Noten
[1] In 1878 had Gezelle meegewerkt aan een meertalig boek met 52 vertalingen van een huldegedicht voor de nieuwe paus Leo XIII. Het boek
Corona Catholica kwam uit begin 1880. Gezelle had zijn handexemplaar uitgeleend aan Amaat Vyncke. Die koos er dertien vertalingen uit om te publiceren in
De Vlaamsche Vlagge van 15 augustus 1880. Blijkbaar hield Vyncke het boek te lang in zijn bezit. Gezelle vroeg het terug met dit gedichtje.
Corona Catholica zit nog in de handbibliotheek van Gezelle (GGB 1022).
[2] Vynckes naamgenoot Edward Vyncke was Gezelles pastoor in Kortrijk. Blijkbaar moet hij ook gevraagd hebben om het boek te zien.
[3] Vergelijk de uitdrukking: ’altijd en ervig’: altijd door, steeds maar, zonder ophouden.
[4] Augusta, de zus van Amaat, woonde bij hem in.
Vertaling (Latijn) Paul Thoen: Verzamel de stukken brood, opdat er niets verloren ga. Vyncke had zelf ook een notitieboekje met dat opschrift. Hij vertaalt: “vergaart de brokskens, opdat ze niet te kwiste en gaan“. (A. Vyncke, Brieven over 't Araabsch (3), De Vlaamsche Vlagge: 9 (1883) 2, 49-56.) Het gaat om het verzamelen van de resten van de broodmaaltijd in twaalf manden in het eerste verhaal van de wonderbare broodvermenigvuldiging dat in elk van de vier evangelies voorkomt (het tweede dergelijk verhaal enkel bij Mattheüs en Marcus, met zeven manden overgebleven voedsel). In het eerste verhaal wordt bij de drie synoptici enkel dat verzamelen vermeld. Johannes van zijn kant vertelt dat Jezus daar eerst de opdracht toe ga met de reden waarom = het Latijns vulgaatzinnetje = Johannes 6.12.)