<Hit 1303 of 3122

>

p1+ Geloofd zij Jezus Christus
Weleerweerde Heer en dierbare Meester,

Hierbij eene lichtprint van Koob en mij, waar wij opstaan met een bladtje vóór ons dat gij eens moet raden wat het is. 't Is onze vaan! Wij konnen 't heel goed lezen; ziet gij óók nog zoo scherp?-

Wij hebben hier met diepe deernis vernomen dat eenige studenten u al te ondankbaar en te schandig beleedigd hebben in een nameloos schimpschrift.[1]

Aie! wat doet het ons bedroefd zijn en vreezen dat het u ook al te fel zal aandoen! Vergeeft het hun, want zij een weten niet wat zij doen, en zij zullen der zeker nu al berouw over hebben, zoo 't God belieft! Wij hopen dat wij, ten minsten, u nooit zoo wreedelik ondankbaar en zullen zijn, maar uwe wijze lessen indachtig zullen blijven: “geen strijd, mer stichtende bouwen!”

God zal 't u loonen, dierbare Meester, dat gij, na meer als 25 jaren zweetens en zwoegens, zoo veel te lijden hebt van uwe eigene leerlingen.

Uw bedroefd, dankbaar en gehoorzaam
Limburgsch Gulleken

Annotations

[1] Tijdens de hulde voor L. L. De Bo te Tielt op 30 september sprak Gezelle de volgende woorden: “Te veel Vlamingen zijnder, wier nuttelooze beweginge te vergelijken is bij een deel vreemde sprongen en aardige tuimelperten, ja, bij naamloos guitenwerk en verwaande ruitebrekerije van machtelooze kinders, wier ouders naderhand de boete betalen.” Zie: Rond den Heerd, 20 (4 oktober 1885), 45, p. 353.

Deze woorden schoten de West-Vlaamse studenten in het verkeerde keelgat. Zij wilden aan de Vlaamse taalstrijd een meer politieke en strijdvaardige wending geven. Wellicht was het voornamelijk Emiel de Visschere die kort daarop, in december 1885, het scherpe pamflet De Ruitenbrekers publiceerde, waarin Gezelles houding als verraad werd bestempeld.

