<Resultaat 710 van 2126

>

p1Geloofd Zij Jezus Christus +
Eerw. Heer ende Meester,

't Is nog eens ten deele door mijne groote schuld dat de verdietschingen[1] van deze weke in R.d.H niet en komen[2] Ik en had ze maar den Donderdag nuchtend naar Mr. Duclos[3] gezonden en 't schijnt dat alles moet ingezonden zijn tegen Woensdags. Nu 'k hope dat het den laatsten keer zijn zal.

Wij en hebben maar voor eenen keer stoffe meer in de meetkunde. 'k geloove dat wij overeengekomen zijn dat het beter ware dan al de bemerkingen te drukken die wij kennen van besprokene woorden.

Wij hadden beslist eenige bladzijden druk rond te zenden met al de vertalingen. Zouden wij wachten tot dat wij met de rekenkunde en stelkunde gedaan hebben? Daar en zijn toch maar van 50 tot 60 woorden. Wij en zouden niets anders geven; niet waar, dan de vertaling die wij voorengekozen hebben?

Gij hebt zeker de uitnoodiging naar het brugsch Congres[4] ontvangen? Ik zou ze geern wederhebben, maar 't en steekt op geene maand of zesse.

Den Heer waarvan Kaplaan Van Den Driessche gesproken heeft is een zekere EH. Rijk professor[5] van wetenschappen[6] in 't Kleenseminarie van Hageveld (Noordwijk) — Holland. Hij en heeft tot hiertoe nog niets gezeid van eigentlijk mede te werken. 'k Kome hem daar eenen brief te schrijven die toch wel iets of wat zal doen, hoop ik, om hem tot daar te brengen. 't Ware toch eene schoone zake.p2Achter uwen gegevenen uitleg van het woord schrage[7] vind ik dat wij moeilijk een beter woord zullen vinden. Ik peize dien uitleg omtrent te schrijven gelijk gij hem gegeven hebt.

Vrijdag laatst heb ik den EH Alf. Van Hee ontvangen en hij heeft mij het eene en het andere gezeid van uwe bijeenkomst te Couckelaere.[8] k Ben zoo blij dat gij u ook de zake aantrekt en dat Ste Luitgarde op u mag rekenen en geen eene Vlaming die niet en spreekt gelijk ik.

Mr Van Hee heeft bij Mr Duclos geweest en alles uiteengedaan. Heer Duclos is waarlijk verheugd dat Luitgarde wêre opkomt en hij is van gedacht dat de veto van Mgr niet meer en bestaat en dat men zonder hem iets te zeggen mag Luitgarde tot stand helpen zonder te moeten vreezen dat hij de bisschop kent Te beter.

Binst het verlof heb ik bij M. De Visschere geweest van Thourhout. Hij beloofde mij van ook in de vertalingen mede te helpen en daar ik tot hiertoe niets gewaar geworden ben, zal ik maar geheel in 't korte eens schrijven en hem zijne belofte herinneren. Ik peize dat hij voor de reken- en stelkunde waarlijk zal kunnen dienst bewijzen.

Tot later. Groet u vriendelijk en eerbiedig
Uw toegenegen in Christo
Edw. Van Robays

Voor een staalken steek ik hier den brief bij van M. Rijk. 't Dunkt mij dat hij zoo kwalijk niet geschreven is. Gelief hem met gelegenheid wêre te zenden.

