<Resultaat 1857 van 2182

>

p1
Eerwaarde heer,

Waarom Reseda odorata L[1] Egyptekruid heet (Loq. XV. 43)?[2] Cette plante originaire de l'Egypte et de la Barbarie a été en Europe en 1752. (Ann. de la soc. d'agric. et de bot. de Gand, II. 1846, p. 505.). Die naam bestaat ook elders; de Franschen zeggen (bij Bastien, 1809): mignonette d'Egypte, amourette d'Egypte; onze Walen: rose d'Egypte, rôse d'Egipe, rôse d'Ingipe (bij Grandgagnage, Feller[3] Semertier[4]); in Italië vindt men: amoretti d'Egitto, amorino d'Egitto (bij Targioni); te Parma: amorèn d'Egitt. p2en te Aken: Aegyptischen dau. Dat alles overgenomen uit Eug. Rolland, Flore populaire, II. (1899). Zie ook Pâque.

Met hoogachting.
Uw dienstwillige

A. De Cock.

24/10-99.
Denderleeuw.

Noten

[1] tuinmignonette
[2] Zantekoorn. In: Loquela: 15 (Zaaimaand 1895) 6, p.43: EGYPTEKRUID , het. = Reseda odorata L. « Zaait wat Egyptekruid : het zal goed rieken. » Geh. Huysse. Reseda (nederzetter) van 't Latijn resedere, resedare, gold vroeger als weestillend van krachten. Waarom heet het Egyptenkruid ?
[3] Jules Feller, Botanique populaire, Bruxelles, Bulletin de Folklore, Organe de la Société Wallonne du Folklore, Ed. Lebègue, 1891 of

Jules Feller, Flore populaire wallonne, Bruxelles, Bulletin de Folklore, Organe de la Société Belge du Folklore, Ed. Société Coopérative Intellectuelle, Hotel Ravenstein, 1898

[4] Charles Semertier, In: Bulletin de la Société Liégeoise de littérature wallonne,

Deuxième série, Tome XVI, Liège, Imprimerie H. Vaillant - Carmanne, 1891, pp. 105-220 (Rise d'Ingipe)op p. 199

