<Resultaat 820 van 2052

>

p1
Monsieur l’Abbé,

Voici dans ces deux boîtes, un long A.B.C.[1] soigneusement vérifié d’un bout à l’autre pour trouver tous les mots men avec verbe au pluriel dont ci-joint 7 billets de Ant. de Guevara, Johan V.D. Sande[2] et Jan de Brune[3] et un 8eme avec ce mot men finissant la phrase,[4] si vous voulez me donner ce livre[5] je chercherai la phrase suivante.

Il y en a encore dix-huit autres avec le verbe au singulier ou douteux.

Je n’ai pas de crayon bleu[6] je les ai marqués en vert et seulement le men n’ayant pas bien compris si c’était le sujet ou le verbe que je devais marquer.

Monsieur l’Abbé en vous remerciant de votre bienveillance je me recommande pour l’avenir pour ce délicieux remède, écritures et recherches.

p2

Noten

[1] Op vraag van Guido gezelle noteerde Cordelia uitleg bij woorden of een verklarend voorbeeld bij onderstreepte woorden van Guido Gezelle in oude boeken in functie van zijn Woordentas, een verzameling van 150.000 fiches met taalkundige notities. De woorden werden alfabetisch gerangschikt.
[2] Mogelijk wordt hiermee verwezen naar Vijf Boecken der Gewysder Saecken voor den Hove van Vries-land (1652).
[3] Mogelijk wordt hiermee verwezen naar Jok en Ernst (1644).
[4] Hiermee refereerde Cordelia aan de fiches die ze maakte voor Gezelles Woordentas. Deze bevat onder het lemma ‘men’ inderdaad meerdere fiches die verwijzen naar Antonio de Guevara. Eén fiche verwijst echter ook naar J. de Sangere. Mogelijk is dit de achtste auteur die Cordelia bedoelde.
[5] Mogelijk het boek van J. de Sangere.
[6] Guido Gezelle gebruikte vaak een blauw potlood om zaken te extra te markeren of te doorstrepen.
Deklap, den. die schoen hén n groote kraweie Kraweie staat voor ‘iets dat, beschadigd zijnde, hersteld en vermaakt moet worden bij den ambachtsman’ (De Bo, Westvlaamsch Idioticon, p.501). noodig: ze gaan moeten nieuwe zolen en deklappen he’n. Kraweie staat voor ‘iets dat, beschadigd zijnde, hersteld en vermaakt moet worden bij den ambachtsman’ (De Bo, Westvlaamsch Idioticon, p.501).swanselen zwemmen ‘k ga gaan swanselen, naar de vaart over de Luppaardsbrugge De Luipaardbrug te Kortrijk, boven het kanaal Kortrijk-Bossuit. Net op de gemeentegrens Kortrijk-Harelbeke. Eerste aanduiding op de kaart van het Militair Cartografisch Instituut rond 1885. Er was een treinhalte Kortrijk-Luipaardbrug naar de Luipaardbrug genoemd.Onderstreping van Guido Gezelle in blauw potlood.K De Luipaardbrug te Kortrijk, boven het kanaal Kortrijk-Bossuit. Net op de gemeentegrens Kortrijk-Harelbeke. Eerste aanduiding op de kaart van het Militair Cartografisch Instituut rond 1885. Er was een treinhalte Kortrijk-Luipaardbrug naar de Luipaardbrug genoemd.Onderstreping van Guido Gezelle in blauw potlood.

