<Resultaat 224 van 2159

>

p1
15 Denmark, Grove.
Barnsbury.[1]
June 28th

My dear Father.

I received your very kind letter. I was just wishing for one when it came.

I wish I was coming instead of this we would have a second performance of the boots[2] etc.;
I hope my Sister will be able to come over here as I cant come and see you this year, it will be very dull for me if she cant come overp2because I dont go out so frequently as I used to, my protestant friends tell me I am very much changed since I went to Belgium, they attribute it tot the Priestly influence.

The little man in particular he was very wroth. he would like to have the pleasure of shooting a few. I think. I was very much to blame over that affair, it will be a lesson for me for the future.p3What has become of the wild Irish man. have they Mr. Tomlins at Robinsons yet, I must conclude now hoping that you will not forget me now you have found out who gave the knife I never give knives to anyone that I like, it cuts Friendshhip so people say I did give a knife once and our Friendship was cut very soon after [3]

believe met to remain your
Affectionate Child
Mary Walton
Rev G Gezelle

Noten

[1] Barnsbury is een gebied in Noord-London in de borough van Islington.waar veel Ierse immigranten woonden, zoals de familie ,Walton . James Weale, Mary Ann’s schoonbroer, was er onderwijzer.
[2] Mary verwijst ook naar ‘the boots’ in de brief van 29/04/1865 aan Guido Gezelle. Kan het gaan om de ‘Irish boots line dance’, later populair gemaakt door ‘Riverdance’? Avondjes ten huize Weale of in het nabijgelegen Saint Vincent’s Orphanage? Eventueel kan het ook een verwijzing zijn naar het muziekkorps van de soldaten van de kazerne te Brugge. Het korps was gekend voor hun muzikale optredens. Ze trokken geregeld met hun muziek door de stad.
[3] Volgens de traditie moet je nooit een mes cadeau doen. Aan de ene kant verliest de gever dan zijn macht en aan de andere kant verbreekt de scherpe kant van het lemmet de band tussen gever en de ontvanger: een vriendschapsband, een ouderlijke band, een liefdesband... Het geven van een mes is dan hetzelfde als je op een bepaalde manier willen afscheiden van de andere persoon. Een remedie was dat de ontvanger een munt teruggaf zodat het niet meer als een geschenk, maar als een koop beschouwd werd. Messen waren oorspronkelijk geen bestekonderdeel, maar een agressief element en een teken van macht. ( ).

