<Hit 2602 of 3122

>

p1
Eerweerde Heer,

Voorzeker heeft uw Vlaamsch hert reeds dikwijls gebloed toen gij overdacht hoe ongenaakbaar, hoe onbekend en bijgevolg hoe onbemind, onze Vlaamsche, gezonde, degelijke letterkunde, ten gevolge van eene onvaderlandsche opvoeding voor het vrouwelijk geslacht van Vlaanderen ingesloten ligt. Gij vooral, Eerweerde Heer, die zelf dat kloek, aangenaam letterkundig voedsel aan gansch ons volk kunt en wilt mededeelen, gij vooral moet reeds dikwijls al de pijnlijkheid van dien toestand betreurd en naar een redmiddel uitgezien hebben.

Dit redmiddel willen wij thans beproe-p2ven in te voeren onder vorm van een Vlaamsch tijdschrift voor Jufvrouwen,[1] en ‘t is diensaangaande dat ik, in naam der eigenzelvigheid van ons volk, mij tot u durf wenden. Ik neem dus de vrijheid u te vragen of gij door letterkundige bijdragen (vooral in de eerste nummers) aan dat tijdschrift uwe medewerking wilt schenken en ook of wij op de aankondigingsbrieven die het tijdschrift zullen kenbaar maken, uwen naam bij dien der “opstellers” mogen vermelden.

Verschillige priesters zooals E.H. Arth. Scheiris, E.H. Fr. De Wolf; verschillige Paters zooals E.P. Jordens enz. hebben mij hunne medewerking beloofd en zijn leden van den opstelraad. Ik hoop dus, Eerweerde Heer, dat gij niet aarzelen zult dien blijk van genegenheid aan gansch uw volk, aan gansch uw Vlaanderen te geven, en zoo den wensch p3te vervullen van duizenden Vlamingen die ongeduldig zulk een tijdschrift verlangen.

Op een gunstig antwoord hopend, bied ik u, Eerweerde Heer, de uitdrukking van mijnen dankbaren eerbied

De schrijver van den opstelraad,
JVanden Eynde
Kerkplaats
Deinze
Deinze, den 9en September, 1898

Annotations

[1] Dit project is niet gerealiseerd.