Register

Correspondents - persons

NameBorgerhoff, Petrus Joannes Hubertus; Borgerhoff, Pieter Jan Hubert; Borgerhoff, Joannes
Dates° Dilsen, 31/12/1861 - ✝ Seraing-le-Château, 27/12/1936
SexMannelijk
BioPetrus Joannes Hubertus Borgerhoff werd geboren in Dilsen op 31 december 1861, als zoon van Joannes Mathijs Hubertus Borgerhoff en Maria Catharina Jacobs. Tijdens zijn studies aan het grootseminarie van Luik was hij lid van het 'Limburgsch Zanterkesgilde'. Hij werd op 19 december 1885 in Luik tot priester gewijd. Hij diende als pastoor van Stockay. Petrus Joannes Hubertus Borgerhoff overleed in Seraing-le-Château op 27 december 1936.
Links[odis]
Relation to Gezellecorrespondent; Limburgsch Zantersgildeken; studentenbeweging
SourcesE. Koninckx, De priesters van het bisdom Luik (1825-1967), Liège: E. Koninckx, 1974-1975, dl.I, p. 30
NameBroers, Balthasar; Broers, Balthazar; B.B.
Dates° Moelingen, 06/01/1861 - ✝ Eijsden, 24/10/1918
SexMannelijk
Occupationpriester; pastoor
ResidenceNederland
BioBalthasar Broers werd geboren in Moelingen (Voeren) op 6 januari 1861, als zoon van Balthasar Broers en Maria Catharina Janssen. Tijdens zijn studies aan het groot Seminarie van Luik was hij lid van het 'Limburgsch Zanterkesgilde'. Hij werd priester gewijd op 19 juni 1886 in Luik. Op 17 oktober 1895 werd hij benoemd tot pastoor van de parochie Sint-Jan Baptist in Herstappe, een functie die hij waarnam tot 1904. Balthasar Broers overleed in Eijsden (Nederland) op 24 oktober 1918.
Links[odis]
Relation to Gezellecorrespondent; Limburgsch Zantersgildeken; studentenbeweging
SourcesE. Koninckx, De priesters van het bisdom Luik (1825-1967), Liège: E. Koninckx, 1974-1975, dl. I, p. 38; Geneanet
NameCarmans, Josephus
Dates° Lummen, 07/06/1858 - ✝ Hollogne-aux-Pierres, 29/09/1913
SexMannelijk
Occupationpriester; aalmoezenier
BioJosephus Carmans werd geboren op 7 juni 1858 in Lummen, als zoon van Bernardus Athanasius (°1823) en Anna Maria Josepha Quintens (°1828). Tijdens zijn studies aan het grootseminarie van Luik was hij lid van het 'Limburgsch Zanterkesgildeke'. Hij werd op 22 mei 1884 in Luik tot priester gewijd. Na zijn priesterwijding werd hij op 30 mei 1884 benoemd tot kapelaan te Tongeren van de Sint-Jansparochie. In 1894 en 1895 was hij onderpastoor in Herk-de-Stad. In 1898 en 1899 vinden we hem in de Almanach Royal Officiel terug als pastoor-deken van de Sint-Pieterskerk in Boekhout (Limburg). Daarna was Carmans werkzaam als aalmoezenier in Hollogne-aux-Pierres. Fort Hollogne, waaraan hij verbonden was, maakte deel uit van de fortengordel rond Luik. Josephus Carmans overleed op 29 september 1913 in Hollogne-aux-Pierres.
Links[odis]
Relation to Gezellecorrespondent; Limburgsch Zantersgildeken; studentenbeweging
SourcesE. Koninckx, De priesters van het bisdom Luik (1825-1967), Liège: E. Koninckx, 1974-1975, I, p. 42; geneanet
NameCuppens, August
Dates° Beringen, 28/05/1862 - ✝ Loksbergen, 01/05/1924
SexMannelijk
Occupationpriester; onderpastoor; pastoor; dichter
BioAugust Cuppens werd geboren te Beringen op 28 mei 1862 als zoon van Maria Rosalia Bosmans en postbode Antoon Cuppens. Na zijn kleinseminarie in Sint-Truiden studeerde Cuppens aan het grootseminarie in Luik. Hij werd er priester gewijd op 9 april 1886. Als seminarist was hij lid van het 'Limburgsch Zanterkesgilde' en verzamelde Limburgse woorden voor Guido Gezelle. In 1885 al stichtte hij samen met zijn medestudenten Jacob Lenaertst en Jan Mathijs Winters het tijdschrift “‘t Daghet in den Oosten”. Hij was onderpastoor te Ans vanaf zijn wijding. In 1888 werd hij onderpastoor te Verviers, in 1895 rector van de Armenzusters in Luik, en in 1899 terug in Limburg wordt hij pastoor in Loksbergen. Vlaamse kunstenaars en schrijvers kwamen bij hem vaak over de vloer (Verriest, Streuvels, Belpaire, Nahon…) en hij onderhield een levendige briefwisseling met Guido Gezelle en Maria Belpaire. Hij schreef proza, poëzie en toneel en publiceerde vele bijdragen in literaire tijdschriften. Zijn Frans was hoogstaand, zo vertaalde hij 58 gedichten van Gezelle naar het Frans. Hij was medeoprichter van “Dietsche Warande en Belfort” en speelde een voorname rol in de Vlaamse ontvoogdingsstrijd. Hij overleed te Loksbergen op 1 mei 1924.
Links[odis]
Relation to Gezellecorrespondent; Limburgsch Zantersgildeken; adressenlijst Cordelia Van De Wiele; ’t Daghet in de Oosten; studentenbeweging
NameErkens, Gulielmus Josephus; Erkens, Guillaume
Dates° Geleen, 04/07/1857 - ✝ Geleen, 12/04/1938
SexMannelijk
Occupationpriester; leraar; pastoor
ResidenceNederland
BioGulielmus Josephus Erkens werd geboren op 4 juli 1857 in Geleen (Nederland) als zoon van Pieter Jozef Erkens (1824-1894) en Maria Joanna Göbbels (1820-1872). Hij volgde de opleiding wijsbegeerte aan het kleinseminarie te Sint-Truiden, waar hij in de academiejaren 1881-1882 lid was van het letterkundig genootschap 'Utile Dulci'. In 1883 ontving hij van het Davidsfonds een eervolle vermelding voor zijn blijspel met zang in één bedrijf, "Baas Lens of Waar er velen dorschen moet men maai slaan". Tijdens zijn studies aan het grootseminarie van Luik was Erkens lid van het Limburgsch Zanterkesgildeke. Op 22 februari 1886 werd hij te Houthalen tot priester gewijd. Van 1886 tot 1890 doceerde hij Nederlands aan het kleinseminarie van Sint-Truiden. In deze periode was hij ipso facto voorzitter van 'Utile Dulci'. In 1888 verzorgde hij een heruitgave van J. van den Vondels "Altaargeheimenissen" ten behoeve van studenten. Later werd Erkens aangesteld als pastoor van de Sint-Trudoparochie in Opitter. Hij overleed op 12 april 1938 in Geleen.
Links[odis]
Relation to Gezellecorrespondent; Limburgsch Zantersgildeken: studentenbeweging
SourcesE. Koninckx, De priesters van het bisdom Luik (1825-1967), Liège: E. Koninckx, 1974-1975, I, p. 38
NameGezelle, Guido; Loquela; Spoker; Gonsalvo Megliori
Dates° Brugge, 01/05/1830 - ✝ Brugge, 27/11/1899
SexMannelijk
Occupationpriester; leraar; onderpastoor; dichter; taalgeleerde; vertaler; publicist
