<Resultaat 718 van 2182

>

p1

Je prie Monsieur le révérend vicaire de bien vouloir offrir demain le St Sacrifice de la messe pour le repos de l’ame de mon père Eloi Mesnage

Epse L: DeGeyne
Courtrai le 21 Mai 1884
p2

Noten

lijfe z. Zie. per- Zie. borste z. Zie. bakborste “ “ windborste Zie.

Register

Correspondenten

NaamGezelle, Guido; Loquela; Spoker
Datums° Brugge, 01/05/1830 - ✝ Brugge, 27/11/1899
GeslachtMannelijk
Beroeppriester; leraar; onderpastoor; dichter; taalgeleerde; vertaler; publicist
BioGuido Gezelle werd geboren in Brugge. Na zijn collegejaren en priesterstudies (priesterwijding te Brugge op 10/06/1854), werd hij in 1854 leraar aan het kleinseminarie te Roeselare. Gezelle gaf er onder meer talen, begeleidde de vrij uitgebreide kolonie buitenlandse leerlingen, vooral Engelsen, en kreeg tijdens twee schooljaren (1857-1859) een opdracht als leraar in de poësis. In 1865 werd Gezelle onderpastoor van de St.-Walburgaparochie te Brugge. Naast zijn druk pastoraal werk was hij bijzonder actief in het katholieke ultramontaanse persoffensief tegen de secularisering van het openbare leven in België en als vulgarisator in het culturele weekblad Rond den Heerd. In 1872 werd Gezelle overgeplaatst naar de O.-L.-Vrouwparochie te Kortrijk. Gedragen door een sympathiserende vriendenkring werd hij er de gelegenheidsdichter bij uitstek. Gaandeweg keerde hij er ook terug naar zijn oorspronkelijke postromantische en religieus geïnspireerde interesse voor de volkstaal en de poëzie. De taalkundige studie resulteerde vooral in een lexicografische verzameling van niet opgetekende woorden uit de volkstaal (Gezelles ‘Woordentas’ en het tijdschrift Loquela, vanaf 1881), waarmee ook hij het Zuid-Nederlands verdedigde binnen de ontwikkeling van de gestandaardiseerde Nederlandse cultuurtaal. Die filologische bedrijvigheid leidde bij Gezelle uiteindelijk ook tot een vernieuwde aandacht voor zijn eigen creatief werk, zowel vertaling (Longfellows Hiawatha) als oorspronkelijke poëzie. In 1889 werd hij directeur van een kleine Franse zustergemeenschap die zich in Kortrijk vestigde. Hij was een tijdje ambteloos. Dit liet hem toe zich op zijn schrijf- en studiewerk te concentreren. Het resultaat was o. m. de publicatie van twee poëziebundels, Tijdkrans (1893) en Rijmsnoer (1897), die, vooral in het laatste geval, qua vormgeving en originaliteit superieur van gehalte zijn. Om die authentieke en originele lyriek werd hij door H. Verriest, P. de Mont en vooral door Van Nu en Straks als een voorloper van de moderne Nederlandse poëzie beschouwd. Ook later eerden Nederlandse dichters, zoals Paul van Ostaijen en recenter, Christine D’haen, Gezelle als de meest creatieve en vernieuwende Nederlandse dichter in Vlaanderen. In 1899 werd Gezelle naar Brugge teruggeroepen om zich te wijden aan de vertaling van een theologisch werk van zijn bisschop (Waffelaerts Meditationes Theologicae). Hij verbleef nu in het Engels Klooster van Kanonikessen, waar hij echter vrij vlug en onverwachts stierf op 27 november 1899. Hij liet nog een verzameling uitzonderlijke gedichten na die in 1901 postuum als zijn Laatste Verzen werden gepubliceerd.
Links[odis], [wikipedia], [dbnl]
NaamMesnage, Cathérine Joséphine
Datums° Brussel, 20/07/1839 - ✝ Kortrijk, 18/09/1901
GeslachtVrouwelijk
BioCathérine Joséphine Mesnage was de dochter van Elooi Mesnage (Beloeil, 1804 – Kortrijk, 24/05/1876) en Maria Elizabeth Goens. Ze werd geboren in Brussel op 20 juli 1839. Ze trouwde op 23 januari 1864 in Brussel met Léopold Louis De Geyne (Kortrijk, 09/11/1836 – Kortrijk, 12/11/1916), op dat moment woonachtig in Elsene. Het echtpaar ging in Kortrijk wonen waar Léopold De Geyne stadsarchitect werd. Hij was de zoon van ondernemer Jacques De Geyne en Virginie Masquelier. Cathérine overleed in Kortrijk op 18 september 1901.
Relatie tot Gezellecorrespondent
BronnenBeeldbank Kortrijk; Rijksregister