Register

Correspondenten

NaamGezelle, Guido; Loquela; Spoker
Datums° Brugge, 01/05/1830 - ✝ Brugge, 27/11/1899
GeslachtMannelijk
Beroeppriester; leraar; onderpastoor; dichter; taalgeleerde; vertaler; publicist
BioGuido Gezelle werd geboren in Brugge. Na zijn collegejaren en priesterstudies (priesterwijding te Brugge op 10/06/1854), werd hij in 1854 leraar aan het kleinseminarie te Roeselare. Gezelle gaf er onder meer talen, begeleidde de vrij uitgebreide kolonie buitenlandse leerlingen, vooral Engelsen, en kreeg tijdens twee schooljaren (1857-1859) een opdracht als leraar in de poësis. In 1865 werd Gezelle onderpastoor van de St.-Walburgaparochie te Brugge. Naast zijn druk pastoraal werk was hij bijzonder actief in het katholieke ultramontaanse persoffensief tegen de secularisering van het openbare leven in België en als vulgarisator in het culturele weekblad Rond den Heerd. In 1872 werd Gezelle overgeplaatst naar de O.-L.-Vrouwparochie te Kortrijk. Gedragen door een sympathiserende vriendenkring werd hij er de gelegenheidsdichter bij uitstek. Gaandeweg keerde hij er ook terug naar zijn oorspronkelijke postromantische en religieus geïnspireerde interesse voor de volkstaal en de poëzie. De taalkundige studie resulteerde vooral in een lexicografische verzameling van niet opgetekende woorden uit de volkstaal (Gezelles ‘Woordentas’ en het tijdschrift Loquela, vanaf 1881), waarmee ook hij het Zuid-Nederlands verdedigde binnen de ontwikkeling van de gestandaardiseerde Nederlandse cultuurtaal. Die filologische bedrijvigheid leidde bij Gezelle uiteindelijk ook tot een vernieuwde aandacht voor zijn eigen creatief werk, zowel vertaling (Longfellows Hiawatha) als oorspronkelijke poëzie. In 1889 werd hij directeur van een kleine Franse zustergemeenschap die zich in Kortrijk vestigde. Hij was een tijdje ambteloos. Dit liet hem toe zich op zijn schrijf- en studiewerk te concentreren. Het resultaat was o. m. de publicatie van twee poëziebundels, Tijdkrans (1893) en Rijmsnoer (1897), die, vooral in het laatste geval, qua vormgeving en originaliteit superieur van gehalte zijn. Om die authentieke en originele lyriek werd hij door H. Verriest, P. de Mont en vooral door Van Nu en Straks als een voorloper van de moderne Nederlandse poëzie beschouwd. Ook later eerden Nederlandse dichters, zoals Paul van Ostaijen en recenter, Christine D’haen, Gezelle als de meest creatieve en vernieuwende Nederlandse dichter in Vlaanderen. In 1899 werd Gezelle naar Brugge teruggeroepen om zich te wijden aan de vertaling van een theologisch werk van zijn bisschop (Waffelaerts Meditationes Theologicae). Hij verbleef nu in het Engels Klooster van Kanonikessen, waar hij echter vrij vlug en onverwachts stierf op 27 november 1899. Hij liet nog een verzameling uitzonderlijke gedichten na die in 1901 postuum als zijn Laatste Verzen werden gepubliceerd.
Links[odis], [wikipedia], [dbnl]
NaamVan De Wiele, Cordelia
Datums° Kortrijk, 18/06/1840 - ✝ Kortrijk, 16/02/1929
GeslachtVrouwelijk
Beroepsecretaresse; verzekeringsagente
BioCordelia was de dochter van de muziekleraar Jean Louis Van De Wiele (1795-1866) en Virginie Eykens (1797?-1861) uit de Kapittelstraat te Kortrijk. Haar vader was muziekleraar geweest in de H. Geestschool, en op haar beurt leverde ze zelf de 'cahiers de solvège' of notenleerschriftjes aan de harmonie van deze school. Ze werkte als verzekeringsagente bij de maatschappij 'Securitas' uit Antwerpen. Ze woonde jarenlang in de Begijnhofstraat te Kortrijk en was gedurende een kwarteeuw Gezelles secretaresse (1874-1899). Ze verrichtte ontzettend veel werk voor Gezelles Woordentas. Ze was hem behulpzaam bij zijn correspondentie en ze was ook persoonlijk betrokken bij de uitgave van de Duikalmanak (1886-1897).
Relatie tot Gezellezanter (WDT); secretaresse van Gezelle; correspondent
BronnenB. De Leeuw, P. De Wilde, K. Verbeke, e.a., De briefwisseling van Guido Gezelle met de Engelsen. 1854-1899. Gent: Koninklijke Academie voor Nederlandse Taal- en Letterkunde, 1991, dl.III ; Julien Vermeulen, Een vakman in de Kortrijkse binnenstad, 2015, p.56