BioGuido Gezelle werd geboren in Brugge. Na zijn collegejaren en priesterstudies (priesterwijding te Brugge op 10/06/1854), werd hij in 1854 leraar aan het kleinseminarie te Roeselare. Gezelle gaf er onder meer talen, begeleidde de vrij uitgebreide kolonie buitenlandse leerlingen, vooral Engelsen, en kreeg tijdens twee schooljaren (1857-1859) een opdracht als leraar in de poësis. In 1865 werd Gezelle onderpastoor van de St.-Walburgaparochie te Brugge. Naast zijn druk pastoraal werk was hij bijzonder actief in het katholieke ultramontaanse persoffensief tegen de secularisering van het openbare leven in België en als vulgarisator in het culturele weekblad Rond den Heerd. In 1872 werd Gezelle overgeplaatst naar de O.-L.-Vrouwparochie te Kortrijk. Gedragen door een sympathiserende vriendenkring werd hij er de gelegenheidsdichter bij uitstek. Gaandeweg keerde hij er ook terug naar zijn oorspronkelijke postromantische en religieus geïnspireerde interesse voor de volkstaal en de poëzie. De taalkundige studie resulteerde vooral in een lexicografische verzameling van niet opgetekende woorden uit de volkstaal (Gezelles ‘Woordentas’ en het tijdschrift Loquela, vanaf 1881), waarmee ook hij het Zuid-Nederlands verdedigde binnen de ontwikkeling van de gestandaardiseerde Nederlandse cultuurtaal. Die filologische bedrijvigheid leidde bij Gezelle uiteindelijk ook tot een vernieuwde aandacht voor zijn eigen creatief werk, zowel vertaling (Longfellows Hiawatha) als oorspronkelijke poëzie. In 1889 werd hij directeur van een kleine Franse zustergemeenschap die zich in Kortrijk vestigde. Hij was een tijdje ambteloos. Dit liet hem toe zich op zijn schrijf- en studiewerk te concentreren. Het resultaat was o. m. de publicatie van twee poëziebundels, Tijdkrans (1893) en Rijmsnoer (1897), die, vooral in het laatste geval, qua vormgeving en originaliteit superieur van gehalte zijn. Om die authentieke en originele lyriek werd hij door H. Verriest, P. de Mont en vooral door Van Nu en Straks als een voorloper van de moderne Nederlandse poëzie beschouwd. Ook later eerden Nederlandse dichters, zoals Paul van Ostaijen en recenter, Christine D’haen, Gezelle als de meest creatieve en vernieuwende Nederlandse dichter in Vlaanderen. In 1899 werd Gezelle naar Brugge teruggeroepen om zich te wijden aan de vertaling van een theologisch werk van zijn bisschop (Waffelaerts Meditationes Theologicae). Hij verbleef nu in het Engels Klooster van Kanonikessen, waar hij echter vrij vlug en onverwachts stierf op 27 november 1899. Hij liet nog een verzameling uitzonderlijke gedichten na die in 1901 postuum als zijn Laatste Verzen werden gepubliceerd.
Links[odis], [wikipedia], [dbnl]
NameHover, Franciscus; Hover, Johan Frans
Dates° Posterholt, 25/02/1861 - ✝ 09/04/1923
SexMannelijk
Occupationpriester; pastoor
ResidenceNederland
BioFranciscus Hover werd geboren in Posterholt, Nederland op 25 februari 1861. Tijdens zijn studies aan het Groot Seminarie van Luik was hij lid van het ‘Limburgsch Zanterkesgildeke’. Hij werd op 19 december 1885 in Luik tot priester gewijd. Later was hij pastoor van Cras-Avernas. Franciscus Hover overleed op 9 april 1923 in Cras-Avernas, Luik. Hij werd daar ook begraven.
Links[odis]
Relation to Gezellecorrespondent; Limburgsch Zantersgildeken; studentenbeweging
Sources https://www.geni.com/people/Johan-Frans-Hover/6000000023418564924; E. Koninckx, De priesters van het bisdom Luik (1825-1967), Liège: E. Koninckx, 1974-1975, dl. I, p. 159
NameLahaye, Renerus
Dates° Reppel, 31/03/1862 - ✝ Tongeren, 22/04/1941
SexMannelijk
Occupationpriester; pastoor
BioRenerus Lahaye werd geboren op 31 maart 1862 te Reppel. Tijdens zijn studies aan het grootseminarie van Luik was hij lid van het 'Limburgsch Zanterkesgilde'. Op 18 december 1886 werd hij te Luik tot priester gewijd. Nadien was hij werkzaam als pastoor op de parochie Jean-Baptist te Tongeren. Hij stierf er op 22 april 1941.
Links[odis]
Relation to Gezellecorrespondent; Limburgsch Zantersgildeken
SourcesE. Koninckx, De priesters van het bisdom Luik (1825-1967), Liège: E. Koninckx, 1974-1975, I, p. 185
NameLenaerts, Leonard Willem Jakob
Dates° Zonhoven, 30/04/1862 - ✝ Landen, 16/12/1913
SexMannelijk
Occupationdichter; priester; kapelaan; pastoor; legeraalmoezenier
BioJacob Lenaerts werd geboren te Zonhoven op 30 april 1862. Zijn ouders overleden toen hij nog zeer jong was en hij werd opgevoed door zijn heeroom Willem Arnold Lenaerts, pastoor-deken van Vlijtingen. Hij volgde de humaniora in het seminarie van St.-Roche in de provincie Luik en studeerde daarna wijsbegeerte aan het kleinseminarie te St.-Truiden. Als seminarist was hij lid van het 'Limburgsch Zanterkesgilde'. In 1884 stichtte hij als seminarist, samen met August Cuppens en op impuls van Gezelle, "’t Daghet in den Oosten" (1885-1914), een taal- en volkskundig weekblad voor de provincie Limburg. In 1886 werd hij priester gewijd en aangesteld als kapelaan in Val-Saint-Lambert. Op 30 mei 1890 werd hij vervolgens aangesteld als hulpmoezenier van het legerkamp Beverlo. In 1898 werd hij pastoor in Bevingen-Halmaam (St.-Truiden). Van 1901 tot 1904 was hij pastoor te Membruggen en van 1904 tot 1913 pastoor-deken te Landen, waar hij overleed op 16 december 1913. Lenaerts schreef talrijke artikels over taal- en volkskunde, lokale geschiedenis en hagiografie. Zijn meest geslaagde publicatie is "De Verdwijning der Auwelen" (1890). Hij verwerkte hierin, onder invloed van Gezelle, oude sprookjes en sagen.
Links[odis], [dbnl]
Relation to GezelleLimburgsch Zantersgildeken; correspondent; studentenbeweging
Sources https://nevb.be/wiki/Lenaerts,_Jacob_(eigenlijk_Leonard_W.J.); https://schrijversgewijs.be/schrijvers/lenaerts-jacob/
NameLewylle, Arthur
Dates° Vlamertinge, 15/01/1860 - ✝ Ukkel, 31/12/1914
SexMannelijk
Occupationpriester; onderpastoor; pastoor
BioArthur Lewylle was de zoon van Julia Bulteel en marktkramer Petrus Lewylle. Hij studeerde aan het Sint-Vincentiuscollege te Ieper en had er de priesters Edmond Houtave als principaal en Frans Boudeweel als titularis in de twee laatste jaren. Hugo Verriest verving Houtave tijdens de retorica van Arthur Lewylle. Voor de prijsuitreiking schakelde Verriest de enscenering in van Albrecht Rodenbach voor een Nederlandstalige opvoering, half augustus 1879. Door de gunstige Vlaamsgezindheid in het college was Arthur Lewylle een geëngageerde filosofiestudent aan het kleinseminarie van Roeselare. Dat kwam hem duur te staan, hij werd weggestuurd door superior Delbar, en meteen kon hij zijn priesterstudies niet verderzetten. Verriest zorgde ervoor dat dit wél kon, in Sint-Truiden voor dat ene jaar filosofie en de resterende jaren theologie in Luik. Ondertussen overleed Rodenbach en Lewylle wou hem herdenken in Sint-Truiden. Dit verbaasde zijn Limburgse medeseminaristen. Hij leerde hen niet alleen Rodenbach en de Blauwvoeterij, maar ook en vooral Gezelle kennen. Correspondentie volgde, de Limburgsch Zantersgildeken kwam er en zelfs het tijdschrift ’"t Daghet in den Oosten" (1885-1914). Voor zijn priesterwijding te Luik op 20 december 1884 kreeg hij een gedicht van Gezelle toegestuurd: 'Het teeken des vreden'. Ook voor zijn eerste mis te Vlamertinge op 23 december 1884 schreef Gezelle een gedicht: "Het land van uw’ geboorte ‘t is". Daarna begon een carrière voor Arthur Lewylle van onderpastoor tot pastoor binnen het bisdom Luik. Begin 1885 werd hij onderpastoor in Verviers, een functie die hij uitoefende tot juli 1888. Dan werd hij onderpastoor van Saint-Gilles in Luik. Later was hij werkzaam in Laar in Vlaams-Brabant en in Halen in Limburg. In augustus 1897 werd hij benoemd tot pastoor in As in Limburg.