Register

Correspondenten

NaamGezelle, Guido; Loquela; Spoker
Datums° Brugge, 01/05/1830 - ✝ Brugge, 27/11/1899
GeslachtMannelijk
Beroeppriester; leraar; onderpastoor; dichter; taalgeleerde; vertaler; publicist
BioGuido Gezelle werd geboren in Brugge. Na zijn collegejaren en priesterstudies (priesterwijding te Brugge op 10/06/1854), werd hij in 1854 leraar aan het kleinseminarie te Roeselare. Gezelle gaf er onder meer talen, begeleidde de vrij uitgebreide kolonie buitenlandse leerlingen, vooral Engelsen, en kreeg tijdens twee schooljaren (1857-1859) een opdracht als leraar in de poësis. In 1865 werd Gezelle onderpastoor van de St.-Walburgaparochie te Brugge. Naast zijn druk pastoraal werk was hij bijzonder actief in het katholieke ultramontaanse persoffensief tegen de secularisering van het openbare leven in België en als vulgarisator in het culturele weekblad Rond den Heerd. In 1872 werd Gezelle overgeplaatst naar de O.-L.-Vrouwparochie te Kortrijk. Gedragen door een sympathiserende vriendenkring werd hij er de gelegenheidsdichter bij uitstek. Gaandeweg keerde hij er ook terug naar zijn oorspronkelijke postromantische en religieus geïnspireerde interesse voor de volkstaal en de poëzie. De taalkundige studie resulteerde vooral in een lexicografische verzameling van niet opgetekende woorden uit de volkstaal (Gezelles ‘Woordentas’ en het tijdschrift Loquela, vanaf 1881), waarmee ook hij het Zuid-Nederlands verdedigde binnen de ontwikkeling van de gestandaardiseerde Nederlandse cultuurtaal. Die filologische bedrijvigheid leidde bij Gezelle uiteindelijk ook tot een vernieuwde aandacht voor zijn eigen creatief werk, zowel vertaling (Longfellows Hiawatha) als oorspronkelijke poëzie. In 1889 werd hij directeur van een kleine Franse zustergemeenschap die zich in Kortrijk vestigde. Hij was een tijdje ambteloos. Dit liet hem toe zich op zijn schrijf- en studiewerk te concentreren. Het resultaat was o. m. de publicatie van twee poëziebundels, Tijdkrans (1893) en Rijmsnoer (1897), die, vooral in het laatste geval, qua vormgeving en originaliteit superieur van gehalte zijn. Om die authentieke en originele lyriek werd hij door H. Verriest, P. de Mont en vooral door Van Nu en Straks als een voorloper van de moderne Nederlandse poëzie beschouwd. Ook later eerden Nederlandse dichters, zoals Paul van Ostaijen en recenter, Christine D’haen, Gezelle als de meest creatieve en vernieuwende Nederlandse dichter in Vlaanderen. In 1899 werd Gezelle naar Brugge teruggeroepen om zich te wijden aan de vertaling van een theologisch werk van zijn bisschop (Waffelaerts Meditationes Theologicae). Hij verbleef nu in het Engels Klooster van Kanonikessen, waar hij echter vrij vlug en onverwachts stierf op 27 november 1899. Hij liet nog een verzameling uitzonderlijke gedichten na die in 1901 postuum als zijn Laatste Verzen werden gepubliceerd.
Links[odis], [wikipedia], [dbnl]
NaamWalton, Mary Ann
Datums° Londen, 1839 - ✝ New York, 16/02/1904
GeslachtVrouwelijk
VerblijfplaatsEngeland; Verenigde Staten
BioMary Ann Walton werd geboren in 1839 te Spitalfields, Whitechapel te Londen als dochter van kleermaker Cornelius Walton en Honora Cronin (1813-1860). Er kwamen nog vier kinderen: Cornelius Walton jr (1836-1873), Helena Walton (1838-1921), William Walton (°1842) en Hannah Walton (°1849). Met de census van 1861 woonde het gezin Walton in Denmark Grove 15, Barnsbury Road, Islington, Londen. Helena was ondertussen in 1854 gehuwd met James Weale en zo werd Mary Ann de schoonzus van James Weale. Ze verbleef een tijdje te Brugge bij het gezin Weale. Ze trad in het huwelijk met Henry Bryson. Ze emigreerde vermoedelijk in 1867 samen met haar echtgenoot naar de Verenigde Staten en vestigde zich in New York. Het gezin kreeg zeven kinderen: Hugh (°1868), John (°1870), Ethel (°1872), Mary (°1875), Emma (°1878), Henry (°1883) en Edward (°1884).
Relatie tot Gezellecorrespondent
BronnenB. De Leeuw, P. De Wilde, K. Verbeke, e.a., De briefwisseling van Guido Gezelle met de Engelsen. 1854-1899. Gent: Koninklijke Academie voor Nederlandse Taal- en Letterkunde, 1991, dl.III; https://www.familysearch.org/nl/ ; FreeBMD