Register

Correspondents - persons

NameGezelle, Guido; Loquela; Spoker; Gonsalvo Megliori
Dates° Brugge, 01/05/1830 - ✝ Brugge, 27/11/1899
SexMannelijk
Occupationpriester; leraar; onderpastoor; dichter; taalgeleerde; vertaler; publicist
BioGuido Gezelle werd geboren in Brugge. Na zijn collegejaren en priesterstudies (priesterwijding te Brugge op 10/06/1854), werd hij in 1854 leraar aan het kleinseminarie te Roeselare. Gezelle gaf er onder meer talen, begeleidde de vrij uitgebreide kolonie buitenlandse leerlingen, vooral Engelsen, en kreeg tijdens twee schooljaren (1857-1859) een opdracht als leraar in de poësis. In 1865 werd Gezelle onderpastoor van de St.-Walburgaparochie te Brugge. Naast zijn druk pastoraal werk was hij bijzonder actief in het katholieke ultramontaanse persoffensief tegen de secularisering van het openbare leven in België en als vulgarisator in het culturele weekblad Rond den Heerd. In 1872 werd Gezelle overgeplaatst naar de O.-L.-Vrouwparochie te Kortrijk. Gedragen door een sympathiserende vriendenkring werd hij er de gelegenheidsdichter bij uitstek. Gaandeweg keerde hij er ook terug naar zijn oorspronkelijke postromantische en religieus geïnspireerde interesse voor de volkstaal en de poëzie. De taalkundige studie resulteerde vooral in een lexicografische verzameling van niet opgetekende woorden uit de volkstaal (Gezelles ‘Woordentas’ en het tijdschrift Loquela, vanaf 1881), waarmee ook hij het Zuid-Nederlands verdedigde binnen de ontwikkeling van de gestandaardiseerde Nederlandse cultuurtaal. Die filologische bedrijvigheid leidde bij Gezelle uiteindelijk ook tot een vernieuwde aandacht voor zijn eigen creatief werk, zowel vertaling (Longfellows Hiawatha) als oorspronkelijke poëzie. In 1889 werd hij directeur van een kleine Franse zustergemeenschap die zich in Kortrijk vestigde. Hij was een tijdje ambteloos. Dit liet hem toe zich op zijn schrijf- en studiewerk te concentreren. Het resultaat was o. m. de publicatie van twee poëziebundels, Tijdkrans (1893) en Rijmsnoer (1897), die, vooral in het laatste geval, qua vormgeving en originaliteit superieur van gehalte zijn. Om die authentieke en originele lyriek werd hij door H. Verriest, P. de Mont en vooral door Van Nu en Straks als een voorloper van de moderne Nederlandse poëzie beschouwd. Ook later eerden Nederlandse dichters, zoals Paul van Ostaijen en recenter, Christine D’haen, Gezelle als de meest creatieve en vernieuwende Nederlandse dichter in Vlaanderen. In 1899 werd Gezelle naar Brugge teruggeroepen om zich te wijden aan de vertaling van een theologisch werk van zijn bisschop (Waffelaerts Meditationes Theologicae). Hij verbleef nu in het Engels Klooster van Kanonikessen, waar hij echter vrij vlug en onverwachts stierf op 27 november 1899. Hij liet nog een verzameling uitzonderlijke gedichten na die in 1901 postuum als zijn Laatste Verzen werden gepubliceerd.
Links[odis], [wikipedia], [dbnl]
NameVanden Eynde, Jozef; Groene Jan, Jef
Dates° Olsene, 21/12/1879 - ✝ Maastricht (NL), 12/04/1929
SexMannelijk
Occupationstudentenleider; handelaar; ambtenaar
ResidenceNederland
BioJef Van den Eynde werd op 21 december 1879 geboren in Olsene (het huidige Zulte), als zoon van notaris Franciscus Van den Eynde en Maria Pypaert. Na het vroege overlijden van zijn ouders werd hij vanaf zijn vijfde opgevoed door zijn tante Coleta Pypaert en zijn oom dr. Eduard Galens, burgemeester van Deinze tussen 1902 en 1920. Hij volgde lager middelbaar onderwijs aan het Sint-Hendrikscollege in Deinze en hoger middelbaar aan het Sint-Lievenscollege in Gent. In beide scholen richtte hij een Vlaamsgezinde collegebond op en zocht hij contact met Guido Gezelle, die een inspiratiebron voor hem was. In Leuven studeerde hij geneeskunde en rechten. Vanaf oktober 1899 engageerde hij zich actief in 'Met Tijd en Vlijt', waarvan hij secretaris werd, en in het Vlaamsch Verbond. Als hoofdredacteur van "Ons Leven" (1900–1908), preses van het Vlaamsch Verbond en bezieler van talrijke culturele initiatieven zette hij zich in voor de verheffing van het Vlaamse studentenleven. Hij wilde dit losmaken van een louter folkloristische invulling en richten op cultuur, kunst en maatschappelijk engagement. Daarnaast was hij muzikaal actief. Zijn activiteiten financierde hij met zijn erfenis, die tegen 1908 volledig was opgebruikt. Dat jaar verliet hij Leuven zonder diploma. Na een mislukt ondernemerschap en een loopbaan als ambtenaar raakte hij tijdens de Eerste Wereldoorlog betrokken bij het activisme. Hij werd afdelingshoofd op het Vlaamse ministerie van Onderwijs en Schone Kunsten en zetelde ook in de Raad van Vlaanderen. Na de oorlog werd hij bij verstek veroordeeld en leefde hij in ballingschap in Nederland, waar hij in armoede overleed op 12 april 1929.
Links[wikipedia]
Relation to Gezellecorrespondent; studentenbeweging
SourcesNEVB