Links[odis]
Relation to GezelleLimburgsch Zantersgildeken; 't Daghet in den Oosten; gelegenheidsgedichten
NameMoons, Ludovicus; Moens, Ludovicus
Dates° Eksel, 30/03/1857 - ✝ Hasselt, 06/10/1932
SexMannelijk
Occupationpriester; pastoor
BioLudovicus Moons werd geboren in Eksel op 30 maart 1857. Mogelijk volgde hij zijn priesteropleiding aan het grootseminarie van Luik en was hij lid van het Limburgsch Zanterkesgildeke. Op 22 mei 1884 werd hij in Luik tot priester gewijd. In de loop van zijn kerkelijke loopbaan was hij werkzaam als pastoor te Leut. Ludovicus Moons overleed in Hasselt op 6 oktober 1932.
Links[odis]
NamePorta, Franciscus Josephus Cornelus
Dates° Heers, 24/04/1863 - ✝ Heers, 23/10/1940
SexMannelijk
Occupationpriester; leraar; pastoor
ResidencePorta, Franz
BioFranciscus Josephus Cornelius Porta werd geboren in Heers op 24 april 1863, als zoon van François Joseph Xavier Porta en Marie Catharina Wijnands. Van 1883 tot 1884 was hij lid van het 'Genootschap van Vlaamsche Snelspraak', een afdeling van het taalminnend genootschap 'Utile Dulci'. Deze vereniging werd in 1883 opgericht aan het kleinseminarie van Sint-Truiden en was verplicht voor de studenten wijsbegeerte. Ze had tot doel het Nederlands correct en vlot te leren spreken in het openbaar. Tijdens zijn studies aan het grootseminarie van Luik was Porta lid van het' Limburgsch Zanterkesgildeke'. Op 2 april 1886 werd hij in Luik tot priester gewijd. Nog datzelfde jaar begon hij zijn loopbaan als leraar aan het kleinseminarie van Sint-Truiden, waar hij Griekse, Latijnse en Franse grammatica doceerde. Op 29 januari 1901 werd hij benoemd tot pastoor van Veulen. In zijn parochie richtte hij nieuwe religieuze verenigingen op, waaronder in 1901 de Derde Orde en de Congregatie van O.L. Vrouw Onbevlekt Ontvangen, en in 1902 de Sint-Antoniusvereniging. Hij speelde ook een belangrijke rol bij de oprichting van een zusterschool vanaf 1913. Namens de parochie sloot hij een overeenkomst met het gemeentebestuur voor de subsidiëring van deze school. Aanvankelijk gaf hij er zelf les, maar vanaf 1916 werd hij op zijn eigen verzoek vervangen door zusters van het Instituut van het Heilig Hart en de Onbevlekte Ontvangenis te Heverlee. Franciscus Porta overleed in Veulen op 23 oktober 1940.
Relation to Gezellecorrespondent; Limburgsch Zantersgildeken; studentenbeweging
SourcesE. Koninckx, De priesters van het bisdom Luik (1825-1967), Liège: E. Koninckx, 1974-1975, dl. I, p. 258 ; Geneanet
NameRaedschelders, Emiel; Raedschelders, Aemilius
SexMannelijk
Occupationpriester; onderpastoor; pastoor
BioEmiel Raedschelders werd geboren in Maaseik op 24 november 1859. Vanaf 1883 was hij werkend lid en voorzitter van het 'Genootschap van Vlaamsche Snelspraak'. Deze afdeling van het taalminnend genootschap Utile Dulci werd in 1883 opgericht aan het kleinseminarie van Sint-Truiden en was verplicht voor de studenten wijsbegeerte. Het genootschap had tot doel de leden te leren Nederlands spreken in het openbaar. Tijdens zijn studies aan het grootseminarie van Luik was hij lid van het Limburgsch Zanterkesgildeke. Als seminarist was hij lid van het 'Limburgsch Zanterkesgilde' en verzamelde hij Limburgse woorden voor Guido Gezelle. Hij werd op 18 december 1886 in Luik tot priester gewijd en begon zijn loopbaan als onderpastoor in Luik, Saint-Gilles (1886-1888), vervolgens Sainte-Walburge (1888-1893), Sint-Martinus, Sint-Martens-Voeren (1893-1895), Rutten (1895-1897) en Sint-Dionysius, Opoeteren (1897-1899). In 1899 werd hij pastoor van Sint-Hubertus, Neerglabbeek, een functie die hij uitoefende tot zijn emeritaat in 1910. Hij overleed in Maaseik op 27 februari 1945.
Links[odis]
Relation to Gezellecorrespondent; Limburgsch Zantersgildeken; studentenbeweging
SourcesE. Koninckx, De priesters van het bisdom Luik (1825-1967), Liège: E. Koninckx, 1974-1975, I, p. 262
NameTheunissen, Henricus
Dates° Bree, 23/12/1859 - ✝ Bree, 19/11/1929
SexMannelijk
Occupationpriester; pastoor; deken
BioHenricus Theunissen werd geboren in Bree op 23 december 1859. Tijdens zijn studies aan het grootseminarie van Luik was hij lid van het Limburgsch Zanterkesgildeke. Op 29 mei 1885 werd hij in Luik tot priester gewijd. Datzelfde jaar werd hij leraar en onderpastoor in Peer. Hij gaf er in het Sint-Lambertuscollege Vlaamse les aan de jongens met bijzondere aandacht voor de poëzie van Guido Gezelle. Hij steunde de oprichting van de eerste gilde van de Boerenbond, die op 1 augustus 1890 in Peer tot stand kwam. Met artikels in het Limburgs weekblad "De Kempen" droeg hij bij aan de verspreiding van de ideeën van de organisatie. In 1895 nam Theunissen als directeur de leiding op zich van het Sint-Lambertuscollege. Hij verliet het onderwijs in 1899 en kreeg een aanstelling tot pastoor van de Sint-Martinusparochie in Genk, waar hij tot 1905 werkzaam bleef. In 1905 werd hij pastoor-deken te Tongeren, verbonden aan de Onze-Lieve-Vrouw-Geboorteparochie. In die periode engageerde hij zich als medeorganisator en geestelijk begeleider voor de Belgische Lourdesbedevaarten. Voor zijn langdurige inzet voor de boerenstand en het culturele leven in de regio ontving hij de onderscheiding van Ridder in de Kroonorde. Henricus Theunissen overleed in Bree op 19 november 1929.
Links[odis]
Relation to Gezellecorrespondent; Limburgsch Zantersgildeken; studentenbeweging
SourcesE. Koninckx, De priesters van het bisdom Luik (1825-1967), Liège: E. Koninckx, 1974-1975, dl. I, p. 305; Bidprentje
NameCoenegracht, Theophile Marie; Coenegrachts, Theophile Marie
Dates° Oostham, 29/04/1854 - ✝ Rekem, 27/02/1918
SexMannelijk
Occupationpriester; aalmoezenier; kapelaan; pastoor
BioTheophilus Coenegracht werd geboren in Oostham op 29 april 1854. Hij was de broer van Felix Coenegracht. Hij werd op 15 juni 1878 priester gewijd voor het bisdom Luik. Hij begon zijn geestelijke loopbaan als kapelaan in de Sint-Bartholomeusparochie in Luik, en werd nadien pastoor van de Sint-Remigiusparochie in Grâce-Berleur. In 1892 volgde zijn benoeming tot aalmoezenier in het Bedelaarsgesticht te Rekem, waar hij bleef tot aan zijn overlijden op 27 februari 1918. Coenegracht was een gepassioneerd verzamelaar van prehistorische, Keltische, Germaanse en Romeinse oudheden, met een opmerkelijke collectie tot gevolg. Hij publiceerde onder meer een lezing over prehistorische vondsten in de "Publications de la Société Historique et Archéologique dans le Limbourg" (1912).
Links[odis]
Relation to Gezellecorrespondent

