<Resultaat 1650 van 1907

>

p1+
Zeer eerweerde Heer,

’t Berek van Biekorf[1] was zeer spijtig over ’t gene gij hem geschreven hebt wegens den hoofdopsteller[2] Wij eerbiedigen ’t speur dat eerst aan Biekorf gegeven wierd, maar wat kan het berek tegen de opstellers zooals Craeynest en andere die verantwoordelijk zijn voor hunne schrijfwijze. Lod. Scarpé[3] schrijft: eerwaardig, wij houden aan eerweerdig; maar die heeren en zullen niets meer inzenden als ze zien dat hunne opstellen veranderd worden. Op een woord van Ued. zijn wij gereed om hunne opstellen te weigeren, want wij en vragen niets beter als het oude speur en heel en gansch uwe schrijfwijze te behouden: ze zijn immersp2de onze.

Wij trachten ook ons beste te doen. ’t Gebeurt wel dat wij soms ’t een of ’t ander laten rusten tot meerder nood, maar dat en is daarom in de mande niet geworpen: wij zitten altemets tusschen twee vieren en wij trachten van daartusschen te geraken zoo best mogelijk.

De kladden zijn zeer verbeterbaar, ja z’., somtijds, maar dat hangt meest af van de opstellers gelijk J. Leroy en andere die ongenadig slecht schrijven en die zeggen: “’t berek zal ’t wel overzien en verbeteren!”

Uwe schoone gedichten[4] over de dood van uwen achtbaren broeder[5] zullen eerlang verschijnen (in ‘t 4de Tk).

Dien opstel[6] uit Tweemaandelijksch tijdschrift zullen wij heel geern overdrukken van zoohaast het een beetje schikt.p3Die Hollander is een van ’t rechte bedde en wij zijn blijde, ge kunt dit wel denken.

Wij hebben nu tien nieuwe inteekenaars gekregen. Biekorf houdt dus stand en gaat zelfs een beetje vooruit.

Gelieft, zeer eerweerde Heer, de rechtzinnigste hulde van onzen diepen eerbied en van onze genegenheid te aanveerden.
Namens ’t berek van Biekorf
Edm. Denys

Noten

[1] Tijdschrift Gezelle
[2] Cyriel Delaere was de hoofdredacteur van Biekorf (1893-1907).
[3] L. Scharpé was medewerker van Biekorf en schreef o.m. volgende artikels: Oude Gebedenboeken. Biekorf: 6 (1895) 17, p. 257-264; Van de wijze en van de vroede maagden. Biekorf: 9 (1898) 15, p. 225-228.
[4] Gezelle schreef: Vader Overleden en Resquiscat in pace!. Gepubliceerd in Biekorf: 10 (1899) 4, p.54-55.
[5] Romaan Gezelle overleed op 01/01/1899
[6] Albert Verwey, Beoordeeling van Hegenscheidt’s Starkadd. Tweemaandelijksch Tijdschrift: 5 (hooimaand 1899) p.64. Overgenomen in: Mingelmaren. Biekorf: 10 (1899) 18, p.284-285.

