<Resultaat 1400 van 2159

>

p1Loué soit Jésus Christ

Très Révérend Monsieur,

Il y a quelque temps, quelques années même, notre Révérende Mère vous a fait parvenir par l'entremise de Madame Beke,[1] une légende relative aux origines de notre abbaye, dans la supposition que vous feriez de cette légende le sujet d'une composition poétique[2] Probablement, pressé par des occupations plus importantes, vous aurez perdu la chose de vue. Ne vous serait-il pas possible de retrouver et de nous retourner cette pièce? Une de nos dames qui désire rédiger une notice sur l'Abbaye, est arrêtée dans son travail par l'absence du document en question.

Veuillez agréer, très Révérend Monsieur, avec mes excuses pour l'embarras que je vous occasionne, mes remerciments[3] très respectueux

Dame Reinilde

religieuse de l'Instruction Chrétienne

Gand, rue des Prêtres[4] 13, 2 mai 1891

p2

Noten

[1] Van Agnes, de jongste dochter van Emma Beke-Crombet, is geweten dat ze op kostschool zat bij de Dames van het Christelijk Onderwijs, die gevestigd waren in de vroegere Paepe- of Priesterstraat in Gent. (P. Couttenier, Gezelles brieven aan Emma Crombet. In: Gezelliana: 4 (1992), p.4.)
[2] Het is niet duidelijk om welk gedicht het gaat, en mogelijk is Gezelle niet ingegaan op de vraag.
[3] Foutief voor ‘remerciements’.
[4] Nu Doornzelestraat, is de vroegere Paepe- of Priesterstraat.
hedera yfloof Ook wel ‘iloof’ of ‘eiloof’, waarmee klimop (hedera) bedoeld wordt.Gemma Niet geheel zeker aan welke publicatie ‘Gemma’ precies refereert. Het boek uit 1494 is de eerste uitgave van zijn soort in de Zuidelijke Nederlanden, hoewel dit voorafgegaan werd door het ‘Gemmula vocabulorum’ van Geraert Leeu in 1484. Ook wel ‘iloof’ of ‘eiloof’, waarmee klimop (hedera) bedoeld wordt. Niet geheel zeker aan welke publicatie ‘Gemma’ precies refereert. Het boek uit 1494 is de eerste uitgave van zijn soort in de Zuidelijke Nederlanden, hoewel dit voorafgegaan werd door het ‘Gemmula vocabulorum’ van Geraert Leeu in 1484.discoord misluideGemma