Sender

NameBorgerhoff, Petrus Joannes Hubertus; Borgerhoff, Pieter Jan Hubert; Borgerhoff, Joannes
Dates° Dilsen, 31/12/1861 - ✝ Seraing-le-Château, 27/12/1936
SexMannelijk
BioPetrus Joannes Hubertus Borgerhoff werd geboren in Dilsen op 31 december 1861, als zoon van Joannes Mathijs Hubertus Borgerhoff en Maria Catharina Jacobs. Tijdens zijn studies aan het grootseminarie van Luik was hij lid van het 'Limburgsch Zanterkesgilde'. Hij werd op 19 december 1885 in Luik tot priester gewijd. Hij diende als pastoor van Stockay. Petrus Joannes Hubertus Borgerhoff overleed in Seraing-le-Château op 27 december 1936.
Links[odis]
Relation to Gezellecorrespondent; Limburgsch Zantersgildeken; studentenbeweging
SourcesE. Koninckx, De priesters van het bisdom Luik (1825-1967), Liège: E. Koninckx, 1974-1975, dl.I, p. 30
NameBroers, Balthasar; Broers, Balthazar; B.B.
Dates° Moelingen, 06/01/1861 - ✝ Eijsden, 24/10/1918
SexMannelijk
Occupationpriester; pastoor
ResidenceNederland
BioBalthasar Broers werd geboren in Moelingen (Voeren) op 6 januari 1861, als zoon van Balthasar Broers en Maria Catharina Janssen. Tijdens zijn studies aan het groot Seminarie van Luik was hij lid van het 'Limburgsch Zanterkesgilde'. Hij werd priester gewijd op 19 juni 1886 in Luik. Op 17 oktober 1895 werd hij benoemd tot pastoor van de parochie Sint-Jan Baptist in Herstappe, een functie die hij waarnam tot 1904. Balthasar Broers overleed in Eijsden (Nederland) op 24 oktober 1918.
Links[odis]
Relation to Gezellecorrespondent; Limburgsch Zantersgildeken; studentenbeweging
SourcesE. Koninckx, De priesters van het bisdom Luik (1825-1967), Liège: E. Koninckx, 1974-1975, dl. I, p. 38; Geneanet
NameCarmans, Josephus
Dates° Lummen, 07/06/1858 - ✝ Hollogne-aux-Pierres, 29/09/1913
SexMannelijk
Occupationpriester; aalmoezenier
BioJosephus Carmans werd geboren op 7 juni 1858 in Lummen, als zoon van Bernardus Athanasius (°1823) en Anna Maria Josepha Quintens (°1828). Tijdens zijn studies aan het grootseminarie van Luik was hij lid van het 'Limburgsch Zanterkesgildeke'. Hij werd op 22 mei 1884 in Luik tot priester gewijd. Na zijn priesterwijding werd hij op 30 mei 1884 benoemd tot kapelaan te Tongeren van de Sint-Jansparochie. In 1894 en 1895 was hij onderpastoor in Herk-de-Stad. In 1898 en 1899 vinden we hem in de Almanach Royal Officiel terug als pastoor-deken van de Sint-Pieterskerk in Boekhout (Limburg). Daarna was Carmans werkzaam als aalmoezenier in Hollogne-aux-Pierres. Fort Hollogne, waaraan hij verbonden was, maakte deel uit van de fortengordel rond Luik. Josephus Carmans overleed op 29 september 1913 in Hollogne-aux-Pierres.
Links[odis]
Relation to Gezellecorrespondent; Limburgsch Zantersgildeken; studentenbeweging
SourcesE. Koninckx, De priesters van het bisdom Luik (1825-1967), Liège: E. Koninckx, 1974-1975, I, p. 42; geneanet
NameCuppens, August
Dates° Beringen, 28/05/1862 - ✝ Loksbergen, 01/05/1924
SexMannelijk
Occupationpriester; onderpastoor; pastoor; dichter
BioAugust Cuppens werd geboren te Beringen op 28 mei 1862 als zoon van Maria Rosalia Bosmans en postbode Antoon Cuppens. Na zijn kleinseminarie in Sint-Truiden studeerde Cuppens aan het grootseminarie in Luik. Hij werd er priester gewijd op 9 april 1886. Als seminarist was hij lid van het 'Limburgsch Zanterkesgilde' en verzamelde Limburgse woorden voor Guido Gezelle. In 1885 al stichtte hij samen met zijn medestudenten Jacob Lenaertst en Jan Mathijs Winters het tijdschrift “‘t Daghet in den Oosten”. Hij was onderpastoor te Ans vanaf zijn wijding. In 1888 werd hij onderpastoor te Verviers, in 1895 rector van de Armenzusters in Luik, en in 1899 terug in Limburg wordt hij pastoor in Loksbergen. Vlaamse kunstenaars en schrijvers kwamen bij hem vaak over de vloer (Verriest, Streuvels, Belpaire, Nahon…) en hij onderhield een levendige briefwisseling met Guido Gezelle en Maria Belpaire. Hij schreef proza, poëzie en toneel en publiceerde vele bijdragen in literaire tijdschriften. Zijn Frans was hoogstaand, zo vertaalde hij 58 gedichten van Gezelle naar het Frans. Hij was medeoprichter van “Dietsche Warande en Belfort” en speelde een voorname rol in de Vlaamse ontvoogdingsstrijd. Hij overleed te Loksbergen op 1 mei 1924.
Links[odis]
Relation to Gezellecorrespondent; Limburgsch Zantersgildeken; adressenlijst Cordelia Van De Wiele; ’t Daghet in de Oosten; studentenbeweging
NameErkens, Gulielmus Josephus; Erkens, Guillaume
Dates° Geleen, 04/07/1857 - ✝ Geleen, 12/04/1938
SexMannelijk
Occupationpriester; leraar; pastoor
ResidenceNederland
BioGulielmus Josephus Erkens werd geboren op 4 juli 1857 in Geleen (Nederland) als zoon van Pieter Jozef Erkens (1824-1894) en Maria Joanna Göbbels (1820-1872). Hij volgde de opleiding wijsbegeerte aan het kleinseminarie te Sint-Truiden, waar hij in de academiejaren 1881-1882 lid was van het letterkundig genootschap 'Utile Dulci'. In 1883 ontving hij van het Davidsfonds een eervolle vermelding voor zijn blijspel met zang in één bedrijf, "Baas Lens of Waar er velen dorschen moet men maai slaan". Tijdens zijn studies aan het grootseminarie van Luik was Erkens lid van het Limburgsch Zanterkesgildeke. Op 22 februari 1886 werd hij te Houthalen tot priester gewijd. Van 1886 tot 1890 doceerde hij Nederlands aan het kleinseminarie van Sint-Truiden. In deze periode was hij ipso facto voorzitter van 'Utile Dulci'. In 1888 verzorgde hij een heruitgave van J. van den Vondels "Altaargeheimenissen" ten behoeve van studenten. Later werd Erkens aangesteld als pastoor van de Sint-Trudoparochie in Opitter. Hij overleed op 12 april 1938 in Geleen.
Links[odis]
Relation to Gezellecorrespondent; Limburgsch Zantersgildeken: studentenbeweging
SourcesE. Koninckx, De priesters van het bisdom Luik (1825-1967), Liège: E. Koninckx, 1974-1975, I, p. 38
NameHover, Franciscus; Hover, Johan Frans
Dates° Posterholt, 25/02/1861 - ✝ 09/04/1923
SexMannelijk
Occupationpriester; pastoor
ResidenceNederland
BioFranciscus Hover werd geboren in Posterholt, Nederland op 25 februari 1861. Tijdens zijn studies aan het Groot Seminarie van Luik was hij lid van het ‘Limburgsch Zanterkesgildeke’. Hij werd op 19 december 1885 in Luik tot priester gewijd. Later was hij pastoor van Cras-Avernas. Franciscus Hover overleed op 9 april 1923 in Cras-Avernas, Luik. Hij werd daar ook begraven.
Links[odis]
Relation to Gezellecorrespondent; Limburgsch Zantersgildeken; studentenbeweging
Sources https://www.geni.com/people/Johan-Frans-Hover/6000000023418564924; E. Koninckx, De priesters van het bisdom Luik (1825-1967), Liège: E. Koninckx, 1974-1975, dl. I, p. 159
NameLahaye, Renerus
Dates° Reppel, 31/03/1862 - ✝ Tongeren, 22/04/1941
SexMannelijk
Occupationpriester; pastoor
BioRenerus Lahaye werd geboren op 31 maart 1862 te Reppel. Tijdens zijn studies aan het grootseminarie van Luik was hij lid van het 'Limburgsch Zanterkesgilde'. Op 18 december 1886 werd hij te Luik tot priester gewijd. Nadien was hij werkzaam als pastoor op de parochie Jean-Baptist te Tongeren. Hij stierf er op 22 april 1941.
Links[odis]
Relation to Gezellecorrespondent; Limburgsch Zantersgildeken
SourcesE. Koninckx, De priesters van het bisdom Luik (1825-1967), Liège: E. Koninckx, 1974-1975, I, p. 185
NameLenaerts, Leonard Willem Jakob
Dates° Zonhoven, 30/04/1862 - ✝ Landen, 16/12/1913
SexMannelijk
Occupationdichter; priester; kapelaan; pastoor; legeraalmoezenier
BioJacob Lenaerts werd geboren te Zonhoven op 30 april 1862. Zijn ouders overleden toen hij nog zeer jong was en hij werd opgevoed door zijn heeroom Willem Arnold Lenaerts, pastoor-deken van Vlijtingen. Hij volgde de humaniora in het seminarie van St.-Roche in de provincie Luik en studeerde daarna wijsbegeerte aan het kleinseminarie te St.-Truiden. Als seminarist was hij lid van het 'Limburgsch Zanterkesgilde'. In 1884 stichtte hij als seminarist, samen met August Cuppens en op impuls van Gezelle, "’t Daghet in den Oosten" (1885-1914), een taal- en volkskundig weekblad voor de provincie Limburg. In 1886 werd hij priester gewijd en aangesteld als kapelaan in Val-Saint-Lambert. Op 30 mei 1890 werd hij vervolgens aangesteld als hulpmoezenier van het legerkamp Beverlo. In 1898 werd hij pastoor in Bevingen-Halmaam (St.-Truiden). Van 1901 tot 1904 was hij pastoor te Membruggen en van 1904 tot 1913 pastoor-deken te Landen, waar hij overleed op 16 december 1913. Lenaerts schreef talrijke artikels over taal- en volkskunde, lokale geschiedenis en hagiografie. Zijn meest geslaagde publicatie is "De Verdwijning der Auwelen" (1890). Hij verwerkte hierin, onder invloed van Gezelle, oude sprookjes en sagen.
Links[odis], [dbnl]