Sender

NameVanden Eynde, Jozef; Groene Jan, Jef
Dates° Olsene, 21/12/1879 - ✝ Maastricht (NL), 12/04/1929
SexMannelijk
Occupationstudentenleider; handelaar; ambtenaar
ResidenceNederland
BioJef Van den Eynde werd op 21 december 1879 geboren in Olsene (het huidige Zulte), als zoon van notaris Franciscus Van den Eynde en Maria Pypaert. Na het vroege overlijden van zijn ouders werd hij vanaf zijn vijfde opgevoed door zijn tante Coleta Pypaert en zijn oom dr. Eduard Galens, burgemeester van Deinze tussen 1902 en 1920. Hij volgde lager middelbaar onderwijs aan het Sint-Hendrikscollege in Deinze en hoger middelbaar aan het Sint-Lievenscollege in Gent. In beide scholen richtte hij een Vlaamsgezinde collegebond op en zocht hij contact met Guido Gezelle, die een inspiratiebron voor hem was. In Leuven studeerde hij geneeskunde en rechten. Vanaf oktober 1899 engageerde hij zich actief in 'Met Tijd en Vlijt', waarvan hij secretaris werd, en in het Vlaamsch Verbond. Als hoofdredacteur van "Ons Leven" (1900–1908), preses van het Vlaamsch Verbond en bezieler van talrijke culturele initiatieven zette hij zich in voor de verheffing van het Vlaamse studentenleven. Hij wilde dit losmaken van een louter folkloristische invulling en richten op cultuur, kunst en maatschappelijk engagement. Daarnaast was hij muzikaal actief. Zijn activiteiten financierde hij met zijn erfenis, die tegen 1908 volledig was opgebruikt. Dat jaar verliet hij Leuven zonder diploma. Na een mislukt ondernemerschap en een loopbaan als ambtenaar raakte hij tijdens de Eerste Wereldoorlog betrokken bij het activisme. Hij werd afdelingshoofd op het Vlaamse ministerie van Onderwijs en Schone Kunsten en zetelde ook in de Raad van Vlaanderen. Na de oorlog werd hij bij verstek veroordeeld en leefde hij in ballingschap in Nederland, waar hij in armoede overleed op 12 april 1929.
Links[wikipedia]
Relation to Gezellecorrespondent; studentenbeweging
SourcesNEVB

Recipient

NameGezelle, Guido; Loquela; Spoker; Gonsalvo Megliori
Dates° Brugge, 01/05/1830 - ✝ Brugge, 27/11/1899
SexMannelijk
Occupationpriester; leraar; onderpastoor; dichter; taalgeleerde; vertaler; publicist
BioGuido Gezelle werd geboren in Brugge. Na zijn collegejaren en priesterstudies (priesterwijding te Brugge op 10/06/1854), werd hij in 1854 leraar aan het kleinseminarie te Roeselare. Gezelle gaf er onder meer talen, begeleidde de vrij uitgebreide kolonie buitenlandse leerlingen, vooral Engelsen, en kreeg tijdens twee schooljaren (1857-1859) een opdracht als leraar in de poësis. In 1865 werd Gezelle onderpastoor van de St.-Walburgaparochie te Brugge. Naast zijn druk pastoraal werk was hij bijzonder actief in het katholieke ultramontaanse persoffensief tegen de secularisering van het openbare leven in België en als vulgarisator in het culturele weekblad Rond den Heerd. In 1872 werd Gezelle overgeplaatst naar de O.-L.-Vrouwparochie te Kortrijk. Gedragen door een sympathiserende vriendenkring werd hij er de gelegenheidsdichter bij uitstek. Gaandeweg keerde hij er ook terug naar zijn oorspronkelijke postromantische en religieus geïnspireerde interesse voor de volkstaal en de poëzie. De taalkundige studie resulteerde vooral in een lexicografische verzameling van niet opgetekende woorden uit de volkstaal (Gezelles ‘Woordentas’ en het tijdschrift Loquela, vanaf 1881), waarmee ook hij het Zuid-Nederlands verdedigde binnen de ontwikkeling van de gestandaardiseerde Nederlandse cultuurtaal. Die filologische bedrijvigheid leidde bij Gezelle uiteindelijk ook tot een vernieuwde aandacht voor zijn eigen creatief werk, zowel vertaling (Longfellows Hiawatha) als oorspronkelijke poëzie. In 1889 werd hij directeur van een kleine Franse zustergemeenschap die zich in Kortrijk vestigde. Hij was een tijdje ambteloos. Dit liet hem toe zich op zijn schrijf- en studiewerk te concentreren. Het resultaat was o. m. de publicatie van twee poëziebundels, Tijdkrans (1893) en Rijmsnoer (1897), die, vooral in het laatste geval, qua vormgeving en originaliteit superieur van gehalte zijn. Om die authentieke en originele lyriek werd hij door H. Verriest, P. de Mont en vooral door Van Nu en Straks als een voorloper van de moderne Nederlandse poëzie beschouwd. Ook later eerden Nederlandse dichters, zoals Paul van Ostaijen en recenter, Christine D’haen, Gezelle als de meest creatieve en vernieuwende Nederlandse dichter in Vlaanderen. In 1899 werd Gezelle naar Brugge teruggeroepen om zich te wijden aan de vertaling van een theologisch werk van zijn bisschop (Waffelaerts Meditationes Theologicae). Hij verbleef nu in het Engels Klooster van Kanonikessen, waar hij echter vrij vlug en onverwachts stierf op 27 november 1899. Hij liet nog een verzameling uitzonderlijke gedichten na die in 1901 postuum als zijn Laatste Verzen werden gepubliceerd.
Links[odis], [wikipedia], [dbnl]

