<Resultaat 1331 van 2182

>

p1
Zeer Eerw. Heer Gezelle
Bestierder
Lid der Taalkamer[1]
te Kortrijk
 
p1+
Eerw. Heer Gezelle
Bestierder[2] te Kortrijk,

Endelvers, - Endelveers, Eyndelvaers. -- Hebt gij dat nog elders tegengekomen dan

1o bij Anna Bijns. III. 48. D.[3]

2 o in Der Minnen Loep. II. 3451.[4]

3 o in 't Goudsch Chronycxken bl 12[5]

Dat is sterven, helpen sterven, en dood slaan —

Vrgl. Endeldeur, endeldarm,

Ik meende dat endelvers nog elders gelezen te hebben doch, het is mij ontvlogen

p2Dit had ik eer gevraagd en lag ik niet geplaagd

Met dat "ghone[6] Jan Deckers in
Synre Dietsche Doctrinaele seyt:
Tfledersijn in vote ende in lede,
Ende ander onghemac menegherande,
Dit sien wi daghelijcs achter lande.[7]

Hetgeen ik U, Eerw. niet en wensche; maar heil en vrede ende helechede[8]

Uw ootmoedige
R. Carette
hulppastor[9]

Nota[10]

Coolscamp = Colescampum bestond in 847 ter verkavelinge van Keizer Karel den Grootens goed. (Mab II, 699) Alsook Piot - Les Pagi de la Belgique[11]

Eeghem was Ekeningim in 694

Noten

[1] Sedert 08/07/1886 was Guido Gezelle stichtend lid van de Koninklijke Vlaamsche Academie voor Taal- en Letterkunde te Gent.
Onderstreping van Guido Gezelle
[2] In 1889 werd Guido Gezelle directeur van een kleine Franse zustergemeenschap die zich in Kortrijk vestigde.
[3] Vers in Anna Bijns: Och alsmen dendelveers begint te lesene, (p.388) verklaring in glossarium: Endelveers (dendelveers lesen), III, 48, d, verbloemde uitdrukking voor sterven. (p.21)
[4] Der Minnen Loep (dl. 1, p.249): Ende las hem sijn endel veers. In glossarium (dl. 2, p.208-209): Iemand sijn Endelveers lesen, eig. bij eenen stervende de laatste gebeden opzeggen. II, 3451 staat het per ironiam voor doodslaan.
[5] Goudsche Chronycxken: Soo las hy selver sijn endelvaers (p.12)
Cyrill. Vanderdonckt zendeling IdahoTheoph. Meerschaert Roosenaken Russeignies Noord Americ. Natchez
[6] dat ”ghone = datgene
[7] Jan Deckers, Die Dietsche doctrinale, leerdicht van den jare 1345. 's Gravenhage : Schinkel, 1842, p.271 (r.1030-1032)
[8] helechede = heiligheid zie Jan Deckers, Die Dietsche doctrinale, leerdicht van den jare 1345. 's Gravenhage : Schinkel, 1842, p.299 (r.1604)
[9] R. Carette was hulppriester in Koolskamp van 03/03/1883 tot 17/09/1890.
[10] Volledige noot is gepubliceerd in Biekorf 1 (1890) 4, p.64
[11] Guillaume Joseph Charles, Les pagi de la Belgique et leurs subdivisions pendant le moyen âge. Bruxelles : Hayez, 1874 (dl. 39), p.8