Relation to GezelleLimburgsch Zantersgildeken; correspondent; studentenbeweging
Sources https://nevb.be/wiki/Lenaerts,_Jacob_(eigenlijk_Leonard_W.J.); https://schrijversgewijs.be/schrijvers/lenaerts-jacob/
NameLewylle, Arthur
Dates° Vlamertinge, 15/01/1860 - ✝ Ukkel, 31/12/1914
SexMannelijk
Occupationpriester; onderpastoor; pastoor
BioArthur Lewylle was de zoon van Julia Bulteel en marktkramer Petrus Lewylle. Hij studeerde aan het Sint-Vincentiuscollege te Ieper en had er de priesters Edmond Houtave als principaal en Frans Boudeweel als titularis in de twee laatste jaren. Hugo Verriest verving Houtave tijdens de retorica van Arthur Lewylle. Voor de prijsuitreiking schakelde Verriest de enscenering in van Albrecht Rodenbach voor een Nederlandstalige opvoering, half augustus 1879. Door de gunstige Vlaamsgezindheid in het college was Arthur Lewylle een geëngageerde filosofiestudent aan het kleinseminarie van Roeselare. Dat kwam hem duur te staan, hij werd weggestuurd door superior Delbar, en meteen kon hij zijn priesterstudies niet verderzetten. Verriest zorgde ervoor dat dit wél kon, in Sint-Truiden voor dat ene jaar filosofie en de resterende jaren theologie in Luik. Ondertussen overleed Rodenbach en Lewylle wou hem herdenken in Sint-Truiden. Dit verbaasde zijn Limburgse medeseminaristen. Hij leerde hen niet alleen Rodenbach en de Blauwvoeterij, maar ook en vooral Gezelle kennen. Correspondentie volgde, de Limburgsch Zantersgildeken kwam er en zelfs het tijdschrift ’"t Daghet in den Oosten" (1885-1914). Voor zijn priesterwijding te Luik op 20 december 1884 kreeg hij een gedicht van Gezelle toegestuurd: 'Het teeken des vreden'. Ook voor zijn eerste mis te Vlamertinge op 23 december 1884 schreef Gezelle een gedicht: "Het land van uw’ geboorte ‘t is". Daarna begon een carrière voor Arthur Lewylle van onderpastoor tot pastoor binnen het bisdom Luik. Begin 1885 werd hij onderpastoor in Verviers, een functie die hij uitoefende tot juli 1888. Dan werd hij onderpastoor van Saint-Gilles in Luik. Later was hij werkzaam in Laar in Vlaams-Brabant en in Halen in Limburg. In augustus 1897 werd hij benoemd tot pastoor in As in Limburg.
Links[odis]
Relation to GezelleLimburgsch Zantersgildeken; 't Daghet in den Oosten; gelegenheidsgedichten
NameMoons, Ludovicus; Moens, Ludovicus
Dates° Eksel, 30/03/1857 - ✝ Hasselt, 06/10/1932
SexMannelijk
Occupationpriester; pastoor
BioLudovicus Moons werd geboren in Eksel op 30 maart 1857. Mogelijk volgde hij zijn priesteropleiding aan het grootseminarie van Luik en was hij lid van het Limburgsch Zanterkesgildeke. Op 22 mei 1884 werd hij in Luik tot priester gewijd. In de loop van zijn kerkelijke loopbaan was hij werkzaam als pastoor te Leut. Ludovicus Moons overleed in Hasselt op 6 oktober 1932.
Links[odis]
NamePorta, Franciscus Josephus Cornelus
Dates° Heers, 24/04/1863 - ✝ Heers, 23/10/1940
SexMannelijk
Occupationpriester; leraar; pastoor
ResidencePorta, Franz
BioFranciscus Josephus Cornelius Porta werd geboren in Heers op 24 april 1863, als zoon van François Joseph Xavier Porta en Marie Catharina Wijnands. Van 1883 tot 1884 was hij lid van het 'Genootschap van Vlaamsche Snelspraak', een afdeling van het taalminnend genootschap 'Utile Dulci'. Deze vereniging werd in 1883 opgericht aan het kleinseminarie van Sint-Truiden en was verplicht voor de studenten wijsbegeerte. Ze had tot doel het Nederlands correct en vlot te leren spreken in het openbaar. Tijdens zijn studies aan het grootseminarie van Luik was Porta lid van het' Limburgsch Zanterkesgildeke'. Op 2 april 1886 werd hij in Luik tot priester gewijd. Nog datzelfde jaar begon hij zijn loopbaan als leraar aan het kleinseminarie van Sint-Truiden, waar hij Griekse, Latijnse en Franse grammatica doceerde. Op 29 januari 1901 werd hij benoemd tot pastoor van Veulen. In zijn parochie richtte hij nieuwe religieuze verenigingen op, waaronder in 1901 de Derde Orde en de Congregatie van O.L. Vrouw Onbevlekt Ontvangen, en in 1902 de Sint-Antoniusvereniging. Hij speelde ook een belangrijke rol bij de oprichting van een zusterschool vanaf 1913. Namens de parochie sloot hij een overeenkomst met het gemeentebestuur voor de subsidiëring van deze school. Aanvankelijk gaf hij er zelf les, maar vanaf 1916 werd hij op zijn eigen verzoek vervangen door zusters van het Instituut van het Heilig Hart en de Onbevlekte Ontvangenis te Heverlee. Franciscus Porta overleed in Veulen op 23 oktober 1940.
Relation to Gezellecorrespondent; Limburgsch Zantersgildeken; studentenbeweging
SourcesE. Koninckx, De priesters van het bisdom Luik (1825-1967), Liège: E. Koninckx, 1974-1975, dl. I, p. 258 ; Geneanet
NameRaedschelders, Emiel; Raedschelders, Aemilius
SexMannelijk
Occupationpriester; onderpastoor; pastoor
BioEmiel Raedschelders werd geboren in Maaseik op 24 november 1859. Vanaf 1883 was hij werkend lid en voorzitter van het 'Genootschap van Vlaamsche Snelspraak'. Deze afdeling van het taalminnend genootschap Utile Dulci werd in 1883 opgericht aan het kleinseminarie van Sint-Truiden en was verplicht voor de studenten wijsbegeerte. Het genootschap had tot doel de leden te leren Nederlands spreken in het openbaar. Tijdens zijn studies aan het grootseminarie van Luik was hij lid van het Limburgsch Zanterkesgildeke. Als seminarist was hij lid van het 'Limburgsch Zanterkesgilde' en verzamelde hij Limburgse woorden voor Guido Gezelle. Hij werd op 18 december 1886 in Luik tot priester gewijd en begon zijn loopbaan als onderpastoor in Luik, Saint-Gilles (1886-1888), vervolgens Sainte-Walburge (1888-1893), Sint-Martinus, Sint-Martens-Voeren (1893-1895), Rutten (1895-1897) en Sint-Dionysius, Opoeteren (1897-1899). In 1899 werd hij pastoor van Sint-Hubertus, Neerglabbeek, een functie die hij uitoefende tot zijn emeritaat in 1910. Hij overleed in Maaseik op 27 februari 1945.
Links[odis]
Relation to Gezellecorrespondent; Limburgsch Zantersgildeken; studentenbeweging
SourcesE. Koninckx, De priesters van het bisdom Luik (1825-1967), Liège: E. Koninckx, 1974-1975, I, p. 262
NameTheunissen, Henricus
Dates° Bree, 23/12/1859 - ✝ Bree, 19/11/1929
SexMannelijk
Occupationpriester; pastoor; deken
BioHenricus Theunissen werd geboren in Bree op 23 december 1859. Tijdens zijn studies aan het grootseminarie van Luik was hij lid van het Limburgsch Zanterkesgildeke. Op 29 mei 1885 werd hij in Luik tot priester gewijd. Datzelfde jaar werd hij leraar en onderpastoor in Peer. Hij gaf er in het Sint-Lambertuscollege Vlaamse les aan de jongens met bijzondere aandacht voor de poëzie van Guido Gezelle. Hij steunde de oprichting van de eerste gilde van de Boerenbond, die op 1 augustus 1890 in Peer tot stand kwam. Met artikels in het Limburgs weekblad "De Kempen" droeg hij bij aan de verspreiding van de ideeën van de organisatie. In 1895 nam Theunissen als directeur de leiding op zich van het Sint-Lambertuscollege. Hij verliet het onderwijs in 1899 en kreeg een aanstelling tot pastoor van de Sint-Martinusparochie in Genk, waar hij tot 1905 werkzaam bleef. In 1905 werd hij pastoor-deken te Tongeren, verbonden aan de Onze-Lieve-Vrouw-Geboorteparochie. In die periode engageerde hij zich als medeorganisator en geestelijk begeleider voor de Belgische Lourdesbedevaarten. Voor zijn langdurige inzet voor de boerenstand en het culturele leven in de regio ontving hij de onderscheiding van Ridder in de Kroonorde. Henricus Theunissen overleed in Bree op 19 november 1929.
Links[odis]
Relation to Gezellecorrespondent; Limburgsch Zantersgildeken; studentenbeweging
SourcesE. Koninckx, De priesters van het bisdom Luik (1825-1967), Liège: E. Koninckx, 1974-1975, dl. I, p. 305; Bidprentje
NameCoenegracht, Theophile Marie; Coenegrachts, Theophile Marie
Dates° Oostham, 29/04/1854 - ✝ Rekem, 27/02/1918
SexMannelijk
Occupationpriester; aalmoezenier; kapelaan; pastoor
BioTheophilus Coenegracht werd geboren in Oostham op 29 april 1854. Hij was de broer van Felix Coenegracht. Hij werd op 15 juni 1878 priester gewijd voor het bisdom Luik. Hij begon zijn geestelijke loopbaan als kapelaan in de Sint-Bartholomeusparochie in Luik, en werd nadien pastoor van de Sint-Remigiusparochie in Grâce-Berleur. In 1892 volgde zijn benoeming tot aalmoezenier in het Bedelaarsgesticht te Rekem, waar hij bleef tot aan zijn overlijden op 27 februari 1918. Coenegracht was een gepassioneerd verzamelaar van prehistorische, Keltische, Germaanse en Romeinse oudheden, met een opmerkelijke collectie tot gevolg. Hij publiceerde onder meer een lezing over prehistorische vondsten in de "Publications de la Société Historique et Archéologique dans le Limbourg" (1912).
Links[odis]
Relation to Gezellecorrespondent