Noten

[1] Voor de reeks: J.D.L; E.V.R; G.G. e.a., Vervlaamschingen der Kunsteigene bewoordingen die Blanchet gebruikte in zijne meetkundige lessen. In: Rond den Heerd: 19 (1884) 26-49, p.207, 214, 227, 238, 246, 254, 262, 269, 285, 342, 359, 371, 383
[2] In de jaren 1880 wilde Gezelle samen met een groep collegeleraars een Vlaamse wetenschappelijke vaktaal tot stand brengen. Startende vanuit de Franse termen in de handboeken was het een werk van taalschepping. Edward Van Robays was de grote bezieler. Gedurende een drietal jaren schreef en verzamelde hij bijdragen over het onderwerp in Rond den Heerd (1884-1887). De andere medewerkers waren: Julius De Lorge, leraar te Roeselare en Aloys De Visschere, leraar te Torhout. Ook L.L. De Bo was een medewerker.
[3] Adolf Duclos was uitgever van Rond den Heerd
[4] Het Nederlandsch taal- en letterkundig Congres werd gehouden in Brugge van 24 tot 27 augustus. Vergelijk de bespreking van de uitnodiging door Gezelle: G. Gezelle, Briefwisseling. In: Gazette van Kortrijk: (31 mei 1884) p.2
[5] J.A. De Rijk werd benoemd tot hoogleraar wijsbegeerte en werd zo de enige professor aan het Kleinseminarie van Hageveld.
[6] J.A. De Rijk gaf verschillende vakken o.m. literatuur, talen en geschiedenis. Vanaf 1867 kreeg hij de leerstoel wijsbegeerte en gaf hij tot 1895 de eenjarige cursus in dit vak als schakel tussen het klein- en grootseminarie.
[7] Zie het lemma schragen: J.D.L; E.V.R; G.G. e.a., Vervlaamschingen der Kunsteigene bewoordingen die Blanchet gebruikte in zijne meetkundige lessen. In: Rond den Heerd: 19 (1884) 48, p.372
[8] Bij Karel De Gheldere van Koekelare
mouche/drager, den. overdrager braks staan peerden Onderstreping van Guido Gezelle na lange op stal gestaan te hebben = brask? Clercken Onderstreping van Guido Gezelle

Register

Correspondenten

NaamGezelle, Guido; Loquela; Spoker
Datums° Brugge, 01/05/1830 - ✝ Brugge, 27/11/1899
GeslachtMannelijk
Beroeppriester; leraar; onderpastoor; dichter; taalgeleerde; vertaler; publicist
BioGuido Gezelle werd geboren in Brugge. Na zijn collegejaren en priesterstudies (priesterwijding te Brugge op 10/06/1854), werd hij in 1854 leraar aan het kleinseminarie te Roeselare. Gezelle gaf er onder meer talen, begeleidde de vrij uitgebreide kolonie buitenlandse leerlingen, vooral Engelsen, en kreeg tijdens twee schooljaren (1857-1859) een opdracht als leraar in de poësis. In 1865 werd Gezelle onderpastoor van de St.-Walburgaparochie te Brugge. Naast zijn druk pastoraal werk was hij bijzonder actief in het katholieke ultramontaanse persoffensief tegen de secularisering van het openbare leven in België en als vulgarisator in het culturele weekblad Rond den Heerd. In 1872 werd Gezelle overgeplaatst naar de O.-L.-Vrouwparochie te Kortrijk. Gedragen door een sympathiserende vriendenkring werd hij er de gelegenheidsdichter bij uitstek. Gaandeweg keerde hij er ook terug naar zijn oorspronkelijke postromantische en religieus geïnspireerde interesse voor de volkstaal en de poëzie. De taalkundige studie resulteerde vooral in een lexicografische verzameling van niet opgetekende woorden uit de volkstaal (Gezelles ‘Woordentas’ en het tijdschrift Loquela, vanaf 1881), waarmee ook hij het Zuid-Nederlands verdedigde binnen de ontwikkeling van de gestandaardiseerde Nederlandse cultuurtaal. Die filologische bedrijvigheid leidde bij Gezelle uiteindelijk ook tot een vernieuwde aandacht voor zijn eigen creatief werk, zowel vertaling (Longfellows Hiawatha) als oorspronkelijke poëzie. In 1889 werd hij directeur van een kleine Franse zustergemeenschap die zich in Kortrijk vestigde. Hij was een tijdje ambteloos. Dit liet hem toe zich op zijn schrijf- en studiewerk te concentreren. Het resultaat was o. m. de publicatie van twee poëziebundels, Tijdkrans (1893) en Rijmsnoer (1897), die, vooral in het laatste geval, qua vormgeving en originaliteit superieur van gehalte zijn. Om die authentieke en originele lyriek werd hij door H. Verriest, P. de Mont en vooral door Van Nu en Straks als een voorloper van de moderne Nederlandse poëzie beschouwd. Ook later eerden Nederlandse dichters, zoals Paul van Ostaijen en recenter, Christine D’haen, Gezelle als de meest creatieve en vernieuwende Nederlandse dichter in Vlaanderen. In 1899 werd Gezelle naar Brugge teruggeroepen om zich te wijden aan de vertaling van een theologisch werk van zijn bisschop (Waffelaerts Meditationes Theologicae). Hij verbleef nu in het Engels Klooster van Kanonikessen, waar hij echter vrij vlug en onverwachts stierf op 27 november 1899. Hij liet nog een verzameling uitzonderlijke gedichten na die in 1901 postuum als zijn Laatste Verzen werden gepubliceerd.
Links[odis], [wikipedia], [dbnl]
NaamVan Robays, Edward; Van Roobeke, Edward
Datums° Egem, 2 of 3/02/1855 - ✝ Barhamur, 30/05/1906
GeslachtMannelijk
Beroepleraar; priester; missionaris; pater jezuïet
VerblijfplaatsIndië
BioEdward Van Robays, zoon van Leonardus, timmerman, en Rosalia Fraeye, werd tot priester gewijd te Brugge op 22/05/1880. Hij studeerde pedagogie te Leuven. Hij werd leraar wiskunde aan het Sint-Lodewijkscollege op 04/10/1881. Hij zette zich in voor de vernederlandsing van wiskundige termen en schreef diverse bijdragen hierover in Rond den Heerd. Hij was één van de stichters van het tijdschrift Biekorf. Op 24/09/1892 trad hij toe tot de jezuïeten en hij vertrok op 31/10/1894 naar West-Bengalen.
Links[odis]
Relatie tot Gezellecorrrespondent; medewerker Rond den heerd; medestichter van Biekorf
BronnenB. De Leeuw, P. De Wilde, K. Verbeke, e.a., De briefwisseling van Guido Gezelle met de Engelsen. 1854-1899. Gent: Koninklijke Academie voor Nederlandse Taal- en Letterkunde, 1991, dl.III

