Dood? neen dat en ben ik nog niet. ontmoedigd? Ja, bekans, en dat onder ge weet wat opzicht. Als kapelaan[1] gaat hier alles nog al stillekens goed. ”'t is zijn eerste post en de jongen weet niet beter.“ Maar als vlaming. . . . 't is waar, ik en heb niets tegen mij, maar ook niets vóór mij: en wat niet voor is, is tegen, zoo goed hier in den Many[2] als in de H. Boeken.
Ik heb nog al wat tijd om te studeeren, maar ik weet niet wat ik ga beginnen. 't Woorden- en raadselkens-zanten is uit: natuurlik. De eentige honderde woorden die ik hier heb van vroeger, staan daar zoo onnoozel te kijken: mijn hoopke zegsels, och arm, en zal niet meer aanwassen! p2Afleid- of wortelkunst.... ja, daar heb ik altijd goesting in gehad, en daar zou ik nog goesting in hebben, maar er ontbreekt mij een doel.
In 't Seminarie werkte ik om de limburgsche woorden uit te leggen, en al zoekende leerde ik, al had ik dan ook mijne gevonden uitlegging aan niemand dorren voorstellen. - Verder las ik belangwekkende en dorre zaakskens ondereen, en had dan 't vermaak van Cuppens of nen andere vlaming de belangwekkenste vondsten uit te leggen, te “doceeren”, mijne geleerdheid of wangeleerdheid te laten zien. . . . . en bewonderen. De mensch, ge weet wel, heeft altijd zoo wat hooveerdigheid en ijverzucht in zijn hert!
Maar nu zijn de limburgsche woorden, de naijver, de voldoening van een gedaan werk (die zoo wat op de hooveerdigheid trekt) en 't overige naar den bliksem: 't is te zeggen alle doel van studeren is weg. p3Zou ik de woordenboeken van Schuermans en de Bô lezen? En wat heb ik dan als ik ze gelezen heb? Zou ik Grim's Grammatick bestudeeren? Maar die kost veel en ten anderen wat heb ik als ik ze gelezen heb?
Zou ik gothisch door studeeren, Angelsassensch leeren? Maar wat heb ik dan als ik die zal geleerd hebben?
Zal ik mij toeleggen om eigennamen uit te leggen? maar dat heeft Winkler al gedaan[3] en zoo ver als hij kom ik toch nooit: ten anderen daar heb ik het zoo erg niet op!
Zal ik mij aan de gewoone woorden zetten? maar die staan in iederen woordenboek uitgelegd! En ongewoone woorden, volkswoorden en uitdrukkingen, enz. die en vindt ik hier bij 't volk niet meer.
En me veronderstel eens dat ik hier in dit waar ballingschap af en toe hier en daar wat opsnuffel, wat goed zal dat aan onze moedertaal doen. p4Zoo kazel[4] ik al in mijn eigen en goeden raad schijnt mij duur: hebt gij er geenen veil?
Ik houd hier huis in eene kleine kapelanij, en zit zoo al wi een jonge kapelaan van den eersten toog. Als ge onze vlaamsche jongens uit Limburg hier langs de Maas eens kont komen bezoeken! Of den eenen of den anderen waren en vlaandereneer kont overschikken! Ik heb wel geene vreemde kamer maar . . . . . de hooischelf is groot genoeg.
Cuppens en ik kunnen d'een d'ander nog al eens bezoeken: maar noch hij noch ik weet iets nieuws van onzen vorigen wereld: we zitten allebei, en ik in 't bezonder, op een eiland.[5]
't En is hier geen Kempen of geen Haspengouw, wat den Godsdienst aangaat: de kerk staat leeg en onze Lieve Heer verlaten. De kinderen die voor de eerste communie leeren en weten van God of zijn gebod en kennen zelfs den Vaderons niet van buiten: maar ik troost mij gemakkelik met het gedacht, dat de priester hier grooter noodig is als 't huis.
…