Register

Correspondenten

NaamDenys, Edmond
Datums° Roeselare, 10/05/1865 - ✝ Lichtervelde, 14/02/1923
GeslachtMannelijk
Beroeppriester; leraar; aalmoezenier; pastoor; auteur
BioEdmond Denys was de zoon van Desiderius Denys, fabriekswerker, en Melanie Verhaeghe. Hij studeerde aan het kleinseminarie te Roeselare. Hij wou missionaris worden, maar de bisschop benoemde hem op 16/09/1889 tot leraar aan het Sint-Lodewijkscollege te Brugge. Hij was er nauw betrokken bij de sociale en politieke beweging van die tijd. Hij werd op 21.12.1889 tot priester gewijd door bisschop Faict. Hij was één van de medeoprichters van Gezelles tijdschrift Biekorf en publiceerde er ook diverse artikels in. Hij werd achtereenvolgens aalmoezenier van het Werk der Franschmans (31/05/1902), pastoor te Klerken (27/07/1914) en na de oorlog opnieuw aalmoezenier van het Werk der Franschmans (1919). Hij nam ontslag in 1922.
Links[odis], [wikipedia]
Relatie tot Gezellecorrespondent; medestichter van Biekorf
NaamGezelle, Guido; Loquela; Spoker
Datums° Brugge, 01/05/1830 - ✝ Brugge, 27/11/1899
GeslachtMannelijk
Beroeppriester; leraar; onderpastoor; dichter; taalgeleerde; vertaler; publicist
BioGuido Gezelle werd geboren in Brugge. Na zijn collegejaren en priesterstudies (priesterwijding te Brugge op 10/06/1854), werd hij in 1854 leraar aan het kleinseminarie te Roeselare. Gezelle gaf er onder meer talen, begeleidde de vrij uitgebreide kolonie buitenlandse leerlingen, vooral Engelsen, en kreeg tijdens twee schooljaren (1857-1859) een opdracht als leraar in de poësis. In 1865 werd Gezelle onderpastoor van de St.-Walburgaparochie te Brugge. Naast zijn druk pastoraal werk was hij bijzonder actief in het katholieke ultramontaanse persoffensief tegen de secularisering van het openbare leven in België en als vulgarisator in het culturele weekblad Rond den Heerd. In 1872 werd Gezelle overgeplaatst naar de O.-L.-Vrouwparochie te Kortrijk. Gedragen door een sympathiserende vriendenkring werd hij er de gelegenheidsdichter bij uitstek. Gaandeweg keerde hij er ook terug naar zijn oorspronkelijke postromantische en religieus geïnspireerde interesse voor de volkstaal en de poëzie. De taalkundige studie resulteerde vooral in een lexicografische verzameling van niet opgetekende woorden uit de volkstaal (Gezelles ‘Woordentas’ en het tijdschrift Loquela, vanaf 1881), waarmee ook hij het Zuid-Nederlands verdedigde binnen de ontwikkeling van de gestandaardiseerde Nederlandse cultuurtaal. Die filologische bedrijvigheid leidde bij Gezelle uiteindelijk ook tot een vernieuwde aandacht voor zijn eigen creatief werk, zowel vertaling (Longfellows Hiawatha) als oorspronkelijke poëzie. In 1889 werd hij directeur van een kleine Franse zustergemeenschap die zich in Kortrijk vestigde. Hij was een tijdje ambteloos. Dit liet hem toe zich op zijn schrijf- en studiewerk te concentreren. Het resultaat was o. m. de publicatie van twee poëziebundels, Tijdkrans (1893) en Rijmsnoer (1897), die, vooral in het laatste geval, qua vormgeving en originaliteit superieur van gehalte zijn. Om die authentieke en originele lyriek werd hij door H. Verriest, P. de Mont en vooral door Van Nu en Straks als een voorloper van de moderne Nederlandse poëzie beschouwd. Ook later eerden Nederlandse dichters, zoals Paul van Ostaijen en recenter, Christine D’haen, Gezelle als de meest creatieve en vernieuwende Nederlandse dichter in Vlaanderen. In 1899 werd Gezelle naar Brugge teruggeroepen om zich te wijden aan de vertaling van een theologisch werk van zijn bisschop (Waffelaerts Meditationes Theologicae). Hij verbleef nu in het Engels Klooster van Kanonikessen, waar hij echter vrij vlug en onverwachts stierf op 27 november 1899. Hij liet nog een verzameling uitzonderlijke gedichten na die in 1901 postuum als zijn Laatste Verzen werden gepubliceerd.
Links[odis], [wikipedia], [dbnl]