Briefschrijver

NaamVan De Wiele, Cordelia
Datums° Kortrijk, 18/06/1840 - ✝ Kortrijk, 16/02/1929
GeslachtVrouwelijk
Beroepsecretaresse; verzekeringsagente
BioCordelia was de dochter van de muziekleraar Jean Louis Van De Wiele (1795-1866) en Virginie Eykens (1797?-1861) uit de Kapittelstraat te Kortrijk. Haar vader was muziekleraar geweest in de H. Geestschool, en op haar beurt leverde ze zelf de 'cahiers de solvège' of notenleerschriftjes aan de harmonie van deze school. Ze werkte als verzekeringsagente bij de maatschappij 'Securitas' uit Antwerpen. Ze woonde jarenlang in de Begijnhofstraat te Kortrijk en was gedurende een kwarteeuw Gezelles secretaresse (1874-1899). Ze verrichtte ontzettend veel werk voor Gezelles Woordentas. Ze was hem behulpzaam bij zijn correspondentie en ze was ook persoonlijk betrokken bij de uitgave van de Duikalmanak (1886-1897).
Relatie tot Gezellezanter (WDT); secretaresse van Gezelle; correspondent
BronnenB. De Leeuw, P. De Wilde, K. Verbeke, e.a., De briefwisseling van Guido Gezelle met de Engelsen. 1854-1899. Gent: Koninklijke Academie voor Nederlandse Taal- en Letterkunde, 1991, dl.III ; Julien Vermeulen, Een vakman in de Kortrijkse binnenstad, 2015, p.56

Briefontvanger

NaamGezelle, Guido; Loquela; Spoker
Datums° Brugge, 01/05/1830 - ✝ Brugge, 27/11/1899
GeslachtMannelijk
Beroeppriester; leraar; onderpastoor; dichter; taalgeleerde; vertaler; publicist
BioGuido Gezelle werd geboren in Brugge. Na zijn collegejaren en priesterstudies (priesterwijding te Brugge op 10/06/1854), werd hij in 1854 leraar aan het kleinseminarie te Roeselare. Gezelle gaf er onder meer talen, begeleidde de vrij uitgebreide kolonie buitenlandse leerlingen, vooral Engelsen, en kreeg tijdens twee schooljaren (1857-1859) een opdracht als leraar in de poësis. In 1865 werd Gezelle onderpastoor van de St.-Walburgaparochie te Brugge. Naast zijn druk pastoraal werk was hij bijzonder actief in het katholieke ultramontaanse persoffensief tegen de secularisering van het openbare leven in België en als vulgarisator in het culturele weekblad Rond den Heerd. In 1872 werd Gezelle overgeplaatst naar de O.-L.-Vrouwparochie te Kortrijk. Gedragen door een sympathiserende vriendenkring werd hij er de gelegenheidsdichter bij uitstek. Gaandeweg keerde hij er ook terug naar zijn oorspronkelijke postromantische en religieus geïnspireerde interesse voor de volkstaal en de poëzie. De taalkundige studie resulteerde vooral in een lexicografische verzameling van niet opgetekende woorden uit de volkstaal (Gezelles ‘Woordentas’ en het tijdschrift Loquela, vanaf 1881), waarmee ook hij het Zuid-Nederlands verdedigde binnen de ontwikkeling van de gestandaardiseerde Nederlandse cultuurtaal. Die filologische bedrijvigheid leidde bij Gezelle uiteindelijk ook tot een vernieuwde aandacht voor zijn eigen creatief werk, zowel vertaling (Longfellows Hiawatha) als oorspronkelijke poëzie. In 1889 werd hij directeur van een kleine Franse zustergemeenschap die zich in Kortrijk vestigde. Hij was een tijdje ambteloos. Dit liet hem toe zich op zijn schrijf- en studiewerk te concentreren. Het resultaat was o. m. de publicatie van twee poëziebundels, Tijdkrans (1893) en Rijmsnoer (1897), die, vooral in het laatste geval, qua vormgeving en originaliteit superieur van gehalte zijn. Om die authentieke en originele lyriek werd hij door H. Verriest, P. de Mont en vooral door Van Nu en Straks als een voorloper van de moderne Nederlandse poëzie beschouwd. Ook later eerden Nederlandse dichters, zoals Paul van Ostaijen en recenter, Christine D’haen, Gezelle als de meest creatieve en vernieuwende Nederlandse dichter in Vlaanderen. In 1899 werd Gezelle naar Brugge teruggeroepen om zich te wijden aan de vertaling van een theologisch werk van zijn bisschop (Waffelaerts Meditationes Theologicae). Hij verbleef nu in het Engels Klooster van Kanonikessen, waar hij echter vrij vlug en onverwachts stierf op 27 november 1899. Hij liet nog een verzameling uitzonderlijke gedichten na die in 1901 postuum als zijn Laatste Verzen werden gepubliceerd.
Links[odis], [wikipedia], [dbnl]

