<Resultaat 343 van 2155

>

p1
Joufvrouw,

Weest zoo goed uwe tegenwoordigheid te verheeren, de vergaaring van den Damen Zelatricen voor de Missie van de Noord Pool,[1] die zal plaats hebben, Maandag 11sten dezer: om 3 uren ‘s namiddag by de Zusters van Liefde in de Chartreusinnen straat N° 2.

Voor de voorzitter:
De Secretarisse,
M: De Wulf

Noten

[1] Het Pauselijke Werk tot de Verspreiding van het Geloof (Congrégation pour la Propagation de la Foi) besliste op 3 december 1855 tot de oprichting van de Apostolische Prefectuur voor de Poolstreek (IJsland, Lapland en Groenland) voor de organisatie en bevordering van de katholieke missionering van de streek rond de Noordpool. Procureur was Mgr. P.M. Etienne Djonkowski (of Djunkovski). In 1862 werd hij opgevolgd door Mgr. Bernard. Op 17 augustus 1869 werd de Prefectuur uitgebreid en gesplitst in vijf Prefecturen: Zweden (en Zweeds Lapland), Noorwegen en Noors Lapland, waarmee Mgr. Bernard voortaan werd belast, Denemarken (inclusief IJsland, de Faeroër-eilanden en Groenland), Noord-Schotland (inclusief de Orkaden en Shetland) en ten slotte Canada (inclusief New-Cumberland en de Noordpool). In al die gebieden waren Franse, Duitse en Belgische priesters werkzaam. Laatstgenoemde groep was eerder beperkt (vijf priesters in 1869).

In België werd voor de promotie van de Noordpoolmissies op 10 mei 1857 een Noordpoolwerk of Oeuvre des Missions du Pôle-Nord opgericht. Procurator was Mgr. X. Ciamberlani. In het bisdom Brugge werd dit werk ondersteund door een Comité des Dames Zélatrices de l’Oeuvre du Pôle-Nord. Guido Gezelle correspondeerde ca. 1869-1870 met Mgr. Bernard en in de jaren 1865-1870 met de missionarissen Emiel Dekiere en Hendrik Blancke. Diverse brieven van beiden aan familieleden en Gezelle boden interessante stof voor bijdragen van hem in ’t Jaer 30 en Rond den Heerd. Gezelles belangstelling voor de Noordpoolmissies (zie zijn Noordsch en Vlaamsch Messeboekske uit 1860) was ook gevoed door zijn taal- en letterkundige interesse. (L. Schepens, Guido Gezelle ijveraar voor de missies. In: Album Antoon Viaene. Brugge: Westvlaams Verbond van Kringen voor Heemkunde, 1970, p.285-295; Archief de Bethune, Marke, 06B30: Missies)

Register

Correspondenten

NaamGezelle, Florence; Florentina Constantia; (E.Z.) Maria-Columba
Datums° Brugge, 29/09/1847 - ✝ Heule, 19/03/1917
GeslachtVrouwelijk
Beroepkloosterzuster; lerares
BioFlorence Gezelle, dochter van Pieter-Jan Gezelle, hovenier, en Monica Devriese, was de jongste zus van Guido Gezelle. Ze woonde bij haar broer in toen hij onderpastoor was van St.-Walburga te Brugge (1865-1872). In Brugge zette ze zich ook in voor de Noordpoolmissie als lid van het ‘Comité des Dames Zélatrices de l’oeuvre des Missions du Pôle Nord’. Door conflicten met Gezelles meid Stéphanie Hendryckx verliet ze zijn woning en ging ze voor haar ouders zorgen in Heule, die in april 1871 bij hun dochter Louise waren ingetrokken. Uit de correspondentie met haar broer Guido blijkt dat Florence in september 1871 ook in hotel Aux Armes de France te Kortrijk werkte. In 1872 ging ze voor korte tijd werken bij de familie Smith in Brugge. Op 15/10/1873 trad ze in het klooster van de Zusters van Liefde van Maria te Heule en werd er geprofest op 25/08/1875. Ze nam de naam aan van Zuster Colombe en gaf les in de kostschool voor meisjes te Heule. Ze vervulde ook taken in diverse bijhuizen van het hoofdklooster, zoals Kortrijk, Zarren, Klemskerke, Esen en Passendale. Later kwam ze weer naar Heule terug.
Links[wikipedia]
Relatie tot Gezellefamilie: zus van Guido Gezelle; zanter (WDT), correspondent
BronnenB. De Leeuw, P. De Wilde, K. Verbeke, e.a., De briefwisseling van Guido Gezelle met de Engelsen. 1854-1899. Gent: Koninklijke Academie voor Nederlandse Taal- en Letterkunde, 1991, dl.III
NaamDe Wulf, Maria Sidonia Emma Caroline
Datums° Brugge, 15/01/1848 - ✝ Brugge, 14/11/1922
GeslachtVrouwelijk
Beroepeigenares
BioMaria De Wulf was de ongehuwde dochter van de rijke loodgieter en eigenaar Charles Boromée De Wulf en Clémence Françoise Anthierens. Ze werd geboren in Brugge op 15 januari 1848 in de Waalsestraat en overleed in haar woning in de Eekhoutstraat in Brugge op 14 november 1922. In 1869 had ze contact met Guido en Florence Gezelle als secretaris van het Comité des Dames Zélatrices voor de Noordpoolmissie.
Relatie tot Gezellecorrespondent