Briefschrijver

NaamDenys, Edmond
Datums° Roeselare, 10/05/1865 - ✝ Lichtervelde, 14/02/1923
GeslachtMannelijk
Beroeppriester; leraar; aalmoezenier; pastoor; auteur
BioEdmond Denys was de zoon van Desiderius Denys, fabriekswerker, en Melanie Verhaeghe. Hij studeerde aan het kleinseminarie te Roeselare. Hij wou missionaris worden, maar de bisschop benoemde hem op 16/09/1889 tot leraar aan het Sint-Lodewijkscollege te Brugge. Hij was er nauw betrokken bij de sociale en politieke beweging van die tijd. Hij werd op 21.12.1889 tot priester gewijd door bisschop Faict. Hij was één van de medeoprichters van Gezelles tijdschrift Biekorf en publiceerde er ook diverse artikels in. Hij werd achtereenvolgens aalmoezenier van het Werk der Franschmans (31/05/1902), pastoor te Klerken (27/07/1914) en na de oorlog opnieuw aalmoezenier van het Werk der Franschmans (1919). Hij nam ontslag in 1922.
Links[odis], [wikipedia]
Relatie tot Gezellecorrespondent; medestichter van Biekorf

Briefontvanger

NaamGezelle, Guido; Loquela; Spoker
Datums° Brugge, 01/05/1830 - ✝ Brugge, 27/11/1899
GeslachtMannelijk
Beroeppriester; leraar; onderpastoor; dichter; taalgeleerde; vertaler; publicist
BioGuido Gezelle werd geboren in Brugge. Na zijn collegejaren en priesterstudies (priesterwijding te Brugge op 10/06/1854), werd hij in 1854 leraar aan het kleinseminarie te Roeselare. Gezelle gaf er onder meer talen, begeleidde de vrij uitgebreide kolonie buitenlandse leerlingen, vooral Engelsen, en kreeg tijdens twee schooljaren (1857-1859) een opdracht als leraar in de poësis. In 1865 werd Gezelle onderpastoor van de St.-Walburgaparochie te Brugge. Naast zijn druk pastoraal werk was hij bijzonder actief in het katholieke ultramontaanse persoffensief tegen de secularisering van het openbare leven in België en als vulgarisator in het culturele weekblad Rond den Heerd. In 1872 werd Gezelle overgeplaatst naar de O.-L.-Vrouwparochie te Kortrijk. Gedragen door een sympathiserende vriendenkring werd hij er de gelegenheidsdichter bij uitstek. Gaandeweg keerde hij er ook terug naar zijn oorspronkelijke postromantische en religieus geïnspireerde interesse voor de volkstaal en de poëzie. De taalkundige studie resulteerde vooral in een lexicografische verzameling van niet opgetekende woorden uit de volkstaal (Gezelles ‘Woordentas’ en het tijdschrift Loquela, vanaf 1881), waarmee ook hij het Zuid-Nederlands verdedigde binnen de ontwikkeling van de gestandaardiseerde Nederlandse cultuurtaal. Die filologische bedrijvigheid leidde bij Gezelle uiteindelijk ook tot een vernieuwde aandacht voor zijn eigen creatief werk, zowel vertaling (Longfellows Hiawatha) als oorspronkelijke poëzie. In 1889 werd hij directeur van een kleine Franse zustergemeenschap die zich in Kortrijk vestigde. Hij was een tijdje ambteloos. Dit liet hem toe zich op zijn schrijf- en studiewerk te concentreren. Het resultaat was o. m. de publicatie van twee poëziebundels, Tijdkrans (1893) en Rijmsnoer (1897), die, vooral in het laatste geval, qua vormgeving en originaliteit superieur van gehalte zijn. Om die authentieke en originele lyriek werd hij door H. Verriest, P. de Mont en vooral door Van Nu en Straks als een voorloper van de moderne Nederlandse poëzie beschouwd. Ook later eerden Nederlandse dichters, zoals Paul van Ostaijen en recenter, Christine D’haen, Gezelle als de meest creatieve en vernieuwende Nederlandse dichter in Vlaanderen. In 1899 werd Gezelle naar Brugge teruggeroepen om zich te wijden aan de vertaling van een theologisch werk van zijn bisschop (Waffelaerts Meditationes Theologicae). Hij verbleef nu in het Engels Klooster van Kanonikessen, waar hij echter vrij vlug en onverwachts stierf op 27 november 1899. Hij liet nog een verzameling uitzonderlijke gedichten na die in 1901 postuum als zijn Laatste Verzen werden gepubliceerd.
Links[odis], [wikipedia], [dbnl]