Plaats van verzending

NaamKortrijk
GemeenteKortrijk

Naam - persoon

Naamvan den Sande, Johan; à Sande
Datums° Arnhem, 28/06/1568 - ✝ Leewarden, 17/11/1638
GeslachtMannelijk
Beroepadvocaat; historicus; auteur; professor
VerblijfplaatsNederland
BioJohan van den Sande (of Jan van Sande) was een vooraanstaand schrijver van het gewoonterecht van Friesland, en historicus. Hij werd geboren in het Gelderse Arnhem en studeerde aan de universiteiten van Wittenberg en Leiden, om uiteindelijk doctor in de Rechten te worden. Op dertigjarige leeftijd werd hij hoogleraar in de rechten te Franeker (Friesland). Later, in 1604, werd hij raadsheer aan het Hof van Friesland. Hij vestigde zich te Leeuwarden en speelde een belangrijke rol in de godsdienstig-staatkundige geschillen van die tijd, o.m. als afgevaardigde in de Synode van Dordrecht in 1618. Zijn ‘Decisiones Currae Frisicae’ (1638) is een verhandeling over het gangbare recht in Friesland, geïllustreerd met besluiten van het Friese Hof (In het Nederlands: Gewijde Saecken). Verder van zijn hand is ook ‘Kort Begrijp der Nederlantsche historiën’. Gezelle bezat diens ‘Vijff Boecken der Gewysder Saecken voorden Hove van Vries-land’ uit 1652.
BronnenNienke Bakker, Gezelles Woordentas, Leiden 1998, p.109; ook in dbnl
NaamDe Brune, Jan; Jan (of Johan) de Brune de Jonge
Datums° Middelburg, 10/07/1616 - ✝ Middelburg, 22/10/1649
GeslachtMannelijk
Beroepschrijver; dichter; essayist
VerblijfplaatsNederland
BioJan of Johan de Brune de Jonge was een 17e-eeuwse schrijver en dichter. Hij werd in 1616 geboren in Middelburg en groeide op bij zijn moeder en haar familie. Zo heeft hij lang bij zijn ooms Gerardus Vossius en Franciscus Junius gewoond. Zij waren respectievelijk hoogleraar en kunsthistoricus, en bezaten bibliotheken waarvan Jan goed gebruikt maakte. Alzo was hij al op jonge leeftijd een erudiet man, wat ook af te lezen is uit zijn werk. Nog een andere oom van hem, Johan de Brune de Oude, had naam gemaakt met een bundel emblemata, vergezeld van essays in de stijl van Michel de Montaigne. Ook De Brune de Jonge beoefende dit genre met geestdrift, vooral in zijn meestgelezen werk, de "Wetsteen der vernuften" (1644). Zijn proza is geschreven in een frisse, directe stijl, waaruit ook gevoel voor humor en kennis van de literatuur van zijn tijd blijkt. Verder publiceerde hij onder meer een bundel gedichten (Veirsjes, 1639), en schreef hij het voorwoord en de opdracht (aan Frederik Hendrik) bij het schildertraktaat "De Schilderkonst der Oude" (1641) van zijn oom Franciscus Junius. Jan de Brune de Jonge stierf op jonge leeftijd in 1649. Postuum werd uit zijn nagelaten papieren een tweede deel van de Wetsteen samengesteld (1659).
Links[wikipedia]
BronnenNienke Bakker, Gezelles Woordentas, Leiden, 1998, p. 97

Naam - plaats

NaamKortrijk
GemeenteKortrijk

Titel - ander werk

TitelJok en ernst
AuteurDe Brune, Jan de jonge
Datum1644
PlaatsAmsterdam
UitgeverArts. Colom
TitelVruntlicke ghemeen sendtbrieven van don Anthonio de Guevara, bisschop van modonnedo ... uten Spaanschen overgheset in Nederlandsche spraacke
AuteurVan Beresteyn, Cornelis
Datum1632
PlaatsAmsterdam
UitgeverBroer Janszoon
Links[googlebooks]
TitelVÿff boecken der gewysder saecken voor den hove van Vries-Land. Eerst-maal int latÿn beschreven
Auteurvan den Sande, Johan
Datum1652
PlaatsLeeuwarden
UitgeverZ. Rinnerts
TitelEen cleyn tractaetken van de liefde Godts, sonder de welcke datmen niet en can salich worden. Met sommighe schoone middelen om tot op-rechte liefde (die alle dinghen licht maeckt) te comen.
AuteurIan de Sangere
Datum1628
PlaatsLeuven
UitgeverFranchoys Fabri

