Lyk of ge ziet ik ben al te Kortryk en de reize van Brugge tot hier is gelukkiglyk gepasseerd. Ik ben uitnemende kontent van by u geweest te zyn maer gelyk het dikwyls gaet heb ik nu nog en 't wadde vergeten. Voor Paesschen heb ik tot Roesselare het nieuws ontvangen dat Mr Guido wederom een boekdeel met verzen ging uitgeven en ze vroegen van inschryvingen te verzamelen. Voor de vakanse heb ik er omtrent de vyftig vergaderd. Ik hadp2het gedacht van er uwen broeder van te spreken wat? hoe? opwelke manier? enz enz. menige andere vragen nog maer nu is het te late! Gy zoudt my plezier doen van ne keer aen Mr Guido te vragen wat daervan is en gelieft het nog te schryven indien ik nog nieuwe inschryvingen moete vergaren. Ware het anderzins schryft algelyk eenige reken dat en is zoo veel moeite niet. Tjeppen ik ben toch zoo bly van nog zoo wel te Brugge vermaekt te hebben; ik was al zoo wel aen Brugge gewend dat Kortryk my louter vreemde scheen als toen ik hier aenkwam. p3Sedert dat ik u verlaten hebbe en heb ik nievers geen byzonder nieuws vernomen. Opdat ik uwe antwoorde te zekerder zou ontvangen nog voor de vakanse zie hier het adres dat gy best zoudt gebruiken- Kortryk Mr Decock-Vandeginste langesteenstraet voor Jan Callewaert student Zoo Seppen dat het wel gaet, veel komplimenten en groetenissen aen uwe ouders,[1] broeders[2] en zusters[3] Zegt aen J. Vanbesien en G Ketele dat ik ze woensdag avond te Roesselaere zal afwachtern aen de statie oftewel in p4den Haeselt.[4]
In afwachting van nen brief op Dyssendag of Woensdag ben ik
Jan Callewaert
De complimenten aen al de kenissen die ge tegenkomt.







