<Resultaat 650 van 1905

>

p1
Monsieur le vicaire,

te à corriger une prière [1]

envoyer aussitôt on attend

.

de vous dire bien des choses

?autant de vous demander

l’honneur et le plaisir

vous êtes toujours en bonne santé et pas si surchargé de besogne que nous car nous n’avons plus le temps ni de manger ni de dormir nous n’avons plus jamais de repos. A l’occasion, veuillez présenter nos meilleurs compliments à la famille Verriest il y a longtemps que nous n’avons reçu de leurs nouvelles.

En vous recommandant le texte de nouveau par retour de courrier si possible,

agréez Monsieur le vicaire l’expression de nos sentiments respectueux
épouse Raoux-Manceau
p2

Noten

[1] De te corrigeren gebedstekst is waarschijnlijk bedoeld voor een litanieprentje, zoals Pierre Raoux er wel meer maakte.
openzieren z.zie obligierenalsan z. hoogd.zie hoogduitsch allesamtgalette kwante

Register

Correspondenten

NaamGezelle, Guido; Loquela; Spoker
Datums° Brugge, 01/05/1830 - ✝ Brugge, 27/11/1899
GeslachtMannelijk
Beroeppriester; leraar; onderpastoor; dichter; taalgeleerde; vertaler; publicist
BioGuido Gezelle werd geboren in Brugge. Na zijn collegejaren en priesterstudies (priesterwijding te Brugge op 10/06/1854), werd hij in 1854 leraar aan het kleinseminarie te Roeselare. Gezelle gaf er onder meer talen, begeleidde de vrij uitgebreide kolonie buitenlandse leerlingen, vooral Engelsen, en kreeg tijdens twee schooljaren (1857-1859) een opdracht als leraar in de poësis. In 1865 werd Gezelle onderpastoor van de St.-Walburgaparochie te Brugge. Naast zijn druk pastoraal werk was hij bijzonder actief in het katholieke ultramontaanse persoffensief tegen de secularisering van het openbare leven in België en als vulgarisator in het culturele weekblad Rond den Heerd. In 1872 werd Gezelle overgeplaatst naar de O.-L.-Vrouwparochie te Kortrijk. Gedragen door een sympathiserende vriendenkring werd hij er de gelegenheidsdichter bij uitstek. Gaandeweg keerde hij er ook terug naar zijn oorspronkelijke postromantische en religieus geïnspireerde interesse voor de volkstaal en de poëzie. De taalkundige studie resulteerde vooral in een lexicografische verzameling van niet opgetekende woorden uit de volkstaal (Gezelles ‘Woordentas’ en het tijdschrift Loquela, vanaf 1881), waarmee ook hij het Zuid-Nederlands verdedigde binnen de ontwikkeling van de gestandaardiseerde Nederlandse cultuurtaal. Die filologische bedrijvigheid leidde bij Gezelle uiteindelijk ook tot een vernieuwde aandacht voor zijn eigen creatief werk, zowel vertaling (Longfellows Hiawatha) als oorspronkelijke poëzie. In 1889 werd hij directeur van een kleine Franse zustergemeenschap die zich in Kortrijk vestigde. Hij was een tijdje ambteloos. Dit liet hem toe zich op zijn schrijf- en studiewerk te concentreren. Het resultaat was o. m. de publicatie van twee poëziebundels, Tijdkrans (1893) en Rijmsnoer (1897), die, vooral in het laatste geval, qua vormgeving en originaliteit superieur van gehalte zijn. Om die authentieke en originele lyriek werd hij door H. Verriest, P. de Mont en vooral door Van Nu en Straks als een voorloper van de moderne Nederlandse poëzie beschouwd. Ook later eerden Nederlandse dichters, zoals Paul van Ostaijen en recenter, Christine D’haen, Gezelle als de meest creatieve en vernieuwende Nederlandse dichter in Vlaanderen. In 1899 werd Gezelle naar Brugge teruggeroepen om zich te wijden aan de vertaling van een theologisch werk van zijn bisschop (Waffelaerts Meditationes Theologicae). Hij verbleef nu in het Engels Klooster van Kanonikessen, waar hij echter vrij vlug en onverwachts stierf op 27 november 1899. Hij liet nog een verzameling uitzonderlijke gedichten na die in 1901 postuum als zijn Laatste Verzen werden gepubliceerd.
Links[odis], [wikipedia], [dbnl]
NaamManceau, Leonie
Datums° Torhout, 10/03/1850
GeslachtVrouwelijk
Beroeplerares; administratief medewerker; wijnhandelaar
BioLeonie Manceau was de dochter van Francis Joseph Desire Manceau en Justine Marie Demey. Ze was de zus van Julien Manceau die de toneelafdeling van de Augustinusgilde leidde. Ze trad in januari 1881 in het huwelijk met drukker Pierre Raoux. Na enkele miskramen bleef het echtpaar kinderloos. Met haar kennis als leerkracht bracht ze het drukkersbedrijf zakelijk op een hoger niveau. Ze nam de correspondentie voor haar rekening, waardoor het Frans een prominentere plaats kreeg. Na de dood van haar echtgenoot verhuisde ze op 18/04/1919 naar Lochristi (Dorpsstraat 126) vanuit hun huis te Brugge in de Guido Gezellelaan. Op dat moment stond ze geregistreerd in het bevolkingsregister als ‘wijnhandelaarster’.