Briefschrijver

NaamMesnage, Cathérine Joséphine
Datums° Brussel, 20/07/1839 - ✝ Kortrijk, 18/09/1901
GeslachtVrouwelijk
BioCathérine Joséphine Mesnage was de dochter van Elooi Mesnage (Beloeil, 1804 – Kortrijk, 24/05/1876) en Maria Elizabeth Goens. Ze werd geboren in Brussel op 20 juli 1839. Ze trouwde op 23 januari 1864 in Brussel met Léopold Louis De Geyne (Kortrijk, 09/11/1836 – Kortrijk, 12/11/1916), op dat moment woonachtig in Elsene. Het echtpaar ging in Kortrijk wonen waar Léopold De Geyne stadsarchitect werd. Hij was de zoon van ondernemer Jacques De Geyne en Virginie Masquelier. Cathérine overleed in Kortrijk op 18 september 1901.
Relatie tot Gezellecorrespondent
BronnenBeeldbank Kortrijk; Rijksregister

Briefontvanger

NaamGezelle, Guido; Loquela; Spoker
Datums° Brugge, 01/05/1830 - ✝ Brugge, 27/11/1899
GeslachtMannelijk
Beroeppriester; leraar; onderpastoor; dichter; taalgeleerde; vertaler; publicist
BioGuido Gezelle werd geboren in Brugge. Na zijn collegejaren en priesterstudies (priesterwijding te Brugge op 10/06/1854), werd hij in 1854 leraar aan het kleinseminarie te Roeselare. Gezelle gaf er onder meer talen, begeleidde de vrij uitgebreide kolonie buitenlandse leerlingen, vooral Engelsen, en kreeg tijdens twee schooljaren (1857-1859) een opdracht als leraar in de poësis. In 1865 werd Gezelle onderpastoor van de St.-Walburgaparochie te Brugge. Naast zijn druk pastoraal werk was hij bijzonder actief in het katholieke ultramontaanse persoffensief tegen de secularisering van het openbare leven in België en als vulgarisator in het culturele weekblad Rond den Heerd. In 1872 werd Gezelle overgeplaatst naar de O.-L.-Vrouwparochie te Kortrijk. Gedragen door een sympathiserende vriendenkring werd hij er de gelegenheidsdichter bij uitstek. Gaandeweg keerde hij er ook terug naar zijn oorspronkelijke postromantische en religieus geïnspireerde interesse voor de volkstaal en de poëzie. De taalkundige studie resulteerde vooral in een lexicografische verzameling van niet opgetekende woorden uit de volkstaal (Gezelles ‘Woordentas’ en het tijdschrift Loquela, vanaf 1881), waarmee ook hij het Zuid-Nederlands verdedigde binnen de ontwikkeling van de gestandaardiseerde Nederlandse cultuurtaal. Die filologische bedrijvigheid leidde bij Gezelle uiteindelijk ook tot een vernieuwde aandacht voor zijn eigen creatief werk, zowel vertaling (Longfellows Hiawatha) als oorspronkelijke poëzie. In 1889 werd hij directeur van een kleine Franse zustergemeenschap die zich in Kortrijk vestigde. Hij was een tijdje ambteloos. Dit liet hem toe zich op zijn schrijf- en studiewerk te concentreren. Het resultaat was o. m. de publicatie van twee poëziebundels, Tijdkrans (1893) en Rijmsnoer (1897), die, vooral in het laatste geval, qua vormgeving en originaliteit superieur van gehalte zijn. Om die authentieke en originele lyriek werd hij door H. Verriest, P. de Mont en vooral door Van Nu en Straks als een voorloper van de moderne Nederlandse poëzie beschouwd. Ook later eerden Nederlandse dichters, zoals Paul van Ostaijen en recenter, Christine D’haen, Gezelle als de meest creatieve en vernieuwende Nederlandse dichter in Vlaanderen. In 1899 werd Gezelle naar Brugge teruggeroepen om zich te wijden aan de vertaling van een theologisch werk van zijn bisschop (Waffelaerts Meditationes Theologicae). Hij verbleef nu in het Engels Klooster van Kanonikessen, waar hij echter vrij vlug en onverwachts stierf op 27 november 1899. Hij liet nog een verzameling uitzonderlijke gedichten na die in 1901 postuum als zijn Laatste Verzen werden gepubliceerd.
Links[odis], [wikipedia], [dbnl]