Briefschrijver

NaamDe Wulf, Maria Sidonia Emma Caroline
Datums° Brugge, 15/01/1848 - ✝ Brugge, 14/11/1922
GeslachtVrouwelijk
Beroepeigenares
BioMaria De Wulf was de ongehuwde dochter van de rijke loodgieter en eigenaar Charles Boromée De Wulf en Clémence Françoise Anthierens. Ze werd geboren in Brugge op 15 januari 1848 in de Waalsestraat en overleed in haar woning in de Eekhoutstraat in Brugge op 14 november 1922. In 1869 had ze contact met Guido en Florence Gezelle als secretaris van het Comité des Dames Zélatrices voor de Noordpoolmissie.
Relatie tot Gezellecorrespondent

Briefontvanger

NaamGezelle, Florence; Florentina Constantia; (E.Z.) Maria-Columba
Datums° Brugge, 29/09/1847 - ✝ Heule, 19/03/1917
GeslachtVrouwelijk
Beroepkloosterzuster; lerares
BioFlorence Gezelle, dochter van Pieter-Jan Gezelle, hovenier, en Monica Devriese, was de jongste zus van Guido Gezelle. Ze woonde bij haar broer in toen hij onderpastoor was van St.-Walburga te Brugge (1865-1872). In Brugge zette ze zich ook in voor de Noordpoolmissie als lid van het ‘Comité des Dames Zélatrices de l’oeuvre des Missions du Pôle Nord’. Door conflicten met Gezelles meid Stéphanie Hendryckx verliet ze zijn woning en ging ze voor haar ouders zorgen in Heule, die in april 1871 bij hun dochter Louise waren ingetrokken. Uit de correspondentie met haar broer Guido blijkt dat Florence in september 1871 ook in hotel Aux Armes de France te Kortrijk werkte. In 1872 ging ze voor korte tijd werken bij de familie Smith in Brugge. Op 15/10/1873 trad ze in het klooster van de Zusters van Liefde van Maria te Heule en werd er geprofest op 25/08/1875. Ze nam de naam aan van Zuster Colombe en gaf les in de kostschool voor meisjes te Heule. Ze vervulde ook taken in diverse bijhuizen van het hoofdklooster, zoals Kortrijk, Zarren, Klemskerke, Esen en Passendale. Later kwam ze weer naar Heule terug.
Links[wikipedia]
Relatie tot Gezellefamilie: zus van Guido Gezelle; zanter (WDT), correspondent
BronnenB. De Leeuw, P. De Wilde, K. Verbeke, e.a., De briefwisseling van Guido Gezelle met de Engelsen. 1854-1899. Gent: Koninklijke Academie voor Nederlandse Taal- en Letterkunde, 1991, dl.III