Register

Correspondenten

NaamCarette, Rijkaart
Datums° Meulebeke, 08/02/1846 - ✝ Koolskamp, 04/09/1909
GeslachtMannelijk
Beroepleraar; priester; hulppastoor; pastoor
BioRijkaert Carette was de zoon van hoefsmid Désiré Carette en Sophie Ducarin. Hij werd leraar aan het Sint-Lodewijkscollege van Brugge (11/09/1869 - 03/03/1883). Ondertussen ontving hij de priesterwijding in Brugge op 02/04/1870. Na zijn loopbaan als leraar werd hij hulppriester in Koolskamp (03/03/1883) en pastoor in Jonkershove (17/09/1890) en Otegem (27/03/1894). Op 14/10/1905 nam hij ontslag en verbleef verder in Koolskamp. Hij schreef artikels voor Rond den Heerd o.m. over aardappels. In 1905 publiceerde hij het werkje De eerste invoer van aardappels in Europa.
Links[odis]
Relatie tot Gezellecorrespondent; zanter (WDT); adressenlijst Cordelia Van De Wiele; lid van de Gilde van Sinte-Luitgaarde; medewerker Rond den Heerd
NaamGezelle, Guido; Loquela; Spoker
Datums° Brugge, 01/05/1830 - ✝ Brugge, 27/11/1899
GeslachtMannelijk
Beroeppriester; leraar; onderpastoor; dichter; taalgeleerde; vertaler; publicist
BioGuido Gezelle werd geboren in Brugge. Na zijn collegejaren en priesterstudies (priesterwijding te Brugge op 10/06/1854), werd hij in 1854 leraar aan het kleinseminarie te Roeselare. Gezelle gaf er onder meer talen, begeleidde de vrij uitgebreide kolonie buitenlandse leerlingen, vooral Engelsen, en kreeg tijdens twee schooljaren (1857-1859) een opdracht als leraar in de poësis. In 1865 werd Gezelle onderpastoor van de St.-Walburgaparochie te Brugge. Naast zijn druk pastoraal werk was hij bijzonder actief in het katholieke ultramontaanse persoffensief tegen de secularisering van het openbare leven in België en als vulgarisator in het culturele weekblad Rond den Heerd. In 1872 werd Gezelle overgeplaatst naar de O.-L.-Vrouwparochie te Kortrijk. Gedragen door een sympathiserende vriendenkring werd hij er de gelegenheidsdichter bij uitstek. Gaandeweg keerde hij er ook terug naar zijn oorspronkelijke postromantische en religieus geïnspireerde interesse voor de volkstaal en de poëzie. De taalkundige studie resulteerde vooral in een lexicografische verzameling van niet opgetekende woorden uit de volkstaal (Gezelles ‘Woordentas’ en het tijdschrift Loquela, vanaf 1881), waarmee ook hij het Zuid-Nederlands verdedigde binnen de ontwikkeling van de gestandaardiseerde Nederlandse cultuurtaal. Die filologische bedrijvigheid leidde bij Gezelle uiteindelijk ook tot een vernieuwde aandacht voor zijn eigen creatief werk, zowel vertaling (Longfellows Hiawatha) als oorspronkelijke poëzie. In 1889 werd hij directeur van een kleine Franse zustergemeenschap die zich in Kortrijk vestigde. Hij was een tijdje ambteloos. Dit liet hem toe zich op zijn schrijf- en studiewerk te concentreren. Het resultaat was o. m. de publicatie van twee poëziebundels, Tijdkrans (1893) en Rijmsnoer (1897), die, vooral in het laatste geval, qua vormgeving en originaliteit superieur van gehalte zijn. Om die authentieke en originele lyriek werd hij door H. Verriest, P. de Mont en vooral door Van Nu en Straks als een voorloper van de moderne Nederlandse poëzie beschouwd. Ook later eerden Nederlandse dichters, zoals Paul van Ostaijen en recenter, Christine D’haen, Gezelle als de meest creatieve en vernieuwende Nederlandse dichter in Vlaanderen. In 1899 werd Gezelle naar Brugge teruggeroepen om zich te wijden aan de vertaling van een theologisch werk van zijn bisschop (Waffelaerts Meditationes Theologicae). Hij verbleef nu in het Engels Klooster van Kanonikessen, waar hij echter vrij vlug en onverwachts stierf op 27 november 1899. Hij liet nog een verzameling uitzonderlijke gedichten na die in 1901 postuum als zijn Laatste Verzen werden gepubliceerd.
Links[odis], [wikipedia], [dbnl]

Briefschrijver

NaamCarette, Rijkaart
Datums° Meulebeke, 08/02/1846 - ✝ Koolskamp, 04/09/1909
GeslachtMannelijk
Beroepleraar; priester; hulppastoor; pastoor
BioRijkaert Carette was de zoon van hoefsmid Désiré Carette en Sophie Ducarin. Hij werd leraar aan het Sint-Lodewijkscollege van Brugge (11/09/1869 - 03/03/1883). Ondertussen ontving hij de priesterwijding in Brugge op 02/04/1870. Na zijn loopbaan als leraar werd hij hulppriester in Koolskamp (03/03/1883) en pastoor in Jonkershove (17/09/1890) en Otegem (27/03/1894). Op 14/10/1905 nam hij ontslag en verbleef verder in Koolskamp. Hij schreef artikels voor Rond den Heerd o.m. over aardappels. In 1905 publiceerde hij het werkje De eerste invoer van aardappels in Europa.
Links[odis]
Relatie tot Gezellecorrespondent; zanter (WDT); adressenlijst Cordelia Van De Wiele; lid van de Gilde van Sinte-Luitgaarde; medewerker Rond den Heerd