Briefschrijver

NaamVan Robays, Edward; Van Roobeke, Edward
Datums° Egem, 2 of 3/02/1855 - ✝ Barhamur, 30/05/1906
GeslachtMannelijk
Beroepleraar; priester; missionaris; pater jezuïet
VerblijfplaatsIndië
BioEdward Van Robays, zoon van Leonardus, timmerman, en Rosalia Fraeye, werd tot priester gewijd te Brugge op 22/05/1880. Hij studeerde pedagogie te Leuven. Hij werd leraar wiskunde aan het Sint-Lodewijkscollege op 04/10/1881. Hij zette zich in voor de vernederlandsing van wiskundige termen en schreef diverse bijdragen hierover in Rond den Heerd. Hij was één van de stichters van het tijdschrift Biekorf. Op 24/09/1892 trad hij toe tot de jezuïeten en hij vertrok op 31/10/1894 naar West-Bengalen.
Links[odis]
Relatie tot Gezellecorrrespondent; medewerker Rond den heerd; medestichter van Biekorf
BronnenB. De Leeuw, P. De Wilde, K. Verbeke, e.a., De briefwisseling van Guido Gezelle met de Engelsen. 1854-1899. Gent: Koninklijke Academie voor Nederlandse Taal- en Letterkunde, 1991, dl.III