Briefschrijver

NaamManceau, Leonie
Datums° Torhout, 10/03/1850
GeslachtVrouwelijk
Beroeplerares; administratief medewerker; wijnhandelaar
BioLeonie Manceau was de dochter van Francis Joseph Desire Manceau en Justine Marie Demey. Ze was de zus van Julien Manceau die de toneelafdeling van de Augustinusgilde leidde. Ze trad in januari 1881 in het huwelijk met drukker Pierre Raoux. Na enkele miskramen bleef het echtpaar kinderloos. Met haar kennis als leerkracht bracht ze het drukkersbedrijf zakelijk op een hoger niveau. Ze nam de correspondentie voor haar rekening, waardoor het Frans een prominentere plaats kreeg. Na de dood van haar echtgenoot verhuisde ze op 18/04/1919 naar Lochristi (Dorpsstraat 126) vanuit hun huis te Brugge in de Guido Gezellelaan. Op dat moment stond ze geregistreerd in het bevolkingsregister als ‘wijnhandelaarster’.

Briefontvanger

NaamGezelle, Guido; Loquela; Spoker
Datums° Brugge, 01/05/1830 - ✝ Brugge, 27/11/1899
GeslachtMannelijk
Beroeppriester; leraar; onderpastoor; dichter; taalgeleerde; vertaler; publicist
BioGuido Gezelle werd geboren in Brugge. Na zijn collegejaren en priesterstudies (priesterwijding te Brugge op 10/06/1854), werd hij in 1854 leraar aan het kleinseminarie te Roeselare. Gezelle gaf er onder meer talen, begeleidde de vrij uitgebreide kolonie buitenlandse leerlingen, vooral Engelsen, en kreeg tijdens twee schooljaren (1857-1859) een opdracht als leraar in de poësis. In 1865 werd Gezelle onderpastoor van de St.-Walburgaparochie te Brugge. Naast zijn druk pastoraal werk was hij bijzonder actief in het katholieke ultramontaanse persoffensief tegen de secularisering van het openbare leven in België en als vulgarisator in het culturele weekblad Rond den Heerd. In 1872 werd Gezelle overgeplaatst naar de O.-L.-Vrouwparochie te Kortrijk. Gedragen door een sympathiserende vriendenkring werd hij er de gelegenheidsdichter bij uitstek. Gaandeweg keerde hij er ook terug naar zijn oorspronkelijke postromantische en religieus geïnspireerde interesse voor de volkstaal en de poëzie. De taalkundige studie resulteerde vooral in een lexicografische verzameling van niet opgetekende woorden uit de volkstaal (Gezelles ‘Woordentas’ en het tijdschrift Loquela, vanaf 1881), waarmee ook hij het Zuid-Nederlands verdedigde binnen de ontwikkeling van de gestandaardiseerde Nederlandse cultuurtaal. Die filologische bedrijvigheid leidde bij Gezelle uiteindelijk ook tot een vernieuwde aandacht voor zijn eigen creatief werk, zowel vertaling (Longfellows Hiawatha) als oorspronkelijke poëzie. In 1889 werd hij directeur van een kleine Franse zustergemeenschap die zich in Kortrijk vestigde. Hij was een tijdje ambteloos. Dit liet hem toe zich op zijn schrijf- en studiewerk te concentreren. Het resultaat was o. m. de publicatie van twee poëziebundels, Tijdkrans (1893) en Rijmsnoer (1897), die, vooral in het laatste geval, qua vormgeving en originaliteit superieur van gehalte zijn. Om die authentieke en originele lyriek werd hij door H. Verriest, P. de Mont en vooral door Van Nu en Straks als een voorloper van de moderne Nederlandse poëzie beschouwd. Ook later eerden Nederlandse dichters, zoals Paul van Ostaijen en recenter, Christine D’haen, Gezelle als de meest creatieve en vernieuwende Nederlandse dichter in Vlaanderen. In 1899 werd Gezelle naar Brugge teruggeroepen om zich te wijden aan de vertaling van een theologisch werk van zijn bisschop (Waffelaerts Meditationes Theologicae). Hij verbleef nu in het Engels Klooster van Kanonikessen, waar hij echter vrij vlug en onverwachts stierf op 27 november 1899. Hij liet nog een verzameling uitzonderlijke gedichten na die in 1901 postuum als zijn Laatste Verzen werden gepubliceerd.
Links[odis], [wikipedia], [dbnl]