Register

Correspondenten

NaamGezelle, Guido; Loquela; Spoker
Datums° Brugge, 01/05/1830 - ✝ Brugge, 27/11/1899
GeslachtMannelijk
Beroeppriester; leraar; onderpastoor; dichter; taalgeleerde; vertaler; publicist
BioGuido Gezelle werd geboren in Brugge. Na zijn collegejaren en priesterstudies (priesterwijding te Brugge op 10/06/1854), werd hij in 1854 leraar aan het kleinseminarie te Roeselare. Gezelle gaf er onder meer talen, begeleidde de vrij uitgebreide kolonie buitenlandse leerlingen, vooral Engelsen, en kreeg tijdens twee schooljaren (1857-1859) een opdracht als leraar in de poësis. In 1865 werd Gezelle onderpastoor van de St.-Walburgaparochie te Brugge. Naast zijn druk pastoraal werk was hij bijzonder actief in het katholieke ultramontaanse persoffensief tegen de secularisering van het openbare leven in België en als vulgarisator in het culturele weekblad Rond den Heerd. In 1872 werd Gezelle overgeplaatst naar de O.-L.-Vrouwparochie te Kortrijk. Gedragen door een sympathiserende vriendenkring werd hij er de gelegenheidsdichter bij uitstek. Gaandeweg keerde hij er ook terug naar zijn oorspronkelijke postromantische en religieus geïnspireerde interesse voor de volkstaal en de poëzie. De taalkundige studie resulteerde vooral in een lexicografische verzameling van niet opgetekende woorden uit de volkstaal (Gezelles ‘Woordentas’ en het tijdschrift Loquela, vanaf 1881), waarmee ook hij het Zuid-Nederlands verdedigde binnen de ontwikkeling van de gestandaardiseerde Nederlandse cultuurtaal. Die filologische bedrijvigheid leidde bij Gezelle uiteindelijk ook tot een vernieuwde aandacht voor zijn eigen creatief werk, zowel vertaling (Longfellows Hiawatha) als oorspronkelijke poëzie. In 1889 werd hij directeur van een kleine Franse zustergemeenschap die zich in Kortrijk vestigde. Hij was een tijdje ambteloos. Dit liet hem toe zich op zijn schrijf- en studiewerk te concentreren. Het resultaat was o. m. de publicatie van twee poëziebundels, Tijdkrans (1893) en Rijmsnoer (1897), die, vooral in het laatste geval, qua vormgeving en originaliteit superieur van gehalte zijn. Om die authentieke en originele lyriek werd hij door H. Verriest, P. de Mont en vooral door Van Nu en Straks als een voorloper van de moderne Nederlandse poëzie beschouwd. Ook later eerden Nederlandse dichters, zoals Paul van Ostaijen en recenter, Christine D’haen, Gezelle als de meest creatieve en vernieuwende Nederlandse dichter in Vlaanderen. In 1899 werd Gezelle naar Brugge teruggeroepen om zich te wijden aan de vertaling van een theologisch werk van zijn bisschop (Waffelaerts Meditationes Theologicae). Hij verbleef nu in het Engels Klooster van Kanonikessen, waar hij echter vrij vlug en onverwachts stierf op 27 november 1899. Hij liet nog een verzameling uitzonderlijke gedichten na die in 1901 postuum als zijn Laatste Verzen werden gepubliceerd.
Links[odis], [wikipedia], [dbnl]
NaamFrère, Amélie; Reinilde (Dame)
Datums° Tongeren, 01/1840 - ✝ Flône, 10/1929
GeslachtVrouwelijk
Beroepkloosterzuster; kloosteroverste
BioAmélie Frère werd in januari 1840 geboren (er is onzekerheid over de precieze datum: 23 of 29 januari) in Tongeren als oudste kind van Jean Frère en Marie Jeanne Bartholeyns. Ze was leerlinge bij de Dames de l’Instruction Chrétienne in Luik (Rue sur la Fontaine 70). Later trad ze ook in dezelfde orde in, maar dan in het klooster van Doornzele in Gent. Dit gebeurde op 21 september 1859, terwijl ze haar eeuwige professie deed op 12 maart 1864. Vanaf 24 september 1866 was ze overste van het klooster Sint-Joseph, dat vermoedelijk een bijhuis was van Luik. Na de opheffing ervan in 1867 werd ze benoemd in Antwerpen en had de opdracht er de nieuwe methodologische systemen door te geven. Een jaar later ging ze opnieuw naar Doornzele, waar ze vanaf 1870 'Maîtresse des cours' was. Ze werd echter ontslagen als leerkracht omdat “elle manquait absolument de l’autorité près des élèves”, maar ze mocht wel lessen Nederlands geven in het noviciaat en het internaat. Uiteindelijk werd ze algemeen secretaris alsook de assistente van de Algemeen Overste. En vanaf 1921 was zij betrokken bij de verhuis van Gent naar Flône. Het is daar dat ze uiteindelijk stierf in 1929, maar ook hier zijn de bronnen het niet eens over de exacte datum (16 augustus, 6 oktober of 16 oktober).
Relatie tot Gezellecorrespondent
Bronnen https://gw.geneanet.org/kathleenstas?n=frere&oc=&p=amelie+anne+marie; archief Religieuzen van het Christelijk Onderwijs Luik