Briefontvanger

NaamGezelle, Guido; Loquela; Spoker
Datums° Brugge, 01/05/1830 - ✝ Brugge, 27/11/1899
GeslachtMannelijk
Beroeppriester; leraar; onderpastoor; dichter; taalgeleerde; vertaler; publicist
BioGuido Gezelle werd geboren in Brugge. Na zijn collegejaren en priesterstudies (priesterwijding te Brugge op 10/06/1854), werd hij in 1854 leraar aan het kleinseminarie te Roeselare. Gezelle gaf er onder meer talen, begeleidde de vrij uitgebreide kolonie buitenlandse leerlingen, vooral Engelsen, en kreeg tijdens twee schooljaren (1857-1859) een opdracht als leraar in de poësis. In 1865 werd Gezelle onderpastoor van de St.-Walburgaparochie te Brugge. Naast zijn druk pastoraal werk was hij bijzonder actief in het katholieke ultramontaanse persoffensief tegen de secularisering van het openbare leven in België en als vulgarisator in het culturele weekblad Rond den Heerd. In 1872 werd Gezelle overgeplaatst naar de O.-L.-Vrouwparochie te Kortrijk. Gedragen door een sympathiserende vriendenkring werd hij er de gelegenheidsdichter bij uitstek. Gaandeweg keerde hij er ook terug naar zijn oorspronkelijke postromantische en religieus geïnspireerde interesse voor de volkstaal en de poëzie. De taalkundige studie resulteerde vooral in een lexicografische verzameling van niet opgetekende woorden uit de volkstaal (Gezelles ‘Woordentas’ en het tijdschrift Loquela, vanaf 1881), waarmee ook hij het Zuid-Nederlands verdedigde binnen de ontwikkeling van de gestandaardiseerde Nederlandse cultuurtaal. Die filologische bedrijvigheid leidde bij Gezelle uiteindelijk ook tot een vernieuwde aandacht voor zijn eigen creatief werk, zowel vertaling (Longfellows Hiawatha) als oorspronkelijke poëzie. In 1889 werd hij directeur van een kleine Franse zustergemeenschap die zich in Kortrijk vestigde. Hij was een tijdje ambteloos. Dit liet hem toe zich op zijn schrijf- en studiewerk te concentreren. Het resultaat was o. m. de publicatie van twee poëziebundels, Tijdkrans (1893) en Rijmsnoer (1897), die, vooral in het laatste geval, qua vormgeving en originaliteit superieur van gehalte zijn. Om die authentieke en originele lyriek werd hij door H. Verriest, P. de Mont en vooral door Van Nu en Straks als een voorloper van de moderne Nederlandse poëzie beschouwd. Ook later eerden Nederlandse dichters, zoals Paul van Ostaijen en recenter, Christine D’haen, Gezelle als de meest creatieve en vernieuwende Nederlandse dichter in Vlaanderen. In 1899 werd Gezelle naar Brugge teruggeroepen om zich te wijden aan de vertaling van een theologisch werk van zijn bisschop (Waffelaerts Meditationes Theologicae). Hij verbleef nu in het Engels Klooster van Kanonikessen, waar hij echter vrij vlug en onverwachts stierf op 27 november 1899. Hij liet nog een verzameling uitzonderlijke gedichten na die in 1901 postuum als zijn Laatste Verzen werden gepubliceerd.
Links[odis], [wikipedia], [dbnl]