Plaats van verzending

NaamBrugge
GemeenteBrugge

Naam - persoon

Naamde Gourcy Serainchamps, Savina Louise Joséphine; van Caloen-de Gourcy, Savina L. J.
Datums° Gent, 17/07/1825 - ✝ Loppem, 07/09/1912
GeslachtVrouwelijk
BioSavina de Gourcy Serainchamps was een dochter van graaf Félix, grootgrondbezitter, en barones Mathilde Dons de Lovendeghem uit Gent. Het gezin telde vijf kinderen en woonde op het (nu verdwenen) kasteel van Mianoye te Assesse bij Namen. Savina kreeg eerst thuisonderricht, daarna was ze pensionaire op de kloosterschool van Berlaimont (Brussel). Ze was er bevriend met Émilie van Outryve d’Ydewalle, die in 1848 huwde met Jean-Baptiste Bethune. Savina trouwde op 21 april 1847 met baron Charles van Caloen, vriend en studiegenoot van Bethune. De twee echtparen hadden veel gemeen: fervent katholiek, devoot, liefdadig, kunstminnend (neogotiek), traditionalistisch en ultramontaans. Charles en Savina kregen vijf kinderen die allen opgroeiden tot modelkatholieken: Maria (karmelietes), Savina, Joseph (benedictijn, vriend van Gezelle), Albert en Ernest. Het echtpaar was de bouwheer van het kasteel van Loppem (1859), gebouwd door de bouwmeesters Edward Pugin en Jean-Baptiste Bethune. Door de oogziekte van haar man, was het in de praktijk vooral Savina die zich deze taak aantrok. Het kasteel werd een centrum voor kunstenaars, intellectuelen, schrijvers, prelaten en bekeerlingen. Ook Guido Gezelle was vriend aan huis. Hij schreef in 1870 verzen bij de wandschilderingen in het Blauw Salon van het kasteel bij de taferelen van Duitse schilder August Martin. Savina werd in 1869 voorzitter van de Dames Zélatrices van de Noordpoolmissie, met Gezelle als geestelijk leidsman. Op verzoek van Savina schreef Gezelle in 1892 opschriften in versvorm voor de huizen waar het H. Bloed in woelige tijden verborgen werd.
Links[wikipedia]
Relatie tot Gezellecorrespondent; aanvrager gelegenheidsgedicht; Noordpoolmissie
BronnenB. De Leeuw, P. De Wilde, K. Verbeke, e.a., De briefwisseling van Guido Gezelle met de Engelsen. 1854-1899. Gent: Koninklijke Academie voor Nederlandse Taal- en Letterkunde, 1991, dl.III; https://www.geni.com/people/Savina-de-Gourcy-Serainchamps/6000000033149576105; J. Braet, Het kasteel van Loppem in zijn familiaal en historisch kader. In: V. van Caloen (red.), Het kasteel van Loppem. Oostkamp: Stichting Kunstboek, 2001, p.10-43
NaamDe Wulf, Maria Sidonia Emma Caroline
Datums° Brugge, 15/01/1848 - ✝ Brugge, 14/11/1922
GeslachtVrouwelijk
Beroepeigenares
BioMaria De Wulf was de ongehuwde dochter van de rijke loodgieter en eigenaar Charles Boromée De Wulf en Clémence Françoise Anthierens. Ze werd geboren in Brugge op 15 januari 1848 in de Waalsestraat en overleed in haar woning in de Eekhoutstraat in Brugge op 14 november 1922. In 1869 had ze contact met Guido en Florence Gezelle als secretaris van het Comité des Dames Zélatrices voor de Noordpoolmissie.
Relatie tot Gezellecorrespondent

Naam - instituut/vereniging

NaamComité des Dames Zélatrices de l’oeuvre des Missions du Pôle Nord
BeschrijvingLekenijveraarsters van het Comité des Dames Zélatrices de l’Oeuvre des Missions du Pôle-Nord. Het comité was werkzaam vanaf 22 december 1869 ter ondersteuning van het sinds 1857 bestaande Belgische Noordpoolwerk dat de katholieke missionering van de Noordpoolgebieden stimuleerde. Doel was vooral collectes te organiseren. In 1870 telde het comité een twintigtal leden. In het bisdom Brugge was kan. Antoon Wemaer bij de oprichting betrokken. Vanaf eind 1869 was kan. F. Bethune diocesaan schatbewaarder. Voorzitster was barones Savina van Caloen de Gourcy, echtgenote van Charles van Caloen , die in 1859 het neogotische kasteel van Loppem liet bouwen. Ondervoorzitster was mevr. Halleux-Ryelandt. De vergaderingen vonden plaats in het klooster van de Zusters van Liefde van Jezus en Maria in de Kartuizerinnenstraat te Brugge. Het secretariaat was in handen van Maria Dewulf (adres: Simon Stevinplein, Brugge). Mgr. Bernard, sinds 1862 prefect van de Apostolische Prefectuur voor de Poolstreek, vroeg op 5 mei 1869 aan Guido Gezelle om de leiding van het comité op zich te nemen. In een document dd. 22/12/1869 staat Guido Gezelle vermeld als ‘président du comité’. Ook Florence Gezelle werd gevraagd om lid te worden van het comité, wellicht via haar vriendin Camille Dumoulin, lid van het comité. In 1870 ontving Florence van Maria De Wulf enkele uitnodigingen om vergaderingen bij te wonen. Het comité bleef actief tot maart 1904.
Datering1869-1904
NaamCongregatie van de Zusters van Liefde van Jezus en Maria
BeschrijvingDe Congregatie van de Zusters van Liefde van Jezus en Maria werd op 4 november 1803 door Petrus-Jozef Triest gesticht in Lovendegem, waar hij pastoor was. Getroffen door het lijden van de mensen, vooral van de kinderen, in de nasleep van de Franse Revolutie bracht hij een groepje jonge vrouwen samen om de zorg en de opvoeding van de armsten op zich te nemen. In 1820 vestigden de zusters zich in Brugge: eerst in een herenhuis in de Oude Burg, en later in het voormalig klooster van de Kartuizerinnen in de Kartuizerinnenstraat dat ze in 1824 hadden aangekocht. Daar openden ze een verzorgingstehuis voor ongeneeslijke vrouwelijke patiënten. Nadat de Burgerlijke Godshuizen aan het Minnewater een groot ziekenhuis voor ongeneeslijk zieken hadden gebouwd, dat voltooid was in 1892, verhuisden de Zusters van Liefde hiernaartoe. Ze verlieten Brugge in 1933, waarna het ziekenhuis werd opgenomen in het Sint-Janshospitaal.
Datering1803-1833
Links[odis], [wikipedia]

