[1] Guido Gezelle gaf een lezing op donderdag 14 oktober 1875 voor de afdeling van het
Davidsfonds in Tielt. De voordracht had als titel
Eenige bladzyden uit den Vlaemsche Taelboek. Er waren meer dan 200 aanwezigen die de gietende regen getrotseerd hadden, waaronder Adolf Duclos en dokter Loosveldt. De lezing duurde anderhalf uur.
De aankondiging van Gezelles voordracht voor het Davidsfonds Tielt verscheen in de Gazette van Tielt: 26 (29 september 1875) 76, 1-b: “Wy vernemen met het grootste genoegen dat de heer Guido Gezelle een gunstig onthael heeft gedaen aen het verzoek der Thieltsche Afdeeling van het Davidsfonds, om op donderdag 7 october aenstaende alhier eene voordracht te komen houden in de zael van Maetschappy der Goede Vrienden (...).
Later verscheen in de Gazette van Thielt: 26 (2 oktober 1875) 78, 1-b en (9 oktober 1875) 80, 1-a: “De grote dag is donderdag 14 oktober, om vier uur in de middag.”
De titel en nog een warmmaker verschenen in de Gazette van Thielt: 26 (13 oktober 1875) 81, 1-2:
(...) “’t Is trouwens maer al te waer gelyk het in den brief van uitnoodiging staet: ‘U de verdiensten van den eerw. Heer Gezelle vermelden, Mynheer dat is noodeloos; als schryver en als spreker heeft die heer hem een grooten naem verworven, in Vlaenderen niet alleen, maer geheel Belgiën en Holland door.’ Vele damen ook schikken de voordracht by te wonen. En waerom niet?”
Voor de inhoud van de voordracht en de context zie: R. Vanlandschoot, De Gilde van Sinte Luitgaarde 1874-1875. In: Gezellekroniek: (1981) 15, p.49-50.
[3] In zijn
brief aan Gezelle van 27/10/1875 schreef Vandevyvere dat hij de tekst van de voordracht graag wilde laten publiceren in de
Gazette van Thielt en daarnaast als afzonderlijke uitgave voor de leden van het Davidsfonds. De volledige tekst van de voordracht is niet verschenen noch in de
Gazette van Thielt, noch als afzonderlijke druk.
Een volledig verslag van de vergadering met de voordracht was wel al verschenen in de Gazette van Thielt: 26 (16 oktober 1875) 82, 1-b-c. (Zie ook de bijlage II in: R. Vanlandschoot, De Gilde van Sinte Luitgaarde 1874-1875. In: Gezellekroniek: (1981) 15, p.62-64).
Bier/scholetrouw/knecht (De Bo)Geh. Gehoord. Ghistelvan eenen ? Gehoord.