Heb u eerst een ongeluk te melden. De brief van eenen ouden schoolmeester,[1] dien gij mij zondt is ievers uit mijn schof Limburg of er nooit in gerocht! Ik heb al een heelen dag tijd verloren om hem te zoeken; nievers! Dat spijt me te meer omdat ik er eene goede antwoorde op gereed had. Wist gij den schrijver op te sporen vraagt dat hij als een goede haan nog nen keer kraaie.
Ik hoore veel goeds van ’t Daghet een dingen beklaagt men, en dat is te beklagen, te weten dat het niet verzonden en wordt gelijk Loquela zorgvuldig in een papier gedaan Gij moeste het bladtje eenen keer meer plooien en heel te gansch in eenen omslag doen, open aan beide enden; dan en zou de brievendragers bindsnoer 't daghet niet in tween zagen en schenden.
Zendt mij die runen opschriften,[2] waar gij van gewaagt in ver-p2schillige uwer brieven,[3] ik zal doen wat ik kan om ze te lezen.
Die boek aangaande kruidkunde zou mij alderbest te passe komen. [4]
Kortrijk-gendarm, gendarm-Seminarie, Seminarie-Hasselt, Hasselt-Kortrijk is een al te lange omweg Kan ’t niet gevonden worden dat de gendarm uit het spel geraakt, dan ware ‘t nog doenlijk
Ik zitte hele dagen overlast en ik moet ievers zien tijd te winnen Men schrijft mij uit vankrijk: Waar blijft ons oud vlaamsch. ‘t Zal nochtans wel gaan, en zijt niet verlegen, maar hoe min “amplification, devoirs d’ecoliers“ hoe beter.
De hoofdinge uit boeken zou ‘k veranderen en zetten uit boeken bladeren en brieven en daaronder b.v. het vonnis drukken dat de Student uitspreekt. Houdt toch ons bladtje vrij van alle twistzoekerije Don quixotterije lans (en hals)brekerije. De stukken p3in boek- en boekstafwezen dienen kort te zijn en ten uitersten nauwkeurig.
Ik zende u in ’t korte nog een deel woorden en vinde ’t alderbest getroffen, dat gij ‘t brabantsch naar den Student zendt.
Dat hij voortdoe met het Vindekoorn[5]
Hoe meer folklore gij kunt oprapen en kleeden gelijk het eerste stuk hoe beter.