Briefschrijver

NaamWalton, Mary Ann
Datums° Londen, 1839 - ✝ New York, 16/02/1904
GeslachtVrouwelijk
VerblijfplaatsEngeland; Verenigde Staten
BioMary Ann Walton werd geboren in 1839 te Spitalfields, Whitechapel te Londen als dochter van kleermaker Cornelius Walton en Honora Cronin (1813-1860). Er kwamen nog vier kinderen: Cornelius Walton jr (1836-1873), Helena Walton (1838-1921), William Walton (°1842) en Hannah Walton (°1849). Met de census van 1861 woonde het gezin Walton in Denmark Grove 15, Barnsbury Road, Islington, Londen. Helena was ondertussen in 1854 gehuwd met James Weale en zo werd Mary Ann de schoonzus van James Weale. Ze verbleef een tijdje te Brugge bij het gezin Weale. Ze trad in het huwelijk met Henry Bryson. Ze emigreerde vermoedelijk in 1867 samen met haar echtgenoot naar de Verenigde Staten en vestigde zich in New York. Het gezin kreeg zeven kinderen: Hugh (°1868), John (°1870), Ethel (°1872), Mary (°1875), Emma (°1878), Henry (°1883) en Edward (°1884).
Relatie tot Gezellecorrespondent
BronnenB. De Leeuw, P. De Wilde, K. Verbeke, e.a., De briefwisseling van Guido Gezelle met de Engelsen. 1854-1899. Gent: Koninklijke Academie voor Nederlandse Taal- en Letterkunde, 1991, dl.III; https://www.familysearch.org/nl/ ; FreeBMD

Briefontvanger

NaamGezelle, Guido; Loquela; Spoker
Datums° Brugge, 01/05/1830 - ✝ Brugge, 27/11/1899
GeslachtMannelijk
Beroeppriester; leraar; onderpastoor; dichter; taalgeleerde; vertaler; publicist
BioGuido Gezelle werd geboren in Brugge. Na zijn collegejaren en priesterstudies (priesterwijding te Brugge op 10/06/1854), werd hij in 1854 leraar aan het kleinseminarie te Roeselare. Gezelle gaf er onder meer talen, begeleidde de vrij uitgebreide kolonie buitenlandse leerlingen, vooral Engelsen, en kreeg tijdens twee schooljaren (1857-1859) een opdracht als leraar in de poësis. In 1865 werd Gezelle onderpastoor van de St.-Walburgaparochie te Brugge. Naast zijn druk pastoraal werk was hij bijzonder actief in het katholieke ultramontaanse persoffensief tegen de secularisering van het openbare leven in België en als vulgarisator in het culturele weekblad Rond den Heerd. In 1872 werd Gezelle overgeplaatst naar de O.-L.-Vrouwparochie te Kortrijk. Gedragen door een sympathiserende vriendenkring werd hij er de gelegenheidsdichter bij uitstek. Gaandeweg keerde hij er ook terug naar zijn oorspronkelijke postromantische en religieus geïnspireerde interesse voor de volkstaal en de poëzie. De taalkundige studie resulteerde vooral in een lexicografische verzameling van niet opgetekende woorden uit de volkstaal (Gezelles ‘Woordentas’ en het tijdschrift Loquela, vanaf 1881), waarmee ook hij het Zuid-Nederlands verdedigde binnen de ontwikkeling van de gestandaardiseerde Nederlandse cultuurtaal. Die filologische bedrijvigheid leidde bij Gezelle uiteindelijk ook tot een vernieuwde aandacht voor zijn eigen creatief werk, zowel vertaling (Longfellows Hiawatha) als oorspronkelijke poëzie. In 1889 werd hij directeur van een kleine Franse zustergemeenschap die zich in Kortrijk vestigde. Hij was een tijdje ambteloos. Dit liet hem toe zich op zijn schrijf- en studiewerk te concentreren. Het resultaat was o. m. de publicatie van twee poëziebundels, Tijdkrans (1893) en Rijmsnoer (1897), die, vooral in het laatste geval, qua vormgeving en originaliteit superieur van gehalte zijn. Om die authentieke en originele lyriek werd hij door H. Verriest, P. de Mont en vooral door Van Nu en Straks als een voorloper van de moderne Nederlandse poëzie beschouwd. Ook later eerden Nederlandse dichters, zoals Paul van Ostaijen en recenter, Christine D’haen, Gezelle als de meest creatieve en vernieuwende Nederlandse dichter in Vlaanderen. In 1899 werd Gezelle naar Brugge teruggeroepen om zich te wijden aan de vertaling van een theologisch werk van zijn bisschop (Waffelaerts Meditationes Theologicae). Hij verbleef nu in het Engels Klooster van Kanonikessen, waar hij echter vrij vlug en onverwachts stierf op 27 november 1899. Hij liet nog een verzameling uitzonderlijke gedichten na die in 1901 postuum als zijn Laatste Verzen werden gepubliceerd.
Links[odis], [wikipedia], [dbnl]