Plaats van verzending

NaamKortrijk
GemeenteKortrijk

Naam - persoon

NaamMesnage, Cathérine Joséphine
Datums° Brussel, 20/07/1839 - ✝ Kortrijk, 18/09/1901
GeslachtVrouwelijk
BioCathérine Joséphine Mesnage was de dochter van Elooi Mesnage (Beloeil, 1804 – Kortrijk, 24/05/1876) en Maria Elizabeth Goens. Ze werd geboren in Brussel op 20 juli 1839. Ze trouwde op 23 januari 1864 in Brussel met Léopold Louis De Geyne (Kortrijk, 09/11/1836 – Kortrijk, 12/11/1916), op dat moment woonachtig in Elsene. Het echtpaar ging in Kortrijk wonen waar Léopold De Geyne stadsarchitect werd. Hij was de zoon van ondernemer Jacques De Geyne en Virginie Masquelier. Cathérine overleed in Kortrijk op 18 september 1901.
Relatie tot Gezellecorrespondent
BronnenBeeldbank Kortrijk; Rijksregister
NaamMesnage, Elooi; Mesnage, Eloy
Datums° Beloeil, 25/05/1805 - ✝ Kortrijk, 24/05/1876
GeslachtMannelijk
Beroephandelaar; bediende
BioElooi Mesnage werd op 25 mei 1805 geboren in Beloeil. Op 17 mei 1837 huwde hij Maria Elizabeth Goens (°22/08/1810). Op dat moment had hij nog geen beroep, hoewel hij volgens de Moniteur Belge sinds 1 mei 1837 ‘messager à la cour d'appel de Bruxelles et huissier au ministère des Finances’ was, en dit tot 1 januari 1872. Volgens gegevens van de burgerlijke stand, trad hij diverse malen op als getuige bij een huwelijk. Daarbij werd in 1838 genoteerd dat hij handelaar was, in 1847 bediende op het Ministerie van Financiën, en in 1864 conciërge. Op 1 januari 1872 ging hij met pensioen, en op 24 mei stierf hij in Kortrijk. Elooi was de vader van Cathérine Joséphine Mesnage, correspondente van Guido Gezelle.
Bronnen https://nl.geneanet.org/; Moniteur Belge (8 maart 1872); Rijksarchief

