<Resultaat 424 van 2052

>

p1
29, Rue de Naples, 29,
Bruxelles.

My dear Father

You will perceive by the above address that we are again in Belgium. We arrived here last evening having crossed over from Dover to Calais on Wednesday at midnight. St. Roche[1] did not take as much care of me as I expected, and in my p2misery I almost determined that this should be the last time I would leave England.

Our kind friends here, M. & Mme Flanneau, asked us to come and pay them a visit, which we are most glad to do, and on this occasion we came direct to Brussels because they are very soon going into p3the country. Nothing can exceed their kindness to us! After spending a few days with them, we are going to Bruges for a fortnight, and shall be at the house of good M. Vanhaecke, who has kindly offered us the use of his rooms. I am very sorry you are not at Bruges now, I shall miss you very p4much. My newly converted sister-in-law accompanied us as far as Dover, and proceeded by the Ostend boat. She is going to stay at Bruges for several weeks. She has a cousin at the English Convent, (Sister Mary Clare)[2] who has engaged apartments for her near the Jerusalem Church, in some Convent or boarding house, the Spermalie,[3] or some such name, I think.

Mr. Buckler desires his kind *p1regards to you, and I hope we may meet you during our stay in Belgium.

With every kind wish
I am always,
Your affectionate Child,
Mary Aloysia Buckler
Enfant de Marie.[4]

Noten

[1] Sint Rochus was de patroonheiligen van de zieken, in het bijzonder pestlijders.
[2] Lucy Grey Earle en Annie Emra Holmes deelden dezelfde (over)grootmoeder: Catherine Lucy Grey (1748-1819). Zij was twee keer getrouwd: de eerste keer met John Emra Sr., waaruit de tak van de familie Emra ontstond; de tweede keer met John Earle, waaruit de tak van de familie Earle voortsproot.
[3] Het Spermalie-instituut had meerdere locaties. Die in de Snaggaardstraat ligt op 350m van de Jeruzalemkerk, en die in de Spiegelrei op 550m. In de Snaggaardstraat was destijds het Pensionnat des soeurs de l’Enfance de Marie gelegen, dus mogelijk verbleef de vrouw daar.
[4] Door zich ‘kind van Maria’ te noemen, toont Mary een speciale devotie voor Maria en/of een bijzondere deugdzaamheid, vroomheid en vriendelijkheid na te streven. De titel wordt ook gebruikt door leden van Mariacongregaties, maar het is niet geweten of Mary hiertoe behoorde.