Briefontvanger

NaamGezelle, Guido; Loquela; Spoker
Datums° Brugge, 01/05/1830 - ✝ Brugge, 27/11/1899
GeslachtMannelijk
Beroeppriester; leraar; onderpastoor; dichter; taalgeleerde; vertaler; publicist
BioGuido Gezelle werd geboren in Brugge. Na zijn collegejaren en priesterstudies (priesterwijding te Brugge op 10/06/1854), werd hij in 1854 leraar aan het kleinseminarie te Roeselare. Gezelle gaf er onder meer talen, begeleidde de vrij uitgebreide kolonie buitenlandse leerlingen, vooral Engelsen, en kreeg tijdens twee schooljaren (1857-1859) een opdracht als leraar in de poësis. In 1865 werd Gezelle onderpastoor van de St.-Walburgaparochie te Brugge. Naast zijn druk pastoraal werk was hij bijzonder actief in het katholieke ultramontaanse persoffensief tegen de secularisering van het openbare leven in België en als vulgarisator in het culturele weekblad Rond den Heerd. In 1872 werd Gezelle overgeplaatst naar de O.-L.-Vrouwparochie te Kortrijk. Gedragen door een sympathiserende vriendenkring werd hij er de gelegenheidsdichter bij uitstek. Gaandeweg keerde hij er ook terug naar zijn oorspronkelijke postromantische en religieus geïnspireerde interesse voor de volkstaal en de poëzie. De taalkundige studie resulteerde vooral in een lexicografische verzameling van niet opgetekende woorden uit de volkstaal (Gezelles ‘Woordentas’ en het tijdschrift Loquela, vanaf 1881), waarmee ook hij het Zuid-Nederlands verdedigde binnen de ontwikkeling van de gestandaardiseerde Nederlandse cultuurtaal. Die filologische bedrijvigheid leidde bij Gezelle uiteindelijk ook tot een vernieuwde aandacht voor zijn eigen creatief werk, zowel vertaling (Longfellows Hiawatha) als oorspronkelijke poëzie. In 1889 werd hij directeur van een kleine Franse zustergemeenschap die zich in Kortrijk vestigde. Hij was een tijdje ambteloos. Dit liet hem toe zich op zijn schrijf- en studiewerk te concentreren. Het resultaat was o. m. de publicatie van twee poëziebundels, Tijdkrans (1893) en Rijmsnoer (1897), die, vooral in het laatste geval, qua vormgeving en originaliteit superieur van gehalte zijn. Om die authentieke en originele lyriek werd hij door H. Verriest, P. de Mont en vooral door Van Nu en Straks als een voorloper van de moderne Nederlandse poëzie beschouwd. Ook later eerden Nederlandse dichters, zoals Paul van Ostaijen en recenter, Christine D’haen, Gezelle als de meest creatieve en vernieuwende Nederlandse dichter in Vlaanderen. In 1899 werd Gezelle naar Brugge teruggeroepen om zich te wijden aan de vertaling van een theologisch werk van zijn bisschop (Waffelaerts Meditationes Theologicae). Hij verbleef nu in het Engels Klooster van Kanonikessen, waar hij echter vrij vlug en onverwachts stierf op 27 november 1899. Hij liet nog een verzameling uitzonderlijke gedichten na die in 1901 postuum als zijn Laatste Verzen werden gepubliceerd.
Links[odis], [wikipedia], [dbnl]