Place

NameDeinze
SettlementDeinze

Name - person

NameVanden Eynde, Jozef; Groene Jan, Jef
Dates° Olsene, 21/12/1879 - ✝ Maastricht (NL), 12/04/1929
SexMannelijk
Occupationstudentenleider; handelaar; ambtenaar
ResidenceNederland
BioJef Van den Eynde werd op 21 december 1879 geboren in Olsene (het huidige Zulte), als zoon van notaris Franciscus Van den Eynde en Maria Pypaert. Na het vroege overlijden van zijn ouders werd hij vanaf zijn vijfde opgevoed door zijn tante Coleta Pypaert en zijn oom dr. Eduard Galens, burgemeester van Deinze tussen 1902 en 1920. Hij volgde lager middelbaar onderwijs aan het Sint-Hendrikscollege in Deinze en hoger middelbaar aan het Sint-Lievenscollege in Gent. In beide scholen richtte hij een Vlaamsgezinde collegebond op en zocht hij contact met Guido Gezelle, die een inspiratiebron voor hem was. In Leuven studeerde hij geneeskunde en rechten. Vanaf oktober 1899 engageerde hij zich actief in 'Met Tijd en Vlijt', waarvan hij secretaris werd, en in het Vlaamsch Verbond. Als hoofdredacteur van "Ons Leven" (1900–1908), preses van het Vlaamsch Verbond en bezieler van talrijke culturele initiatieven zette hij zich in voor de verheffing van het Vlaamse studentenleven. Hij wilde dit losmaken van een louter folkloristische invulling en richten op cultuur, kunst en maatschappelijk engagement. Daarnaast was hij muzikaal actief. Zijn activiteiten financierde hij met zijn erfenis, die tegen 1908 volledig was opgebruikt. Dat jaar verliet hij Leuven zonder diploma. Na een mislukt ondernemerschap en een loopbaan als ambtenaar raakte hij tijdens de Eerste Wereldoorlog betrokken bij het activisme. Hij werd afdelingshoofd op het Vlaamse ministerie van Onderwijs en Schone Kunsten en zetelde ook in de Raad van Vlaanderen. Na de oorlog werd hij bij verstek veroordeeld en leefde hij in ballingschap in Nederland, waar hij in armoede overleed op 12 april 1929.
Links[wikipedia]
Relation to Gezellecorrespondent; studentenbeweging
SourcesNEVB
NameJordens, Rombout Jan
Dates° Mechelen, 14/05/1873 - ✝ Tongerlo, 20/12/1953
SexMannelijk
Occupationgeestelijke; dichter; kanunnik; pater; redacteur; missionaris; leraar
BioRombout Jan Jordens werd geboren in Mechelen op 14 mei 1873 als Jean Baptiste Leopold Jordens. Hij was de zoon van dagloner David Jordens en Marie Josephe Casteels. Jordens trad in bij de norbertijnen en werd kanunnik van de Abdij van Tongerlo. Hij debuteerde als dichter in 1903 met "Tongerloo’s Lindeloover". Vervolgens publiceerde hij meerdere gelegenheidsgedichten en dichtbundels en was hij hoofdredacteur van "Tongerloo’s Tijdschrift". Vanaf 1906 fungeerde hij tevens als hoofdopsteller van het door de abdij uitgegeven blad "Het H. Misoffer". In 1926 publiceerde hij een vertaling met commentaar van De hymnen van ’t Norbertijner en Roomsche getij- en misboek, een werk dat in 1935 werd heruitgegeven. Later trok Jordens op missie naar Manchester. Van 1934 tot 1939 was hij leraar te Bois-Seigneur-Isaac. Rombout Jan Jordens overleed op 20 december 1953 te Tongerlo. Hij was geen rechtstreekse kennis van Guido Gezelle, maar wordt vermeld in een brief.