Naam - persoon

Naamonbekend
NaamGezelle, Guido; Loquela; Spoker
Datums° Brugge, 01/05/1830 - ✝ Brugge, 27/11/1899
GeslachtMannelijk
Beroeppriester; leraar; onderpastoor; dichter; taalgeleerde; vertaler; publicist
BioGuido Gezelle werd geboren in Brugge. Na zijn collegejaren en priesterstudies (priesterwijding te Brugge op 10/06/1854), werd hij in 1854 leraar aan het kleinseminarie te Roeselare. Gezelle gaf er onder meer talen, begeleidde de vrij uitgebreide kolonie buitenlandse leerlingen, vooral Engelsen, en kreeg tijdens twee schooljaren (1857-1859) een opdracht als leraar in de poësis. In 1865 werd Gezelle onderpastoor van de St.-Walburgaparochie te Brugge. Naast zijn druk pastoraal werk was hij bijzonder actief in het katholieke ultramontaanse persoffensief tegen de secularisering van het openbare leven in België en als vulgarisator in het culturele weekblad Rond den Heerd. In 1872 werd Gezelle overgeplaatst naar de O.-L.-Vrouwparochie te Kortrijk. Gedragen door een sympathiserende vriendenkring werd hij er de gelegenheidsdichter bij uitstek. Gaandeweg keerde hij er ook terug naar zijn oorspronkelijke postromantische en religieus geïnspireerde interesse voor de volkstaal en de poëzie. De taalkundige studie resulteerde vooral in een lexicografische verzameling van niet opgetekende woorden uit de volkstaal (Gezelles ‘Woordentas’ en het tijdschrift Loquela, vanaf 1881), waarmee ook hij het Zuid-Nederlands verdedigde binnen de ontwikkeling van de gestandaardiseerde Nederlandse cultuurtaal. Die filologische bedrijvigheid leidde bij Gezelle uiteindelijk ook tot een vernieuwde aandacht voor zijn eigen creatief werk, zowel vertaling (Longfellows Hiawatha) als oorspronkelijke poëzie. In 1889 werd hij directeur van een kleine Franse zustergemeenschap die zich in Kortrijk vestigde. Hij was een tijdje ambteloos. Dit liet hem toe zich op zijn schrijf- en studiewerk te concentreren. Het resultaat was o. m. de publicatie van twee poëziebundels, Tijdkrans (1893) en Rijmsnoer (1897), die, vooral in het laatste geval, qua vormgeving en originaliteit superieur van gehalte zijn. Om die authentieke en originele lyriek werd hij door H. Verriest, P. de Mont en vooral door Van Nu en Straks als een voorloper van de moderne Nederlandse poëzie beschouwd. Ook later eerden Nederlandse dichters, zoals Paul van Ostaijen en recenter, Christine D’haen, Gezelle als de meest creatieve en vernieuwende Nederlandse dichter in Vlaanderen. In 1899 werd Gezelle naar Brugge teruggeroepen om zich te wijden aan de vertaling van een theologisch werk van zijn bisschop (Waffelaerts Meditationes Theologicae). Hij verbleef nu in het Engels Klooster van Kanonikessen, waar hij echter vrij vlug en onverwachts stierf op 27 november 1899. Hij liet nog een verzameling uitzonderlijke gedichten na die in 1901 postuum als zijn Laatste Verzen werden gepubliceerd.