Plaats van verzending

NaamKoolskamp
GemeenteArdooie

Naam - persoon

NaamCarette, Rijkaart
Datums° Meulebeke, 08/02/1846 - ✝ Koolskamp, 04/09/1909
GeslachtMannelijk
Beroepleraar; priester; hulppastoor; pastoor
BioRijkaert Carette was de zoon van hoefsmid Désiré Carette en Sophie Ducarin. Hij werd leraar aan het Sint-Lodewijkscollege van Brugge (11/09/1869 - 03/03/1883). Ondertussen ontving hij de priesterwijding in Brugge op 02/04/1870. Na zijn loopbaan als leraar werd hij hulppriester in Koolskamp (03/03/1883) en pastoor in Jonkershove (17/09/1890) en Otegem (27/03/1894). Op 14/10/1905 nam hij ontslag en verbleef verder in Koolskamp. Hij schreef artikels voor Rond den Heerd o.m. over aardappels. In 1905 publiceerde hij het werkje De eerste invoer van aardappels in Europa.
Links[odis]
Relatie tot Gezellecorrespondent; zanter (WDT); adressenlijst Cordelia Van De Wiele; lid van de Gilde van Sinte-Luitgaarde; medewerker Rond den Heerd
NaamGezelle, Guido; Loquela; Spoker
Datums° Brugge, 01/05/1830 - ✝ Brugge, 27/11/1899
GeslachtMannelijk
Beroeppriester; leraar; onderpastoor; dichter; taalgeleerde; vertaler; publicist
BioGuido Gezelle werd geboren in Brugge. Na zijn collegejaren en priesterstudies (priesterwijding te Brugge op 10/06/1854), werd hij in 1854 leraar aan het kleinseminarie te Roeselare. Gezelle gaf er onder meer talen, begeleidde de vrij uitgebreide kolonie buitenlandse leerlingen, vooral Engelsen, en kreeg tijdens twee schooljaren (1857-1859) een opdracht als leraar in de poësis. In 1865 werd Gezelle onderpastoor van de St.-Walburgaparochie te Brugge. Naast zijn druk pastoraal werk was hij bijzonder actief in het katholieke ultramontaanse persoffensief tegen de secularisering van het openbare leven in België en als vulgarisator in het culturele weekblad Rond den Heerd. In 1872 werd Gezelle overgeplaatst naar de O.-L.-Vrouwparochie te Kortrijk. Gedragen door een sympathiserende vriendenkring werd hij er de gelegenheidsdichter bij uitstek. Gaandeweg keerde hij er ook terug naar zijn oorspronkelijke postromantische en religieus geïnspireerde interesse voor de volkstaal en de poëzie. De taalkundige studie resulteerde vooral in een lexicografische verzameling van niet opgetekende woorden uit de volkstaal (Gezelles ‘Woordentas’ en het tijdschrift Loquela, vanaf 1881), waarmee ook hij het Zuid-Nederlands verdedigde binnen de ontwikkeling van de gestandaardiseerde Nederlandse cultuurtaal. Die filologische bedrijvigheid leidde bij Gezelle uiteindelijk ook tot een vernieuwde aandacht voor zijn eigen creatief werk, zowel vertaling (Longfellows Hiawatha) als oorspronkelijke poëzie. In 1889 werd hij directeur van een kleine Franse zustergemeenschap die zich in Kortrijk vestigde. Hij was een tijdje ambteloos. Dit liet hem toe zich op zijn schrijf- en studiewerk te concentreren. Het resultaat was o. m. de publicatie van twee poëziebundels, Tijdkrans (1893) en Rijmsnoer (1897), die, vooral in het laatste geval, qua vormgeving en originaliteit superieur van gehalte zijn. Om die authentieke en originele lyriek werd hij door H. Verriest, P. de Mont en vooral door Van Nu en Straks als een voorloper van de moderne Nederlandse poëzie beschouwd. Ook later eerden Nederlandse dichters, zoals Paul van Ostaijen en recenter, Christine D’haen, Gezelle als de meest creatieve en vernieuwende Nederlandse dichter in Vlaanderen. In 1899 werd Gezelle naar Brugge teruggeroepen om zich te wijden aan de vertaling van een theologisch werk van zijn bisschop (Waffelaerts Meditationes Theologicae). Hij verbleef nu in het Engels Klooster van Kanonikessen, waar hij echter vrij vlug en onverwachts stierf op 27 november 1899. Hij liet nog een verzameling uitzonderlijke gedichten na die in 1901 postuum als zijn Laatste Verzen werden gepubliceerd.
Links[odis], [wikipedia], [dbnl]
NaamVan Der Donckt, Cyrille
Datums° 1865 - ✝ 1939
GeslachtMannelijk
Beroeppriester; missionaris
VerblijfplaatsIdaho (Verenigde Staten)
BioCyrille Van Der Donckt werd tot priester gewijd in 1887. Hij was de eerste priester in de indianenmissie van Idaho. De missie was gestart in 1842 door de jezuïeten. Van Der Donckt was gestationeerd in Pocatello sedert juni 1888.
NaamMeerschaert, Théophile; Engel van de oevers van de Mississipi
Datums° Russeignies, 24/08/1847 - ✝ Oklahoma, 12/02/1924
GeslachtMannelijk
Beroeppriester; missionaris, vicaris-generaal; bisschop; rector
VerblijfplaatsOklahoma (Verenigde Staten)
BioNa zijn collegetijd ging Meerschaert naar het Amerikaans College in Leuven in 1868. Hij ontving zijn priesterwijding in Mechelen op 23/12/1871. Hij vertrok naar de Verenigde Staten in september 1872 en arriveerde in Natchez, Mississippi in oktober. Hij werkte eerst in Hancock en Harrison Counties (november 1872) en vervolgens in Ocean Springs (augustus 1874), in Bay St. Louis en opnieuw in Natchez (augustus 1880). Hij werd vicaris-generaal van het bisdom van Natchez (18/04/1887) en werd er apostolisch administrator (1888–1889). Hij was ook de rector van St. Mary's Cathedral. Meerschaert werd apostolisch-vicaris (02/06/1891) van de Indiaanse gebieden in Oklahoma en titulair bisschop van Sidyma. Ten slotte werd Meerschaert de eerste bisschop van Oklahoma op 23 augustus 1905. Hij werd "Engel van de oevers van de Mississippi" genoemd, en hield een dagboek bij, dat 70 jaar na zijn overlijden werd gepubliceerd.
Links[odis], [wikipedia]
Bronnenniet in Allossery