Plaats van verzending

NaamBrugge
GemeenteBrugge

Naam - persoon

NaamDe Visschere, Aloys
Datums° Ruddervoorde, 18/07/1853 - ✝ Emelgem, 29/06/1921
GeslachtMannelijk
Beroepleraar; onderpastoor; pastoor
BioAloys De Visschere, zoon van Ludovicus De Visschere, koopman, en Isabella De Waele, winkelierster, werd op 18/04/1880 leraar aan de normaalschool van Torhout. Hij ontving zijn priesterwijding te Brugge op 22/05/1880. Vervolgens was hij onderpastoor te Ruiselede (26/03/1897), pastoor in De Panne (20/01/1901), pastoor te Emelgem (17/01/1906). In de jaren 1880 werkte De Visschere samen met andere leraars om een Vlaamse wetenschappelijke vaktaal tot stand te brengen. Hij was ook medewerker van Biekorf.
Links[odis]
Relatie tot Gezellecorrespondent; medewerker Biekorf
NaamDuclos, Adolf Juliaan
Datums° Brugge, 30/08/1841 - ✝ Brugge, 06/03/1925
GeslachtMannelijk
Beroeppriester; pastoor; kanunnik, ere-kanunnik, leraar; historicus; auteur, redacteur; diocesaan inspecteur
BioAdolf Duclos, zoon van Desiderius Duclos, apotheker en een van de stichters van de katholieke partij in 1860, en Hortencia Bogaert, wier vader en grootvader de stichters waren van de “Gazette van Brugge”, werd geboren in de Kuipersstraat te Brugge. Hij liep school in het atheneum te Brugge, het college te Ieper en het Brugse Sint-Lodewijkscollege. In oktober 1860 ging hij naar het kleinseminarie in Roeselare (filosofie 1861), en volgde een jaar later een priesteropleiding aan het grootseminarie in Brugge. Daar ontmoette hij Guido Gezelle. Hij ontving zijn priesterwijding te Brugge op 10/06/1865 van Mgr. Faict. Hij ging lesgeven aan het college van Torhout (17/09/1865), en werd vanaf 1868 ondersecretaris en bewaarder van de relikwieën in het bisdom. In 1871 volgde hij Guido Gezelle op als redacteur van het tijdschrift Rond den Heerd. In 1874 was hij stichtend voorzitter van de Gilde van Sinte-Luitgaarde. In 1875 was hij ook betrokken bij de stichting van het Brugse Davidsfonds. Belangrijk was ook zijn betrokkenheid als bestuurslid en voorzitter van de Société Archéologique de Bruges, de voorloper van het Brugse Gruuthusemuseum. Hij was ook de auteur van historische werken en actief bij de organisatie van Brugse stoeten en processies. Vervolgens werd hij erekanunnik van de Brugse kathedraal (29/08/1884), pastoor in Pervijze (25/11/1889) en pastoor in Ieper (21/07/1897). Op 20 mei 1903 keerde hij naar Brugge terug als kanunnik van de Brugse kathedraal. Op 13 december 1910 werd hij diocesaan inspecteur van de bisschoppelijke colleges, en was ten slotte werkzaam als kanunnik-cantor (13/12/1911).
Links[odis], [wikipedia], [dbnl]
Relatie tot Gezellecorrespondent, medewerker en uitgever van Rond den Heerd; Gilde van Sinte-Luitgaarde; oud-leerling kleinseminarie Roeselare
NaamFaict, Joannes Josephus
Datums° Leffînge, 22/05/1813 - ✝ Brugge, 04/01/1894
GeslachtMannelijk
Beroeppriester, professor, superior, erekanunnik, vicaris-generaal, coadjutor, bisschop
BioIn 1834 was J.J. Faict, zoon van Henri Faict, brouwer, en Marie Hellinck, laureaat van de retorica aan het kleinseminarie te Roeselare. Hij werd doctor in de theologie, wijsbegeerte en letteren. Op 09 juni 1838 werd hij te Brugge door Mgr. Boussen tot priester gewijd. Hij werd professor kerkgeschiedenis en wetenschappen (12/01/1839) en professor theologie (oktober 1840) aan het grootseminarie in Brugge. Vanaf augustus 1849 tot oktober 1856 was hij superior van het kleinseminarie te Roeselare. Hij werd erekanunnik (29/12/1853) en vicaris-generaal van Mgr. Malou op 18/10/1856. In september 1862 werd hij huisprelaat van paus Pius IX en op 25/02/1864 coadjutor van Mgr. Malou. Hij was bisschop van Brugge van 18/10/1864 tot aan zijn dood in 1894.
Links[odis], [wikipedia], [dbnl]
Relatie tot Gezelleoverste, correspondent
BronnenB. De Leeuw, P. De Wilde, K. Verbeke, e.a., De briefwisseling van Guido Gezelle met de Engelsen. 1854-1899. Gent: Koninklijke Academie voor Nederlandse Taal- en Letterkunde, 1991, dl.III
NaamDe Rijk, Jacobus Augustinus
Datums° Hilversum, 23/09/1831 - ✝ Voorhout, 10/03/1897