Plaats van verzending

NaamBrugge
GemeenteBrugge

Naam - persoon

NaamManceau, Leonie
Datums° Torhout, 10/03/1850
GeslachtVrouwelijk
Beroeplerares; administratief medewerker; wijnhandelaar
BioLeonie Manceau was de dochter van Francis Joseph Desire Manceau en Justine Marie Demey. Ze was de zus van Julien Manceau die de toneelafdeling van de Augustinusgilde leidde. Ze trad in januari 1881 in het huwelijk met drukker Pierre Raoux. Na enkele miskramen bleef het echtpaar kinderloos. Met haar kennis als leerkracht bracht ze het drukkersbedrijf zakelijk op een hoger niveau. Ze nam de correspondentie voor haar rekening, waardoor het Frans een prominentere plaats kreeg. Na de dood van haar echtgenoot verhuisde ze op 18/04/1919 naar Lochristi (Dorpsstraat 126) vanuit hun huis te Brugge in de Guido Gezellelaan. Op dat moment stond ze geregistreerd in het bevolkingsregister als ‘wijnhandelaarster’.
NaamVerriest, Adolf
Datums° Deerlijk, 15/08/1830 - ✝ Kortrijk, 21/06/1892
GeslachtMannelijk
Beroepadvocaat; politicus; dichter; componist
BioAdolf Verriest werd geboren te Deerlijk op 15 augustus 1830 als zoon van Petrus-Johannes Verriest (1796-1871), koopman en armenmeester in Deerlijk. Hij was de oudere broer van Hugo Verriest en Gustaaf Verriest. Na de lagere school in Deerlijk liep hij college aan het kleinseminarie te Roeselare, waar hij een studiegenoot was van Guido Gezelle. Hij werd er de eerste voorzitter van de door Gezelle gestichte Lettergilde en zou voor het leven bevriend blijven met hem. Na zijn collegetijd volgde hij studies in de Letteren en de Rechten aan de Leuvense universiteit. In 1858 werd hij advocaat in Kortrijk en manifesteerde er zich als voorvechter van de volkstaal. Hij had er ook politieke ambities en werd er gemeenteraadslid van 1870 tot 1886 en schepen van 1886 tot aan zijn dood op 21 juni 1891. Hij was zeer actief in het Kortrijkse culturele leven in de jaren 1870 en 1880 (o.a. als voorzitter van het Davidsfonds en bestuurslid van de muziekschool). Hij was dichter en publicist (Gedichten en aanspraken. Kortrijk, 1893). Hij componeerde zelf liederen en vroeg Gezelle vaak om vertalingen van liederen. Gezelle schreef voor hem heel wat gelegenheidsgedichten waaronder: Adolf, mijn vriend, mijn advocaat. Gezelle was vriend aan huis en steunde Adolf met zijn politieke activiteiten.
Links[dbnl]
Relatie tot Gezellecorrespondent; gelegenheidsgedichten