Register

Correspondenten

NaamFarbrother, Mary Louisa; Farbrother, Mary Aloysia; Buckler, Mary
Datums° Oxford, 03/05/1828 - ✝ Londen, 29/05/1892
GeslachtVrouwelijk
VerblijfplaatsEngeland
BioMary Louisa Farbrother werd op 3 mei 1828 in Oxford geboren als tweede dochter en derde kind van onderwijzer John Farbrother (Cirencester, Gloucestershire, 1797 – Reading, Berkshire, 13/07/1866) en zijn eerste vrouw Mary Wheeler. Haar ouders trouwden op 21 april 1817 in Marylebone, Londen. Het echtpaar kreeg vier kinderen. John Farbrother hertrouwde op 26 september 1832 met Mary Dibbin (1807-1867). Dit echtpaar kreeg vijf kinderen. Mary Louisa Farbrother huwde zelf in juni 1851 in Buckinghamshire, Oxfordshire met architect Charles Alban Buckler (1824-1925). Ze kregen geen kinderen. Met de censussen van 1851 en 1861 woonden ze in Oxford en met de censussen van 1871, 1881 en 1891 in 6, Hereford Square, South Kensington, Londen. Mary en haar man ondernamen vele reizen naar het continent en verbleven in Frankrijk en België bij kennissen. Tijdens hun reis in België verbleven ze bij een bevriend koppel in Brussel en in Brugge in de Moerstraat 34 in het huis van priester Lodewijk Van Haecke. Tijdens het verblijf in Brugge werd Guido Gezelle de biechtvader van Mary Louisa. Haar biechtvader in Engeland was Father Albany Christie. Mary Louisa Farbrother overleed op 29 mei 1892 in 6, Hereford Square, South Kensington, Londen.
Relatie tot Gezellecorrespondent
BronnenB. De Leeuw, P. De Wilde, K. Verbeke, e.a., De briefwisseling van Guido Gezelle met de Engelsen. 1854-1899. Gent: Koninklijke Academie voor Nederlandse Taal- en Letterkunde, 1991, dl.III; Ancestry
NaamGezelle, Guido; Loquela; Spoker
Datums° Brugge, 01/05/1830 - ✝ Brugge, 27/11/1899
GeslachtMannelijk
Beroeppriester; leraar; onderpastoor; dichter; taalgeleerde; vertaler; publicist
BioGuido Gezelle werd geboren in Brugge. Na zijn collegejaren en priesterstudies (priesterwijding te Brugge op 10/06/1854), werd hij in 1854 leraar aan het kleinseminarie te Roeselare. Gezelle gaf er onder meer talen, begeleidde de vrij uitgebreide kolonie buitenlandse leerlingen, vooral Engelsen, en kreeg tijdens twee schooljaren (1857-1859) een opdracht als leraar in de poësis. In 1865 werd Gezelle onderpastoor van de St.-Walburgaparochie te Brugge. Naast zijn druk pastoraal werk was hij bijzonder actief in het katholieke ultramontaanse persoffensief tegen de secularisering van het openbare leven in België en als vulgarisator in het culturele weekblad Rond den Heerd. In 1872 werd Gezelle overgeplaatst naar de O.-L.-Vrouwparochie te Kortrijk. Gedragen door een sympathiserende vriendenkring werd hij er de gelegenheidsdichter bij uitstek. Gaandeweg keerde hij er ook terug naar zijn oorspronkelijke postromantische en religieus geïnspireerde interesse voor de volkstaal en de poëzie. De taalkundige studie resulteerde vooral in een lexicografische verzameling van niet opgetekende woorden uit de volkstaal (Gezelles ‘Woordentas’ en het tijdschrift Loquela, vanaf 1881), waarmee ook hij het Zuid-Nederlands verdedigde binnen de ontwikkeling van de gestandaardiseerde Nederlandse cultuurtaal. Die filologische bedrijvigheid leidde bij Gezelle uiteindelijk ook tot een vernieuwde aandacht voor zijn eigen creatief werk, zowel vertaling (Longfellows Hiawatha) als oorspronkelijke poëzie. In 1889 werd hij directeur van een kleine Franse zustergemeenschap die zich in Kortrijk vestigde. Hij was een tijdje ambteloos. Dit liet hem toe zich op zijn schrijf- en studiewerk te concentreren. Het resultaat was o. m. de publicatie van twee poëziebundels, Tijdkrans (1893) en Rijmsnoer (1897), die, vooral in het laatste geval, qua vormgeving en originaliteit superieur van gehalte zijn. Om die authentieke en originele lyriek werd hij door H. Verriest, P. de Mont en vooral door Van Nu en Straks als een voorloper van de moderne Nederlandse poëzie beschouwd. Ook later eerden Nederlandse dichters, zoals Paul van Ostaijen en recenter, Christine D’haen, Gezelle als de meest creatieve en vernieuwende Nederlandse dichter in Vlaanderen. In 1899 werd Gezelle naar Brugge teruggeroepen om zich te wijden aan de vertaling van een theologisch werk van zijn bisschop (Waffelaerts Meditationes Theologicae). Hij verbleef nu in het Engels Klooster van Kanonikessen, waar hij echter vrij vlug en onverwachts stierf op 27 november 1899. Hij liet nog een verzameling uitzonderlijke gedichten na die in 1901 postuum als zijn Laatste Verzen werden gepubliceerd.
Links[odis], [wikipedia], [dbnl]