Naam - plaats

NaamKoolskamp
GemeenteArdooie
NaamKortrijk
GemeenteKortrijk
NaamIdaho
NaamNatchez
NaamRusseignies

Naam - instituut/vereniging

NaamDe Koninklijke Vlaamse Academie voor Taal en Letterkunde
BeschrijvingDit wetenschappelijk genootschap bestudeert en stimuleert de Nederlandse taal- en literatuur. Na een lange voorgeschiedenis werd het opgericht bij Koninklijk Besluit van 8 juli 1886 als Koninklijke Vlaamse Academie voor Taal- en Letterkunde. De activiteiten omvatten onder meer maandelijkse bijeenkomsten met wetenschappelijke en letterkundige besprekingen, prijsvragen en publicaties. Guido Gezelle was één van de stichtende leden. Dit was een belangrijke erkenning van zijn werk. Hij was betrokken bij verschillende prijsvragen en schonk ook een deel van zijn boeken aan de academie.
Datering1886-heden
Links[wikipedia]

Titel - ander werk

TitelDie Dietsche doctrinale, leerdicht van den jare 1345, toegekend aan Jan Deckers
AuteurDeckers, Jan
Datum1842
Plaatss Gravenhage
UitgeverSchinkel
GGBGGB 1191 http://zoeken.brugge.bibliotheek.be/detail/Jan-Deckers/Die-Dietsche-doctrinale-leerdicht-van-den/Boek/?itemid=%7Clibrary%2Fv%2Fobbrugge%7C267024
TitelRefereinen van Anna Bijns naar de nalatenschap van Mr. A. Bogaers
AuteurBijns, A. (auteur); Van Helten, W.L. (uitgever)
Datum1875
PlaatsRotterdam
UitgeverDunk
GGBGGB 1188
TitelDer Minnen Loep
AuteurPotter, D. (auteur); Leendertz, P. (uitgever)
Datum1845-1846
PlaatsLeiden
UitgeverD. Du Mortier en Zoon
Links[dbnl]
TitelHet Oude Goutsche Chronycxken van Hollandt, Zeelandt, Vrieslandt en Utrecht
AuteurScriverius, Petrus
Datum1663
PlaatsAmsterdam
UitgeverIan Hendricksz Boom, Ioost Pluymer, en Casparus Commelijn
TitelAnnales ordinis Sancti Benedicti occidentalium monachorum patriarchae in quibus non modo res monasticae, sed etiam ecclesiasticae historiae non minima pars continetur
AuteurMabillon, Jean
Datum1703-1713
PlaatsLutetiae Parisiorum
UitgeverJacques Rollin
TitelLes pagi de la Belgique et leurs subdivisions pendant le moyen âge
AuteurPiot, Guillaume Joseph Charles
Datum1874
PlaatsBruxelles
UitgeverHayez