Recipient

NameGezelle, Guido; Loquela; Spoker; Gonsalvo Megliori
Dates° Brugge, 01/05/1830 - ✝ Brugge, 27/11/1899
SexMannelijk
Occupationpriester; leraar; onderpastoor; dichter; taalgeleerde; vertaler; publicist
BioGuido Gezelle werd geboren in Brugge. Na zijn collegejaren en priesterstudies (priesterwijding te Brugge op 10/06/1854), werd hij in 1854 leraar aan het kleinseminarie te Roeselare. Gezelle gaf er onder meer talen, begeleidde de vrij uitgebreide kolonie buitenlandse leerlingen, vooral Engelsen, en kreeg tijdens twee schooljaren (1857-1859) een opdracht als leraar in de poësis. In 1865 werd Gezelle onderpastoor van de St.-Walburgaparochie te Brugge. Naast zijn druk pastoraal werk was hij bijzonder actief in het katholieke ultramontaanse persoffensief tegen de secularisering van het openbare leven in België en als vulgarisator in het culturele weekblad Rond den Heerd. In 1872 werd Gezelle overgeplaatst naar de O.-L.-Vrouwparochie te Kortrijk. Gedragen door een sympathiserende vriendenkring werd hij er de gelegenheidsdichter bij uitstek. Gaandeweg keerde hij er ook terug naar zijn oorspronkelijke postromantische en religieus geïnspireerde interesse voor de volkstaal en de poëzie. De taalkundige studie resulteerde vooral in een lexicografische verzameling van niet opgetekende woorden uit de volkstaal (Gezelles ‘Woordentas’ en het tijdschrift Loquela, vanaf 1881), waarmee ook hij het Zuid-Nederlands verdedigde binnen de ontwikkeling van de gestandaardiseerde Nederlandse cultuurtaal. Die filologische bedrijvigheid leidde bij Gezelle uiteindelijk ook tot een vernieuwde aandacht voor zijn eigen creatief werk, zowel vertaling (Longfellows Hiawatha) als oorspronkelijke poëzie. In 1889 werd hij directeur van een kleine Franse zustergemeenschap die zich in Kortrijk vestigde. Hij was een tijdje ambteloos. Dit liet hem toe zich op zijn schrijf- en studiewerk te concentreren. Het resultaat was o. m. de publicatie van twee poëziebundels, Tijdkrans (1893) en Rijmsnoer (1897), die, vooral in het laatste geval, qua vormgeving en originaliteit superieur van gehalte zijn. Om die authentieke en originele lyriek werd hij door H. Verriest, P. de Mont en vooral door Van Nu en Straks als een voorloper van de moderne Nederlandse poëzie beschouwd. Ook later eerden Nederlandse dichters, zoals Paul van Ostaijen en recenter, Christine D’haen, Gezelle als de meest creatieve en vernieuwende Nederlandse dichter in Vlaanderen. In 1899 werd Gezelle naar Brugge teruggeroepen om zich te wijden aan de vertaling van een theologisch werk van zijn bisschop (Waffelaerts Meditationes Theologicae). Hij verbleef nu in het Engels Klooster van Kanonikessen, waar hij echter vrij vlug en onverwachts stierf op 27 november 1899. Hij liet nog een verzameling uitzonderlijke gedichten na die in 1901 postuum als zijn Laatste Verzen werden gepubliceerd.
Links[odis], [wikipedia], [dbnl]

Place

NameLuik

Name - person

NameCuppens, August
Dates° Beringen, 28/05/1862 - ✝ Loksbergen, 01/05/1924
SexMannelijk
Occupationpriester; onderpastoor; pastoor; dichter
BioAugust Cuppens werd geboren te Beringen op 28 mei 1862 als zoon van Maria Rosalia Bosmans en postbode Antoon Cuppens. Na zijn kleinseminarie in Sint-Truiden studeerde Cuppens aan het grootseminarie in Luik. Hij werd er priester gewijd op 9 april 1886. Als seminarist was hij lid van het 'Limburgsch Zanterkesgilde' en verzamelde Limburgse woorden voor Guido Gezelle. In 1885 al stichtte hij samen met zijn medestudenten Jacob Lenaertst en Jan Mathijs Winters het tijdschrift “‘t Daghet in den Oosten”. Hij was onderpastoor te Ans vanaf zijn wijding. In 1888 werd hij onderpastoor te Verviers, in 1895 rector van de Armenzusters in Luik, en in 1899 terug in Limburg wordt hij pastoor in Loksbergen. Vlaamse kunstenaars en schrijvers kwamen bij hem vaak over de vloer (Verriest, Streuvels, Belpaire, Nahon…) en hij onderhield een levendige briefwisseling met Guido Gezelle en Maria Belpaire. Hij schreef proza, poëzie en toneel en publiceerde vele bijdragen in literaire tijdschriften. Zijn Frans was hoogstaand, zo vertaalde hij 58 gedichten van Gezelle naar het Frans. Hij was medeoprichter van “Dietsche Warande en Belfort” en speelde een voorname rol in de Vlaamse ontvoogdingsstrijd. Hij overleed te Loksbergen op 1 mei 1924.
Links[odis]
Relation to Gezellecorrespondent; Limburgsch Zantersgildeken; adressenlijst Cordelia Van De Wiele; ’t Daghet in de Oosten; studentenbeweging
NameDe Visschere, Emiel
Dates° Ruddervoorde, 11/12/1861 - ✝ Brugge, 14/06/1910
SexMannelijk
Occupationadvocaat; gemeenteraadslid; redacteur
BioEmiel De Visschere studeerde rechten aan de Katholieke Universiteit Leuven en doctoreerde er in 1886. Hij was actief binnen de radicaalvlaamse Katholieke studentenverenigingen. Zo was hij medeoprichter van de Vlaamsche Strijdersbond (1886). Hij was ook actief in de Landdagbeweging en uitgever van De Vlaamsche Leeuw (1886). Na zijn studies vestigde De Visschere zich als advocaat te Brugge. Hij bleef verder actief binnen de studentenbeweging. Hij was medestichter en eerste hoofdman van de Oud-Hoogstudentenbond van West-Vlaanderen (12/1886) en hij was één van de oprichters en de hoofdman van het Katholiek Vlaamsch Studentenverbond (1890). Hij maakte deel uit van De Vrije Vlamingen (1886), één van de meest radicale, vlaamsgezinde verenigingen van Brugge. Hij werd uitgesloten van de Brugse katholieke kring La Concorde wegens een felle aanval in het strijdblad van De Vrije Vlamingen, De Klauwaert. Verder was hij de stichter van de Vlaamsche Gildenbond (1890), lid van de Sprekersbond (de latere Christene Volkspartij) en één van de grondleggers, bestuurder en secretaris (1897) van de Vlaamsche Katholieke Landsbond. Hij was ook actief als gemeenteraadslid te Brugge (1895-1899), waar hij zich inzette voor de arbeiders en voor de invoering van het Nederlands in de Brugse gemeenteraad.
Relation to Gezellecorrespondent
SourcesNieuwe Encyclopedie van de Vlaamse Beweging.: http://theater.ua.ac.be/nevb/html/Visschere,%20Emiel%20de.html
NameLenaerts, Leonard Willem Jakob
Dates° Zonhoven, 30/04/1862 - ✝ Landen, 16/12/1913
SexMannelijk
Occupationdichter; priester; kapelaan; pastoor; legeraalmoezenier
BioJacob Lenaerts werd geboren te Zonhoven op 30 april 1862. Zijn ouders overleden toen hij nog zeer jong was en hij werd opgevoed door zijn heeroom Willem Arnold Lenaerts, pastoor-deken van Vlijtingen. Hij volgde de humaniora in het seminarie van St.-Roche in de provincie Luik en studeerde daarna wijsbegeerte aan het kleinseminarie te St.-Truiden. Als seminarist was hij lid van het 'Limburgsch Zanterkesgilde'. In 1884 stichtte hij als seminarist, samen met August Cuppens en op impuls van Gezelle, "’t Daghet in den Oosten" (1885-1914), een taal- en volkskundig weekblad voor de provincie Limburg. In 1886 werd hij priester gewijd en aangesteld als kapelaan in Val-Saint-Lambert. Op 30 mei 1890 werd hij vervolgens aangesteld als hulpmoezenier van het legerkamp Beverlo. In 1898 werd hij pastoor in Bevingen-Halmaam (St.-Truiden). Van 1901 tot 1904 was hij pastoor te Membruggen en van 1904 tot 1913 pastoor-deken te Landen, waar hij overleed op 16 december 1913. Lenaerts schreef talrijke artikels over taal- en volkskunde, lokale geschiedenis en hagiografie. Zijn meest geslaagde publicatie is "De Verdwijning der Auwelen" (1890). Hij verwerkte hierin, onder invloed van Gezelle, oude sprookjes en sagen.
Links[odis], [dbnl]
Relation to GezelleLimburgsch Zantersgildeken; correspondent; studentenbeweging
Sources https://nevb.be/wiki/Lenaerts,_Jacob_(eigenlijk_Leonard_W.J.); https://schrijversgewijs.be/schrijvers/lenaerts-jacob/