Briefschrijver

NaamFrère, Amélie; Reinilde (Dame)
Datums° Tongeren, 01/1840 - ✝ Flône, 10/1929
GeslachtVrouwelijk
Beroepkloosterzuster; kloosteroverste
BioAmélie Frère werd in januari 1840 geboren (er is onzekerheid over de precieze datum: 23 of 29 januari) in Tongeren als oudste kind van Jean Frère en Marie Jeanne Bartholeyns. Ze was leerlinge bij de Dames de l’Instruction Chrétienne in Luik (Rue sur la Fontaine 70). Later trad ze ook in dezelfde orde in, maar dan in het klooster van Doornzele in Gent. Dit gebeurde op 21 september 1859, terwijl ze haar eeuwige professie deed op 12 maart 1864. Vanaf 24 september 1866 was ze overste van het klooster Sint-Joseph, dat vermoedelijk een bijhuis was van Luik. Na de opheffing ervan in 1867 werd ze benoemd in Antwerpen en had de opdracht er de nieuwe methodologische systemen door te geven. Een jaar later ging ze opnieuw naar Doornzele, waar ze vanaf 1870 'Maîtresse des cours' was. Ze werd echter ontslagen als leerkracht omdat “elle manquait absolument de l’autorité près des élèves”, maar ze mocht wel lessen Nederlands geven in het noviciaat en het internaat. Uiteindelijk werd ze algemeen secretaris alsook de assistente van de Algemeen Overste. En vanaf 1921 was zij betrokken bij de verhuis van Gent naar Flône. Het is daar dat ze uiteindelijk stierf in 1929, maar ook hier zijn de bronnen het niet eens over de exacte datum (16 augustus, 6 oktober of 16 oktober).
Relatie tot Gezellecorrespondent
Bronnen https://gw.geneanet.org/kathleenstas?n=frere&oc=&p=amelie+anne+marie; archief Religieuzen van het Christelijk Onderwijs Luik

Briefontvanger

NaamGezelle, Guido; Loquela; Spoker
Datums° Brugge, 01/05/1830 - ✝ Brugge, 27/11/1899
GeslachtMannelijk
Beroeppriester; leraar; onderpastoor; dichter; taalgeleerde; vertaler; publicist
BioGuido Gezelle werd geboren in Brugge. Na zijn collegejaren en priesterstudies (priesterwijding te Brugge op 10/06/1854), werd hij in 1854 leraar aan het kleinseminarie te Roeselare. Gezelle gaf er onder meer talen, begeleidde de vrij uitgebreide kolonie buitenlandse leerlingen, vooral Engelsen, en kreeg tijdens twee schooljaren (1857-1859) een opdracht als leraar in de poësis. In 1865 werd Gezelle onderpastoor van de St.-Walburgaparochie te Brugge. Naast zijn druk pastoraal werk was hij bijzonder actief in het katholieke ultramontaanse persoffensief tegen de secularisering van het openbare leven in België en als vulgarisator in het culturele weekblad Rond den Heerd. In 1872 werd Gezelle overgeplaatst naar de O.-L.-Vrouwparochie te Kortrijk. Gedragen door een sympathiserende vriendenkring werd hij er de gelegenheidsdichter bij uitstek. Gaandeweg keerde hij er ook terug naar zijn oorspronkelijke postromantische en religieus geïnspireerde interesse voor de volkstaal en de poëzie. De taalkundige studie resulteerde vooral in een lexicografische verzameling van niet opgetekende woorden uit de volkstaal (Gezelles ‘Woordentas’ en het tijdschrift Loquela, vanaf 1881), waarmee ook hij het Zuid-Nederlands verdedigde binnen de ontwikkeling van de gestandaardiseerde Nederlandse cultuurtaal. Die filologische bedrijvigheid leidde bij Gezelle uiteindelijk ook tot een vernieuwde aandacht voor zijn eigen creatief werk, zowel vertaling (Longfellows Hiawatha) als oorspronkelijke poëzie. In 1889 werd hij directeur van een kleine Franse zustergemeenschap die zich in Kortrijk vestigde. Hij was een tijdje ambteloos. Dit liet hem toe zich op zijn schrijf- en studiewerk te concentreren. Het resultaat was o. m. de publicatie van twee poëziebundels, Tijdkrans (1893) en Rijmsnoer (1897), die, vooral in het laatste geval, qua vormgeving en originaliteit superieur van gehalte zijn. Om die authentieke en originele lyriek werd hij door H. Verriest, P. de Mont en vooral door Van Nu en Straks als een voorloper van de moderne Nederlandse poëzie beschouwd. Ook later eerden Nederlandse dichters, zoals Paul van Ostaijen en recenter, Christine D’haen, Gezelle als de meest creatieve en vernieuwende Nederlandse dichter in Vlaanderen. In 1899 werd Gezelle naar Brugge teruggeroepen om zich te wijden aan de vertaling van een theologisch werk van zijn bisschop (Waffelaerts Meditationes Theologicae). Hij verbleef nu in het Engels Klooster van Kanonikessen, waar hij echter vrij vlug en onverwachts stierf op 27 november 1899. Hij liet nog een verzameling uitzonderlijke gedichten na die in 1901 postuum als zijn Laatste Verzen werden gepubliceerd.
Links[odis], [wikipedia], [dbnl]