Plaats van verzending

NaamBrugge
GemeenteBrugge

Naam - persoon

NaamCraeynest, Jan; Craeye
Datums° Oostrozebeke, 01/03/1858 - ✝ Sint-Michiels, 23/04/1929
GeslachtMannelijk
Beroeppriester; leraar; pastoor; auteur
BioJan Craeynest liep lagere school in Oostrozebeke, waarna hij naar het Sint-Jozefscollege in Tielt trok. Hij werd er beïnvloed door de Blauwvoeterie die vanuit Roeselare was overgeslagen. Als poësis-leerling werd Craeynest lid van de in 1875 opgerichte afdeling van het Davidsfonds in Tielt. Vervolgens trok hij naar het kleinseminarie voor één jaar, en in oktober 1878 begon hij aan het grootseminarie in Brugge. In 1881 startte hij aan de universiteit van Leuven, waar hij in twee academiejaren het diploma in de filologische en taalkundige wetenschappen behaalde. In augustus 1882 ontving hij zijn priesterwijding. In september 1883 werd hij retoricaleraar in het Sint-Lodewijkscollege van Brugge. Hij bleef er leraar tot 12 augustus 1892. Ondertussen publiceerde hij in De Vlaamsche Vlagge (onder de schuilnaam ‘Craye’) en in Rond den Heerd. Hij was betrokken bij de oprichting van het tijdschrift Het Belfort (1886) waarin hij taalkundige bijdragen leverde. Ook voor Loquela bezorgde hij uitdrukkingen en woorden. In 1887 was Craeynest medestichter van de Biehalle. Craeynest nam deel aan de eerste literaire prijsvraag van de Koninklijke Vlaamse Academie voor Taal- en Letterkunde. De wedstrijd kwam er op 18 februari 1887 en betrof het opstellen van een alfabetische lijst van bastaardwoorden. In de redactie van Biekorf zette hij zich in vanaf het eerste nummer in 1890. Hij bleef een ijverige medewerker en publiceerde er heel wat artikels. Vanaf 1898 hielp Craeynest Gezelle bij de vertaling van Goddelijke Beschouwingen. Eén jaar na de dood van Gezelle werd hij benoemd tot aalmoezenier van de gevangenis in Brugge. Hij werd aangepord om de vertaling van die Meditationes Theologicae af te werken. Hij zette dit werk verder waar Gezelle gestopt was. De vertaling bleef echter onvoltooid. In 1904 werd Craeynest benoemd tot pastoor van de Sint-Michielsparochie in Brugge. Dat jaar publiceerde hij ook Woordkunst van Guido Gezelle. In 1907 verscheen het woordenboek Loquela, alfabetisch geordend door de karmeliet Hyacinthus. Caesar Gezelle hielp hem daarbij. Jan Craeynest werd gevraagd om het ‘voorbericht’ te schrijven waardoor hij ook verder het woordenboek ging samenstellen.
Links[odis], [dbnl]
Relatie tot Gezellecorrespondent; zanter (WDT); adressenlijst Cordelia Van De Wiele; medewerker Rond den Heerd en Loquela; medestichter van Biekorf
NaamDelaere, Cyriel
Datums° Lendelede, 13/11/1861 - ✝ Leffinge, 09/03/1917
GeslachtMannelijk
Beroeppriester; leraar; onderpastoor; pastoor