GeslachtMannelijk
Beroeppriester; kanunnik; landschapsschilder; (hoog)leraar; dichter; redacteur
VerblijfplaatsNederland
BioDe Rijk was een oud-leerling van Alberdingk Thijm. Hij werd zelf leraar in 't Kleenseminarie van Hageveld (Noordwijk) en gaf er diverse vakken. Later werd hij ook hoogleraar wijsbegeerte aan hetzelfde instituut. Hij leverde bijdragen voor de tijdschriften "De katholiek" en "Bijdragen voor geschiedenis van het Bisdom Haarlem". Hij werd later redacteur van beide tijdschriften.
Links[wikipedia]
Relatie tot Gezellecorrespondent
Bronnen http://resources.huygens.knaw.nl/retroboeken/nnbw/#source=10&page=437&view=imagePane
NaamVandendriessche, Henri
Datums° Otegem, 24/08/1839 - ✝ Aalbeke, 01/02/1904
GeslachtMannelijk
Beroeppriester; coadjutor; onderpastoor; pastoor
BioHenri Vandendriessche, zoon van Carolus-Ludovicus Vandendriessche, landsman, en Rosalia Vervaingne, spinster, liep school aan het kleinseminarie te Roeselare. Hij trok als pauselijk zoeaaf naar Italië. Hij werd tot priester gewijd op 22/12/1866 door bisschop Faict. Hij was coadjutor te Ettelgem (27/03/1867), onderpastoor te Vladslo (02/04/1868), te Izegem (25/10/1871) en te Egem (02/01/1878). Vervolgens was hij pastoor te Varsenare (25/11/1891), te Oostkerke (14/09/1893) en te Sint-Kruis (15/03/1899). Hij nam ontslag op 6 februari 1902 en verbleef verder te Aalbeke bij zijn schoonbroer, onderwijzer Henri Van Oosthuyse, waar hij ook overleed. Hij was de stichter van verschillende parochiale gilden.
Links[odis]
Relatie tot Gezellezanter (WDT); correspondent
NaamVan Hee, Alfons
Datums° Lo, 03/04/1846 - ✝ Moere, 28/05/1903
GeslachtMannelijk
Beroeppriester, leraar, coadjutor; onderpastoor; pastoor; redacteur, auteur
BioAlfons Vanhee was oud-leerling van het kleinseminarie van Roeselare. Hij was er voorzitter van de Lettergilde. Hij ontving zijn priesterwijding op 07/06/1873. Hij werd op 26/09/1873 zelf leraar aan het kleinseminarie. Wegens zijn Vlaamsgezinde houding werd hij door Superior Delbaere ontslagen. Vervolgens was hij coadjutor van pastoor Ghyselen te Alveringem (17/03/1876); onderpastoor te Wijtschate (07/08/1876) en te Langemark (23/09/1885) en pastoor te Moere (24/02/1900). Hij was lid van de Swighende Eede, een geheim genootschap van Vlaamsgezinde vrienden opgericht door Hugo Verriest. Hij was schrijver van blijspelen o.a. Het Testament, Boerenkrakeel. Hij schreef talrijke bijdragen in het West-Vlaamsch Idioticon van De Bo, Loquela, De Vlaamsche Vlagge, en Nieuwe Tijd, maar werd vooral bekend door de oprichting van 't Manneke uit de Mane, een West-Vlaamse Volksalmanak. Gezelle stuurde hem het gedichtje Uw mes hebt gij naar aanleiding van een maaltijd die Van Hee bij Gezelle genoot.
Links[odis], [wikipedia], [dbnl]
Relatie tot Gezellecorrespondent; medewerker Loquela; medewerker Biekorf; lid van de Gilde van Sinte-Luitgaarde; gelegenheidsgedicht
BronnenB. De Leeuw, P. De Wilde, K. Verbeke, e.a., De briefwisseling van Guido Gezelle met de Engelsen. 1854-1899. Gent: Koninklijke Academie voor Nederlandse Taal- en Letterkunde, 1991, dl.III
NaamVan Robays, Edward; Van Roobeke, Edward
Datums° Egem, 2 of 3/02/1855 - ✝ Barhamur, 30/05/1906
GeslachtMannelijk
Beroepleraar; priester; missionaris; pater jezuïet
VerblijfplaatsIndië
BioEdward Van Robays, zoon van Leonardus, timmerman, en Rosalia Fraeye, werd tot priester gewijd te Brugge op 22/05/1880. Hij studeerde pedagogie te Leuven. Hij werd leraar wiskunde aan het Sint-Lodewijkscollege op 04/10/1881. Hij zette zich in voor de vernederlandsing van wiskundige termen en schreef diverse bijdragen hierover in Rond den Heerd. Hij was één van de stichters van het tijdschrift Biekorf. Op 24/09/1892 trad hij toe tot de jezuïeten en hij vertrok op 31/10/1894 naar West-Bengalen.
Links[odis]
Relatie tot Gezellecorrrespondent; medewerker Rond den heerd; medestichter van Biekorf
BronnenB. De Leeuw, P. De Wilde, K. Verbeke, e.a., De briefwisseling van Guido Gezelle met de Engelsen. 1854-1899. Gent: Koninklijke Academie voor Nederlandse Taal- en Letterkunde, 1991, dl.III

