezelle overgeplaatst naar de O.-L.-Vrouwparochie te Kortrijk. Gedragen door een sympathiserende vriendenkring werd hij er de gelegenheidsdichter bij uitstek. Gaandeweg keerde hij er ook terug naar zijn oorspronkelijke postromantische en religieus geïnspireerde interesse voor de volkstaal en de poëzie. De taalkundige studie resulteerde vooral in een lexicografische verzameling van niet opgetekende woorden uit de volkstaal (Gezelles ‘Woordentas’ en het tijdschrift Loquela, vanaf 1881), waarmee ook hij het Zuid-Nederlands verdedigde binnen de ontwikkeling van de gestandaardiseerde Nederlandse cultuurtaal. Die filologische bedrijvigheid leidde bij Gezelle uiteindelijk ook tot een vernieuwde aandacht voor zijn eigen creatief werk, zowel vertaling (Longfellows Hiawatha) als oorspronkelijke poëzie. In 1889 werd hij directeur van een kleine Franse zustergemeenschap die zich in Kortrijk vestigde. Hij was een tijdje ambteloos. Dit liet hem toe zich op zijn schrijf- en studiewerk te concentreren. Het resultaat was o. m. de publicatie van twee poëziebundels, Tijdkrans (1893) en Rijmsnoer (1897), die, vooral in het laatste geval, qua vormgeving en originaliteit superieur van gehalte zijn. Om die authentieke en originele lyriek werd hij door H. Verriest, P. de Mont en vooral door Van Nu en Straks als een voorloper van de moderne Nederlandse poëzie beschouwd. Ook later eerden Nederlandse dichters, zoals Paul van Ostaijen en recenter, Christine D’haen, Gezelle als de meest creatieve en vernieuwende Nederlandse dichter in Vlaanderen. In 1899 werd Gezelle naar Brugge teruggeroepen om zich te wijden aan de vertaling van een theologisch werk van zijn bisschop (Waffelaerts Meditationes Theologicae). Hij verbleef nu in het Engels Klooster van Kanonikessen, waar hij echter vrij vlug en onverwachts stierf op 27 november 1899. Hij liet nog een verzameling uitzonderlijke gedichten na die in 1901 postuum als zijn Laatste Verzen werden gepubliceerd.
Links[odis], [wikipedia], [dbnl]

Plaats van verzending

NaamBrugge
GemeenteBrugge

Naam - persoon

NaamColegrave, William
Datums° Londen, 1819
GeslachtMannelijk
Beroeprentenier
VerblijfplaatsEngeland
BioWilliam Colegrave woonde met zijn gezin in de Moerstraat 13 te Brugge van 03/09/1850 tot 30/06/1853. Zijn drie kinderen, Elisabeth (°1843), William (°1846) en Edward (1847°) werden allemaal in Engeland geboren.
Relatie tot GezelleEngelse kolonie Brugge
Bronnen https://www.archiefbankbrugge.be/
NaamWoodward, Jonathan Henry
Datums° County Cavan, 21/01/1805 - ✝ Elham, Kent, 28/03/1879
GeslachtMannelijk
Beroeppriester; rentenier
VerblijfplaatsEngeland; Ierland
BioJonathan Henry Woodward werd op 21 januari 1805 geboren in County Cavan (Ierland) als de tweede zoon van Rev. Henry Woodward (Clogher, 1775 - Fethard,1863), de protestantse rector van Fethard, county Tipperary, die in 1797 getrouwd was met Melesina Verney Lovett. Verder was Jonathan de kleinzoon van Richard Woodward (1726-1794), de Anglicaanse bisschop van Cloyne. Jonathan Woodward behaalde het diploma van Master of Arts aan de universiteit van Dublin. Hij werd tot Anglikaans priester gewijd op 15 maart 1829 en werd pastoor van St. James in Bristol. Van Rev. Jonathan Woodward zijn redevoeringen en preken uitgegeven die dateren van 1839, 1843 en 1845. Hij huwde op 6 juni 1839 in Littlebredy, Dorset met Olivia Fanny Cunningham (1813-1901). Zij was de tweede dochter van Rev. John William Cunningham (1780-1861), vanaf 1811 Anglikaans pastoor in Harrow, London die in 1805 getrouwd was met Sophia Williams. Jonathan Woodward en Olivia Cunningham kregen 12 kinderen: Harriet (1840-1869), Melesina (1841-1920), Olivia (ca. 1843-1899), Henry Jonathan (1844-1906). Suzanne (°1846), Alice (1847-1930), Richard (1848-1893), Charles (°1850), George (°1851), Mary (1853-1861), Frances (°1854) en Edmond (1858-1859). Vanaf 1 juli 1851 stond het gezin samen met twee dienstbodes ingeschreven in de Beenhouwersstraat 32 te Brugge. Er stonden acht kinderen vermeld, zonder Suzanne, terwijl de jongste drie pas later, in Brugge werden geboren. Zowel bij Mary als bij Frances was Jean Steinmetz een van de getuigen bij de geboorteakte. Vanaf 29 december 1852 woonde het gezin in de Katelijnestraat C11/16. De dochters Harriet, Melesina en Olivia liepen school in het Engels Klooster in de Carmersstraat. Het gezin verbleef in Brugge tot 31 december 1866. In 1870 woonden ze in Kensington, Londen, waar ze ook in de census van 1871 te vinden zijn. Jonathan staat er ingeschreven als voormalig pastoor van St. James in Bristol, maar zonder beroep. Ze leefden van eigen middelen. Op 28 maart 1879 overleed Jonathan in Elham, Kent.
Relatie tot GezelleEngelse kolonie Brugge; correspondent
Bronnen https://www.archiefbankbrugge.be/ ; https://en.wikipedia.org/wiki/Richard_Woodward_(bishop); https://www.easyliveauction.com/catalogue/lot/6c0bc2359738d9eb56d57f0a9f9d5f52/0af8d24542e81eb9357e7ef448a6646f/c680-lots-to-include-a-collection-of-signed-first-r-lot-205/; https://www.ancestry.co.uk/; William Maziere Brady, Clerical and parochial records of Cork, Cloyne and Ross, III, Londen, 1864, p.125-126.