Briefschrijver

NaamFarbrother, Mary Louisa; Farbrother, Mary Aloysia; Buckler, Mary
Datums° Oxford, 03/05/1828 - ✝ Londen, 29/05/1892
GeslachtVrouwelijk
VerblijfplaatsEngeland
BioMary Louisa Farbrother werd op 3 mei 1828 in Oxford geboren als tweede dochter en derde kind van onderwijzer John Farbrother (Cirencester, Gloucestershire, 1797 – Reading, Berkshire, 13/07/1866) en zijn eerste vrouw Mary Wheeler. Haar ouders trouwden op 21 april 1817 in Marylebone, Londen. Het echtpaar kreeg vier kinderen. John Farbrother hertrouwde op 26 september 1832 met Mary Dibbin (1807-1867). Dit echtpaar kreeg vijf kinderen. Mary Louisa Farbrother huwde zelf in juni 1851 in Buckinghamshire, Oxfordshire met architect Charles Alban Buckler (1824-1925). Ze kregen geen kinderen. Met de censussen van 1851 en 1861 woonden ze in Oxford en met de censussen van 1871, 1881 en 1891 in 6, Hereford Square, South Kensington, Londen. Mary en haar man ondernamen vele reizen naar het continent en verbleven in Frankrijk en België bij kennissen. Tijdens hun reis in België verbleven ze bij een bevriend koppel in Brussel en in Brugge in de Moerstraat 34 in het huis van priester Lodewijk Van Haecke. Tijdens het verblijf in Brugge werd Guido Gezelle de biechtvader van Mary Louisa. Haar biechtvader in Engeland was Father Albany Christie. Mary Louisa Farbrother overleed op 29 mei 1892 in 6, Hereford Square, South Kensington, Londen.
Relatie tot Gezellecorrespondent
BronnenB. De Leeuw, P. De Wilde, K. Verbeke, e.a., De briefwisseling van Guido Gezelle met de Engelsen. 1854-1899. Gent: Koninklijke Academie voor Nederlandse Taal- en Letterkunde, 1991, dl.III; Ancestry

Briefontvanger

NaamGezelle, Guido; Loquela; Spoker
Datums° Brugge, 01/05/1830 - ✝ Brugge, 27/11/1899
GeslachtMannelijk
Beroeppriester; leraar; onderpastoor; dichter; taalgeleerde; vertaler; publicist
BioGuido Gezelle werd geboren in Brugge. Na zijn collegejaren en priesterstudies (priesterwijding te Brugge op 10/06/1854), werd hij in 1854 leraar aan het kleinseminarie te Roeselare. Gezelle gaf er onder meer talen, begeleidde de vrij uitgebreide kolonie buitenlandse leerlingen, vooral Engelsen, en kreeg tijdens twee schooljaren (1857-1859) een opdracht als leraar in de poësis. In 1865 werd Gezelle onderpastoor van de St.-Walburgaparochie te Brugge. Naast zijn druk pastoraal werk was hij bijzonder actief in het katholieke ultramontaanse persoffensief tegen de secularisering van het openbare leven in België en als vulgarisator in het culturele weekblad Rond den Heerd. In 1872 werd Gezelle overgeplaatst naar de O.-L.-Vrouwparochie te Kortrijk. Gedragen door een sympathiserende vriendenkring werd hij er de gelegenheidsdichter bij uitstek. Gaandeweg keerde hij er ook terug naar zijn oorspronkelijke postromantische en religieus geïnspireerde interesse voor de volkstaal en de poëzie. De taalkundige studie resulteerde vooral in een lexicografische verzameling van niet opgetekende woorden uit de volkstaal (Gezelles ‘Woordentas’ en het tijdschrift Loquela, vanaf 1881), waarmee ook hij het Zuid-Nederlands verdedigde binnen de ontwikkeling van de gestandaardiseerde Nederlandse cultuurtaal. Die filologische bedrijvigheid leidde bij Gezelle uiteindelijk ook tot een vernieuwde aandacht voor zijn eigen creatief werk, zowel vertaling (Longfellows Hiawatha) als oorspronkelijke poëzie. In 1889 werd hij directeur van een kleine Franse zustergemeenschap die zich in Kortrijk vestigde. Hij was een tijdje ambteloos. Dit liet hem toe zich op zijn schrijf- en studiewerk te concentreren. Het resultaat was o. m. de publicatie van twee poëziebundels, Tijdkrans (1893) en Rijmsnoer (1897), die, vooral in het laatste geval, qua vormgeving en originaliteit superieur van gehalte zijn. Om die authentieke en originele lyriek werd hij door H. Verriest, P. de Mont en vooral door Van Nu en Straks als een voorloper van de moderne Nederlandse poëzie beschouwd. Ook later eerden Nederlandse dichters, zoals Paul van Ostaijen en recenter, Christine D’haen, Gezelle als de meest creatieve en vernieuwende Nederlandse dichter in Vlaanderen. In 1899 werd Gezelle naar Brugge teruggeroepen om zich te wijden aan de vertaling van een theologisch werk van zijn bisschop (Waffelaerts Meditationes Theologicae). Hij verbleef nu in het Engels Klooster van Kanonikessen, waar hij echter vrij vlug en onverwachts stierf op 27 november 1899. Hij liet nog een verzameling uitzonderlijke gedichten na die in 1901 postuum als zijn Laatste Verzen werden gepubliceerd.
Links[odis], [wikipedia], [dbnl]