Naam - plaats

NaamKlerken
GemeenteHouthulst
NaamKoekelare
GemeenteKoekelare
NaamTorhout
GemeenteTorhout
NaamNoordwijk
GemeenteNoordwijk

Naam - instituut/vereniging

NaamGilde van Sinte-Luitgaarde
BeschrijvingVereniging ter ondersteuning van de Vlaamse taal en het traditionele cultuurgoed. Professor Jan Hendrik Bormans had in 1857 in de inleiding van zijn werk ‘Het Leven van Sinte Lutgardis, een oproep gedaan dat alle Vlamingen deze heilige als de beschermvrouw van de Dietse taal- en letterkunde zouden vereren. In 1862 rijpte bij Gezelle het plan voor een ‘Gilde van Sint-Luitgaarde’ die een tijdschrift voor taal en oudheid zou uitgeven. De leerlingen en vereerders van de bezieler zouden Luitgarde in hun banier opnemen, maar hijzelf zou geen leider worden van de gilde, die echter maar een kortstondig bestaan heeft gekend. Later, rond 1870, wist Gezelle te Brugge een groep beoefenaars van taal- en letterkunde rond zich te verenigen om samen de redactie van Rond den Heerd te bespreken. In 1873 richtten Amaat Vyncke en Zeger Malfait de Gilde der West-Vlaamse Gebroeders op, met Sint-Lutgart als patrones. Hun "stemme" was eerst de "Almanak" en daarna de "Vlaamsche Vlagge". Vanaf 2 december 1871 had Duclos de redactie van "Rond den Heerd" in handen en ook hij besefte de nood aan een meer uitgebreide opstelraad. Hij riep in november 1873 enkele bekenden uit het Brugse bijeen. Na drie maanden op 14 februari 1874 was het statuut of wet voor de ‘Gilde van Sinte Luitgaarde’ klaar. De St.-Luitgaardegilde hield vier algemeene vergaderingen : in 1874, 1876, 1877 en 1878. Pieter Baes is griffier geweest gedurende de bloeitijd van de Gilde van Sinte Luitgaarde. Na zijn verwijdering uit Brugge in 1879 kwijnde de gilde weg.
Datering1874
Naamkleinseminarie Hageveld
BeschrijvingHet bisschoppelijk kleinseminarie Hageveld in Heemstede van het bisdom Haarlem, werd opgericht in 1817. Jacobus Augustinus De Rijk, een van de leerkrachten was correspondent van Gezelle.
Datering1817
Links[wikipedia]

Titel - werk van Guido Gezelle

TitelRond den Heerd. Een leer-en leesblad voor alle lieden.
Links[gezelle.be]

