k heb een woord geschreven naar Lotermans.[2]
t Passielieken zal voor ’t Boek- en boekstafwezen een itemke zijn; hoe meer zulke hoe beter. ’t Ware weerd op zijn eigen uitgegeven met de zangwijze erbij.[3]
Willems onderneminge zal wel in ’t water vallen![4] Wat wil hij gaan aanvangen eer men overeenkomt hoe men al de verschillige klanken etc. verbeelden zal? Grootere geleerden als Willems zijn daar achter op zoek, maar tot nu zonder goeden uitval. Hij heeft ook naar een Prof uit het Kortrijksch Collegie geschreven.[5] Het Limburgsch, volgens Willems, is het dietsch, dat Maerlant wilde schrijven. Men heeft Maerlant nu al ketter gemaakt, dan liberaal, vervolgens een Hollander, van bij Staveren; eindelijk zal hij eindigen met een Limburger te zijn![6]
Ik heb Claerhoudt verzocht hetgene gij begeert.[7]
Ik heb het Vlaamsch Huis[8] te Luyk gezien, en ’t verheugt mij te vernemen dat de Vlamingen te Luyk hunnen name p2getrouw schijnen. En, ik ook zie 100 keers liever eene arme dorpsprocessie, en Onze lieve Heer ook wel, zeker![9]
Johan Winkler’s bijdrage[10] alleen weegt op tegen al ’t gepreutel, van die niet anders en kunnen noch en zullen als preutelen.
Gij hebt al hulp genoeg en plaats te kort. Daniels heeft het rechtwel vast; doet zoo hij zegt. Zijn voordracht zou meer deugd doen in R. d. Heerd.[11]
De koorenzange van twee spieren[12] is ook al wel en goed. ’t Daghet overtreft al mijn verwachten. Hoe min studenten opstelletjes en schoolwerk hoe beter. Laat het Volk spreken. Daneels[13] had mij geschreven dat hij dat klokopschrift[14] ook naar u zond, anders had ik het meegeschikt.
Ik ga zoo haast mogelijk aan’t bereiden van ’t een en ’t ander van de ingezonden stukken; vooruit en vooral moet Johan Winkler komen, onder: Uit boeken, brieven en bladeren.[15]
Wat zonde en jammer dat ik de antwoorde op dien ouden schoolmeester[16] niet eens hebbe mogen nazien en verbeteren![17] p.3Ze is zoo deerlijk mishandeld door den drukker. Ik bender oprecht beschaamd over; en, hadde ik meer als eenen n° 4, ik zond hem u met al den misdruk verbeterd. En zoo dom misdrukt! B. v. waar ik gezet hadde z. Grimm staat er 3 Grimm![18] Wat nu van die drie Grimms gaan maken? Dat spijt mij toch zoo!
Mijn duik- of plukalmanak gaat onder druk, in ’t kort zal hij gereed zijn.
Tinel is bezig ‘t een en ’t ander mijner liedtjes op noten te zetten; men zal Kleengedichtjes, op zangwijzen van Tinel, zingen te Mechelen, op de feest van ’t Davidsfonds.[19]
Weet gij niet waar heel mijn pak brieven van Winkler zou gevaren zijn? Heb ik hem naar Limburg niet meegegeven aan iemand? Nu, wederom gegroet en Godevolen[20] met hertelijken proficiat van