Plaats van verzending

NaamBrussel
GemeenteBrussel

Naam - persoon

NaamBuckler, Charles Alban
Datums° Londen, 25/09/1824 - ✝ Londen, 14/06/1905
GeslachtMannelijk
Beroeparchitect; auteur; uitgever; topograaf; kunstschilder; heraldicus
VerblijfplaatsEngeland
BioCharles Alban Buckler werd geboren op 25 september 1824 in Bermondsey, Londen als zoon van architect John Chessel Buckler (1793-1894) en Esther Fair (1797-1882). Ook zijn grootvader John Buckler was architect. Charles Alban Buckler bekeerde zich in 1844 tot het katholicisme en werd een van de belangrijkste architecten van katholieke kerken in Engeland. Hij was een aanhanger van de neogotische stijl. Buckler was daarnaast auteur (soms ook samen met zijn vader) en uitgever van boeken over architectuur, geschiedenis en heraldiek. Hij was ook topograaf, kunstschilder en heraldicus. In de jaren 1870 gaf Henry Fitzalan-Howard, 15th Duke of Norfolk, hem de opdracht om Arundel Castel te heropbouwen. Drie van zijn broers werden dominicaan. Buckler trouwde op 29 april 1851 in Headington, Oxford met Mary Louisa Farbrother (1828-1892). Het huwelijk bleef kinderloos. Hij overleed op 14 juni 1905 te Brentford, Londen.
Links[wikipedia]
Relatie tot Gezellecorrespondent
BronnenB. De Leeuw, P. De Wilde, K. Verbeke, e.a., De briefwisseling van Guido Gezelle met de Engelsen. 1854-1899. Gent: Koninklijke Academie voor Nederlandse Taal- en Letterkunde, 1991, dl.III; Ancestry
NaamFarbrother, Mary Louisa; Farbrother, Mary Aloysia; Buckler, Mary
Datums° Oxford, 03/05/1828 - ✝ Londen, 29/05/1892
GeslachtVrouwelijk
VerblijfplaatsEngeland
BioMary Louisa Farbrother werd op 3 mei 1828 in Oxford geboren als tweede dochter en derde kind van onderwijzer John Farbrother (Cirencester, Gloucestershire, 1797 – Reading, Berkshire, 13/07/1866) en zijn eerste vrouw Mary Wheeler. Haar ouders trouwden op 21 april 1817 in Marylebone, Londen. Het echtpaar kreeg vier kinderen. John Farbrother hertrouwde op 26 september 1832 met Mary Dibbin (1807-1867). Dit echtpaar kreeg vijf kinderen. Mary Louisa Farbrother huwde zelf in juni 1851 in Buckinghamshire, Oxfordshire met architect Charles Alban Buckler (1824-1925). Ze kregen geen kinderen. Met de censussen van 1851 en 1861 woonden ze in Oxford en met de censussen van 1871, 1881 en 1891 in 6, Hereford Square, South Kensington, Londen. Mary en haar man ondernamen vele reizen naar het continent en verbleven in Frankrijk en België bij kennissen. Tijdens hun reis in België verbleven ze bij een bevriend koppel in Brussel en in Brugge in de Moerstraat 34 in het huis van priester Lodewijk Van Haecke. Tijdens het verblijf in Brugge werd Guido Gezelle de biechtvader van Mary Louisa. Haar biechtvader in Engeland was Father Albany Christie. Mary Louisa Farbrother overleed op 29 mei 1892 in 6, Hereford Square, South Kensington, Londen.
Relatie tot Gezellecorrespondent
BronnenB. De Leeuw, P. De Wilde, K. Verbeke, e.a., De briefwisseling van Guido Gezelle met de Engelsen. 1854-1899. Gent: Koninklijke Academie voor Nederlandse Taal- en Letterkunde, 1991, dl.III; Ancestry
NaamHolmes, Annie Emra; Mary Clare
Datums° Bristol, 07/07/1834 - ✝ Haywards Heath, 26/04/1897
GeslachtVrouwelijk
Beroepkloosterzuster; kloosteroverste; lerares
VerblijfplaatsEngeland
BioAnn of Annie Emra Holmes werd op 7 juli 1834 geboren in St. George, Bristol, Gloucestershire, en werd er vervolgens gedoopt op 27 juli 1834. Ze was de dochter van Marcus Henry Holmes en Elisabeth Emra en groeide op in een kunstzinnig en literair milieu: haar beide ouders waren auteur, waarbij Marcus, naast onderwijzer, ook kunstschilder was. Van Elisabeth, die ook gedichten schreef, is het religieuze boek 'Scenes in our Parish' bekend, dat ze publiceerde in 1830 en 1832. Het gezin was Anglicaans, maar Annie bekeerde zich tot het katholicisme. Ze werd als zuster Mary Clare geprofest op 21/06/1856 en staat in het Brugse bevolkingsregister van 1866 genoteerd als religieuze in de Carmersstraat. Ze was één van de stichteressen van het Haywards Heath klooster. Ze werd er tot priores gekozen op 10/02/1886 en verliet het Engels klooster te Brugge voor Engeland op 05/07/1886. Volgens de census van 1891 was ze geschiedenislerares in de school die aan het klooster van Haywards Heath verbonden was. Ze overleed op 26 april 1897 in Haywards Heath.