Links[dbnl]
NameScheiris, Arthur
Dates° Sint-Niklaas, 24/05/1869 - ✝ Zottegem, 19/09/1929
SexMannelijk
Occupationpriester; leraar; dichter; pastoor; deken; algemeen bestuurder
BioArthur Scheiris werd geboren in Sint-Niklaas op 24 mei 1869 als tweede zoon in het gezin A.J. Scheiris–Straelen. Op 24-jarige leeftijd werd hij in Gent tot priester gewijd, op 23 december 1893. Na zijn priesterwijding begon Scheiris zijn loopbaan in het onderwijs. Vanaf 1893 was hij leraar aan de Bisschoppelijke Normaalschool in Sint-Niklaas. Op 16 september 1896 werd hij aangesteld als leraar poësis aan het Sint-Lievenscollege te Gent. In die periode schreef hij gedichten in de traditie van Guido Gezelle. Hij publiceerde ook tal van liederen waaronder het populaire'O Kruise den Vlaming'. Na de Eerste Wereldoorlog, op 5 april 1919 werd hij benoemd tot pastoor en deken van Zottegem. Enkele jaren later, op 23 juni 1929, werd hij algemeen bestuurder van de Zusters Dominicanessen in Erwetegem en Zottegem. Arthur Scheiris overleed in Zottegem op 19 september 1929. In 1931 werden zijn "Verstrooide gedichten" gebundeld. Hij was geen rechtstreekse kennis van Guido Gezelle, maar wordt vermeld in een brief.
Links[odis]
Sources https://www.andreasboel.be/normal/index.php/2012-12-27-09-28-55/839-scheiris-arthur-1893-1896
NameDe Wolf, Frans
Dates° Appels, 27/12/1870 - ✝ Nederbrakel, 14/11/1952
SexMannelijk
Occupationpriester; subregent; onderpastoor; pastoor
BioFrans De Wolf is op 27 december 1870 geboren in Appels (Dendermonde). Na zijn studie werd hij op 22 september 1894 tot priester gewijd. Daags nadien trad hij aan als subregent aan het Sint-Lievenscollege in Gent. In de daaropvolgende jaren was hij achtereenvolgens onderpastoor in Zelzate (1897), Herzele (1901) en Denderleeuw (1905). Op 13 juni 1919 werd hij benoemd tot pastoor van Moregem. De Wolf stond bekend om zijn uitgesproken katholiek Vlaams-natonale en Duitsgezinde overtuiging. Na de Eerste Wereldoorlog werd hij opgepakt wegens zijn betrokkenheid bij het activisme en desertie. Tijdens de bezetting in de Tweede Wereldoorlog engageerde hij zich opnieuw politiek, ditmaal binnen het Vlaams Nationaal Verbond (VNV). Hij overleed op 14 november 1952 in Nederbrakel. Hij was geen rechtstreekse kennis van Guido Gezelle, maar wordt vermeld in een brief.
Links[odis]