BioCyriel Delaere, zoon van Amatus Delaere, landbouwer, en Nathalia Lecluyse, werd tot priester gewijd in Brugge door bisschop Faict (04/06/1887). Hij werd op 10 december 1887 leraar aan het Sint-Lodewijkscollege van Brugge en vanaf 1893 was hij er subregent. Hij was de hoofdredacteur van Biekorf van 1893 tot 1907. Hij werd onderpastoor in Nieuwpoort (23/11/1898) en pastoor in Leffinge (22/03/1912).
Links[odis]
Relatie tot Gezellecorrespondent; hoofdredacteur Biekorf
NaamDenys, Edmond
Datums° Roeselare, 10/05/1865 - ✝ Lichtervelde, 14/02/1923
GeslachtMannelijk
Beroeppriester; leraar; aalmoezenier; pastoor; auteur
BioEdmond Denys was de zoon van Desiderius Denys, fabriekswerker, en Melanie Verhaeghe. Hij studeerde aan het kleinseminarie te Roeselare. Hij wou missionaris worden, maar de bisschop benoemde hem op 16/09/1889 tot leraar aan het Sint-Lodewijkscollege te Brugge. Hij was er nauw betrokken bij de sociale en politieke beweging van die tijd. Hij werd op 21.12.1889 tot priester gewijd door bisschop Faict. Hij was één van de medeoprichters van Gezelles tijdschrift Biekorf en publiceerde er ook diverse artikels in. Hij werd achtereenvolgens aalmoezenier van het Werk der Franschmans (31/05/1902), pastoor te Klerken (27/07/1914) en na de oorlog opnieuw aalmoezenier van het Werk der Franschmans (1919). Hij nam ontslag in 1922.
Links[odis], [wikipedia]
Relatie tot Gezellecorrespondent; medestichter van Biekorf
NaamGezelle, Romaan
Datums° Brugge, 13/01/1832 - ✝ Brugge, 01/01/1899
GeslachtMannelijk
Beroepvuurwerkmaker
BioRomaan ging samen met zijn broer Guido naar het Duinencollege in Brugge. Toen Guido Gezelle in 1846 naar het kleinseminarie te Roeselare ging, bleef hij thuis om te helpen. In 1862 woonde hij in het Brugse Genthof en werd er 'vuurwerkaansteker' bij een afbraakbedrijf. Tijdens dit jaar raakte hij zwaar gewond bij slopingswerken aan de Brugse Katelijnepoort. Een van zijn benen dreigde geamputeerd te worden tijdens zijn verzorging in het St.-Janshospitaal. Romaan bleef kreupel, maar werd na zijn herstel vuurwerkmaker. Hij zette ook vogels en andere kleine dieren op. Op 4 mei 1865 trouwde hij met Philomena De Smet en verhuisde in augustus van dit jaar naar de Sint-Jorisstraat 34. Op 1 januari 1899 overleed Romaan. Guido Gezelle, die toen nog te Kortrijk verbleef, werd door zijn neef Caesar op de hoogte gebracht via een telegram met het bericht “vader overleden”. Nog op dezelfde dag schreef Gezelle voor zijn overleden broer een gelijknamig gedicht. Het Gezellearchief bewaart zowel het telegram als een gedrukte versie van het gedicht. Het overlijden van zijn broer betekende voor Gezelle een zware slag en zo dichtte hij nog 'Requiescat in pace!' en 'Uit de diepten'.
Relatie tot Gezellefamilie: broer van Guido Gezelle; correspondent; gelegenheidsgedicht
Bronnen http://www.gezelle.be
NaamLeroy, Julius; Ko Lukkeboone