Links[odis], [wikipedia], [dbnl]
NaamWalton, Helena Amelia; Weale, Helena
Datums° Londen, 1838 - ✝ 1921
GeslachtVrouwelijk
VerblijfplaatsEngeland
BioHelena Walton werd geboren in 1838 in Bishop’s Gate te Londen als dochter van kleermaker Cornelius Walton en Honora Cronin (1813-1860), beiden geboren in Ierland. Cornelius Walton en Honora Cronin waren in maart 1837 gehuwd in St. Botolph’s, Aldgate te Londen. Er kwamen nog vier kinderen: Cornelius Walton jr (1836-1873), Mary Anne Walton (1839-1904), William Walton (1842-1912) en Hannah Walton (°1849). Helena huwde zelf op 30 augustus 1854 met W.H. James Weale in St. John's te Islington. In 1854 kwamen ze naar Brugge waar ze zich in 1857 definitief vestigde. In die periode had ze Guido Gezelle als haar biechtvader. Ze schreef hem brieven, waaruit een opmerkelijke mate van intimiteit blijkt. Het gezin kreeg 11 kinderen. In de jaren '70 keerde ze met haar gezin naar Engeland terug.
Relatie tot Gezellecorrespondent
BronnenB. De Leeuw, P. De Wilde, K. Verbeke, e.a., De briefwisseling van Guido Gezelle met de Engelsen. 1854-1899. Gent: Koninklijke Academie voor Nederlandse Taal- en Letterkunde, 1991, dl.III
NaamWalton, Mary Ann
Datums° Londen, 1839 - ✝ New York, 16/02/1904
GeslachtVrouwelijk
VerblijfplaatsEngeland; Verenigde Staten
BioMary Ann Walton werd geboren in 1839 te Spitalfields, Whitechapel te Londen als dochter van kleermaker Cornelius Walton en Honora Cronin (1813-1860). Er kwamen nog vier kinderen: Cornelius Walton jr (1836-1873), Helena Walton (1838-1921), William Walton (°1842) en Hannah Walton (°1849). Met de census van 1861 woonde het gezin Walton in Denmark Grove 15, Barnsbury Road, Islington, Londen. Helena was ondertussen in 1854 gehuwd met James Weale en zo werd Mary Ann de schoonzus van James Weale. Ze verbleef een tijdje te Brugge bij het gezin Weale. Ze trad in het huwelijk met Henry Bryson. Ze emigreerde vermoedelijk in 1867 samen met haar echtgenoot naar de Verenigde Staten en vestigde zich in New York. Het gezin kreeg zeven kinderen: Hugh (°1868), John (°1870), Ethel (°1872), Mary (°1875), Emma (°1878), Henry (°1883) en Edward (°1884).
Relatie tot Gezellecorrespondent
BronnenB. De Leeuw, P. De Wilde, K. Verbeke, e.a., De briefwisseling van Guido Gezelle met de Engelsen. 1854-1899. Gent: Koninklijke Academie voor Nederlandse Taal- en Letterkunde, 1991, dl.III; https://www.familysearch.org/nl/ ; FreeBMD
NaamTomlins
GeslachtMannelijk
BioVermoedelijk een leraar aan het Saint Vincent’s Orphanage te Brugge.