Register

Correspondenten

NaamDe Cock, Alfons
Datums° Herdersem, 12/01/1850 - ✝ Antwerpen, 02/03/1921
GeslachtMannelijk
Beroepleraar; schrijver; volkskundige; folklorist
BioAlfons De Cock was één van de grondleggers van de wetenschappelijke volkskunde in Vlaanderen. Als hoofdonderwijzer in Denderleeuw (1879-1904) nam deze oud-leerling van de Rijksnormaalschool te Lier in 1894 de redactie van het in 1888 gestichte tijdschrift "Volkskunde" over. Ook voor botanica en volksgeneeskunde had hij een grote interesse en hij publiceerde hierover.
Links[odis], [wikipedia], [dbnl]
Relatie tot Gezellecorrespondent
NaamGezelle, Guido; Loquela; Spoker
Datums° Brugge, 01/05/1830 - ✝ Brugge, 27/11/1899
GeslachtMannelijk
Beroeppriester; leraar; onderpastoor; dichter; taalgeleerde; vertaler; publicist
BioGuido Gezelle werd geboren in Brugge. Na zijn collegejaren en priesterstudies (priesterwijding te Brugge op 10/06/1854), werd hij in 1854 leraar aan het kleinseminarie te Roeselare. Gezelle gaf er onder meer talen, begeleidde de vrij uitgebreide kolonie buitenlandse leerlingen, vooral Engelsen, en kreeg tijdens twee schooljaren (1857-1859) een opdracht als leraar in de poësis. In 1865 werd Gezelle onderpastoor van de St.-Walburgaparochie te Brugge. Naast zijn druk pastoraal werk was hij bijzonder actief in het katholieke ultramontaanse persoffensief tegen de secularisering van het openbare leven in België en als vulgarisator in het culturele weekblad Rond den Heerd. In 1872 werd Gezelle overgeplaatst naar de O.-L.-Vrouwparochie te Kortrijk. Gedragen door een sympathiserende vriendenkring werd hij er de gelegenheidsdichter bij uitstek. Gaandeweg keerde hij er ook terug naar zijn oorspronkelijke postromantische en religieus geïnspireerde interesse voor de volkstaal en de poëzie. De taalkundige studie resulteerde vooral in een lexicografische verzameling van niet opgetekende woorden uit de volkstaal (Gezelles ‘Woordentas’ en het tijdschrift Loquela, vanaf 1881), waarmee ook hij het Zuid-Nederlands verdedigde binnen de ontwikkeling van de gestandaardiseerde Nederlandse cultuurtaal. Die filologische bedrijvigheid leidde bij Gezelle uiteindelijk ook tot een vernieuwde aandacht voor zijn eigen creatief werk, zowel vertaling (Longfellows Hiawatha) als oorspronkelijke poëzie. In 1889 werd hij directeur van een kleine Franse zustergemeenschap die zich in Kortrijk vestigde. Hij was een tijdje ambteloos. Dit liet hem toe zich op zijn schrijf- en studiewerk te concentreren. Het resultaat was o. m. de publicatie van twee poëziebundels, Tijdkrans (1893) en Rijmsnoer (1897), die, vooral in het laatste geval, qua vormgeving en originaliteit superieur van gehalte zijn. Om die authentieke en originele lyriek werd hij door H. Verriest, P. de Mont en vooral door Van Nu en Straks als een voorloper van de moderne Nederlandse poëzie beschouwd. Ook later eerden Nederlandse dichters, zoals Paul van Ostaijen en recenter, Christine D’haen, Gezelle als de meest creatieve en vernieuwende Nederlandse dichter in Vlaanderen. In 1899 werd Gezelle naar Brugge teruggeroepen om zich te wijden aan de vertaling van een theologisch werk van zijn bisschop (Waffelaerts Meditationes Theologicae). Hij verbleef nu in het Engels Klooster van Kanonikessen, waar hij echter vrij vlug en onverwachts stierf op 27 november 1899. Hij liet nog een verzameling uitzonderlijke gedichten na die in 1901 postuum als zijn Laatste Verzen werden gepubliceerd.
Links[odis], [wikipedia], [dbnl]

Briefschrijver

NaamDe Cock, Alfons
Datums° Herdersem, 12/01/1850 - ✝ Antwerpen, 02/03/1921
GeslachtMannelijk
Beroepleraar; schrijver; volkskundige; folklorist
BioAlfons De Cock was één van de grondleggers van de wetenschappelijke volkskunde in Vlaanderen. Als hoofdonderwijzer in Denderleeuw (1879-1904) nam deze oud-leerling van de Rijksnormaalschool te Lier in 1894 de redactie van het in 1888 gestichte tijdschrift "Volkskunde" over. Ook voor botanica en volksgeneeskunde had hij een grote interesse en hij publiceerde hierover.
Links[odis], [wikipedia], [dbnl]
Relatie tot Gezellecorrespondent