Datums° Haringe, 08/08/1858 - ✝ Veurne, 15/11/1939
GeslachtMannelijk
Beroeppriester; leraar; pastoor; onderpastoor; auteur
BioJulius Leroy, zoon van Augustus Leroy, landbouwer, en Rosalia Coene, werd tot priester gewijd te Brugge op 07 juni 1884. Hij werd leraar aan het Sint-Lodewijkscollege te Brugge (09/01/1885). Vervolgens was hij onderpastoor te Wulpen (23/09/1889) en pastoor te Staden (21/10/1910). Na zijn ontslag op 20 juli 1933 verbleef hij in Veurne. Hij publiceerde geregeld in Biekorf en hij bundelde oude verhalen in de achtdelige reeks Zeisels en vertellingen. In de tweede druk nam hij een felicitatiebrief van Gezelle op.
Links[odis], [wikipedia], [dbnl]
Relatie tot Gezellecorrespondent; zanter (WDT); medewerker Biekorf
NaamScharpé, Louis
Datums° Tielt, 24/10/1869 - ✝ Betekom, 04/05/1935
GeslachtMannelijk
Beroepprofessor; literatuurhistoricus; auteur
BioNa de gemeenteschool in Tielt ging Scharpé naar het atheneum in Brugge, waar hij les kreeg van Julius Sabbe. Hij werd er laureaat retorica in 1890. Hij studeerde Germaanse talen in Gent (1890-1894). Hij leverde bijdragen aan Biekorf en Het Belfort. Na zijn doctoraat (21/06/1894) ging hij verder studeren in Parijs, Straatsburg en Leiden. Hij werkte als commies-opsteller aan het Ministerie van Binnenlandse zaken en Openbaar Onderwijs. Vanaf 1898 werd hij professor in de Germaanse talen aan de universiteit van Leuven. Hij doceerde er fonetica en Duitse literatuur. Hij gaf ook les aan de Leuvense Handelsschool (1915-1924). Hij was een voorvechter van de Vlaamse emancipatie. Na de dood van Gezelle kocht Scharpé een deel van de handbibliotheek van de dichter.
Links[odis], [wikipedia], [dbnl]
Relatie tot Gezellecorrespondent; medewerker Biekorf
NaamVerwey, Albert
Datums° Amsterdam, 15/05/1865 - ✝ Noordwijk aan Zee, 08/03/1937
GeslachtMannelijk
Beroepletterkundige; dichter; criticus; vertaler; essayist; hoogleraar
VerblijfplaatsNederland
BioVerwey behoorde als dichter tot de beweging van de Tachtigers. Hij publiceerde tal van poëziebundels, maar was ook actief als vertaler en criticus. In 1885 richtte hij "De Nieuwe Gids" op, een letterkundig tijdschrift dat aansloot bij Willem Kloos en de Tachtigers. Na een meningsverschil met Kloos richtte hij met Lodewijk van Deyssel in het midden van de jaren 1890 het "Tweemaandelijksch Tijdschrift voor letteren, kunst, wetenschap en politiek" op. In de beginmaanden van 1899 zoekt Verwey contact met Gezelle. Die stuurt hem "Groeninge’ns Grootheid of de slag van de Guldene Spooren" voor zijn tijdschrift (mei 1899). De verdere evolutie van Verwey met zijn tijdschrift "De Beweging" heeft Gezelle niet meer meegemaakt. Van 1924 tot 1935 was Verwey hoogleraar aan de Rijksuniversiteit Leiden.
Links[wikipedia], [dbnl]
Relatie tot Gezellecorrespondent