Titel06/04/1870, Brugge, Maria Sidonia Emma Caroline De Wulf aan [Florence Gezelle]
EditeurPiet Couttenier; Marc Carlier (research)
Wetenschappelijke leidingEls Depuydt
Partners Openbare Bibliotheek Brugge (Guido Gezellearchief); Centrum voor Teksteditie en Bronnenstudie (Koninklijke Academie voor Nederlandse Taal en Letteren); Instituut voor de Studie van de Letterkunde in de Lage Landen (ISLN) (Piet Couttenier, Universiteit Antwerpen); Guido Gezellegenootschap
UitgeverGuido Gezellearchief, KANTL/CTB
Plaats van uitgaveBrugge, Gent
Publicatiedatum2023
Beschikbaarheid Teksten en afbeeldingen beschikbaar onder een Creative Commons Naamsvermelding - Niet Commercieel licentie.
DisclaimerDe editie van de Guido Gezellecorrespondentie is het resultaat van een samenwerkingsproject met vrijwilligers. De databank is in opbouw, aanvullingen en opmerkingen kunnen gemeld worden aan els.depuydt@brugge.be.
Meer informatie over het vrijwilligersproject is te vinden op gezelle.be.
CiterenEen brief kan worden geciteerd als:
[Naam van editeur(s)], [briefschrijver aan briefontvanger, plaats, datum]. In: GezelleBrOn, Wetenschappelijke editie van de correspondentie van Guido Gezelle. [publicatiedatum] Available from World Wide Web: [link].
VerzenderDe Wulf, Maria Sidonia Emma Caroline
Ontvanger[Gezelle, Florence]
Verzendingsdatum06/04/1870
VerzendingsplaatsBrugge (Brugge)
AnnotatieAdressaat gereconstrueerd op basis van de briefinhoud; Locatie origineel: brief is aanwezig in Erfgoedbibliotheek Westflandrica (Kortrijk) 2AB51 22.
Fysieke bijzonderheden
Drager enkel vel, 121x205
wit, geruit
papiersoort: 1 zijde beschreven, inkt
Staat volledig
Bewaargegevens
LandBelgië
PlaatsKortrijk
BewaarplaatsErfgoedbibliotheek Westflandrica (Kortrijk)
ID GezellearchiefErfgoedbibliotheek Westflandrica (Kortrijk) 2AB51 22
Bibliotheekrecordhttps://brugge.bibliotheek.be/detail/?itemid=|library/v/obbrugge/gezelle|26611
Inhoud
IncipitWeest zoo goed uwe tegenwoordigheid te verheeren
Tekstsoortbrief
TalenNederlands
De tekst werd diplomatisch getranscribeerd, en aangevuld met een editoriale laag.
De oorspronkelijke tekst werd ongewijzigd getranscribeerd; alleen typografische regeleindes en afbrekingstekens, en niet-betekenisvolle witruimte werden genormaliseerd.
Auteursingrepen in de tekst (toevoegingen, schrappingen), en latere redactie-ingrepen (schrappingen, toevoegingen, taalkundige notities) door de lezer werden overgenomen en expliciet gemarkeerd.
Voor een aantal tekstfenomenen werden naast de oorspronkelijke vorm ook editeursingrepen opgenomen in de transcriptie: oplossingen voor niet-gangbare afkortingen en correcties voor manifeste fouten. Daarnaast bevat de transcriptie editeursingrepen ter verbetering van de leesbaarheid (toevoegingen, reconstructies) of ter motivering van transcriptie-beslissingen (aanduiding van onzekere lezingen, weglating van onleesbare tekst). Alle editeursingrepen worden expliciet gemarkeerd.