BronnenB. De Leeuw, P. De Wilde, K. Verbeke, e.a., De briefwisseling van Guido Gezelle met de Engelsen. 1854-1899. Gent: Koninklijke Academie voor Nederlandse Taal- en Letterkunde, 1991, dl.III; George Markham Tweddell, Tales, Poems and Masonic Papers by Emra Holmes with a biographical sketch of the author, Middlesbrough, 1877; http://www.troopers-hill.org.uk/emra/; https://bridginghistories.com/what-you-have-shared/emra-family-2; https://bridginghistories.com/what-you-have-shared/the-emra-family-st-george; https://www.ancestry.co.uk/; https://www.findmypast.co.uk/; http://troopers-hill.org.uk/emra/JohnEmraLife.pdf
NaamVanhaecke, Louis
Datums° Brugge, 18/01/1829 - ✝ Brugge, 24/10/1912
GeslachtMannelijk
Beroepleraar; priester; kapelaan; auteur
BioLouis Vanhaecke deed zijn humaniorastudies aan het Duinencollege in Brugge. In oktober 1846 ging hij naar het grootseminarie te Brugge waar hij Guido Gezelle als medeseminarist had. In 1851 werd Louis Vanhaecke leraar Frans aan het college te Poperinge. Hij werd tot priester gewijd in Brugge op 21/05/1853. Hij was achtereenvolgens leraar in het Sint-Lodewijkscollege te Brugge (september 1852), kapelaan te Roeselare (juli 1855), leraar in het college te Oostende (september 1856) en te Poperinge (september 1862), habituant van Sint-Jacobs te Brugge (augustus 1864) en kapelaan van de Heilig-Bloedkapel (februari 1865). In 1872 werd hij erekanunnik van Antiochië. Louis Vanhaecke was een controversiële figuur die bekend was om zijn grappen en door Huysmans in verband werd gebracht met satanisme. Zelf publiceerde hij diverse religieuze werken.
Links[odis], [wikipedia], [dbnl]
Relatie tot Gezellecorrespondent; medeseminarist Gezelle
BronnenB. De Leeuw, P. De Wilde, K. Verbeke, e.a., De briefwisseling van Guido Gezelle met de Engelsen. 1854-1899. Gent: Koninklijke Academie voor Nederlandse Taal- en Letterkunde, 1991, dl.III
NaamFlanneau, Eugène
Datums° Brussel, 07/10/1821 - ✝ Elsene, 08/10/1891
GeslachtMannelijk
Beroeparchitect
BioEugène Flanneau was de zoon van Julien Joseph Flanneau, directeur van het Ministerie van Oorlog, en Marie Joseph Brice. Eugène Flanneau was sedert 1854 actief als architect in Brussel en stond bekend als vertegenwoordiger van de Empirestijl. Hij woonde vanaf 7 mei 1871 in de Napelsstraat 29 in Elsene. Hij was getrouwd met Elvire Englebert. Samen hadden ze drie kinderen: Maurice Eugène Paul (1858-1863), Octave Eugène Paul Marie Louise (1860-1937) en Paul Eugène Felix Marie (1865-1910). Het koppel was bevriend met Mary Buckler.
Links[wikipedia]
Bronnen https://nl.geneanet.org
NaamEnglebert, Elvire
Datums° Glimes, 12/04/1824 - ✝ Elsene, 15/11/1894
GeslachtVrouwelijk
BioElvire Englebert was gehuwd met architect Eugène Flanneau. Ze woonden vanaf 7 mei 1871 in de Napelsstraat 29 in Elsene. Samen hadden ze drie kinderen: Maurice Eugène Paul (1858-1863), Octave Eugène Paul Marie Louise (1860-1937) en Paul Eugène Felix Marie (1865-1910). Het koppel was bevriend met Mary Buckler.
Bronnen https://nl.geneanet.org
NaamEarle, Lucy Grey
Datums° Bristol, 1821 - ✝ Weston-super-Mare, 01/01/1884
GeslachtVrouwelijk
VerblijfplaatsEngeland
BioLucy Grey Earle werd geboren te Bristol, Gloucestershire in 1821 als dochter van John Charles Earle (1791-1843), chirurgijn uit Bristol, en Mary Britton (1792-1855). Ze trouwde op 28 juni 1851 in Weston-super-Mare, waar ze bij haar moeder woonde, met John Edmund Farbrother (Oxford, Oxfordshire 05/1823 – Shepton Mallet, Somerset 16/11/1871), onderwijzer van de Grammar School in Shepton Mallet, zoon van John Farbrother (1796-1866) en Mary Wheeler (1797-1860) en oudste broer van Mary Louisa Buckler, née Farbrother. Lucy stierf in Oakley-house, Weston-super-Mare, Somerset op 1 januari 1884.
BronnenAncestry; Findmypast/Newspapers and Periodicals