Naam - plaats

NaamKortrijk
GemeenteKortrijk

Indextermen

Briefontvanger

Gezelle, Guido

Briefschrijver

Mesnage, Cathérine Joséphine

Correspondenten

Gezelle, Guido
Mesnage, Cathérine Joséphine

Naam - persoon

Mesnage, Cathérine Joséphine
Mesnage, Elooi

Naam - plaats

Kortrijk

Plaats van verzending

Kortrijk

Titel21/05/1884, Kortrijk, Cathérine Joséphine Mesnage (=(mevrouw) Leopold De Geyne) aan [Guido Gezelle]
EditeurRik Van Gorp; Marc Carlier (research); Peter De Baets (research)
Wetenschappelijke leidingEls Depuydt
Partners Openbare Bibliotheek Brugge (Guido Gezellearchief); Centrum voor Teksteditie en Bronnenstudie (Koninklijke Academie voor Nederlandse Taal en Letteren); Instituut voor de Studie van de Letterkunde in de Lage Landen (ISLN) (Piet Couttenier, Universiteit Antwerpen); Guido Gezellegenootschap
UitgeverGuido Gezellearchief, KANTL/CTB
Plaats van uitgaveBrugge, Gent
Publicatiedatum2023
Beschikbaarheid Teksten en afbeeldingen beschikbaar onder een Creative Commons Naamsvermelding - Niet Commercieel licentie.
DisclaimerDe editie van de Guido Gezellecorrespondentie is het resultaat van een samenwerkingsproject met vrijwilligers. De databank is in opbouw, aanvullingen en opmerkingen kunnen gemeld worden aan els.depuydt@brugge.be.
Meer informatie over het vrijwilligersproject is te vinden op gezelle.be.
CiterenEen brief kan worden geciteerd als:
[Naam van editeur(s)], [briefschrijver aan briefontvanger, plaats, datum]. In: GezelleBrOn, Wetenschappelijke editie van de correspondentie van Guido Gezelle. [publicatiedatum] Available from World Wide Web: [link].
VerzenderMesnage, Cathérine Joséphine
Ontvanger[Gezelle, Guido]
Verzendingsdatum21/05/1884
VerzendingsplaatsKortrijk (Kortrijk)
AnnotatieAdressaat gereconstrueerd op basis van contextuele gegevens.
Fysieke bijzonderheden
Drager enkel vel, 103x133
wit, rechthoekig geruit
papiersoort: 2 zijden beschreven, inkt
Staat fragment: vorig vel en (blanco) onderkant van vel ontbreken
Toevoegingen op zijde 2 links: taalkundige notities: borste z. bakborste // " " windborste (inkt, verticaal, hand Cordelia VDW) ; idem rechts: taalkundige notities: lijfe z. per- (inkt en blauw potlood, verticaal, hand G.G.)
Bewaargegevens
LandBelgië
PlaatsBrugge
BewaarplaatsGuido Gezellearchief
ID Gezellearchief3586, borste
Bibliotheekrecordhttps://brugge.bibliotheek.be/detail/?itemid=|library/v/obbrugge/gezelle|15974
Inhoud
IncipitJe prie Monsieur
Tekstsoortbrief
TalenFrans
De tekst werd diplomatisch getranscribeerd, en aangevuld met een editoriale laag.
De oorspronkelijke tekst werd ongewijzigd getranscribeerd; alleen typografische regeleindes en afbrekingstekens, en niet-betekenisvolle witruimte werden genormaliseerd.
Auteursingrepen in de tekst (toevoegingen, schrappingen), en latere redactie-ingrepen (schrappingen, toevoegingen, taalkundige notities) door de lezer werden overgenomen en expliciet gemarkeerd.
Voor een aantal tekstfenomenen werden naast de oorspronkelijke vorm ook editeursingrepen opgenomen in de transcriptie: oplossingen voor niet-gangbare afkortingen en correcties voor manifeste fouten. Daarnaast bevat de transcriptie editeursingrepen ter verbetering van de leesbaarheid (toevoegingen, reconstructies) of ter motivering van transcriptie-beslissingen (aanduiding van onzekere lezingen, weglating van onleesbare tekst). Alle editeursingrepen worden expliciet gemarkeerd.