Plaats van verzending

NaamGent
GemeenteGent

Naam - persoon

NaamBeke, Agnes
Datums° Kortrijk, 15/01/1873 - ✝ 1943
GeslachtVrouwelijk
BioAgnes Désirée Angelina Marie Josèphe Beke was de vijfde en jongste dochter van het echtpaar Julien Charles Beke (1837-1912) en Emma Crombet (1835-1913). Ze was leerlinge in het klooster van Dooresele in Gent bij de Dames de l'Instruction Chrétienne. Ter gelegenheid van haar eerste communie op 20 juni 1885 schreef Gezelle het gedicht 'Jésus enfant, bénissant de ma Mère' voor haar. Op 01/06/1897 huwde ze met Jules Léon Marie Felix Heldenbergh (1856-1938). Het echtpaar ligt samen begraven op de begraafplaats van Etterbeek.
Links[dbnl]
Relatie tot Gezellegelegenheidsgedicht(en)
Bronnen https://nl.geneanet.org/
NaamCrombet, Emma
Datums° Kortrijk, 19/03/1835 - ✝ Kortrijk, 02/08/1913
GeslachtVrouwelijk
BioEmma Crombet (1835-1913) was de dochter van de linnenfabrikant Louis Charles Crombet (1798-1875) en Adelaide Paulie Titeca. Ze had twee overlevende zusters (Victorine Clémence (1839-1888) die gehuwd was met de Kortrijkse nijveraar Paul Lagae; Mathilde Julie (1836-1920) die gehuwd was met de Kortrijkse handelsrechter en provincieraadslid Jules Jean Vandale), en een broer Louis Charles Joseph (1837-1862). Emma trouwde in 1866 met de Kortrijkse industrieel Julien Charles Beke. Samen hadden ze vijf dochters: Marie Louise Charlotte Josephine (°1867), Anne-Marie Josephine (°1868), Gabrielle Marie Josephine (°1870), Joséphine Louise (°1871) en Agnes Désirée Angeline Marie (°1873). Het echtpaar woonde in de Onze-Lieve-Vrouwestraat 35 te Kortrijk, en speelde een belangrijke rol in het katholieke leven op de Onze-Lieve-Vrouweparochie. Op 13 mei 1884 werd Emma lid van de Congrégation du Très Saint Nom de Marie, een congregatie bestemd voor de (Franssprekende) dames uit de burgerij, en waarvan Guido Gezelle sinds 1879 'directeur spirituel' was. Maar ook daarbuiten onderhield Gezelle nauw contact met de familie Beke-Crombet. Zo was hij biechtvader van Emma Crombet en schreef hij gelegenheidsgedichten voor de kinderen. Bijvoorbeeld in 1885 schreef hij een gedicht voor de eerste communie van Agnes, die op kostschool zat bij de Dames de l'Instruction Chrétienne in Gent.
Links[dbnl]
Relatie tot Gezellecorrespondent
BronnenM. Lagae, De familie Laga(e) in de voetsporen van hun voorouders, Aalter, 1977, 101-102; P. Couttenier, Gezelles brieven aan Emma Crombet. In: Gezelliana: 4 (1992) 2.
NaamFrère, Amélie; Reinilde (Dame)
Datums° Tongeren, 01/1840 - ✝ Flône, 10/1929
GeslachtVrouwelijk
Beroepkloosterzuster; kloosteroverste
BioAmélie Frère werd in januari 1840 geboren (er is onzekerheid over de precieze datum: 23 of 29 januari) in Tongeren als oudste kind van Jean Frère en Marie Jeanne Bartholeyns. Ze was leerlinge bij de Dames de l’Instruction Chrétienne in Luik (Rue sur la Fontaine 70). Later trad ze ook in dezelfde orde in, maar dan in het klooster van Doornzele in Gent. Dit gebeurde op 21 september 1859, terwijl ze haar eeuwige professie deed op 12 maart 1864. Vanaf 24 september 1866 was ze overste van het klooster Sint-Joseph, dat vermoedelijk een bijhuis was van Luik. Na de opheffing ervan in 1867 werd ze benoemd in Antwerpen en had de opdracht er de nieuwe methodologische systemen door te geven. Een jaar later ging ze opnieuw naar Doornzele, waar ze vanaf 1870 'Maîtresse des cours' was. Ze werd echter ontslagen als leerkracht omdat “elle manquait absolument de l’autorité près des élèves”, maar ze mocht wel lessen Nederlands geven in het noviciaat en het internaat. Uiteindelijk werd ze algemeen secretaris alsook de assistente van de Algemeen Overste. En vanaf 1921 was zij betrokken bij de verhuis van Gent naar Flône. Het is daar dat ze uiteindelijk stierf in 1929, maar ook hier zijn de bronnen het niet eens over de exacte datum (16 augustus, 6 oktober of 16 oktober).
Relatie tot Gezellecorrespondent
Bronnen https://gw.geneanet.org/kathleenstas?n=frere&oc=&p=amelie+anne+marie; archief Religieuzen van het Christelijk Onderwijs Luik
NaamLeclercq, Elisa; Christine (Dame)
Datums° Gent, 01/07/1840 - ✝ Gent, 04/05/1894
GeslachtVrouwelijk
Beroepkloosterzuster; kloosteroverste
BioElisa Leclercq werd op 1 juli 1840 geboren te Gent als dochter van Isidore Joseph Leclercq en Thérèse Heyman. Ze had een broer Achille die vermoedelijk brouwer was aan het Prinsenhof in Gent. Haar zuster Maria was getrouwd met de katholieke Gentse volksvertegenwoordiger, houthandelaar en industrieel Désiré Fiévé-Grenier. Elisa zelf wijdde haar leven aan de religie: op 5 augustus 1864 trad ze in bij de Dames van het Christelijk Onderwijs, en op 5 september 1868 deed ze haar eeuwige professie. Sinds 1 augustus was ze Sous-Maîtresse in het internaat, en vanaf 10 september 1869 werd ze de eerste algemeen assistente van de algemeen overste M. Ignace Pollenus. In 1870 werd ze novicenmeesteres, en in 1872 directrice van de school en van de armenschool. Nadat ze vanaf 1875 opnieuw algemeen assistente was, werd ze vanaf 1881 plaatselijk overste van Doornzele, waar ze als chef van de ‘lingeries’ de hele zaak moest reorganiseren: “l’état de celle-ci était déplorable" door de ongeschiktheid van de vroegere verantwoordelijke. Elisa stierf in het klooster van Doornzele op 4 mei 1894, waarna ze werd begraven op het Campo Santo in Sint-Amandsberg.
Bronnen https://nl.geneanet.org/ ; https://www.delcampe.net/nl/verzamelingen/mededelingen/overlijden/gand-doorseele-elisa-leclercq-en-religion-dame-christine-1840-1894-grenier-fieve-doodsbrief-instruction-chretienne-429874202.html; archief Religieuzen van het Christelijk Onderwijs Luik