Name - place

NameDeinze
SettlementDeinze

Title09/09/1898, Deinze, Jozef Vanden Eynde aan [Guido Gezelle]
EditorKoen Calis; Universiteit Antwerpen
PrincipalEls Depuydt
Funder Openbare Bibliotheek Brugge (Guido Gezellearchief); Centrum voor Teksteditie en Bronnenstudie (Koninklijke Academie voor Nederlandse Taal en Letteren); Instituut voor de Studie van de Letterkunde in de Lage Landen (ISLN) (Piet Couttenier, Universiteit Antwerpen); Guido Gezellegenootschap
PublisherGuido Gezellearchief, KANTL/CTB
Publication PlaceBrugge, Gent
Publication Date2026
Availability Teksten en afbeeldingen beschikbaar onder een Creative Commons Naamsvermelding - Niet Commercieel licentie.
DisclaimerDe editie van de Guido Gezellecorrespondentie is het resultaat van een samenwerkingsproject met vrijwilligers. De databank is in opbouw, aanvullingen en opmerkingen kunnen gemeld worden aan els.depuydt@brugge.be.
Meer informatie over het vrijwilligersproject is te vinden op gezelle.be.
CitingKoen Calis; Universiteit Antwerpen, Vanden Eynde Jozef aan Gezelle Guido, Deinze (Deinze), 09/09/1898. In: GezelleBrOn, Wetenschappelijke editie van de correspondentie van Guido Gezelle. 2026 Available from World Wide Web: link .
SenderVanden Eynde, Jozef
Recipient[Gezelle, Guido]
Date Sent09/09/1898
Place SentDeinze (Deinze)
AnnotationAdressaat gereconstrueerd op basis van toegevoegde notitie.
Physical Description
Support Material 1 dubbel vel, 214 mm x 136 mm
papier, wit, gelijnd
papiersoort: 3 zijden beschreven, inkt
Condition volledig
Lay-out watermerk: [Cream Laid Post], afbeelding, Dyle Mill
Additions op zijde 1 links in de bovenrand: Aan G. Gezelle; idem rechts: 9/9 1898 (inkt, beide hand P.A.); idem rechts: 9 7ber (potlood)
Manuscript Identification
CountryBelgië
PlaceBrugge
RepositoryGuido Gezellearchief
ID Gezelle Archive7031
Library recordhttps://anet.be/desktop/gga/nl/opacgga/nr=tg:gga_6.13363
IIIF manifesthttps://go.wander.be/iiif/bibliotheek-brugge/4f3f6f63f8e8558c1f2ec52f5f06d6850762d2f7/manifest
Content Description
IncipitVoorzeker heeft uw
Summary vraag tot medewerking aan vrouwenblad
Text Typebrief
LanguagesNederlands
De tekst werd diplomatisch getranscribeerd, en aangevuld met een editoriale laag.
De oorspronkelijke tekst werd ongewijzigd getranscribeerd; alleen typografische regeleindes en afbrekingstekens, en niet-betekenisvolle witruimte werden genormaliseerd.
Auteursingrepen in de tekst (toevoegingen, schrappingen), en latere redactie-ingrepen (schrappingen, toevoegingen, taalkundige notities) door de lezer werden overgenomen en expliciet gemarkeerd.
Voor een aantal tekstfenomenen werden naast de oorspronkelijke vorm ook editeursingrepen opgenomen in de transcriptie: oplossingen voor niet-gangbare afkortingen en correcties voor manifeste fouten. Daarnaast bevat de transcriptie editeursingrepen ter verbetering van de leesbaarheid (toevoegingen, reconstructies) of ter motivering van transcriptie-beslissingen (aanduiding van onzekere lezingen, weglating van onleesbare tekst). Alle editeursingrepen worden expliciet gemarkeerd.