Naam - plaats

NaamBrugge
GemeenteBrugge

Titel - gedicht van Guido Gezelle

Titel«Vader overleden»
PublicatieVerzameld dichtwerk, deel VII, p. 460

Titel - werk van Guido Gezelle

TitelBiekorf. Dat is een leer- en leesblad voor alle verstandige Vlamingen.
Links[gezelle.be]

Titel - ander werk

TitelTweemaandelijksch Tijdschrift voor letteren, kunst, wetenschap en politiek (periodiek)
AuteurVan Deyssel, L. ; Verwey, A.
Datum1894-1901
PlaatsAmsterdam
UitgeverScheltema en Holkema's Boekhandel
Links[dbnl]

Titel25/02/1899, Brugge, Edmond Denys aan [Guido Gezelle]
EditeurEls Depuydt
Wetenschappelijke leidingEls Depuydt
Partners Openbare Bibliotheek Brugge (Guido Gezellearchief); Centrum voor Teksteditie en Bronnenstudie (Koninklijke Academie voor Nederlandse Taal en Letteren); Instituut voor de Studie van de Letterkunde in de Lage Landen (ISLN) (Piet Couttenier, Universiteit Antwerpen); Guido Gezellegenootschap
UitgeverGuido Gezellearchief, KANTL/CTB
Plaats van uitgaveBrugge, Gent
Publicatiedatum2023
Beschikbaarheid Teksten en afbeeldingen beschikbaar onder een Creative Commons Naamsvermelding - Niet Commercieel licentie.
DisclaimerDe editie van de Guido Gezellecorrespondentie is het resultaat van een samenwerkingsproject met vrijwilligers. De databank is in opbouw, aanvullingen en opmerkingen kunnen gemeld worden aan els.depuydt@brugge.be.
Meer informatie over het vrijwilligersproject is te vinden op gezelle.be.
CiterenEen brief kan worden geciteerd als:
[Naam van editeur(s)], [briefschrijver aan briefontvanger, plaats, datum]. In: GezelleBrOn, Wetenschappelijke editie van de correspondentie van Guido Gezelle. [publicatiedatum] Available from World Wide Web: [link].
VerzenderDenys, Edmond
Ontvanger[Gezelle, Guido]
Verzendingsdatum25/02/1899
VerzendingsplaatsBrugge (Brugge)
AnnotatieBriefversie van datering: den 25en in Schrikkelm. '99 ; adressaat gereconstrueerd op basis van toegevoegde notitie.
Fysieke bijzonderheden
Drager dubbel vel, 210x134
wit, gelijnd
papiersoort: 4 zijden beschreven, inkt
Staat volledig
Toevoegingen op zijde 1 links in de bovenrand: Aan G. Gezelle (inkt, hand P.A.); op zijde 4 rechtsonder in de zijrand: Denys (potlood, verticaal, hand C. G.[?])
Bewaargegevens
LandBelgië
PlaatsBrugge
BewaarplaatsGuido Gezellearchief
ID Gezellearchief7090
Bibliotheekrecordhttps://brugge.bibliotheek.be/detail/?itemid=|library/v/obbrugge/gezelle|13004
Inhoud
Incipit't Berek van Biekorf was zeer
Samenvatting Biekorf: taalgebruik en kwaliteit van de ingezonden artikels; reactie op een brief van Gezelle aan het berek van Biekorf over de hoofdopsteller
Tekstsoortbrief
TalenNederlands
De tekst werd diplomatisch getranscribeerd, en aangevuld met een editoriale laag.
De oorspronkelijke tekst werd ongewijzigd getranscribeerd; alleen typografische regeleindes en afbrekingstekens, en niet-betekenisvolle witruimte werden genormaliseerd.
Auteursingrepen in de tekst (toevoegingen, schrappingen), en latere redactie-ingrepen (schrappingen, toevoegingen, taalkundige notities) door de lezer werden overgenomen en expliciet gemarkeerd.
Voor een aantal tekstfenomenen werden naast de oorspronkelijke vorm ook editeursingrepen opgenomen in de transcriptie: oplossingen voor niet-gangbare afkortingen en correcties voor manifeste fouten. Daarnaast bevat de transcriptie editeursingrepen ter verbetering van de leesbaarheid (toevoegingen, reconstructies) of ter motivering van transcriptie-beslissingen (aanduiding van onzekere lezingen, weglating van onleesbare tekst). Alle editeursingrepen worden expliciet gemarkeerd.