Naam - plaats

NaamBrugge
GemeenteBrugge
NaamBrussel
GemeenteBrussel
NaamOostende
GemeenteOostende
NaamDover
NaamCalais

Naam - instituut/vereniging

NaamEngels Klooster
BeschrijvingHet Engels Klooster is gevestigd aan de Carmersstraat en wordt sinds de stichting in 1629 bewoond door de Kanunnikessen van Windesheim, met een korte onderbreking in de Franse tijd. De van oorsprong Nederlandse congregatie ontstond eind veertiende eeuw onder invloed van de moderne devotie en kreeg al gauw bijhuizen in Vlaanderen. Tijdens de vervolgingen in Engeland ontving het klooster in Leuven zoveel Engelse roepingen dat daar in 1609 een eerste Engels klooster is opgericht. Op 14 september 1629 kwamen vanuit Leuven vijf Engelse zusters het Klooster van Nazareth in Brugge stichten. Pas in 1886 kon een klooster in Engeland worden gevestigd: Our Lady’s Priory (tot in 1978 te Hayward’s Heath). De religieuzen leven volgens de regel van Sint-Augustinus. Van bij de aanvang tot 1973 hielden ze een pensionaat open waar ze Engelse katholieke meisjes opleiden. Guido Gezelle was vanaf 30 maart 1899 tot zijn dood rector van het Engels Klooster en leraar aan de kostschool.
Datering14/09/1629-heden
Links[wikipedia]
NaamZusters van de Kindsheid van Maria ter Spermalie
BeschrijvingIn 1836 stichtte kanunnik Charles Carton een school waar aangepast onderwijs werd gegeven aan blinde en dove kinderen. De school was ondergebracht in het voormalige jezuïetencollege aan de Spiegelrei 13 te Brugge. De zorg voor de kinderen werd toevertrouwd aan de daartoe nieuw opgerichte Congregatie van de Zusters van de Kindsheid van Maria, waarvan de eersten werden geprofest in 1838. In 1940 kocht Carton de voormalige abdij van Spermalie in de Snaggaardstraat te Brugge (nu vzw De Kade). Hierin vestigde hij in 1842 een meisjespensionaat en de eerste kleuterschool van Brugge. Om extra inkomsten te genereren, werd er tevens een rusthuis voor oudere dames geopend. In 1862 kon het instituut uitbreiden dankzij het verwerven van aanpalende gronden tussen Lang Gotje en Oliebaan. Daardoor verhuisde in 1868 het doven- en blindeninstituut eveneens naar de Snaggaardstraat. Toch bleef ook de vestiging in de Spiegelrei bestaan, en had deze tot 1880 zelfs een eigen overste. In 1952 sloot de kleuter- en lagere school de deuren, en werd de Hotelschool Spermalie geopend. Het meisjespensionaat hield op te bestaan in 1957, en in 1968 werd de V.Z.W. Gehoor- en Spraakrevalidatiecentrum opgericht.
Datering1836-heden
Links[odis]