Titelxx/[05/1884], [Brugge], Edward Van Robays aan [Guido Gezelle]
EditeurEls Depuydt; Universiteit Antwerpen
Wetenschappelijke leidingEls Depuydt
Partners Openbare Bibliotheek Brugge (Guido Gezellearchief); Centrum voor Teksteditie en Bronnenstudie (Koninklijke Academie voor Nederlandse Taal en Letteren); Instituut voor de Studie van de Letterkunde in de Lage Landen (ISLN) (Piet Couttenier, Universiteit Antwerpen); Guido Gezellegenootschap
UitgeverGuido Gezellearchief, KANTL/CTB
Plaats van uitgaveBrugge, Gent
Publicatiedatum2023
Beschikbaarheid Teksten en afbeeldingen beschikbaar onder een Creative Commons Naamsvermelding - Niet Commercieel licentie.
DisclaimerDe editie van de Guido Gezellecorrespondentie is het resultaat van een samenwerkingsproject met vrijwilligers. De databank is in opbouw, aanvullingen en opmerkingen kunnen gemeld worden aan els.depuydt@brugge.be.
Meer informatie over het vrijwilligersproject is te vinden op gezelle.be.
CiterenEen brief kan worden geciteerd als:
[Naam van editeur(s)], [briefschrijver aan briefontvanger, plaats, datum]. In: GezelleBrOn, Wetenschappelijke editie van de correspondentie van Guido Gezelle. [publicatiedatum] Available from World Wide Web: [link].
VerzenderVan Robays, Edward
Ontvanger[Gezelle, Guido]
Verzendingsdatumxx/[05/1884]
VerzendingsplaatsBrugge (Brugge)
AnnotatieMaand en jaartal gereconstrueerd op basis van de brieftekst ; adressaat en plaats gereconstrueerd op basis van contextuele gegevens.
Gepubliceerd inDe briefwisseling tussen Guido Gezelle en enkele leden van de Dietsche Biehalle en Biekorf. Deel 2: Brieven / door Ina Galle. - Gent : onuitgegeven licentieverhandeling, (academiejaar 1984-1985), p.364-366
Fysieke bijzonderheden
Drager 2 enkele vellen, enkel vel 1: 104x134 ; enkel vel 2: 103x134
wit
papiersoort: 4 zijden beschreven, inkt
Staat volledig: brief verknipt tot twee taalkundige fiches en gereconstrueerd met licht tekstverlies
Vormelijke bijzonderheden bijlage met brief van M. Rijck. ontbreekt
Toevoegingen op zijde 2 in de linkermarge: taalkundige notities (inkt en blauw potlood, verticaal, hand G.G.); op zijde 4 in de linkermarge: taalkundige notities: mouche/drager , den. overdrager braks staan peerden na lange op stal gestaan te hebben = brask? Clercken (inkt, verticaal, hand G.G.)
Bewaargegevens
LandBelgië
PlaatsBrugge
BewaarplaatsGuido Gezellearchief
ID Gezellearchief8381
Bibliotheekrecordhttps://brugge.bibliotheek.be/detail/?itemid=|library/v/obbrugge/gezelle|14828
Inhoud
Incipit't Is nog eens ten deele door
Tekstsoortbrief
TalenNederlands
De tekst werd diplomatisch getranscribeerd, en aangevuld met een editoriale laag.
De oorspronkelijke tekst werd ongewijzigd getranscribeerd; alleen typografische regeleindes en afbrekingstekens, en niet-betekenisvolle witruimte werden genormaliseerd.
Auteursingrepen in de tekst (toevoegingen, schrappingen), en latere redactie-ingrepen (schrappingen, toevoegingen, taalkundige notities) door de lezer werden overgenomen en expliciet gemarkeerd.
Voor een aantal tekstfenomenen werden naast de oorspronkelijke vorm ook editeursingrepen opgenomen in de transcriptie: oplossingen voor niet-gangbare afkortingen en correcties voor manifeste fouten. Daarnaast bevat de transcriptie editeursingrepen ter verbetering van de leesbaarheid (toevoegingen, reconstructies) of ter motivering van transcriptie-beslissingen (aanduiding van onzekere lezingen, weglating van onleesbare tekst). Alle editeursingrepen worden expliciet gemarkeerd.