Indextermen

Briefontvanger

Gezelle, Guido

Briefschrijver

Woodward, Jonathan Henry

Correspondenten

Gezelle, Guido
Woodward, Jonathan Henry

Naam - persoon

Colegrave, William
Woodward, Jonathan Henry

Plaats van verzending

Brugge

Titel14/05/1861, [Brugge], Jonathan Henry Woodward aan [Guido Gezelle]
Wetenschappelijke leidingEls Depuydt
Partners Openbare Bibliotheek Brugge (Guido Gezellearchief); Centrum voor Teksteditie en Bronnenstudie (Koninklijke Academie voor Nederlandse Taal en Letteren); Instituut voor de Studie van de Letterkunde in de Lage Landen (ISLN) (Piet Couttenier, Universiteit Antwerpen); Guido Gezellegenootschap
UitgeverGuido Gezellearchief, KANTL/CTB
Plaats van uitgaveBrugge, Gent
Publicatiedatum2022
Beschikbaarheid Teksten en afbeeldingen beschikbaar onder een Creative Commons Naamsvermelding - Niet Commercieel licentie.
DisclaimerDe editie van de Guido Gezellecorrespondentie is het resultaat van een samenwerkingsproject met vrijwilligers. De databank is in opbouw, aanvullingen en opmerkingen kunnen gemeld worden aan els.depuydt@brugge.be.
Meer informatie over het vrijwilligersproject is te vinden op gezelle.be.
CiterenEen brief kan worden geciteerd als:
[Naam van editeur(s)], [briefschrijver aan briefontvanger, plaats, datum]. In: GezelleBrOn, Wetenschappelijke editie van de correspondentie van Guido Gezelle. [publicatiedatum] Available from World Wide Web: [link].
VerzenderWoodward, Jonathan Henry
Ontvanger[Gezelle, Guido]
Verzendingsdatum14/05/1861
VerzendingsplaatsBrugge (Brugge)
AnnotatieAdressaat gereconstrueerd op basis van toegevoegde notitie.
Gepubliceerd inDe briefwisseling van Guido Gezelle met de Engelsen 1854-1899 / door B. De Leeuw, P. De Wilde, K. Verbeke, (o.l.v.) A. Deprez. - Gent : Koninklijke Academie voor Nederlandse Taal- en Letterkunde, 1991, dl.I, p.234
Fysieke bijzonderheden
Drager enkel vel, 211x133
wit
papiersoort: 1 zijde beschreven, inkt
Staat volledig
Vormelijke bijzonderheden papiermerk: Bath
bijlage (brief van Mr. Colegrave) ontbreekt
Toevoegingen op zijde 1 links in de bovenrand: Aan G. Gezelle (inkt, hand P.A.) ; plaats gereconstrueerd op basis van contextuele gegevens
Bewaargegevens
LandBelgië
PlaatsBrugge
BewaarplaatsGuido Gezellearchief
ID Gezellearchief4215
Bibliotheekrecordhttps://brugge.bibliotheek.be/detail/?itemid=|library/v/obbrugge/gezelle|10529
Inhoud
IncipitWill you kindly read this
Tekstsoortbrief
TalenEngels
De tekst werd diplomatisch getranscribeerd, en aangevuld met een editoriale laag.
De oorspronkelijke tekst werd ongewijzigd getranscribeerd; alleen typografische regeleindes en afbrekingstekens, en niet-betekenisvolle witruimte werden genormaliseerd.
Auteursingrepen in de tekst (toevoegingen, schrappingen), en latere redactie-ingrepen (schrappingen, toevoegingen, taalkundige notities) door de lezer werden overgenomen en expliciet gemarkeerd.
Voor een aantal tekstfenomenen werden naast de oorspronkelijke vorm ook editeursingrepen opgenomen in de transcriptie: oplossingen voor niet-gangbare afkortingen en correcties voor manifeste fouten. Daarnaast bevat de transcriptie editeursingrepen ter verbetering van de leesbaarheid (toevoegingen, reconstructies) of ter motivering van transcriptie-beslissingen (aanduiding van onzekere lezingen, weglating van onleesbare tekst). Alle editeursingrepen worden expliciet gemarkeerd.