Naam - plaats

NaamGent
GemeenteGent

Naam - instituut/vereniging

NaamDames van het Christelijk Onderwijs Gent (Dames de l'Instruction Chrétienne de Gand)
BeschrijvingDe Dames de l'Instruction Chrétienne de Gand (Dames van het Christelijk Onderwijs) is een rooms-katholieke zustercongregatie, gesticht te Gent door Madeleine-Sophie Barat (1779-1865). Behalve een school te Gent, die vanaf 1808 functioneerde, richtten zij ook scholen op in Brugge, Antwerpen (1834) en Luik (1838). Te Gent vestigden ze zich in 1827 in het klooster van Dooresele, nadat bisschop de Broglie dit pand verkocht had aan de congregatie. Dit klooster was gelegen in de vroegere Paepe- of Priesterstraat (nu Doornzelestraat) en werd het moederhuis voor deze gemeenschap. In 1921 verwierven de zusters de Abdij van Flône, waarop ze hun moederhuis daarheen verhuisden en Gent verlieten.
Datering1827-1921
Links[odis], [wikipedia]
NaamAbdij van Doornzele
BeschrijvingDe cisterziënzerabdij van Doornzele (Evergem) werd in 1234 gesticht en beheerd door kloosterzusters die zich bezighielden met landbouw en cultivering van de streek. In 1578 werd de abdij geplunderd door beeldenstormers, en in 1586 trok een aantal zusters naar Gent om er een nieuwe abdij te stichten, gelegen aan de huidige Doornzelestraat. De vestiging in Doornzele werd opgeheven in 1796, waarna er een park werd aangelegd op het terrein. De vestiging in Gent werd opgeheven in 1797, maar werd in 1823 door enkele religieuzen heringericht onder de naam ‘Dames de l’instruction chrétienne’.
Datering1234-1796
Links[wikipedia]