Briefontvanger

NaamGezelle, Guido; Loquela; Spoker
Datums° Brugge, 01/05/1830 - ✝ Brugge, 27/11/1899
GeslachtMannelijk
Beroeppriester; leraar; onderpastoor; dichter; taalgeleerde; vertaler; publicist
BioGuido Gezelle werd geboren in Brugge. Na zijn collegejaren en priesterstudies (priesterwijding te Brugge op 10/06/1854), werd hij in 1854 leraar aan het kleinseminarie te Roeselare. Gezelle gaf er onder meer talen, begeleidde de vrij uitgebreide kolonie buitenlandse leerlingen, vooral Engelsen, en kreeg tijdens twee schooljaren (1857-1859) een opdracht als leraar in de poësis. In 1865 werd Gezelle onderpastoor van de St.-Walburgaparochie te Brugge. Naast zijn druk pastoraal werk was hij bijzonder actief in het katholieke ultramontaanse persoffensief tegen de secularisering van het openbare leven in België en als vulgarisator in het culturele weekblad Rond den Heerd. In 1872 werd Gezelle overgeplaatst naar de O.-L.-Vrouwparochie te Kortrijk. Gedragen door een sympathiserende vriendenkring werd hij er de gelegenheidsdichter bij uitstek. Gaandeweg keerde hij er ook terug naar zijn oorspronkelijke postromantische en religieus geïnspireerde interesse voor de volkstaal en de poëzie. De taalkundige studie resulteerde vooral in een lexicografische verzameling van niet opgetekende woorden uit de volkstaal (Gezelles ‘Woordentas’ en het tijdschrift Loquela, vanaf 1881), waarmee ook hij het Zuid-Nederlands verdedigde binnen de ontwikkeling van de gestandaardiseerde Nederlandse cultuurtaal. Die filologische bedrijvigheid leidde bij Gezelle uiteindelijk ook tot een vernieuwde aandacht voor zijn eigen creatief werk, zowel vertaling (Longfellows Hiawatha) als oorspronkelijke poëzie. In 1889 werd hij directeur van een kleine Franse zustergemeenschap die zich in Kortrijk vestigde. Hij was een tijdje ambteloos. Dit liet hem toe zich op zijn schrijf- en studiewerk te concentreren. Het resultaat was o. m. de publicatie van twee poëziebundels, Tijdkrans (1893) en Rijmsnoer (1897), die, vooral in het laatste geval, qua vormgeving en originaliteit superieur van gehalte zijn. Om die authentieke en originele lyriek werd hij door H. Verriest, P. de Mont en vooral door Van Nu en Straks als een voorloper van de moderne Nederlandse poëzie beschouwd. Ook later eerden Nederlandse dichters, zoals Paul van Ostaijen en recenter, Christine D’haen, Gezelle als de meest creatieve en vernieuwende Nederlandse dichter in Vlaanderen. In 1899 werd Gezelle naar Brugge teruggeroepen om zich te wijden aan de vertaling van een theologisch werk van zijn bisschop (Waffelaerts Meditationes Theologicae). Hij verbleef nu in het Engels Klooster van Kanonikessen, waar hij echter vrij vlug en onverwachts stierf op 27 november 1899. Hij liet nog een verzameling uitzonderlijke gedichten na die in 1901 postuum als zijn Laatste Verzen werden gepubliceerd.
Links[odis], [wikipedia], [dbnl]

Plaats van verzending

NaamDenderleeuw
GemeenteDenderleeuw

Naam - persoon

NaamDe Cock, Alfons
Datums° Herdersem, 12/01/1850 - ✝ Antwerpen, 02/03/1921
GeslachtMannelijk
Beroepleraar; schrijver; volkskundige; folklorist
BioAlfons De Cock was één van de grondleggers van de wetenschappelijke volkskunde in Vlaanderen. Als hoofdonderwijzer in Denderleeuw (1879-1904) nam deze oud-leerling van de Rijksnormaalschool te Lier in 1894 de redactie van het in 1888 gestichte tijdschrift "Volkskunde" over. Ook voor botanica en volksgeneeskunde had hij een grote interesse en hij publiceerde hierover.
Links[odis], [wikipedia], [dbnl]
Relatie tot Gezellecorrespondent

Naam - plaats

NaamDenderleeuw
GemeenteDenderleeuw
NaamParma
NaamAken

Titel - werk van Guido Gezelle

TitelLoquela
Links[gezelle.be]

Titel - ander werk

TitelAnnales de la Société royale d'agriculture et de botanique de Gand : journal d'horticulture et des sciences accessoires (periodiek)
AuteurMorren, Charles François Antoine
Datum1807-1858
PlaatsGent; Luik
UitgeverSociété royale d'agriculture et de botanique
TitelFlore populaire ou histoire naturelle des plantes dans leurs rapports avec la linguistique et le folklore. (11dln)
AuteurRolland, Eugène
Datum1896-1914
PlaatsParijs
UitgeverRolland
TitelLe Flore jardinière : contenant la description de toutes les plantes, tant indigènes qu'exotiques, cultivées en France ... ouvrage composé d'après les meilleurs auteurs
AuteurBastien, Jean-François
Datum1809
PlaatsParis
UitgeverJean-François Bastien
TitelDictionnaire étymologique de la langue wallonne
AuteurGrandgagnage, Charles Marie Joseph
Datum1845-1880
PlaatsLiège
UitgeverF. Oudart
TitelDizionario botanico Italiano che comprende i nomi volgari Italiani, specialmente Toscani, e vernacoli delle piante, raccolti da diversi autori, e dalla gente di campagna, sol corrispondente Latino Linneans
AuteurTargioni-Tozzetti,Ottaviano
Datum1809
PlaatsFirenze
UitgeverGuglielmo Piati