Name - institute

NameLimburgsch Zantersgildeken
DescriptionIn 1883 ontstond het Limburgsch Zantersgildeken aan het Grootseminarie van Luik. Andere benamingen voor de groep zijn Gilleke of Gildeken. Gezelle zelf sprak hen aan als ‘Mijne brave Heeren van het Gulleken, guldeken, gildeken’. Zelf noemden zij zich daarna 'Gullebroêrs'. Via de West-Vlaamse seminarist A. Lewylle leerden A. Cuppens en J. Lenaerts reeds aan het kleinseminarie van Sint-Truiden het dichtwerk van Guido Gezelle en diens tijdschrift "Loquela" kennen. In diezelfde periode publiceerde Mgr. Rutten, kanunnik van de kathedraal van Luik (1880–1885) en later bisschop, geschriften over de herwaardering van de Vlaamse taal, vanuit een sociaal-katholieke bewogenheid. Die liefde voor de eigen volkstaal vond weerklank bij een tiental jonge bevriende seminaristen, die door A. Cuppens en J. Lenaerts, en op hun vraag, ook door Gezelle op sleeptouw werden genomen. Deze groep Limburgse Gezellianen wilden de Nederlandse taalschat verrijken met uitgelezen woorden en gezegden uit de Limburgse volksmond. Zij plaatsten persoonlijk hun namen onder een nieuwjaarsbrief van 1 januari 1884 aan Gezelle. Hij bezocht hen in Luik in de zomer van datzelfde jaar. Op 1 februari 1885 verscheen het eerste nummer van hun tijdschrift, "’t Daghet in den Oosten: : Limburgsch tijdschrift voor alle liefhebbers van taal- en andere wetensweerdigheden", onder redactie en deskundige leiding van Guido Gezelle. Aanvankelijk bleven deze seminaristen min of meer onder de radar, wegens de kritische houding van hun oversten, maar vanaf 1886 werden zij een officiële Limburgse gouwgilde.
Dating1883-?
Links[wikipedia]

Name - event Guido Gezelle

EventRuitebrekersrede Tielt
Period30/09/1885
DescriptionGezelle houdt een rede te Tielt, bij de herdenking van L.L. De Bo, waarin hij zich scherp afzet tegen ‘tuimelperten' en 'verwaande ruitebrekerije van machtelooze kinders', meer bepaald de actie van de Vlaamse studenten te Leuven.

Title - other work

TitleDe ruitenbrekers
Author[De Visschere, Emile; e.a.]
Date[1885]
PlaceAntwerpen
PublisherKennes

Titlexx/[12/1885], Luik, [August Cuppens] en de gildebroërs van het Limburgsch Zantersgildeken aan [Guido Gezelle]
EditorMiet Hubrechts; Universiteit Antwerpen
PrincipalEls Depuydt
Funder Openbare Bibliotheek Brugge (Guido Gezellearchief); Centrum voor Teksteditie en Bronnenstudie (Koninklijke Academie voor Nederlandse Taal en Letteren); Instituut voor de Studie van de Letterkunde in de Lage Landen (ISLN) (Piet Couttenier, Universiteit Antwerpen); Guido Gezellegenootschap
PublisherGuido Gezellearchief, KANTL/CTB
Publication PlaceBrugge, Gent
Publication Date2026
Availability Teksten en afbeeldingen beschikbaar onder een Creative Commons Naamsvermelding - Niet Commercieel licentie.
DisclaimerDe editie van de Guido Gezellecorrespondentie is het resultaat van een samenwerkingsproject met vrijwilligers. De databank is in opbouw, aanvullingen en opmerkingen kunnen gemeld worden aan els.depuydt@brugge.be.
Meer informatie over het vrijwilligersproject is te vinden op gezelle.be.
CitingMiet Hubrechts; Universiteit Antwerpen, Cuppens August, Lewylle Arthur, Lenaerts Leonard Willem Jakob, Coenegracht Theophile Marie, Carmans Josephus, Erkens Gulielmus Josephus, Lahaye Renerus, Theunissen Henricus, Broers Balthasar, Porta Franciscus Josephus Cornelus, Raedschelders Emiel?, Hover Franciscus, Borgerhoff Petrus Joannes Hubertus en Moons Ludovicus aan Gezelle Guido, Luik, xx/[12/1885]. In: GezelleBrOn, Wetenschappelijke editie van de correspondentie van Guido Gezelle. 2026 Available from World Wide Web: link .
SenderCuppens, August
SenderLewylle, Arthur
SenderLenaerts, Leonard Willem Jakob
SenderCoenegracht, Theophile Marie
SenderCarmans, Josephus
SenderErkens, Gulielmus Josephus
SenderLahaye, Renerus
SenderTheunissen, Henricus
SenderBroers, Balthasar
SenderPorta, Franciscus Josephus Cornelus
Sender[Raedschelders, Emiel??]?
SenderHover, Franciscus
SenderBorgerhoff, Petrus Joannes Hubertus
SenderMoons, Ludovicus
SenderLimburgsch Zantersgildeken
Recipient[Gezelle, Guido]
Date Sentxx/[12/1885]
Place SentLuik
AnnotationJaartal en maand gereconstrueerd op basis van de brieftekst: over pamflet uit december 1885 ; adressaat gereconstrueerd op basis van contextuele gegevens ; adressant gereconstrueerd op basis van het handschrift.
Physical Description
Support Material 1 dubbel vel, 135 mm x 107 mm
papier, wit
papiersoort: 1 zijde beschreven, inkt
Condition volledig
Lay-out brief in handschrift van August Cuppens
Manuscript Identification
CountryBelgië
PlaceBrugge
RepositoryGuido Gezellearchief
ID Gezelle Archive7484
Library recordhttps://anet.be/desktop/gga/nl/opacgga/nr=tg:gga_6.13875
IIIF manifesthttps://go.wander.be/iiif/bibliotheek-brugge/b7d2547669ec54299484b72c198c1fe623d74af4/manifest
Content Description
IncipitHierbij eene lichtprint van van, Koob en mij, waar
Summary pamflet De Ruitenbrekers van Emiel De Visschere uit december 1885 (reactie op de rede van Gezelle op de huldeviering van L.L. De Bo)
Text Typebrief
LanguagesNederlands
De tekst werd diplomatisch getranscribeerd, en aangevuld met een editoriale laag.
De oorspronkelijke tekst werd ongewijzigd getranscribeerd; alleen typografische regeleindes en afbrekingstekens, en niet-betekenisvolle witruimte werden genormaliseerd.
Auteursingrepen in de tekst (toevoegingen, schrappingen), en latere redactie-ingrepen (schrappingen, toevoegingen, taalkundige notities) door de lezer werden overgenomen en expliciet gemarkeerd.
Voor een aantal tekstfenomenen werden naast de oorspronkelijke vorm ook editeursingrepen opgenomen in de transcriptie: oplossingen voor niet-gangbare afkortingen en correcties voor manifeste fouten. Daarnaast bevat de transcriptie editeursingrepen ter verbetering van de leesbaarheid (toevoegingen, reconstructies) of ter motivering van transcriptie-beslissingen (aanduiding van onzekere lezingen, weglating van onleesbare tekst). Alle editeursingrepen worden expliciet gemarkeerd.