Titel - gedicht van Guido Gezelle

Titelonbekend

Titel - ander werk

TitelGemma vocabulorum. Gemma cum superaddito diligenter emendata atque de verbo ad verbum per totum attente revisa.
AuteurDirk Martens
Datum1494
PlaatsAntwerpen
Links[dbnl]

Titel02/05/1891, Gent, [Amélie Frère] (= Dame Reinilde) aan [Guido Gezelle]
EditeurLiesbeth Langouche; Marc Carlier (research); Universiteit Antwerpen
Wetenschappelijke leidingEls Depuydt
Partners Openbare Bibliotheek Brugge (Guido Gezellearchief); Centrum voor Teksteditie en Bronnenstudie (Koninklijke Academie voor Nederlandse Taal en Letteren); Instituut voor de Studie van de Letterkunde in de Lage Landen (ISLN) (Piet Couttenier, Universiteit Antwerpen); Guido Gezellegenootschap
UitgeverGuido Gezellearchief, KANTL/CTB
Plaats van uitgaveBrugge, Gent
Publicatiedatum2023
Beschikbaarheid Teksten en afbeeldingen beschikbaar onder een Creative Commons Naamsvermelding - Niet Commercieel licentie.
DisclaimerDe editie van de Guido Gezellecorrespondentie is het resultaat van een samenwerkingsproject met vrijwilligers. De databank is in opbouw, aanvullingen en opmerkingen kunnen gemeld worden aan els.depuydt@brugge.be.
Meer informatie over het vrijwilligersproject is te vinden op gezelle.be.
CiterenEen brief kan worden geciteerd als:
[Naam van editeur(s)], [briefschrijver aan briefontvanger, plaats, datum]. In: GezelleBrOn, Wetenschappelijke editie van de correspondentie van Guido Gezelle. [publicatiedatum] Available from World Wide Web: [link].
Verzender[Frère, Amélie]
Ontvanger[Gezelle, Guido]
Verzendingsdatum02/05/1891
VerzendingsplaatsGent (Gent)
AnnotatieAdressaat gereconstrueerd op basis van toegevoegde notitie.
Fysieke bijzonderheden
Drager enkel vel, 210x135
wit, geruit (groot)
papiersoort: 1 zijde beschreven, inkt
Staat volledig: enkel vel doorgesneden en opnieuw aan elkaar gekleefd
Toevoegingen op zijde 1 links in de bovenrand: Aan G. Gezelle (inkt, hand P.A.); op blanco zijde 2 rechtsboven en linksonder: taalkundige notities: hedera yfloof // Gemma; discoord misluide // Gemma (inkt, verticaal, beide hand G.G.)
Bewaargegevens
LandBelgië
PlaatsBrugge
BewaarplaatsGuido Gezellearchief
ID Gezellearchief6414
Bibliotheekrecordhttps://brugge.bibliotheek.be/detail/?itemid=|library/v/obbrugge/gezelle|12717
Inhoud
IncipitIl y a quelque temps, quelques années
Tekstsoortbrief
TalenFrans
De tekst werd diplomatisch getranscribeerd, en aangevuld met een editoriale laag.
De oorspronkelijke tekst werd ongewijzigd getranscribeerd; alleen typografische regeleindes en afbrekingstekens, en niet-betekenisvolle witruimte werden genormaliseerd.
Auteursingrepen in de tekst (toevoegingen, schrappingen), en latere redactie-ingrepen (schrappingen, toevoegingen, taalkundige notities) door de lezer werden overgenomen en expliciet gemarkeerd.
Voor een aantal tekstfenomenen werden naast de oorspronkelijke vorm ook editeursingrepen opgenomen in de transcriptie: oplossingen voor niet-gangbare afkortingen en correcties voor manifeste fouten. Daarnaast bevat de transcriptie editeursingrepen ter verbetering van de leesbaarheid (toevoegingen, reconstructies) of ter motivering van transcriptie-beslissingen (aanduiding van onzekere lezingen, weglating van onleesbare tekst). Alle editeursingrepen worden expliciet gemarkeerd.