Titel24/10/1899, Denderleeuw, Alfons De Cock aan [Guido Gezelle]
EditeurPaul Thoen; Universiteit Antwerpen
Wetenschappelijke leidingEls Depuydt
Partners Openbare Bibliotheek Brugge (Guido Gezellearchief); Centrum voor Teksteditie en Bronnenstudie (Koninklijke Academie voor Nederlandse Taal en Letteren); Instituut voor de Studie van de Letterkunde in de Lage Landen (ISLN) (Piet Couttenier, Universiteit Antwerpen); Guido Gezellegenootschap
UitgeverGuido Gezellearchief, KANTL/CTB
Plaats van uitgaveBrugge, Gent
Publicatiedatum2021
Beschikbaarheid Teksten en afbeeldingen beschikbaar onder een Creative Commons Naamsvermelding - Niet Commercieel licentie.
DisclaimerDe editie van de Guido Gezellecorrespondentie is het resultaat van een samenwerkingsproject met vrijwilligers. De databank is in opbouw, aanvullingen en opmerkingen kunnen gemeld worden aan els.depuydt@brugge.be.
Meer informatie over het vrijwilligersproject is te vinden op gezelle.be.
CiterenEen brief kan worden geciteerd als:
[Naam van editeur(s)], [briefschrijver aan briefontvanger, plaats, datum]. In: GezelleBrOn, Wetenschappelijke editie van de correspondentie van Guido Gezelle. [publicatiedatum] Available from World Wide Web: [link].
VerzenderDe Cock, Alfons
Ontvanger[Gezelle, Guido]
Verzendingsdatum24/10/1899
VerzendingsplaatsDenderleeuw (Denderleeuw)
AnnotatieAdressaat gereconstrueerd op basis van toegevoegde notitie.
Fysieke bijzonderheden
Drager 55x96
wit
papiersoort: recto en verso horizontaal beschreven, inkt
Staat volledig
Vormelijke bijzonderheden op recto: naam in het midden: A. De Cock.
plaatsnaam in de rechter benedenhoek: Denderleeuw.
Toevoegingen op verso links in de bovenrand: Aan G. Gezelle; idem rechts: 24/10 99 (inkt, beide hand P.A.); idem links in de bovenrand: De Cock (potlood, hand C. G.[?])
Bewaargegevens
LandBelgië
PlaatsBrugge
BewaarplaatsGuido Gezellearchief
ID Gezellearchief7160
Bibliotheekrecordhttps://brugge.bibliotheek.be/detail/?itemid=|library/v/obbrugge/gezelle|13497
Inhoud
IncipitWaarom Reseda adorata
Tekstsoortnaamkaart
TalenNederlands; Frans
De tekst werd diplomatisch getranscribeerd, en aangevuld met een editoriale laag.
De oorspronkelijke tekst werd ongewijzigd getranscribeerd; alleen typografische regeleindes en afbrekingstekens, en niet-betekenisvolle witruimte werden genormaliseerd.
Auteursingrepen in de tekst (toevoegingen, schrappingen), en latere redactie-ingrepen (schrappingen, toevoegingen, taalkundige notities) door de lezer werden overgenomen en expliciet gemarkeerd.
Voor een aantal tekstfenomenen werden naast de oorspronkelijke vorm ook editeursingrepen opgenomen in de transcriptie: oplossingen voor niet-gangbare afkortingen en correcties voor manifeste fouten. Daarnaast bevat de transcriptie editeursingrepen ter verbetering van de leesbaarheid (toevoegingen, reconstructies) of ter motivering van transcriptie-beslissingen (aanduiding van onzekere lezingen, weglating van onleesbare tekst). Alle editeursingrepen worden expliciet gemarkeerd.