Naam - plaats

NaamBarnsbury
GemeenteLonden

Naam - instituut/vereniging

NaamSaint Vincent’s Orphanage, Brugge
BeschrijvingSaint Vincent’s Orphanage was een opvangtehuis voor katholieke Engelse kinderen met geloofstwijfel. Het was niet enkel voor weeskinderen. Het huis werd gesticht door de rijke Engelsman Arthur Robinson en was gelegen in de Sint-Jorisstraat 27 (37 volgens de nieuwe nummering) te Brugge. Robinson stond in voor de organisatie en de leiding, de leraars waren Engelsen. Guido Gezelle heeft er waarschijnlijk de mis gehouden en biecht afgenomen. De zusters van de H. Vincentius van Gits namen in 1910 de huisdienst aan in het Saint-Vincent’s Orphanage. Het tehuis bleef bestaan tot 1914.
Datering1855-1914
Links[odis]

Titel28/06/[1865], Barnsbury (London), Mary Ann Walton aan Guido Gezelle
EditeurGuido Spyns; Marc Carlier; Universiteit Antwerpen
Wetenschappelijke leidingEls Depuydt
Partners Openbare Bibliotheek Brugge (Guido Gezellearchief); Centrum voor Teksteditie en Bronnenstudie (Koninklijke Academie voor Nederlandse Taal en Letteren); Instituut voor de Studie van de Letterkunde in de Lage Landen (ISLN) (Piet Couttenier, Universiteit Antwerpen); Guido Gezellegenootschap
UitgeverGuido Gezellearchief, KANTL/CTB
Plaats van uitgaveBrugge, Gent
Publicatiedatum2023
Beschikbaarheid Teksten en afbeeldingen beschikbaar onder een Creative Commons Naamsvermelding - Niet Commercieel licentie.
DisclaimerDe editie van de Guido Gezellecorrespondentie is het resultaat van een samenwerkingsproject met vrijwilligers. De databank is in opbouw, aanvullingen en opmerkingen kunnen gemeld worden aan els.depuydt@brugge.be.
Meer informatie over het vrijwilligersproject is te vinden op gezelle.be.
CiterenEen brief kan worden geciteerd als:
[Naam van editeur(s)], [briefschrijver aan briefontvanger, plaats, datum]. In: GezelleBrOn, Wetenschappelijke editie van de correspondentie van Guido Gezelle. [publicatiedatum] Available from World Wide Web: [link].
VerzenderWalton, Mary Ann
OntvangerGezelle, Guido
Verzendingsdatum28/06/[1865]
VerzendingsplaatsBarnsbury (London)
AnnotatieJaartal gereconstrueerd op basis van jaartal gereconstrueerd op basis van :Lori Van Biervliet, De kroniek G. Gezelle - J. Weale aan de hand van de bewaarde briefwisseling/ door Lori Van Biervliet. In. - Biekorf Jrg. 80 (1980), p. 277.
Gepubliceerd inDe briefwisseling van Guido Gezelle met de Engelsen 1854-1899 / door B. De Leeuw, P. De Wilde, K. Verbeke, (o.l.v.) A. Deprez. - Gent : Koninklijke Academie voor Nederlandse Taal- en Letterkunde, 1991, dl.II, p.276-277
Fysieke bijzonderheden
Drager dubbel vel, 150x100
lila, gelijnd
papiersoort: 3 zijden beschreven; zijde 3 met adressaat, inkt
Staat volledig
Vormelijke bijzonderheden papiermerk: ongeïdentificeerd
watermerk: B & C°
Toevoegingen op zijde 1 links in de bovenrand: Aan G. Gezelle (inkt, hand P.A.)
Bewaargegevens
LandBelgië
PlaatsBrugge
BewaarplaatsGuido Gezellearchief
ID Gezellearchief7380
Bibliotheekrecordhttps://brugge.bibliotheek.be/detail/?itemid=|library/v/obbrugge/gezelle|13733
Inhoud
IncipitI received your very
Tekstsoortbrief
TalenEngels
De tekst werd diplomatisch getranscribeerd, en aangevuld met een editoriale laag.
De oorspronkelijke tekst werd ongewijzigd getranscribeerd; alleen typografische regeleindes en afbrekingstekens, en niet-betekenisvolle witruimte werden genormaliseerd.
Auteursingrepen in de tekst (toevoegingen, schrappingen), en latere redactie-ingrepen (schrappingen, toevoegingen, taalkundige notities) door de lezer werden overgenomen en expliciet gemarkeerd.
Voor een aantal tekstfenomenen werden naast de oorspronkelijke vorm ook editeursingrepen opgenomen in de transcriptie: oplossingen voor niet-gangbare afkortingen en correcties voor manifeste fouten. Daarnaast bevat de transcriptie editeursingrepen ter verbetering van de leesbaarheid (toevoegingen, reconstructies) of ter motivering van transcriptie-beslissingen (aanduiding van onzekere lezingen, weglating van onleesbare tekst). Alle editeursingrepen worden expliciet gemarkeerd.