Titel07/08/1874, Brussel, Mary Louisa Farbrother (= Mary Louisa Buckler) aan [Guido Gezelle]
EditeurGuido Spyns; Marc Carlier (research); Peter De Baets (research); Universiteit Antwerpen
Wetenschappelijke leidingEls Depuydt
Partners Openbare Bibliotheek Brugge (Guido Gezellearchief); Centrum voor Teksteditie en Bronnenstudie (Koninklijke Academie voor Nederlandse Taal en Letteren); Instituut voor de Studie van de Letterkunde in de Lage Landen (ISLN) (Piet Couttenier, Universiteit Antwerpen); Guido Gezellegenootschap
UitgeverGuido Gezellearchief, KANTL/CTB
Plaats van uitgaveBrugge, Gent
Publicatiedatum2023
Beschikbaarheid Teksten en afbeeldingen beschikbaar onder een Creative Commons Naamsvermelding - Niet Commercieel licentie.
DisclaimerDe editie van de Guido Gezellecorrespondentie is het resultaat van een samenwerkingsproject met vrijwilligers. De databank is in opbouw, aanvullingen en opmerkingen kunnen gemeld worden aan els.depuydt@brugge.be.
Meer informatie over het vrijwilligersproject is te vinden op gezelle.be.
CiterenEen brief kan worden geciteerd als:
[Naam van editeur(s)], [briefschrijver aan briefontvanger, plaats, datum]. In: GezelleBrOn, Wetenschappelijke editie van de correspondentie van Guido Gezelle. [publicatiedatum] Available from World Wide Web: [link].
VerzenderFarbrother, Mary Louisa
Ontvanger[Gezelle, Guido]
Verzendingsdatum07/08/1874
VerzendingsplaatsBrussel (Brussel)
AnnotatieAdressaat gereconstrueerd op basis van toegevoegde notitie.
Gepubliceerd inDe briefwisseling van Guido Gezelle met de Engelsen 1854-1899 / door B. De Leeuw, P. De Wilde, K. Verbeke, (o.l.v.) A. Deprez. - Gent : Koninklijke Academie voor Nederlandse Taal- en Letterkunde, 1991, dl.II, p.157
Fysieke bijzonderheden
Drager dubbel vel, 179x112
wit
papiersoort: 4 zijden beschreven; zijde 1 kruiselings beschreven, inkt
Staat volledig
Vormelijke bijzonderheden watermerk: Towgood's Extra Super
Toevoegingen op zijde 1 midden in de bovenrand: Aan G. Gezelle (inkt, hand P.A.)
Bewaargegevens
LandBelgië
PlaatsBrugge
BewaarplaatsGuido Gezellearchief
ID Gezellearchief5026
Bibliotheekrecordhttps://brugge.bibliotheek.be/detail/?itemid=|library/v/obbrugge/gezelle|11337
Inhoud
IncipitYou will perceive by
Tekstsoortbrief
TalenEngels
De tekst werd diplomatisch getranscribeerd, en aangevuld met een editoriale laag.
De oorspronkelijke tekst werd ongewijzigd getranscribeerd; alleen typografische regeleindes en afbrekingstekens, en niet-betekenisvolle witruimte werden genormaliseerd.
Auteursingrepen in de tekst (toevoegingen, schrappingen), en latere redactie-ingrepen (schrappingen, toevoegingen, taalkundige notities) door de lezer werden overgenomen en expliciet gemarkeerd.
Voor een aantal tekstfenomenen werden naast de oorspronkelijke vorm ook editeursingrepen opgenomen in de transcriptie: oplossingen voor niet-gangbare afkortingen en correcties voor manifeste fouten. Daarnaast bevat de transcriptie editeursingrepen ter verbetering van de leesbaarheid (toevoegingen, reconstructies) of ter motivering van transcriptie-beslissingen (aanduiding van onzekere lezingen, weglating van onleesbare tekst). Alle editeursingrepen worden expliciet gemarkeerd.