Titel25/01/1886, [Kortrijk], [Cordelia Van De Wiele] aan [Guido Gezelle]
EditeurKarel Platteau; Universiteit Antwerpen
Wetenschappelijke leidingEls Depuydt
Partners Openbare Bibliotheek Brugge (Guido Gezellearchief); Centrum voor Teksteditie en Bronnenstudie (Koninklijke Academie voor Nederlandse Taal en Letteren); Instituut voor de Studie van de Letterkunde in de Lage Landen (ISLN) (Piet Couttenier, Universiteit Antwerpen); Guido Gezellegenootschap
UitgeverGuido Gezellearchief, KANTL/CTB
Plaats van uitgaveBrugge, Gent
Publicatiedatum2023
Beschikbaarheid Teksten en afbeeldingen beschikbaar onder een Creative Commons Naamsvermelding - Niet Commercieel licentie.
DisclaimerDe editie van de Guido Gezellecorrespondentie is het resultaat van een samenwerkingsproject met vrijwilligers. De databank is in opbouw, aanvullingen en opmerkingen kunnen gemeld worden aan els.depuydt@brugge.be.
Meer informatie over het vrijwilligersproject is te vinden op gezelle.be.
CiterenEen brief kan worden geciteerd als:
[Naam van editeur(s)], [briefschrijver aan briefontvanger, plaats, datum]. In: GezelleBrOn, Wetenschappelijke editie van de correspondentie van Guido Gezelle. [publicatiedatum] Available from World Wide Web: [link].
Verzender[Van De Wiele, Cordelia]
Ontvanger[Gezelle, Guido]
Verzendingsdatum25/01/1886
VerzendingsplaatsKortrijk (Kortrijk)
AnnotatieBriefversie van datering: Conversion de St. Paul 1886 ; adressant gereconstrueerd op basis van het handschrift en fragment van signering ; adressaat en plaats gereconstrueerd op basis van contextuele gegevens.
Fysieke bijzonderheden
Drager 2 enkele vellen, enkel vel 1: 105x134 ; enkel vel 2: 95x132
wit
papiersoort: 2 zijden beschreven, inkt
Staat onvolledig: brief verknipt tot meerdere taalkundige fiches waarvan twee gereconstrueerd met licht tekstverlies; volgend vel ontbreekt
Toevoegingen op blanco zijde 2 rechts: taalkundige notities: Deklap, den. // die schoen hén n groote // kraweie noodig: ze gaan // moeten nieuwe zolen en // deklappen he'n. (inkt, verticaal, hand G.G.); op blanco zijde 4 rechts: taalkundige notities:swanselen zwemmen // 'k ga gaan swanselen, naar de // vaart over de Luppaards- // brugge // K (inkt en blauw potlood, verticaal, hand G.G.)
Bewaargegevens
LandBelgië
PlaatsBrugge
BewaarplaatsGuido Gezellearchief
ID Gezellearchief8354 + 3587, swanselen
Bibliotheekrecordhttps://brugge.bibliotheek.be/detail/?itemid=|library/v/obbrugge/gezelle|14789
Inhoud
IncipitVoici dans ces deux boîtes, un
Tekstsoortbrief
TalenFrans
De tekst werd diplomatisch getranscribeerd, en aangevuld met een editoriale laag.
De oorspronkelijke tekst werd ongewijzigd getranscribeerd; alleen typografische regeleindes en afbrekingstekens, en niet-betekenisvolle witruimte werden genormaliseerd.
Auteursingrepen in de tekst (toevoegingen, schrappingen), en latere redactie-ingrepen (schrappingen, toevoegingen, taalkundige notities) door de lezer werden overgenomen en expliciet gemarkeerd.
Voor een aantal tekstfenomenen werden naast de oorspronkelijke vorm ook editeursingrepen opgenomen in de transcriptie: oplossingen voor niet-gangbare afkortingen en correcties voor manifeste fouten. Daarnaast bevat de transcriptie editeursingrepen ter verbetering van de leesbaarheid (toevoegingen, reconstructies) of ter motivering van transcriptie-beslissingen (aanduiding van onzekere lezingen, weglating van onleesbare tekst). Alle editeursingrepen worden expliciet gemarkeerd.