Titel23/01/1890, Koolskamp, Rijkaart Carette aan Guido Gezelle
EditeurEls Depuydt; Universiteit Antwerpen
Wetenschappelijke leidingEls Depuydt
Partners Openbare Bibliotheek Brugge (Guido Gezellearchief); Centrum voor Teksteditie en Bronnenstudie (Koninklijke Academie voor Nederlandse Taal en Letteren); Instituut voor de Studie van de Letterkunde in de Lage Landen (ISLN) (Piet Couttenier, Universiteit Antwerpen); Guido Gezellegenootschap
UitgeverGuido Gezellearchief, KANTL/CTB
Plaats van uitgaveBrugge, Gent
Publicatiedatum2023
Beschikbaarheid Teksten en afbeeldingen beschikbaar onder een Creative Commons Naamsvermelding - Niet Commercieel licentie.
DisclaimerDe editie van de Guido Gezellecorrespondentie is het resultaat van een samenwerkingsproject met vrijwilligers. De databank is in opbouw, aanvullingen en opmerkingen kunnen gemeld worden aan els.depuydt@brugge.be.
Meer informatie over het vrijwilligersproject is te vinden op gezelle.be.
CiterenEen brief kan worden geciteerd als:
[Naam van editeur(s)], [briefschrijver aan briefontvanger, plaats, datum]. In: GezelleBrOn, Wetenschappelijke editie van de correspondentie van Guido Gezelle. [publicatiedatum] Available from World Wide Web: [link].
VerzenderCarette, Rijkaart
Ontvanger[Gezelle, Guido]
Verzendingsdatum23/01/1890
VerzendingsplaatsKoolskamp (Ardooie)
Fysieke bijzonderheden
Drager enkel vel, 210x135
wit, vierkant geruit
papiersoort: 2 zijden beschreven, inkt
Staat volledig: vel in twee gesneden en opnieuw aan elkaar gekleefd
Vormelijke bijzonderheden briefomslag bewaard, met adres, postzegel, afgestempeld
Toevoegingen op zijde 1 links in de zijrand: notities: 1) Cyrill. Vanderdonckt zendeling Idaho 2) Theoph. Meerschaert Roosenaken Russeignies Noord Americ. Natchez (inkt, verticaal, hand G.G.) ; op briefomslag: verso: zendelingen (potlood, hand G.G.) ; idem op recto: Zendelingen (blauw potlood, hand G.G.)
Bewaargegevens
LandBelgië
PlaatsBrugge
BewaarplaatsGuido Gezellearchief
ID Gezellearchief6266
Bibliotheekrecordhttps://brugge.bibliotheek.be/detail/?itemid=|library/v/obbrugge/gezelle|12383
Inhoud
IncipitEndelvers, - Endelveers,
Tekstsoortbrief
TalenNederlands
De tekst werd diplomatisch getranscribeerd, en aangevuld met een editoriale laag.
De oorspronkelijke tekst werd ongewijzigd getranscribeerd; alleen typografische regeleindes en afbrekingstekens, en niet-betekenisvolle witruimte werden genormaliseerd.
Auteursingrepen in de tekst (toevoegingen, schrappingen), en latere redactie-ingrepen (schrappingen, toevoegingen, taalkundige notities) door de lezer werden overgenomen en expliciet gemarkeerd.
Voor een aantal tekstfenomenen werden naast de oorspronkelijke vorm ook editeursingrepen opgenomen in de transcriptie: oplossingen voor niet-gangbare afkortingen en correcties voor manifeste fouten. Daarnaast bevat de transcriptie editeursingrepen ter verbetering van de leesbaarheid (toevoegingen, reconstructies) of ter motivering van transcriptie-beslissingen (aanduiding van onzekere lezingen, weglating van onleesbare tekst). Alle editeursingrepen worden expliciet gemarkeerd.