Naam - plaats

NaamBrugge
GemeenteBrugge

Indextermen

Briefontvanger

Gezelle, Guido

Briefschrijver

Manceau, Leonie

Correspondenten

Gezelle, Guido
Manceau, Leonie

Naam - persoon

Manceau, Leonie
Verriest, Adolf

Naam - plaats

Brugge

Plaats van verzending

Brugge

Titel15/12/1884, Brugge, Leonie Manceau (= Mevr. Raoux) aan [Guido Gezelle]
EditeurE. Depuydt
Wetenschappelijke leidingEls Depuydt
Partners Openbare Bibliotheek Brugge (Guido Gezellearchief); Centrum voor Teksteditie en Bronnenstudie (Koninklijke Academie voor Nederlandse Taal en Letteren); Instituut voor de Studie van de Letterkunde in de Lage Landen (ISLN) (Piet Couttenier, Universiteit Antwerpen); Guido Gezellegenootschap
UitgeverGuido Gezellearchief, KANTL/CTB
Plaats van uitgaveBrugge, Gent
Publicatiedatum2023
Beschikbaarheid Teksten en afbeeldingen beschikbaar onder een Creative Commons Naamsvermelding - Niet Commercieel licentie.
DisclaimerDe editie van de Guido Gezellecorrespondentie is het resultaat van een samenwerkingsproject met vrijwilligers. De databank is in opbouw, aanvullingen en opmerkingen kunnen gemeld worden aan els.depuydt@brugge.be.
Meer informatie over het vrijwilligersproject is te vinden op gezelle.be.
CiterenEen brief kan worden geciteerd als:
[Naam van editeur(s)], [briefschrijver aan briefontvanger, plaats, datum]. In: GezelleBrOn, Wetenschappelijke editie van de correspondentie van Guido Gezelle. [publicatiedatum] Available from World Wide Web: [link].
VerzenderManceau, Leonie
Ontvanger[Gezelle, Guido]
Verzendingsdatum15/12/1884
VerzendingsplaatsBrugge (Brugge)
AnnotatieAdressaat gereconstrueerd op basis van contextuele gegevens.
Gepubliceerd inKoen Calis; Els Depuydt, Guido Gezelle en de verwenprenterije van Pieter Raoux. - in : Biekorf. Jrg. 115 (2015) nr. 4, p.415-416
Fysieke bijzonderheden
Drager 3 enkele vellen, enkel vel 1: 132x103 ; enkel vel 2: 133x105 ; enkel vel 3: 132x104
wit
papiersoort: 3 zijden beschreven, inkt
Staat onvolledig: brief verknipt tot vier taalkundige fiches waarvan drie gereconstrueerd; linkerbovenkant van vel ontbreekt; tekstverlies door verknippen
Vormelijke bijzonderheden papier met briefhoofd: [...] Bruges, le _ 18_
Toevoegingen op blanco zijde 2 in de bovenrand: taalkundige notities: openzieren z. obligieren (inkt, hand G.G.); op blanco zijden 4 en 6 onderaan: taalkundige notities: alsan // z. hoogd.[=hooguitsch] allesamt ; galette kwante (inkt, omgekeerd, hand G.G.)
Bewaargegevens
LandBelgië
PlaatsBrugge
BewaarplaatsGuido Gezellearchief
ID Gezellearchief8235 + 3322, G fiche 4
Bibliotheekrecordhttps://brugge.bibliotheek.be/detail/?itemid=|library/v/obbrugge/gezelle|14667
Inhoud
Incipità corriger avec prière
Tekstsoortbrief
TalenFrans
De tekst werd diplomatisch getranscribeerd, en aangevuld met een editoriale laag.
De oorspronkelijke tekst werd ongewijzigd getranscribeerd; alleen typografische regeleindes en afbrekingstekens, en niet-betekenisvolle witruimte werden genormaliseerd.
Auteursingrepen in de tekst (toevoegingen, schrappingen), en latere redactie-ingrepen (schrappingen, toevoegingen, taalkundige notities) door de lezer werden overgenomen en expliciet gemarkeerd.
Voor een aantal tekstfenomenen werden naast de oorspronkelijke vorm ook editeursingrepen opgenomen in de transcriptie: oplossingen voor niet-gangbare afkortingen en correcties voor manifeste fouten. Daarnaast bevat de transcriptie editeursingrepen ter verbetering van de leesbaarheid (toevoegingen, reconstructies) of ter motivering van transcriptie-beslissingen (aanduiding van onzekere lezingen, weglating van onleesbare tekst). Alle editeursingrepen worden expliciet gemarkeerd.